Posts filed under ‘Uncategorized’

NEDERLAND, DE ANTILLEN EN DE AMERIKAANSE REVOLUTIE

We liggen afgemeerd in Rodney Bay op het Caraïbische eiland Saint Lucia, onderdeel van de Kleine Antillen. Rodney Bay is een megajachtcentrum met een enorme marina, winkelcentra en alle mogelijke faciliteiten. De baai en de marina zijn genaamd naar de Britse admiraal  George Brydges Rodney (1718-1792), een naam die bij de meeste yachties die hier aanmeren waarschijnlijk nauwelijks een  belletje zal doen rinkelen. Toch was Rodney een sleutelfiguur in de gebeurtenissen van eind 18e eeuw die zouden leiden tot het ontstaan van een nieuwe wereldmacht: de Verenigde Staten van Amerika. Hoofdrolspelers in dat drama waren behalve het Britse Imperium en de opstandige Amerikaanse kolonies ook de Republiek van de Nederlanden, die niet lang daarvóór zelf hun onafhankelijkheid van Spanje in een tachtig jaar durende oorlog hadden bevochten. Goeddeels vergeten is dat ook de nu onbeduidende eilanden van de Caraïben (toen West Indies of de Antillen genoemd) een sleutelrol speelden: nu eens als buit in de Europese oorlogen tussen Frankrijk, Spanje, Engeland en Nederland, dan weer als pasmunt in de vele verdragen die geen einde maakten aan de oorlogen maar slechts als pauzeknop fungeerden in een nooit aflatend conflict om macht, grondgebied en rijkdom.

300px-Andrew_Doria_NH_85510-KN

De Andrew Doria voor anker in de haven van St Eustatius

De eerste schoten in de Amerikaanse Revolutie vielen op 19 april 1775 in Concord bij Boston. Een jaar later, na Amerikaanse en Britse overwinningen was de strijd op het terrein onbeslist. De Amerikaanse rebellen onder leiding van George Washington controleerden Boston en New Jersey, de Britten waren heer en meester in New York. Op 16 november van dat jaar zeilde de Andrew Doria de haven van het kleine Nederlandse eiland St Eustatius binnen. Hoog in de mast van de Doria wapperde de vlag met de rood-witte strepen – de sterren zouden later volgen -  van het Continentaal Congres dat de onafhankelijkheid had uitgeroepen van de 13 kolonies, de Verenigde Staten in embryonale vorm.  Zoals de toen gangbare maritieme etiquette het eiste vuurde de Doria bij het binnenvaren 13 saluutschoten af. De commandant van Fort Oranje op Sint Eustatius twijfelde of hij het saluut zou beantwoorden. Dat zou immers erkenning betekenen van de vlag en van de onafhankelijkheid van de Amerikaanse kolonies. Gouverneur Johan de Graaff nam alle twijfel weg en gaf de commandant het bevel het saluut te beantwoorden met 11 schoten. Dat gebaar zou de geschiedenis ingaan als “Het Eerste Saluut” en de eerste erkenning van de Amerikaanse onafhankelijkheid door een Europese mogendheid.

De Britten zagen het eerste saluut als een regelrechte provocatie. De spanning tussen Engeland en de Nederlandse Republiek liep al een hele tijd hoog op. Oorlogen wisselden af met perioden van wankele vrede. Beide zeemachten betwistten elkaar de heerschappij op de oceanen en de winstgevende handel met de kolonies in de West Indies, waar fabelachtige fortuinen te verdienen waren met suiker, specerijen en slavenhandel.  De rebellie van de Amerikaanse kolonies tegen het Britse moederland dreef de spanning tussen de twee rivalen ten top. De opkomst van een nieuwe natie, niet langer gehinderd door de Britse exportbeperkingen, deed de Hollandse handelsklasse dromen van nieuwe schitterende horizonten. De Amerikaanse kolonies leverden al tabak, indigo, rijst, koffie en rum. De Nederlanders exporteerden textiel uit Haarlem en Leiden en genever uit Schiedam – en ze verdienden grof aan het transport van slaven uit Afrika.

351px-Sint_Eustatius_in_its_region.svg

St Eustatius in de “Kleine Antillen”

Het eiland St Eustatius, vermaard om zijn rijkdom en bijgenaamd De Gouden Rots,  was de draaischijf voor die florerende handel. De oorlog tussen de kolonies en de Britse kroon zorgde voor nieuwe inkomsten uit de wapenhandel. Vrijwel alle wapens en munitie die de Amerikaanse rebellen konden bemachtigen passeerden via het Nederlandse eiland, waar de heersende klasse – niet te verwonderen – grote sympathie koesterde voor de Amerikaanse onafhankelijkheid. Gouverneur Johan de Graaff was zelf een rijke planter en handelaar die fortuinen verdiende in de handel met Amerika. Zijn beslissing om de Andrew Doria met kanonschoten te verwelkomen en daarmee de Britten te provoceren was allesbehalve toeval.

Rodney

Sir George Brydges Rodney

De Britten reageerden furieus op het saluut en de officieuze Nederlandse erkenning van de Amerikaanse onafhankelijkheid. Er volgden diplomatieke incidenten en schermutselingen op zee. Toch zou het nog vier jaar duren eer het tot een open oorlog kwam – de Vierde Nederlands-Engelse Oorlog. Toen besloot de Britse regering de Nederlanders op St Eustatius een lesje te leren dat ze niet gauw zouden vergeten. Als bevelhebber voor de strafexpeditie koos de Admiralty de gepekelde zeeman George Bridges Rodney, op dat moment gouverneur van Barbados en admiraal van de vloot die de Caraïbische zee patrouilleerde om de scheepsladingen voor Amerika te onderscheppen. Rodney, die op twaalfjarige leeftijd zijn zeemanscarrière was begonnen had toen al zijn strepen verdiend in de vijandelijkheden tegen de Nederlanders. Hij ging gretig in op het bevel uit Londen: de admiraal was gebeten op de Hollanders en verovering en plundering van het rijke St Eustatius hield ook voor hem persoonlijk overvloedige buit in het vooruitzicht. Die had hij hard nodig om zijn vele gokschulden af te betalen en zijn campagne voor het parlement te financieren. Hoewel hij het grootste deel van de tijd op zee doorbracht vertegenwoordigde  Rodney namelijk ook zijn kiesdistrict van Northhampton in het Londense parlement.

455px-Johannes_de_Graeff

Gouverneur Johan de Graaff

Op 3 februari 1781, iets meer dan vier jaar na het Eerste Saluut verscheen Rodney met zijn vloot in de haven onder fort Oranje op St Eustatius. De kanonnen van het fort waren machteloos tegen de verrassingsaanval van de Britten die in geen tijd aan het plunderen, moorden en verkrachten waren geslagen. Rodney kon beslag leggen op tonnen waardevolle goederen als tabak, suiker en rijst en grote hoeveelheden wapens en munitie, bestemd voor de rebellen. Behalve de vijandelijke schepen in de haven liet Rodney een buit ter waarde van tenminste drie miljoen pond – een fabelachtige som in die tijd – naar Londen sturen. Gouverneur de Graaff ging mee als krijgsgevangene, al gebeurde dat in de stijl die een patriciër toekwam: hij mocht zijn persoonlijke bezittingen en zijn huispersoneel meenemen. De Joden van St Eustatius werden met minder consideratie behandeld: zij kregen één dag tijd om te vertrekken met achterlating van familie en alle goederen. Helaas voor Rodney vielen de schepen met de rijke buit vóór de Engelse kust in handen van de Fransen en ook later zou hij weinig plezier beleven aan zijn plundertocht. De rest van zijn leven werd hij achtervolgd door rechtszaken aangespannen door de Britse handelslui op St Eustatius die alles verloren hadden en Rodney ervan beschuldigden niet de Britse kroon maar zichzelf te hebben verrijkt.

DSC_0052ed-001

Statia vandaag: olietankers in plaats van “ships of the line”

DSC_0023

Fort Oranje op Statia (St Eustatius)

Dat de Nederlanders militair niet bij machte waren hun rijke bezittingen in de Caraïben te verdedigen kan verbazing wekken. Veel heeft te maken met de politieke verdeeldheid in de Republiek. De pro-Amerikaanse Hollandse handelaarsklasse kreeg flinke tegenwind van andere provincies die. daarin gesteund door de Stadhouder en de Oranjepartij, veeleer Engelsgezind waren en meer te vrezen hadden van een mogelijke Franse inval over land. De politieke besluitvorming werd bovendien erg belemmerd door een ingewikkeld bestuurssysteem waarin de macht zorgvuldig werd verdeeld tussen de Provinciale Staten, de stadhouder en de Staten-Generaal. Dat alles maakte dat naar het einde van de 18e eeuw de eerder zo gevreesde Nederlandse maritieme mogendheid militair vrijwel niets meer te betekenen had.

