GELD KOST TIJD

juli 21, 2010 at 9:33 am 1 reactie

Het luie continent

 

Europa is een continent dat geniet van lange vakanties, vroege pensioenen en korte werkweken. Moet dat alles door de economische crisis van de baan of mogen we lui blijven? Of valt het met de luiheid wel mee?

Rutger van der Hoeven
 

 

ARE EUROPEANS LAZY? Or Americans Crazy? luidde de titel van een opiniestuk van de centrale bank van Engeland uit 2006. Het vat netjes de achterliggende gedachte samen bij de discussie die sinds enkele jaren wordt gevoerd over het opvallende verschil tussen Amerikanen en Europeanen op het gebied van arbeid: Europeanen werken over het algemeen een stuk korter dan Amerikanen, nemen langer vakantie, zijn vaker ziek en gaan eerder met pensioen.
   Om te weten wie er nu gek is of lui moet eerst een andere vraag worden beantwoord: waarom werken mensen eigenlijk? Dat lijkt in eerste instantie evident, maar het voor de hand liggende antwoord – dat mensen werken omdat ze eten en een dak boven hun hoofd moeten betalen – valt meteen af. In Nederland anno 2010 leidt baanvrijheid niet tot een wisse dood en dat geldt voor een hele rij landen waar snoeihard wordt gewerkt door honderden miljoenen mensen die het kalmpjes aan zouden kunnen doen. Dus waarom werken mensen dan wel en waarom vaak zo hard?
   De cholerische Noors-Amerikaanse econoom Thorstein Veblen reikte in 1899 het antwoord aan in zijn sarcastische klassieker The Theory of the Leisure Class. Mensen consumeren goederen niet alleen om zichzelf in leven te houden, constateerde Veblen, maar ook om hun sociale status aan te geven. Dat laatste doen zij door middel van ‘opzichtige consumptie’ van sociaal zichtbare goederen zoals kleren en huizen, die automatisch meer waard worden als anderen ze kunnen zien. Het neoklassieke idee van mensen als rationele wezens die hun geluk willen maximaliseren kon daarmee de deur uit: in Veblens wereld telt alleen een irrationele obsessie met sociale status.
   Die obsessie wordt het meest geprojecteerd op de mensen die je elke dag ziet: de buren. De angst om bij hen achterop te raken heet in het Engelse taalgebied Keeping Up With the Joneses, de familie Jones die nauwlettend in de gaten moet worden gehouden. ‘Statusangst’ heet het in modern jargon, gemunt door de hippe filosoof Alain de Botton. Die angst voedt een eindeloze economische competitie waarin mensen elkaar omhoog blijven jagen. Althans, zo zou het volgens Veblens idee moeten zijn. Volgens het idee dat nu aan beide zijden van de oceaan wordt gecultiveerd, is Europa van de irrationaliteit afgeweken: daar wordt nu geluierd terwijl in Amerika (net als in Oost-Azië) wordt gejakkerd.
   Er zijn vele cijfers die dit beeld ondersteunen. Een Amerikaan werkt volgens statistieken van de OESO gemiddeld 25 uur per week, terwijl Belgen, Fransen en Italianen daar maar 17 uur en nog wat tegenover stellen. Een gemiddelde Amerikaan met baan werkt een volle 9 uur per week méér dan een werkende Nederlander en komt jaarlijks op 1800 arbeidsuren, tegenover 1338 uur bij ons – een derde van onze werkuren erbij. Een gemiddelde Amerikaan werkt jaarlijks zes weken meer dan een Duitser en bijna tien weken meer dan een Noor. Werkende Nederlanders, Italianen en Duitsers hebben jaarlijks twee keer zo veel weken vakantie als werkende Amerikanen. Van de Amerikanen tussen 60 en 65 werkt nog 43 procent, tegenover 12 procent van de Belgen, Italianen en Fransen van die leeftijd.
   Natuurlijk leidt dit tot enige spot en afkeuring aan weerszijden van de oceaan. En uiteraard is de kritiek op de luiheid van de Europeaan nergens venijniger dan bij een geëmigreerde Brit – in dit geval de historicus Niall Ferguson, die in zijn essay The Atheist Sloth Ethic, Or Why Europeans Don’t Believe in Work de luiheid en het inferieure werkethos van de Europeaan meteen maar toeschreef aan de verloren godvruchtigheid op het oude continent. Op blogs en in de Amerikaanse rechts-rabiate pers zijn vele variaties op dit thema te vinden.
   Veel verrassender is dat maar weinig serieuze commentatoren het woord ‘luiheid’ gebruiken, ook conservatieve. Zo wil de politiek analist Karlyn Bowman van de conservatieve denktank American Enterprise Institute, die in haar column in Forbes regelmatig de zweep haalt over de Europese verzorgingsstaat en de Europese oplossingen voor vrijwel alles, het woord niet in de mond nemen. ‘Ik denk niet dat dat woord terecht is’, zegt ze desgevraagd.
   De reden daarvoor is simpel. Europese luiheid is namelijk wel een aantrekkelijke verklaring voor de arbeidsverschillen, maar de statistieken wijzen op iets anders. ‘Dat Europeanen minder werken ligt niet aan luiheid maar aan een vrijwillige ruil’, zegt Andrew Moravcsik, hoogleraar politicologie aan Princeton en Europa-redacteur van Newsweek door zijn mobiele telefoon, terwijl hij op vakantie in Italië een lunch bereidt met tomaten en wijn. ‘Eigenlijk alle arbeidsverschillen kunnen worden verklaard doordat de arbeidsparticipatie in de VS hoger ligt en doordat Europeanen inkomen inruilen voor vrije tijd.’
   De hogere arbeidsparticipatie in de VS vertekent elke statistiek waarin de ‘gemiddelde Amerikaan’ tegenover een ‘gemiddelde Europeaan’ staat. In de VS lag de werkloosheid de afgelopen tien jaar lager dan in Europa en er zijn minder mensen die helemaal niet werken – en dus is het logisch dat een ‘gemiddelde Europeaan’ minder uren en weken werkt. Dat leggen columnisten die graag het meest aansprekende cijfer nemen liever niet uit.
   Wat de ruil betreft waar Moravcsik het over heeft: er is een simpele link tussen het feit dat Europeanen over het algemeen in kleinere huizen wonen, minder consumeren en minder verdienen dan Amerikanen en het feit dat ze minder werken. De arbeidsproductiviteit – hoeveel waarde een gemiddelde werknemer produceert in een uur – ligt ongeveer op hetzelfde niveau in Europa als in de VS: de meeste Europese landen zijn wat minder productief, sommige wat meer.
   ‘Europeanen kunnen ook best overwerken, maar ze kiezen ervoor om meer vrij te zijn in ruil voor geld – typisch zo’n twintig procent’, zegt Moravcsik. ‘Uit onderzoeken blijkt dat Amerikanen die ruil graag zouden doen als dat hun positie op de arbeidsmarkt niet in gevaar zou brengen. Economen wijzen erop dat mensen dit doorgaans doen als ze rijker worden. Amerikanen zijn hierin de uitzondering, ook vergeleken met Azië. De VS zijn het enige ontwikkelde industrieland waar de werktijd enorm is toegenomen – en dan niet als aanpassing aan demografische of fiscale druk, maar als resultaat van ongecoördineerd marktgedrag.’
   Onderzoek van een Italiaan in Amerikaanse dienst, hoogleraar economie Alberto Alesina van Harvard University, onderschrijft die claim. Van 1991 tot 2005 namen de arbeidsuren per jaar 11 procent af in Japan, 10 procent in Frankrijk, 7 procent in Taiwan, 6 procent in Duitsland en Engeland, 5 procent in Zuid-Korea. Zelfs in China begon een dalende trend. ‘Aziaten zijn armer en werken nog steeds als gekken’, zei Alesina bij het verschijnen van zijn studie tegen BusinessWeek. ‘Maar als ze rijker worden, nemen ze meer vrije tijd.’ En inderdaad: de Amerikanen niet.
  