250px-Chesapeakelandsat

Chesapeake Bay

Voor de Amerikaanse rebellen was de val van St Eustatius een zware klap, die op geen slechter moment had kunnen vallen. De rebellen waren zwaar in het defensief gedreven door de Britse herovering van de Zuidelijke staten en het verlies van New York. Het leger van George Washington dreigde te desintegreren door deserties en muiterij in de hand gewerkt door de honger en kou van de strenge winter van de Amerikaanse oostkust. Maar in Washington’s donkerste uur was de redding nabij in de vorm van een Franse vloot onder leiding van de legendarische François de Grasse die de Britse vloot in de Chesapeake Bay versloeg en daarmee de val dichtklapte waarin het Briste leger van Cornwallis zich had gemaneuvreerd. Na een heroïsche mars van 800 kilometer omsingelde Washington met zijn troepen het stadje York (Nu Yorktown) in Virginia waar de Britten zich hadden verschanst. Zonder steun van de vloot waren die kansloos tegen het Amerikaans-Franse leger dat door de overwinning bij York de weg vrijmaakte voor de Amerikaanse onafhankelijkheid.

Hoe de Grasse vrijwel ongehinderd door de Britse vijandelijke vloot de Amerikaanse kust kon bereiken is een vraag die historici tot vandaag bezig houdt. Rodney die als opdracht had de Grasse tegen te houden liet hem onbegrijpelijk door de mazen glippen. De Britse admiraal was nog druk bezig met het inventariseren en verschepen van zijn buit op St Eustatius en werd bovendien geplaagd door ernstige prostaatproblemen en jicht. Hij liet het aan zijn luitenant, admiraal Sir Samuel Hood over om de vloot van de Grasse vóór de kusten van Martinique te onderscheppen. Maar de Fransen konden de Britse linies verschalken en veilig de haven van Port Royal (nu Fort de France) bereiken nadat ze de vloot van Hood zware schade hadden toegebracht. Rodney zelf hield intussen zijn schepen op Barbados en liet om onduidelijke redenen na de Grasse te achtervolgen toen die vanuit Martinique koers zette naar Amerika. Wie weet hoe het verloop van de geschiedenis er had uitgezien als hij dat wel had gedaan.

februari 1, 2013 at 8:51 pm 2 reacties

MOET HET BESTE NOG KOMEN?

Barack Obama heeft de verkiezingen gewonnen en dat is goed nieuws. Je moet er niet aan denken dat een man als Romney de vinger op de nucleaire knop zou hebben. De afgelopen vier jaar heb ik Obama kritisch gevolgd en veel van wat ik zag was niet leuk. Was ik ontgoocheld over Obama? Nauwelijks, want ik had nooit hoge verwachtingen van de wollige boodschap van ” hope” en “change.”

Ook nu geloof ik niet dat we wonderen moeten verwachten van een president die zich omringt met de figuren die in hoge mate medeverantwoordelijk zijn voor de economische crisis: de discipelen van Robert Rubin, de profeet van de deregulering die omder Clinton de brandmuren tussen speculanten en bona fide bankiers heeft gesloopt en de bubble creëerde die in 2008 is uiteengespat.. De laureaat van de Nobelprijs voor de vrede is de vader van een nieuwe infernale oorlogsdoctrine: die van de drone-oorlog die dood zaait van achter een computerscherm en de professor grondwettelijk recht ziet er geen graten in om de ondermijning van de burgerlijke vrijheden, onder Bush begonnen, voort te zetten. Om over zijn laffe abdicatie in het klimaatdebat nog te zwijgen en zijn zwakke aanzetten tot een  evenwichtiger Midden-Oostenpolitiek. Zijn vroegere speciale gezant voor het Midden Oosten, George Mitchell, moest ontgoocheld constateren dat GW Bush krachtdadiger optrad tegen de illegale nederzettingen van Netanyahu dan zijn opvolger.

Dat gezegd zijnde spreekt het vanzelf dat Mitt Romney op al die gebieden waarschijnlijk nog veel driester te werk zou zijn gegaan. Steuntrekkers, vrouwen, homo’s, armen en “illegale” immigranten hadden zich mogen klaar houden voor een aanval zonder voorgaande.
De recepten van de Tea Party die Romney genegen is komen neer op een agressieve aanslag op de weinige rechten en voordelen die hen na ruim drie decennia sociale afbraak (Reagan, Bush, Clinton, Bush) nog restten. Rechts in Amerika heeft zich nooit verzoend met de geringe sociale verworvenheden van Roosevelts New Deal en Johnsons War on Poverty. Romney zou wellicht tegen de restanten de finale aanval hebben ingezet.

Ja de overwinning van Obama is een goede zaak op voorwaarde dat de grassroots bewegingen hem voortdurend het vuur aan de schenen leggen: de milieubeweging, de vrouwen, de latino’s, de vakbonden, de occupy-beweging, kortom de 99%. Obama kleurt van nature centrum rechts – de grote verzoener die dacht met de rabiate rechtervleugel van de Republikeinse partij (een andere vleugel is er niet meer) zaken te kunnen doen.

Het drama van de Verenigde Staten is het perverse tweepartijensysteem dat voor de progressieve kiezer de keuze  beperkt  tot “het minste kwaad.” Echt progressieve kandidaten worden van meet af aan gemarginaliseerd omdat ze geen toegang hebben tot de fantastische sommen die nodig zijn voor een politieke campagne. Zij maken geen kans in de “hidden primary” die waar het grootkapitaal bepaalt wie wel en wie niet kans zal maken. Dat grote groepen van de bevolking – met name de 50 miljoen armen – niet politiek vertegenwoordigd zijn is daarvan het gevolg. Zij kunnen alleen hopen dat de massa’s op straat komen en dat hun kreet tot in het Witte Huis zal worden gehoord.

Johan Depoortere

Post scriptum: lees hier wat Glenn Greenwald van The Guardian verwacht in de eerste weken van de nieuw verkozen president en Congres: http://www.guardian.co.uk/commentisfree/2012/nov/07/obama-progressives-left-entitlements

november 7, 2012 at 9:13 pm 2 reacties

BUITENLANDSE WAARNEMERS OVER ONZE VERKIEZINGEN

Antipolitieke gevoelens zijn een belangrijke factor voor het succes van de N-VA. Veel meer dan separatistische gevoelens, die volgens onderzoek slechts bij 10 tot 15 percent van de Vlamingen leven.

Leen Vervaeke, Volkskrant die wijst op de overeenkomsten tussen De Wever en Wilders: Intussen is gebleken dat de houdbaarheid van Wilders beperkt is.

 Ik ben bang dat Vlaams Belang de N-VA gaat besmetten en dat de partij trekjes krijgt van extreem rechts. Als Vlaams Belangers belangrijke posten krijgen binnen de N-VA kan het daar op uitdraaien.

Frans Bogaard, Algemeen Dagblad

De N-VA heeft veel kiezers van het Vlaams Belang voor zich kunnen winnen; de grens tussen N-VA en extreem rechts is niet langer scherp te trekken.

Michael Stabenow, Frankfurter Allgemeine

De winst van de Vlaams-Nationalisten is het zoveelste bewijs dat solidariteit in Europa in de verdrukking komt.

Peter Spiegel, Financial  Times

Nu de regering-Di Rupo aan de slag is, zit België weer bij de kopgroep van de eurolanden. Het land moet oppassen dat het niet opnieuw wegglijdt uit die groep.

Philip Belnkinsop, Reuters

Geplukt uit DE MORGEN

oktober 15, 2012 at 8:27 am 2 reacties

HET KLEINE VERSCHIL

Verkiezingen hier en in de Verenigde Staten. De campagnes draaien op volle toeren. Ze willen ons laten geloven dat de toekomst van de mensheid – of toch van Antwerpen – afhangt van uw stem. Maar Bart De Wever of Patrick Janssens in het Schoon Verdiep, Barack Obama of Mitt Romney in het Witte Huis – maakt het wel zo een groot verschil uit?   

Door Johan Depoortere

De N-VA van De Wever en de stadslijst van Patrick Janssens zijn samen verantwoordelijk voor zes jaar beleid in Antwerpen. Een grote rechtse coalitie van N-VA-Stadslijst staat in de sterren geschreven, De Wever en Janssens zijn sparring partners in een gevecht voor de galerij. In een interessante analyse schrijft Kris Merckx: “De twee titanen die om Antwerpen vechten  zijn elkaars spiegelbeeld” – (zeker voor wat het doordrukken van het BAM-tracé betreft) zegt Wim van Hees van “Ademloos”  en Peter Mertens (PVDA+) had het over de “Vlaamse inleveringsregering die in Antwerpen een ‘spiegelkabinet’ wil.”  Merckx legt uit hoe de twee tenoren tot elkaar veroordeeld zijn, mathematisch en politiek.

“Op sociaal-economisch vlak verschillen de Stadslijst en de N-VA  nauwelijks “  stelt Merckx, “maar ook over immigratie, vrije meningsuiting, veiligheid, aanpak van overlast en samenlevingsproblemen sporen ze grotendeels samen. Beiden leggen de klemtoon op een overwegend repressieve aanpak (GAS-boetes!). De Wever beklemtoont dat Janssens in zijn boek ‘Voor wat hoort wat’, net als hij, ‘in het rechten-en-plichtendiscours het zwaartepunt verlegt naar de plichten’. En Janssens spreekt hem op dat vlak niet tegen.”

Wat we in Antwerpen kunnen verwachten is dus een voortzetting van een in wezen rechts en repressief beleid met nog sterkere neo-liberale en neo-conservatieve accenten als de N-VA er met de steun van de ex-Vlaams-Blokachterban flink op vooruit gaat. Alleen linkse partijen in het stadsbestuur kunnen daar enig  weerwerk tegen bieden. Maar nog belangrijker is volgens Merckx het werk aan de basis: mobilisatie en actie.  Het verleden heeft aangetoond dat een combinatie van parlementair werk en organisatie aan de basis omtrent concrete lokale problemen wel degelijk resultaat oplevert: de strijd tegen de loodvervuiling in Hoboken, verzet tegen de Lange Wapper , successen in Genk, Zelzate, Deurne en elders.

Antwerpen-Washington

In de VS toeteren de New York Times en andere liberale media  dat de Amerikanen op 6 november de keuze hebben tussen twee radicaal  verschillende filosofieën, een “fundamentele keuze over de toekomst van Amerika.”  Niets daarvan bleek op het grote debat dat Mitt Romney opnieuw in de race bracht, zegt Robert Scheer van de linkse blog Truthdig.  Obama gaf grif toe dat zijn zorgwet (“Obamacare”) een doorslag is van wat Romney als gouverneur in Massachusetts  (2003-2007) invoerde als alternatief voor een “single-payersysteem” (algemene openbare gezondheidszorg zoals in Canada en het Verenigd Koninkrijk.) Beiden haalden voor hun hervorming de mosterd bij de uiterst conservatieve Heritage Foundation. (1)

De twee kandidaten waren het in het debat fundamenteel eens over  de weg uit de crisis: geld voor de banken, niet voor de slachtoffers van de crash. Ze kibbelden wat over de zwakke pogingen van de regering Obama om Wall Street aan banden te leggen (de zogenaamde Dodd-Frankwet) maar geen van beiden vond de 2000 miljard regeringssteun aan de banken het vermelden waard – het  bedrag dat de Amerikaanse belastingbetaler (40 miljard per maand) mag ophoesten om de toxische hypotheekschulden op te kopen die de banken frauduleus op de markt hebben gebracht. En het was uitgerekend Romney die Obama inpeperde dat de zogenaamde “hervorming van Wall Street” de macht van de vijf grootste banken onaangetast laat.

Nu Mitt Romney in de aanloop tot de verkiezingen vervelt tot de “gematigde Republikein” die hij eerder was als gouverneur van de liberale staat Massachusetts blijkt duidelijker dan ooit dat de verschillen met Obama veeleer een kwestie zijn van graad en verpakking dan van fundamentele politieke keuze. Romney heeft begrepen dat zijn imago van rechtse radicaal wel de extreme rand van de Republikeinse partij kon bekoren maar de zo noodzakelijke onafhankelijken alleen maar afstoot. Dus zegt de Republikeinse kandidaat nu niet langer dat hij Obamacare met één pennetrek naar de vuilnisbelt van de geschiedenis zal verwijzen. Nee, hij zal de populairste onderdelen behouden. Over abortus zit hij niet langer helemaal op dezelfde lijn als de christelijke conservatieven – geen abortus, zelfs niet in geval van verkrachting of als het leven van de moeder in gevaar is. Nu laat hij weten dat hij niet van plan is de abortuswetgeving aan te pakken.  Ook zijn recente speech over de buitenlandse politiek  leek een echo van Obama.

Romney maakt zijn reputatie van politieke kameleon in deze fase van de campagne andermaal waar. Is de echte Romney de extreem-rechtse kandidaat van de voorverkiezingen of is het de huidige remake van de centrumfiguur die gouverneur was in Massachusetts? De Obamacampagne twijfelt tussen twee strategieën: Romney aanvallen als de flipflopper : onbetrouwbaar of als de rechtse extremist : gevaarlijk.   Maar over een aantal fundamentele politieke keuzes zijn beide kandidaten het eens.  Dat bleek in het fameuze debat onder andere uit de thema’s waarover niet werd gepraat:  armoede, burgerrechten, klimaatcrisis, wapenwetgeving – om er maar een paar te noemen. Straks krijgen we een debat over de buitenlandse politiek en het is zeer de vraag of daar wel aan bod zal komen wat  de toekomst van de mensheid kan bepalen: (more…)

oktober 13, 2012 at 7:45 am Een reactie plaatsen

CIA: SOME SECRETS UNFOLD (deel 5/sluipwapens)

Luchtfoto en reconstructie in Harvey Point

by WNYC*    

(Nederlandse bewerking onderaan)

A top-secret base in Taiwan, revealed on Apple Maps. The Navy SEALs’ rehearsal site for the Osama bin Laden raid, found on Bing. Once again, commercial satellites have snapped images of things that governments would rather hide from public view. And once again, those governments are finding that there’s not much they can do once this sensitive imagery ends up online.

The big technology companies and their mapping apps have been turning generals red-faced for the better part of a decade by posting on the net pictures of sensitive locations. Back in 2009, the Pakistani press blew the lid off of the U.S. drone campaign there by publishing Google Earth pictures of a local airbase — with American Predators parked on the runway. This summer, orbital images appeared online of a stealthy and previously undisclosed robotic aircraft at Lockheed Martin’s “Skunkworks” facility.

Still, it was a bit of shock Tuesday when internet sleuths noticed on Bing Maps the mock compound where members of SEAL Team Six rehearsed their mission to kill Osama bin Laden. Matt Bissonette, a member of that team, mentioned the place in his memoir, No Easy Day. (The full-scale model was so realistic, he wrote, that ”construction crews put in mounded dirt to simulate the potato fields that surrounded the compound.”) But Bissonette didn’t mention where the compound was, specifically — only somewhere in the North Carolina woods.

Turns out the CIA training facility was in Harvey Point, North Carolina. And a Digital Globe satellite snapped a picture of the place in early 2011 before it was destroyed, leaving only the slightest trace of its existence.

This is something the U.S. government used to actively try to preempt. As Danger Room co-founder Sharon Weinberger noted, the U.S. military in 2001 bought up all the available commercial satellite images of Afghanistan right before sending American troops there. But resistance has proven (largely) futile. Even the Vice President’s house — famously blurred during Dick Cheney’s residence there — was eventually brought into focus. By the time of the Iraq invasion in 2003, the satellite pictures were so common that Washington didn’t bother going on another orbital shopping spree.

Today, there are sensitive facilities that occasionally vanish — or get de-rezzed — from the databases of Google Earth or its competitors, after a government pleas its secrecy case.

The Taiwanese military is hoping that’s what will happen to the picture of a secretive radar base that appeared in Apple’s new Maps application on its iPhones.

Regarding images taken by commercial satellites, legally we can do nothing about it,” defense ministry spokesman David Lo told reporters. “But we’ll ask Apple to lower the resolution of satellite images of some confidential military establishments the way we’ve asked Google in the past.”

The site, still under construction, is located in the northern county of Hsinchu, according to the AP. It contains a $1.24 billion ultra-high-frequency radar that, once finished, should give Taipei extra time to prepare in the event of a Chinese missile strike.

Perhaps Apple will pull the images. But before the Taiwanese get too upset with Cupertino and the other satellite imagery publishers, they should remember than the Chinese have had plenty of seemingly sensitive locations snapped from above — and those shots are still online.

Tags: Apple, CIA, Google, Navy SEALs, Osama bin Laden

————
DUTCH  VERSION

door Jef Coeck

De meest spectaculaire beleidsdaad van president Obama, althans voor de publieke opinie, was de ‘eliminatie’ van superterrorist Osama Bin Laden, in zijn Pakistaanse schuiloord. Deze SPEC OP werd uitgevoerd door een elite-eenheid van het Amerikaanse leger, de Navy-SEALS (‘zeehonden’). De operatie was opgezet en voorbereid door de geheime dienst CIA.

Die had gezorgd voor een levensechte copie van de compound in Abbottabad waar Osama zich al jaren ophield. De CIA-oefenvilla bevond zich in de bossen van Harvey Point, North-Carolina. Hierboven een foto met reconstructie. Er werd zelfs vuilnis gedumpt in de omgeving, om een aardappelveld op de echte locatie na te bootsen. Intussen is de Noord-Carolinese copie vernietigd.

De New-Yorkse radio heeeft het ook over een geheime CIA-basis op Taiwan, het vroegere Formosa of kapitalistisch China. Die radar van 1,24 miljard dollar is ontdekt door commerciële satellieten en vervolgens door Apple Maps op het Internet gezet. De locatie van Harvey Point is gepubliceerd door Bing, een product van Microsoft.

Wikileaks lijkt dus overbodig te zijn geworden: staatsgeheimen worden nu onthuld door commerciële ondernemingen als hun nieuwste product. En er is een markt voor. De overheid vermag daar niets tegen. Integendeel, het Amerikaanse parlement gaat zelf over tot het onthullen van vertrouwelijke informatie, via de tv-uitzendingen van debatten. Blijkt hieronder.

LIBISCHE CONNECTIE

Ook het Benghazi-incident vorige maand – waarbij 4 doden vielen onder wie de Amerikaanse consul, en dat werd toegeschreven aan Islamistische wraakacties vanwege een beledigend geacht filmpje op Internet – blijkt alles te maken hebben met een CIA-cover.

Een van de twee compounds die door ‘woedende betogers’ werd aangevallen, was een geheime CIA-basis. Dat werd openlijk toegegeven door uitgerekend Republikeinse leden van het House of Representatives, die hadden aangedrongen op een openbare hearing over de zaak. Die hebben ze gekregen, live en wel. (zie video hieronder)

————

*WNYC is the New York Public Radio, part of the broadcasting chain NPR
http://www.wired.com/dangerroom/

The Washington Post story (including video)
http://www.washingtonpost.com/opinions/dana-milbank-letting-us-in-on-a-secret/2012/10/10/ba3136ca-132b-11e2-ba83-a7a396e6b2a7_story.html

De echte Osama-villa in Abbottabad, Pakistan

oktober 11, 2012 at 9:59 am 1 reactie

KOMKOMMERTIJD?

Door Tom Ronse

Tijdens de olympische spelen besteedde de BBC de eerste helft van haar journaal aan het sportspektakel, zodat de rest van het wereldgebeuren in een kwartiertje moest worden afgehaspeld. Maar dat gaf niet want behalve in Syrie leek er weinig te gebeuren. Want het is komkommertijd nietwaar. Iedereen ligt op het strand…

Mij dunkt dat het enkel komkommertijd is omdat er ons zoveel niet getoond wordt. Maar intussen vreet de krisis verder en zetten bezuinigingen allerhande de armen en de werkende bevolking het mes op de keel.  Dat roept verzet op. Ook in de komkommertijd.  Maar het werd door de grote media niet of ondermaats gerapporteerd. In de plaats daarvan gaat de aandacht naar de grote rituele spektakels zoals de olympische spelen, de ronde van Frankrijk en de Amerikaanse verkiezingen. Nochtans spant het protest zich ook in om spectaculair te zijn. Dat blijkt uit onderstaande beelden van protestbewegingen van de laatste weken die u misschien ontgaan zijn. Klik erop om ze groter te zien.

In Spanje werd er in juli gestaakt en betoogd tegen de bezuinigingen door onder meer de mijnwerkers van Asturie en het personeel van de openbare diensten.  Er heerste een sfeer van woede maar ook radeloosheid. Is er een alternatief?

          

In Montreal, Canada werd ook in juli betoogd tegen de verduring van het hoger onderwijs en tegen de nieuwe wet van de provincie Quebec die het betogingsrecht inperkt.

In Mexico waren er massale betogingen tegen de (volgens links) frauduleuze kieszege van de kandidaat van de corrupte PRI.

   

Maar er waren ook andere manifestaties tegen bezuinigingen en politie-repressie. Hier enkele opmerkelijke manifestanten tegen de verjaging van straat-entertainers uit het centrum van Mexico-stad.

  

Ook in andere Latijns-Amerikaanse landen was er verzet tegen bezuinigingen zoals dit protest tegen de uitholling van de gezondheidszorg in Bogota, Colombie:

  

In Peru was het protest vooral gericht tegen een nieuwe goudmijn in Cajamarca. Het protest is zo fel omdat de Peruanen het al vaak ervaren hebben dat mijnbedrijven een enorme ecologische verwoesting aanrichten die de overlevingsmogelijkheden van de bevolking aanzienlijk reduceert. Dit protest versmolt snel met de looneisen van arbeiders in Lima. De nieuwe president blijkt intussen minder progressief en meer repressief dan hij tijdens de verkiezingscampagne leek. Tiens, waar hebben we dat nog gehoord?

In het Midden-Oosten is de Arabische lente nog niet uitgebloeid. Het conflict in Syrie sla ik over, al is verzet tegen een gangsterregime er deel van. Maar er is zo veel meer aan de hand, oorlogstokerij langs diverse kanten. Syrie is een inter-imperialistisch conflict, en zoals het Afrikaans spreekwoord zegt, als olifanten vechten, wordt het gras vertrappeld. Het gras in casu zijn de mensen die in Aleppo, Holms, de rand van Damascus en andere steden wonen. Een van beide kampen zal winnen en intussen zal er veel gras vertrappeld worden.

In Egypte moest het leger zijn pogingen om alle macht in handen te houden opgeven. Ook de nieuwe president moet op zijn tellen letten. In landen als Bahrein en Jemen wordt er nog om de haverklap gedemonstreerd voor meer vrijheid.

  

In Israel werd er, een jaar na de massale betogingen tegen de levensduurte, opnieuw betoogd tegen de bezuinigingen van de regering. De betoger in deze foto (Tel Aviv, 15 juli) heeft zijn gezicht in verband gewikkeld uit solidariteit met  Moshe Silman, een betoger die zich de vorige dag in brand had gestoken. Zijn bord zegt “Bibi, je hebt ons ook verbrand”. (Bibi is de bijnaam van de premier)

Ook in het verre oosten neemt de opstandigheid toe. De spanning stijgt in India waar harde stakingen plaatsgrepen en een brede beweging tegen de corruptie op gang kwam. De sociale onrust groeide ook in Bangla Desh en de Filippijnen.

In China is de geest uit de fles sinds de stakingsgolf in 2010. De werkende bevolking is er  steeds minder bereid om extreem lage lonen en moordende vervuiling te slikken. Dat leidt tot voortdurende conflicten.  Het meest recente greep eind juli plaats in Qi Dong, een havenstad bij Shanghai. Betogers veroverden er overheidsgebouwen en dreven de politie terug. Ze protesteerden tegen de geplande bouw van een zwaar vervuilende afval-verwerkingsfabriek. De plannen werden geschrapt.  Soortgelijk protest dwong de autoriteiten om de bouw van een koperraffinaderij in Shifang en een petrochemische fabriek in Dalian af te gelasten.

  

In Rusland werd betoogd tegen een nieuwe wet die het betogingsrecht beknot (zie Quebec).

Op het bord: ‘Uw boetes kunnen me niet stoppen’.

En ook tegen de vervolging van Pussy Riot, vanwege hun anti-Putin song in de kathedraal.

(Waar is dat vierde meisje gebleven?)

De dames kregen vrijdag twee jaar strafkolonie. Putin zei dat hij liever een mildere straf had gezien maar dat de gerechtelijke macht nu eenmaal onafhankelijk is in Rusland. Zoals die eerdere Russische dictator, vadertje Stalin, is hij niet vies van een cynische grapje.

In Zuid-Afrika wordt het gros van de bevolking nog armer en zijn hongerlonen nog steeds de regel. Het protest en de stakingen nemen toe. Vorige donderdag opende de politie een spervuur op stakende mijnwerkers in Marikana. Minstens 40 mijnwerkers werden door de politie vermoord. Het was even mensonterend als de ergste incidenten tijdens het Apartheid-regime. Maar nu was de politiechef zwart. De voornaamste vakbond, de NUM, geaffilieerd met de ANC, steunde de politie want de NUM had geen toestemming gegeven voor de staking. President Zuma was natuurlijk “shocked and saddened” maar ook hij verweet de politie niets.

De slachtpartij was niet zonder precedent. Eerder al werden sinds 2000 minstens 25 mensen gedood door de politie tijdens protesten. Actieleiders werden gefolterd en vermoord. Bewegingen zoals de Landless People’s Movement en de Unemployed People’s Movement, werden aangevallen door gewapende huurlingen van de ANC. Armen werden opgehitst om elkaar aan te vallen op basis van ethnische verschillen. Verdeel en heers. Er is een oorlog aan de gang tegen de armen, tegen de werkende bevolking, in Zuid-Afrika en de rest van de wereld.

Deze schandalige slachtpartij illustreert waarom we ‘een maatschappij gebaseerd op de bevrediging van menselijke noden in plaats van op winst’ onze minimumeis moet zijn. Zuid-Afrika’s racistisch Apartheidsregime werd beeindigd en de ANC werd democratisch verkozen om het land te leiden. Maar fundamenteel veranderde er niets. Winst dicteert nog steeds wat er gebeurt en niet gebeurt in Zuid-Afrika, waar minstens de helft van de bevolking onder 34 jaar oud werkloos is en miljoenen aan voedseltekort lijden. Intussen maken de mijnen en andere bedrijven er nog steeds forse winsten dank zij de extreem lage lonen en besteedde de regering er vele miljarden aan bewapening en aan het voetbalspektakel van twee jaar geleden dat Zuid-Arika aantrekkelijk moest maken voor investeerders.

Natuurlijk moeten we ons verzetten tegen racisme and ‘echte democratie’, als die macht geeft aan de machtelozen, is een waardevol doel. Maar dat gaat niet diep genoeg. Zolang winststreven de maatschappij structureert zal de oorlog tegen de armen, tegen de werkende bevolking, tegen de menselijke waardigheid, voortgaan en intensifieren. Hopelijk het verzet ertegen ook.

augustus 20, 2012 at 5:13 am 1 reactie

ABSURD THEATER IN RUSLAND

Poetin slaat, Poetin zalft.  Rechtsbedeling in het Rusland van de nieuwe tsaar lijkt op een absurde grap. Vandaag lees ik in de krant dat Poetin vindt dat de drie vrouwen die terechtstaan voor majesteitsschennis een milde straf mogen krijgen. De drie zijn lid van een punkgroep die in de bombastische kathedraal van Christus de Verlosser in Moskou tot de Heilige Maagd hadden gebeden om de verwijdering van Poetin. Is het allemaal om te lachen of om te huilen, vraagt Aleksander Skorobogatov zich af. Deze Russische schrijver van werken met een absurdistische inslag als  “Sergeant Bertrand” en “Aarde zonder water” plaatste bedenkingen over het Rusland van tsaar Poetin in DE MORGEN. De onverkorte versie lees je hier.

Johan Depoortere

Rusland op haar knieën: Bidden onder Poetin

v.l.n.r.: Ekaterina Samoutsevitch, Nadejda Tolokonnikova en Maria Alekhina
AFP

Welke gevangenisstraf kun je krijgen voor een gebed? Een irrelevante vraag, aangezien niemand achter de tralies vliegt vanwege een gebed? Bijna juist, maar niet helemaal: het juiste antwoord is 7 jaar effectief. Mits een aantal voorwaarden weliswaar: in Rusland wonen, een jonge vrouw zijn, aan feministisch activisme doen, lid zijn van een punkgroep, en het ergst van al: de plaats van de gebedsdienst niet zorgvuldig kiezen en de inhoud van je gebed niet op voorhand laten censureren.

Een gebedje te veel

De jonge vrouwen van de Russische feministische punkgroep met de ontroerende naam ‘Pussy Riot’ zijn dit laatste vergeten te doen, namelijk de plaats en inhoud van hun gebed controleren op political correctness.

Op 21 februari dit jaar, tijdens de golf van volksprotest tegen het Poetin-regime, hielden ze een ondertussen beroemde ‘punkgebedsdienst’ in de Christus Verlosserkathedraal van Moskou. De ludieke gebedsdienst duurde nauwelijks enkele minuten omdat de vrouwen al snel werden weggevoerd door de security. De muzikanten hebben niets vernield of beschadigd, niemand van de omstanders werd hoe dan ook bedreigd door de actie. De leden van de band hebben enkel wat gedanst en gezongen.

Maar de tekst van de punkdienst bevatte een gebedje, gericht tot Onze Lieve Vrouw, met de vraag om Poetin te verjagen. En dit was duidelijk een gebedje te veel. Eentje dat 7 jaar gevangenisstraf waard is. Voorlopig althans zit die kans erin: sinds hun arrestatie op 3 maart (Maria Alyochina en Nadezjda Tolokonnikova) en op 16 maart (Ekaterina Samutsevitch) zitten de jonge vrouwen al maanden in voorlopige hechtenis op verdenking van hooliganisme, waar in Rusland tot 7 jaar celstraf op staat.

Absurditeit voorbij

Volgens de onafhankelijke experts werd er tijdens de actie geen enkele wet overtreden. Maar in zijn quest naar de criminele feiten ging het Openbaar Ministerie zo ver dat het de Kerkelijke wetten aanhaalde, aangenomen door de Kerkenraad van Laodicea (363-364 n.C.) en door de Kerkenraad in Trullo (692 n.C.)! En dit terwijl Rusland een seculiere staat is en zich probeert te positioneren als een volwaardig lid van de Europese familie. Een van de centrale beschuldigingen klinkt als volgt: ‘Het verminderen van de spirituele basis van de staat.’ De officier van justitie die deze groteske nonsens bij elkaar heeft gesprokkeld, werd gepromoveerd.

Het klinkt misschien als een misplaatste grap, maar het is jammer genoeg een gangbare juridische praktijk in Poetins Rusland, waar Themis niet enkel blind is, maar ook doofstom en bovendien volstrekt ongeletterd.

Prisoners of conscience

Ondertussen erkende Amnesty International de vrouwen als prisoners of conscience (gewetensgevangenen). Er is dus niet alleen geen grond voor zo’n zware aantijging als hooliganisme (met zijn onmenselijke straf van 7 jaar), maar evenmin voor het maandenlange voorarrest. En toch werd hun voorarrest nog eens een half jaar verlengd, blijven de jonge vrouwen (onder wie twee jonge moeders) achter de tralies, en geeft het regime noch de Kerk tekenen van enige versoepeling van hun houding.

De harde houding van de Russische Orthodoxe Kerk zal haar imago trouwens niet ten goede komen. Nu al klaagt vooral de intelligentsia dat de Kerk louter het zoveelste manipulatie-instrument in handen van Poetin is. Zijn blinde supporter en zelfs trouwe handlanger. De onwil van de Kerk om de jonge vrouwen te vergeven roept beschuldiging van wreedheid op en keert de mensen af van de Kerk.

Terwijl de Russische publieke opinie zwaar verdeeld is en de jonge vrouwen naast verdedigers ook gezworen vijanden hebben, die zelfs die 7 jaar een veel te milde straf vinden, is een aantal zaken toch wel duidelijk. De meedogenloze vervolging is niet zodanig gericht tegen die jonge punkmoeders in kwestie: enkele luttele broze feministen vormen uiteraard voor niemand een gevaar. Het doel van het Poetinregime ligt in het bang maken, demoraliseren, uiteendrijven, in de kiem smoren van elke mogelijke protestbeweging. En zelfs van een absoluut burlesk protest zoals dat van de punkgebedsdienst à la Pussy Riot.

Verdediging: 30 seconden per pagina

Op eis van het Openbaar Ministerie heeft de rechter de termijn voor de beschuldigden om het dossier in te kijken drastisch ingekort. Terwijl de jonge vrouwen zeggen dat ze drie minuten inzagetijd per pagina krijgen, is hun advocaat nog pessimistischer: hij krijgt naar eigen zeggen 30 seconden per pagina. Zo verliest de zaak elke schijn van rechtvaardigheid en wordt het een volbloed-gerechtelijke farce van het laagste niveau. Onvoorstelbaar in eender welke beschaafde rechtsstaat, maar dagelijkse kost in het huidige Rusland, waar elke tegenstander van Rusland in feite vogelvrij is in een gerechtsgebouw.

Vladimir Poetin

Protestlam

Komen de jonge feministen vrij, dan gebeurt dat enkel met de toestemming van Poetin. Krijgen ze een zware straf, dan gebeurt dat ook weer op bevel van Poetin. Hoe dan ook, hoe zwaar de straf ook moge zijn, het is hoogst onwaarschijnlijk dat het regime erin zal slagen om aan de hand van repressie en bangmakerij het Russische volksprotest lam te leggen op lange termijn. Elke actie veroorzaakt een reactie, en met (en dankzij) de repressie groeit het verzet. De dag van vandaag bereikt het regime zijn kortetermijndoel: mensen afschrikken en verdeeldheid zaaien. De aloude formule ‘verdeel en heers’ heeft meermaals haar efficiëntie bewezen. Het werkt. Het heeft altijd gewerkt. Althans tijdelijk. Vroeg of laat wordt het punkgebed door de Heilige Maagd toch wel gehoord. Zeker weten. Vooral als de Moeder Gods punkrock weet te appreciëren.

© Aleksandr Skorobogatov

http://www.skorobogatov.com/

De auteur is een Russische schrijver. Hij woont al twintig jaar in Antwerpen en is lid van het Vlaamse PEN-centrum.

augustus 3, 2012 at 6:40 am 1 reactie

DRUKWERK

door Tom Ronse

Airbus gaat vliegtuigen printen. Tenminste dat is het plan. Het is niet voor morgen maar tegen 2050 wil het bedrijf een 3-D (drie-dimensionele) printer bouwen zo groot als een forse vliegtuighangar die de toestellen kant en klaar zou produceren. Dat kan natuurlijk een luchtkasteel blijken, figuurlijk eerder dan letterlijk, maar er wordt fors in geinvesteerd. De capaciteit en toepassingsvormen van de 3-D printers groeien zienderogen. Het project van Airbus is misschien het meest ambitieuze maar lang niet het enige dat in de 3-D printing-technologie gelanceerd werd. Deze sector is een van de weinige die nog enorme groeimogelijkheden heeft. Die groei zal ingrijpende sociale gevolgen hebben. Maar in de artikels die over het Airbus-project verschenen, worden daarover geen vragen gesteld, laat staan beantwoord.

De ‘gedrukte’ airbus zou vele voordelen hebben. Volgens het bedrijf zullen de passagiers in de wolken zijn –letterlijk en figuurlijk:

“The first thing you’ll notice is that the claustrophobic fuselage shell is gone, now replaced by panoramic views of the sky above you. This is achieved by a twisting bionic structure — inspired by bird skeletons — and a transparent membrane. Instead of splitting passengers up by class, they’ll be divided by the activities they want to engage in during the long haul trip. These personalised zones could become an interactive conference room with business partners on the ground, or a virtual reality golf course. In another partition is the “vitalising zone”, which has air enriched with vitamins and antioxidants, acupressure treatment and smart chairs that can morph to fit your body shape.”

Enzovoort.  De acrofoben onder ons zullen een transparant vliegtuig een weinig aantrekkelijk vooruitzicht vinden maar voor de rest lijkt het een droom. De vlucht zelf zal een vacantie zijn in dat wondervliegtuig. En natuurlijk zal het ding 100% recycleerbaar zijn, energie oogsten van de lichaamswarmte van de passagiers en met tal van andere groene snufjes zijn uitgerust. Mooi allemaal. Maar het mooiste van al is dat dit vliegtuig 65% lichter zou zijn dan andere en dus aanzienlijk minder brandstof zou nodig hebben. Het zou dus minder vervuilend zijn en de vliegtuigmaatschappijen grote kostenbesparingen opleveren.

Maar wacht eens even. Het materiaal waaruit dit vliegtuig zal gemaakt worden, dat zo sterk en licht zal zijn, moet nog uitgevonden worden. Is het niet wat voorbarig om hoera te roepen?  Nee, zeggen ze bij Airbus, want de mogelijkheden die de 3D- technologie opent, maken het vooruitzicht realistisch.

Die technologie staat nog in haar kinderschoenen maar maakt het nu al mogelijk om dingen van verschillende meters groot te produceren en om diverse materialen op een nieuwe manier te combineren. “You’re designing new substances, zegt David Benjamin, een architect die voor Airbus werkt. “You can dial in the different elasticity of an object, the color properties, or a continuous piece of material that has different properties over the piece. Certain parts of an airplane need to be strong and flexible and 3D printers can create a single object strong just where it needed to be strong, or light where it needed to be light.”

Dat is geen toekomstmuziek, het wordt nu al gedaan. Multi-material 3D printers zoals deze van het Israelische bedrijf  Objet  worden gebruikt om nieuwe materialen uit te vinden. Objet biedt zijn klanten een gamma aan van 107 verschillende materialen die in zijn printer gecombineerd kunnen worden. Dat geeft ingenieurs en ontwerpers een fantastisch middel om te experimenteren en nieuwe amalgamen te  ontwerpen met specifieke eigenschappen voor specifieke noden.

De industriele toepassingen zullen snel groeien. Nu al wordt 3D-printing gebruikt om allerlei dingen te maken, gaande van auto-koetswerk tot artificiele levers.  Airbus gebruikt het proces om componenten te maken voor zijn militaire jet, de Typhoon. Ook voor de nieuwe superjumbo A380 zullen verschillende componenten, waaronder de zetels, gedrukt worden.

Er is een andere kostenbesparing waarover in de commentaren op het Airbus-project niet gerept wordt: de eliminatie van menselijke arbeid. De 3D-printer die Airbus-vliegtuigen drukt is een volledig automatische fabriek: aan de ene kant komen grondstoffen binnen, aan de andere kant komt er een afgewerkt product naar buiten. De productie-arbeiders mogen gaan doppen, als er tegen dan nog werklozensteun bestaat. En de schoonmaakploeg kan ook worden afgedankt want de gedrukte vliegtuigen zullen self-cleaning zijn volgens Airbus.

Natuurlijk zal het ontwerpen en maken van die gigantische printer enorm veel arbeidstijd kosten. Maar eens het ding er is, zou het maken van vliegtuigen, bij wijze van spreken, slechts een druk op een knop vereisen. Als enkel Airbus zo’n 3D-printer zou bezitten, zou het een enorm kostenvoordeel hebben tegenover andere vliegtuigbouwers en dus een forse monopoliewinst binnenrijven. Maar stel je voor dat het niet alleen Airbus lukt  om op die manier te produceren, maar Boeing en andere vliegtuigmakers ook. Stel je voor dat niet alleen vliegtuigmakers hun producten beginnen printen maar ook de producenten van auto’s en vele andere waren. Miljoenen arbeiders zouden overbodig worden gemaakt. Er zouden ook nieuwe jobs zijn, in het onderhoud van die complexe printers bijvoorbeeld, maar die zouden het massaal verlies van productiejobs niet compenseren. De monopoliewinsten zouden wegsmelten naarmate de nieuwe procedé’s de norm zouden worden. En de eliminatie van al die jobs zou ook een eliminatie van koopkracht betekenen en dus de globale markt inkrimpen.

Technologisch ben ik een leek; ik kan dus niet oordelen hoe realistisch de plannen van Airbus zijn. Maar ze geven wel aan in welke richting de industriele technologie zich beweegt. Momenteel worden jobs geelimineerd door de krisis. Ik heb al eerder in dit salon betoogd dat er voor deze krisis voorlopig geen oplossing bestaat; dat we pas aan het begin staan van wat  een gigantische sociale ontwrichting belooft te worden. Maar wat de hierboven beschreven tendens duidelijk maakt is dat, zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat er een globale heropleving tot stand komt, een nieuwe groeiperiode, de werkloosheid zal blijven toenemen en de verarming van een groot deel van de bevolking ook. Vanuit het huidige  socio-economische paradigma is er geen perspectief meer, geen hoop. We moeten ‘outside the box’ denken.

http://www.wired.co.uk/news/archive/2011-06/14/airbus-2050

http://www.forbes.com/sites/parmyolson/2012/07/11/airbus-explores-a-future-where-planes-are-built-with-giant-3d-printers/

juli 25, 2012 at 7:41 am Een reactie plaatsen

DUITSLAND: REDDER OF DRENKELING?

Tom Ronse

Dank zij Duitslands instemming met de rechtstreekse kapitalisatie van banken kunnen de financiele markten even op adem komen. Maar voor hoe lang? Geld pompen in het bankwezen komt neer op nieuwe schulden maken om te beletten dat oude schulden waardeloos worden. Voor dat doel hebben de VS, Europa, Groot-Brittannie en  Japan sinds het begin van de krisis in 2008  al meer dan 11.000 miljard dollar aan nieuw geld gecreeerd. De bankkrisis en de ‘souvereine’ krisis (de solvabiliteit van landen) verdiepen hand in hand. Ze hebben dezelfde oorzaak. Er wordt niet genoeg waarde gecreeerd om de waarde van de bestaande schulden in stand te houden, laat staan om de nieuwe lasten te torsen. De bezuinigingen maken het alleen maar erger. Ze reduceren de economische activiteit en dus ook de winsten die de banken kunnen maken.Wat hen nog meer in nood brengt. Ze moeten gered worden, ze zijn “too big to fail” maar het geld dat naar hun redding gaat  gebruiken ze niet om aan consumenten of bedrijven te lenen maar om hun eigen positie op korte termijn te verbeteren door “lending to hedge funds and other institutional investors that then speculate in foreign currencies, commodities, oil futures, stocks, junk bonds, and, of course, derivatives of various sorts including CDS on Greek sovereign bond debt.” Zeepbellen, in allerlei kleuren, omdat productieve investeringen geen winstgevende vooruitzichten bieden.

Dit citaat komt uit een artikel van econoom Jack Rasmus dat u  hier  kunt lezen. Het voert ook aan dat de aandelenkoersen afhankelijk zijn geworden van die monetaire injecties maar dat die enkel op korte termijn werken en op langere termijn het probleem -het onevenwicht tussen de schuldenlast en het vermogen van de economie om nieuwe waarde te creeren- erger maken. Dat laatste formuleert hij niet zo maar het is wel impliciet.

Duitsland zou veel meer moeten doen om de financiele markten te stabiliseren,daarover is men het roerend eens in Parijs, Rome, Madrid, Athene, Brussel en Washington.  Merkel mag dan wel in Griekse cartoons opgevoerd worden in Nazi-uniform,  tegelijk smeken ze die  ‘nazi’ om hun schulden te vergeven. Maar kan Duitsland zich dat permiteren? Nee, zegt   econoom Satyajit Das . Maar het kan zich ook niet permiteren om het niet te doen. Beide opties zijn rampzalig. De Europese krisis, schrijft Das, is ” now about Germany, not about Greece, Spain, Italy, Ireland or Portugal! Germany is financially vulnerable. Irrespective of the course of events, it faces crippling costs. “

Lees het artikel. Het illustreert opnieuw het gebrek aan opties voor de managers van de wereldeconomie. Een zwak punt is dat het de mythe slikt dat Duitsland al meer hulp heeft gegeven aan Griekenland dan het zelf ontving tijdens het Marshall Plan na WOII. Het is interessant om naar die periode terug te keren en te zien hoe het Marshall plan gebruikt werd om Duitse schulden te doen verdwijnen.  Zie hierover dit artikel in The Economist.

 

juni 30, 2012 at 9:04 am Een reactie plaatsen

HET FALEN VAN FACEBOOK

Dit artikel gaat over Facebook maar niet over het belang van FB als sociaal medium – hoewel dat ook een buitengewoon boeiend onderwerp is. Maar in dit stuk heb ik het over FB als bedrijf, over zijn plaats en zijn toekomst in de zwalpende wereldeconomie. Eerst schets ik het kader. Wil u direct over Facebook lezen dan moet u meteen naar 2. gaan. Maar het breder kader is nodig om te begrijpen waarom Facebook dreigt te vergaan. En niet alleen Facebook.

Tom Ronse

1. ‘Men’ snapt er niets van

Wat me telkens weer opvalt in de economische analyses in de grote media, is hoe men zich inspant om om elke uiting van krisis als een specifiek geval te beschrijven, met zijn eigen specifieke oorzaken en gevolgen. Natuurlijk zijn er specifieke redenen waarom bv. in Griekenland gebeurt wat er in Griekenland gebeurt. Die begrijpen is echter minder belangrijk dan het proces begrijpen waarvan die gebeurtenissen deel uitmaken. Maar men is bang om verbanden te leggen, om vragen op te roepen waarop men geen antwoord heeft. Men geeft adviezen, men zegt dat er drastisch moet bezuinigd worden, zonder uit te leggen hoe een daling van koopkracht economische groei kan verwekken; of men zegt dat er zwaar moet geinvesteerd worden in groei, zonder uit te leggen hoe het vergroten van de schuldenlast het onvermogen om de huidige schulden af te betalen kan verhelpen.

Men zit gevangen in een keurslijf.  Omdat men ervan uitgaat dat productie en consumptie per definitie gaan over markt-transacties, winst maken, de accumulatie van geld en bezit, is men gedwongen om de consequenties daarvan te aanvaarden.  De verdediging van de nationale competiviteit is geen optie maar een axioma waarover iedereen, vakbonden en PvdA inbegrepen, het eens is. Men is het enkel oneens over de invulling van dat begrip. Hoe het ook ingevuld wordt, voor de meerderheid van de bevolking zal het een verarming niet tegenhouden. Links en rechts stellen verschillende strategieen voor om de krisis te beheren maar hebben niets in petto om ze op te lossen.

De wereldeconomie is niet in staat om genoeg waarde te produceren om de waarde van het bestaande kapitaal in stand te houden. Dat kapitaal staat dus onder druk om te devaloriseren, om zijn waarde geheel of gedeeltelijk te verliezen. Vandaar de haast paniekerige drang om weg te vluchten vanwaar de devalorisatiedruk het hoogst is en om een veilige haven te zoeken waar die druk lager is (en juist door die vlucht, die het krediet er goedkoper maakt, nog lager wordt).  De devalorisatiedruk weegt niet alleen op het financieel kapitaal maar op kapitaal in al zijn vormen, ook op wat marxisten “variabel kapitaal” noemen, de handelswaar arbeidskracht.  Ook die wordt door het devalorisatieproces omlaag gesleurd, ongeacht de politieke kleur van de regering.

Waarom is die devalorisatie onvermijdelijk?  Men kan het zogenaamde neo-liberalisme blameren voor een zelfzuchtig en kortzichtig beleid dat de vorming van zeepbellen in de hand werkte maar de grondoorzaak ligt dieper. De hele economie is een zeepbel geworden omdat ze niet meer in staat is om de winst te produceren die het kapitaal dat er in geinvesteerd is –de winsten van gisteren- doet groeien.  De winsten van gisteren zijn claims op de winst van vandaag en morgen. We betalen die claims elke dag. Zoals Marc Coucke hier onlangs schreef: “Bovendien betalen wij allen dagelijks intrest zonder het te beseffen, zelfs wanneer wij geen leningen hebben uitstaan. Prof. Margrit Kennedy (www.margritkennedy.de) heeft berekend dat er in alles wat we kopen gemiddeld voor 50% financiële lasten zitten. De boeren die oogsten, de fabrieken die verpakken, de grootwarenhuizen die het aan de man brengen, hebben allen leningen uitstaan en de intresten die zij moeten betalen rekenen zij door in hun kostprijs.” Om nog te zwijgen over de belastingen, directe en indirecte, die ook meer en meer naar schuldeisers gaan en die ook de in kostprijs van waren wordt verrekend. Als je die, plus de prijsverhoging die veel bedrijven kunnen aanrekenen dank zij hun (quasi-) monopolistische marktposities, zou aftrekken, wat schiet er dan nog over?

Devalorisatie is onvermijdelijk omdat ze ontstaat in de productie zelf, ongeacht het financieel en fiscaal beleid. Het kapitalisme is gebaseerd op arbeidstijd als waardemeter maar elke kapitalist streeft ernaar om de arbeidstijd die hij gebruikt te verminderen. Want met lagere loonkosten dan zijn concurrenten kan hij extra-winst maken. Maar zo helpt hij de waarde van alles wat geproduceerd wordt, verlagen. En dus ook het deel van die waarde dat winst kan worden.

Diezelfde technologische ontwikkeling die de waarde van wat er geproduceerd wordt verlaagt, verhoogt ook het productievermogen. Veel meer kan geproduceerd worden in veel minder tijd wat mooi zou zijn als de vraag de expansie van het aanbod zou volgen.  Maar dat kan ze niet meer. De productiecapaciteit overtreft steeds meer de solvabele vraag. Een stijging van de koopkracht vereist een stijging van waardeproductie. Consumptie kan artificieel aangewakkerd worden maar de kost daarvan moet door de economie in haar geheel gedragen worden. De markt voor productieve consumptie,  die leidt tot nieuwe waardeproductie, kan niet zomaar aangezwengeld worden. Hij krimpt relatief, door de  groeiende automatisering van de economie.

Winst maken kan op allerlei manieren maar de bron ervan is altijd arbeidstijd. Automatische processen vereisen geen arbeidstijd. Ze zijn in feite ‘waardeloos’, ze voegen geen waarde en dus ook geen winst toe aan de economie. Wat niet betekent dat ze niet winstgevend zijn maar de winst die ze opleveren is arbitrair en autoritair opgelegd, buiten de normale marktmechanismen om. De consument draait ervoor op net als voor de eerder vermelde schuldenlasten van de producenten. Dat ondergraaft zijn koopkracht. En vermindert dus nog de productieve consumptie en dus de stimulans om productief te investeren. Dat versnelt de vlucht naar veilige havens waar overinvestering onvermijdelijk zeepbellen doet ontstaan. Tegentendenzen, zoals de globalisering die de prijs van de arbeidskracht verlaagde en de winst navenant verhoogde, konden de devalorisatiedruk een tijd lang verbergen. Maar niet langer. De inherente dynamiek van dit deflatoire proces is dat de claims van het bestaande kapitaal op de economie in die mate moeten verdwijnen dat productieve investeringen opnieuw winstgevend worden.

Hoeveel devalorisatie is daarvoor noodzakelijk? En welke vormen zal die devalorisatie nemen? Hoe diep zal de krisis gaan? Zullen verarming, oorlogen, ethnische zuiveringen en ecologische rampen meer en meer een functioneel onderdeel worden van een globale vernietiging van overbodige arbeidskrachten en technologie?  Het zijn griezelige maar realistische vragen.

2. Facebook is geen nieuwe Google

Maar ik wou over Facebook te schrijven.

De inleiding, die enigszins uit de hand is gelopen, diende om de context te schetsen waarin dit bedrijf in mei zijn langverwachte IPO (initial public offering) lanceerde, wat wil zeggen dat het aandelen begon te verkopen, aan 38 dollar het stuk –wat betekende dat het bedrijf zijn eigen waarde op een slordige 100 miljard dollar schatte.

Nog even de context: het kapitaal zoekt nerveus naar veilige havens, ziet steeds minder mogelijkheid voor rendabele productieve investeringen. De hoop dat ‘groene technologie’ een nieuwe expansieve golf zou op gang brengen, is al lang verzwonden. Bezuinigingen zorgen ervoor dat investeringen op dat vlak op de lange baan worden geschoven. De hoop dat China en India de motoren van zo’n nieuwe expansie zouden zijn, is ook in elkaar gezakt. Die landen kampen met hun eigen zeepbellen en de groei vertraagt er zienderogen.  Vanwaar kan de expansie komen? Waar kan het kapitaal nog groeien?

Wat nog razendsnel blijft groeien is het internet. Het www, worldwide web.  Daar zijn de klanten, daar moeten ze bereikt worden. Geen wonder dat vele investeerders willen geloven dat ze op het internet nog een goudmijn kunnen vinden. Al zijn ze op dat vlak al te vaak bedrogen uitgekomen (denk aan de dot.com-crash) om nog blindelings met geld te gooien naar elke start-up met een mooi verhaal, er zijn enkele zeldzame inspirerende voorbeelden van bedrijven die dank zij het internet spectaculair winstgevend bleken. Apple bijvoorbeeld, en Google. Wie er vroeg bij was om Google-aandelen te kopen en aan de verleiding weerstond om ze van de hand te doen, heeft het groot lot gewonnen. Google heeft duizenden miljonairs gemaakt. Waarom zou Facebook niet hetzelfde kunnen doen?

Dat was de hype: Facebook is de nieuwe Google. Het bedrijf kon sterke troeven op tafel leggen. Gezonde cash-reserves, jaarlijkse inkomsten van 4 miljard dollar en vooral een verbluffend aantal gebruikers: al 900 miljoen mensen zijn op Facebook. En dat aantal blijft groeien. Spoedig zal de kaap van één miljard overschreden worden. Twee miljard wordt al in het vooruitzicht gesteld. Facebook heeft zijn gelijke niet. Het is een nieuw medium dat zich heeft ingeburgerd in het dagelijkse leven van de planeet, vooral dan van haar jongere bewoners.

Facebook leek dus als geen ander bedrijf de omvang, het platform en de merkbekendheid te hebben om de nieuwe Google te worden. De eerste dagen gingen de FB-aandelen dan ook heel vlot van de hand.  Maar plots keerde het tij.  “It was a mania of historic proportions”, zei beursanalyst Walter Zimmermann. “It was so overhyped and overvalued that it could only fall” (Guardian, 29 mei). En vallen deed het. Na 10 dagen was de nominale waarde van Facebook gezakt van 100 miljard naar 69 miljard. Zuckerberg en zijn bankiers kregen een lawine van gerechtelijke aanklachten over zich heen. Vele beursanalisten voorspellen dat de FB-aandelen nog verder zullen zakken.

Anderen zijn nog pessimistischer. In een artikel in Technology Review stelt reclame-expert Michael Wolff niet alleen dat Facebook bankroet zal gaan maar ook dat het de rest van het op reclame-gebaseerde web in zijn val zal meesleuren.

Een straffe uitspraak die Wolff steunt op de blijkbaar onstuitbare daling van de efficientie van reclame op het web. Die is meetbaar aan de hand van het aantal ‘clicks’ die reclame op websites opwekt (hoeveel gebruikers van de site naar de site van de adverteerder gaan). Uit research blijkt dat de ‘waarde per gebruiker’ van digitale reclame elk kwartaal kleiner wordt. Waarom dat zo is, wordt nog bestudeerd: het zou te maken hebben met hoe mensen zich gedragen op het web, hun versplinterde en/of bewust-eclectische aandacht en dies meer. Ik vermoed dat een tekort aan koopkracht de interesse van veel websurfers in de webreclame ook beperkt. Nog een factor is het groeiend gebruik van mobiele platformen om op het web te gaan. De kleine schermen zouden ervoor zorgen dat de reclame nog minder aandacht krijgt.

Alle op webreclame-gebaseerde bedrijven voelen die trend. Behalve Google. Maar het succes van Google kan volgens Wolff niet gekopieerd worden. Dankzij zijn dominantie als zoekmotor is het de ultieme bemiddelaar geworden tussen koper en verkoper. De advertenties verschijnen enkel op het scherm van gebruikers wiens zoekopdrachten signaleren dat ze potentiele klanten zijn. Zo bereikt de adverteerder meteen zijn doelgroep, zonder dure reclame naar een breed maar heterogeen publiek. Google hoeft geen adverteerders te werven, ze komen vanzelf. Die kleine blauwe advertentietjes (mooi woord) boven de zoekresultaten zijn, zo blijkt uit de click-research, de goedkoopste en efficientste publiciteit van heel het web.

Het mooie, voor Google, is dat het vooral automatische processen verkoopt. Die doen al het werk, kosteloos, en al wat het personeel moet doen is die processen beheren, updaten en verbeteren, nieuwe voordelen aan het platform Google toevoegen om de concurrentie een stap voor te blijven… Ook Google voelt de concurrentiedruk van goedkopere zoekmotoren zoals Bing of Ask.com. Die drijft ook Google’s prijzen lager maar Google heeft zo’n dominante marktpositie en zo’n lage kosten dat het de neerwaartse druk beter weerstaat dan anderen.

Google heeft enorm veel reclame opgezogen die vroeger zetters, drukkers, vrachtvoerders, winkeliers en nog veel anderen werk bezorgde. Het betaalt zijn personeel goed en gedraagt zich in allerlei opzichten als een model-bedrijf. Maar voor de economie als geheel –een standpunt dat de meeste economen schuwen- compenseert die largesse niet het verlies aan waarde en dus aan koopkracht dat van die eliminatie van noodzakelijke arbeidstijd het gevolg is.  Hoe absurd het ook is, de sociale verrijking die Google is, verarmt tegelijk de economie.

(Klik op de kaart om ze groter te zien)

3. Facebook zit in een tang

Facebook doet ook pogingen om publiciteit te koppelen aan de interesses van specifieke gebruikers.  Maar de per-user value van reclame op FB blijft dalen. In vergelijking met Google is FB een traditioneel reclamemedium. Het verkoopt advertentieruimte op de sites die zijn gebruikers te zien krijgen zoals kranten dat doen. En verkopers van advertentieruimte op het web zijn er steeds meer.  Dat overaanbod drijft de prijs omlaag.  Zonder  quasi-monopoliepositie zoals Google of Apple en sommige andere op patenten terende IT-bedrijven, wordt het steeds moeilijker om met digitale goederen winst te maken. Omdat die grotendeels bestaan uit automatische en dus ‘waardeloze’- processen is er geen ‘bodem’ waaronder hun prijzen niet kunnen zakken. Hoe groter het aanbod, hoe meer iedereens prijzen dalen. De reactie daarop is om kosten te verlagen door nog meer arbeidsprocessen te automatiseren. Zo wordt het product nog ‘waardelozer’.

Dit is een algemeen fenomeen maar voor de van publiciteit afhankelijke ‘web-industrie’ wordt de daling nog versneld door de tendentieel verslappende aandacht voor web-reclame, wat daarvan ook precies de oorzaak is.

Wolff schrijft: I don’t know anyone in the ad-Web business who isn’t engaged in a relentless, demoralizing, no-exit operation to realign costs with falling per-user revenues, or who isn’t manically inflating traffic to compensate for ever-lower per-user value.

Facebook haalt 82 procent van zijn inkomsten uit webreclame maar verdient er per gebruiker slechts 5 dollar per jaar aan en dit cijfer blijft dalen. Ter vergelijking: The New York Times verdient met zijn papieren krant meer dan 1000 dollar per lezer aan reclame per jaar (iets op het web zien en iets in de krant zien, zijn blijkbaar heel verschillende ervaringen). Volgens Wolff is de conclusie dat “Facebook’s business only grows on the unsustainable basis that it can add new customers at a faster rate than the value of individual customers declines.”

Toch zijn er nog velen die de hoop nog niet hebben verloren dat Facebook heel winstgevend zal blijken. Geen enkel bedrijf noch regering ter wereld bezit zoveel data over zoveel mensen (wat een verontrustend feit op zich is maar laten we dat even terzijde). Dat moet toch, denken, hopen heel wat investeerders, op een of andere manier te verzilveren zijn.  Maar hoe? “So far, the sweeping, basic, transformative, and simple way to connect buyer to seller and then get out of the way eludes Facebook”, schrijft Wolff.

Je weet maar nooit natuurlijk. Misschien schudt Facebook binnen afzienbare tijd wel ‘the next big thing’ uit zijn mouw en rijft het zo een stevige monopoliewinst binnen. Maar als dat niet gebeurt, is het volgens Wolff gedoemd om te falen. Niet omdat het geen nut heeft, dat heeft het overduidelijk. Niet omdat het geen sukses heeft; het wordt gebruikt door haast een miljard mensen en hun aantal blijft groeien. Maar omdat de opbrengst per gebruiker daalt moet die groei steeds sneller gaan om dezelfde winst te maken. Zelfs als elke internet-gebruiker op Facebook zou gaan, zou er een einde komen aan het aantal potentiele gebruikers op deze planeet.

Wolff concludeert: “In its Herculean efforts to maintain its overall growth, Facebook will continue to lower its per-user revenues, which, given its vast inventory, will force the rest of the ad-driven Web to lower its costs. The low-level panic the owners of every mass-traffic website feel about the ever-downward movement of the cost of a thousand ad impressions (or CPM) is turning to dread, as some big sites observed as much as a 25 percent decrease in the last quarter, following Facebook’s own attempt to book more revenue. You see where this is going. As Facebook gluts an already glutted market, the fallacy of the Web as a profitable ad medium can no longer be overlooked. The crash will come. And Facebook—that putative transformer of worlds, which is, in reality, only an ad-driven site—will fall with everybody else.”

Als het zover komt, zal ik niet juichen. Facebook is al bij al een positieve ontwikkeling, een belangrijk interactief communicatiemiddel. Het gebruik ervan om samen te overleggen en te organiseren is legendarisch geworden sinds de Arabische lente. Ik kan me voorstellen dat het falen van Facebook als bedrijf de aanleiding zou kunnen zijn voor de creatie van een nieuw Facebook door vrijwilligers zoals deze die Unix en Wikepedia hebben gecreeerd, niet om winst te maken maar als dienstverlening aan de mensheid. Maar als bedrijf zit Facebook geklemd in een tang tussen de dalende waarde van zijn product en de eindigheid van zijn potentiele markt. En niet alleen Facebook. De hele wereldeconomie zit in die tang. Moeten we wachten op haar ineenstorting eer het besef rijst dat het anders kan?

 

juni 25, 2012 at 5:31 am 2 reacties

Oudere berichten Nieuwere berichten


Kalender

april 2014
M D W D V Z Z
« mrt    
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
282930  

Posts by Month

Posts by Category


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 540 andere volgers