WAAR DE LUIE EUROPEAAN dus best in de verbeelding mag doorleven, is hij vooral een fictief personage. Dat geldt ook voor een venijnige en de laatste tijd soms ongegeneerd demagogische variant die in de West-Europese media en politiek opduikt: de luie Zuid-Europeaan. Wat Amerikanen de West-Europeanen verwijten, verwijten die laatsten op hun  beurt de Zuid-Europeanen: eindeloze vakanties, korte werkdagen. Maar dat is nergens op gebaseerd. Spanjaarden, Italianen en Portugezen met een baan werken jaarlijks veel meer uren dan Nederlanders. Spanjaarden werken zelfs een volle maand per jaar meer, Portugezen met een baan werken ruim acht uur per week meer dan Nederlanders.
   Het probleem voor Zuid-Europeanen ligt niet bij de mensen die werken, maar bij het feit dat te veel mensen dat níet doen. ‘In Europa leggen te veel mensen de kosten van hun extra vrije tijd bij anderen neer. Bijvoorbeeld door vroege pensioenen op te eisen waar ze zelf niet voor hebben gespaard, in naam van sociale gerechtigheid – een totale absurditeit’, zegt Simon Tilford, hoofdeconoom van de Britse denktank Centre for European Reform.
   ‘Het Europese model, met daarin de ruil van geld voor tijd, loopt op lange termijn gevaar’, meent Tilford: ‘Het probleem zit niet in de ruil zelf, maar in het feit dat de ruil moet worden ondersteund door een stabiele bron van economische groei. En die is er nu niet. De Europese productiviteit groeide lang erg hard. Toen dat stil begon te vallen, gingen sommige landen hun groei financieren met leningen, andere met export. Maar dat zijn allebei manieren om te groeien ten koste van iemand anders. Een oplossing voor Europa is het niet. Ook overheden gaan de groei niet aanjagen – die zijn allemaal snoeihard aan het bezuinigen. Het moet dus toch van de productiviteit komen. Als het de Europeanen lukt om de productiviteit weer aan de gang te krijgen, hoeven ze niets te veranderen aan hun liefde voor vrije tijd.’

(gepost door jc)
 http://www.groene.nl/2010/27/geld-kost-tijd

Entry filed under: Ekonomie, Europa, Samenleving, VS. Tags: , , , , .

De pedofilie-fetisj HET EINDE VAN DE OBAMA-ILLUSIE

1 reactie Add your own

  • 1. jefc  |  juli 21, 2010 om 10:48 am

    Wanneer wil iemand eens voorgoed de nepgegevens van de OESO ontmaskeren? Deze vereniging werkt totaal onkritisch met cijfers van de nationale banken en regeringen en aanverwante instellingen. Het moto luidt: Ik geloof alleen de statistieken die ik zelf vervalst heb.

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.204 andere volgers


%d bloggers op de volgende wijze: