INFERNO

november 8, 2010 at 12:07 pm 1 reactie

door Guido Lauwaert
                                                                           

 

Als dichter en denker lijkt Dante Alighieri alles wat in de loop der eeuwen gevoeld en gedacht is in zich verenigd en tot uitdrukking te hebben gebracht. Die overtuiging heeft hij vooral te danken aan De goddelijke komedie, La Divina Commedia. Door dit literair werk in verzen wordt hij groter geschat dan Homerus, Vergilius, Shakespeare en Goethe.

Dante’s komedie bestaat uit drie delen: een reis die de auteur maakte door de drie rijken van het hiernamaals: hel, louteringsberg en paradijs. De drie delen worden voorafgegaan door een grafische voorstelling. Bovenaan staat Jeruzalem en onder Hel. Tussen beide is er een voorhel en een aantal kringen, door Dante in canto’s, gezangen, poëtisch verwoord. De buitenste kring is voor de kleine zondaars, de binnenste voor de grote, en de hel zelf voor diegenen die tijdens hun leven nooit een goede daad hebben verricht. Zij moeten ín de kachel zitten, met hun blote kont op de hele kolen.

Zover drijft het theatergezelschap De Parade het niet. Hun nieuwste productie beperkt zich tot de tweede kring, De Wellust. In de vijfde canto stuit Dante op de geilaards, die in een razende storm eeuwig door de lucht worden meegesleurd. Wanneer de storm even op adem komt kan Dante Francesca di Rimini vragen waarom zij met haar geliefde Paolo in de carrousel zit. Het antwoord is van alle tijden. De ene heeft de andere, en de andere heeft de ene, doch de andere wil een derde. Het tollen van de liefde, zoals ballen in een lottobol, brengt de geliefden tot waanzin.

Wat is de oorzaak van de waanzin en de daaropvolgende dood? Het lezen van een boek. Francesca en huisvriend Paolo lazen voor hun plezier over Lancelot en de liefde. De lezers gaan zo op in het verhaal dat hun lippen elkaar vinden en het  boek glijdt door hun wellust op de grond. Ze worden betrapt door de wettige echtgenote, de kreupele Gian Malatesta, en gedood.

Van het verhaal van de vijfde canto heeft auteur en regisseur Rudi Meulemans weinig bewaard. Je kan er wel een voorstelling mee maken, maar dan is het de moeite niet dat de toeschouwer zijn jas in de vestiaire deponeert. Op acht minuten heb je de vijfde gelezen en op tien begrepen. De canto gaf aanleiding tot soortgelijke voorvallen uit de wereldgeschiedenis van de liefde te halen en de essenties te ensceneren in verteltheater, de vorm waarmee De Parade naam en faam heeft gemaakt.

Opvallend is dat de liefdeshistories uit de kunstwereld stammen. Het zijn fragmenten uit romans, brievenboeken, brieven van afgewezen of bedrogen muzen. De lijst is te lang om op te noemen. Wees er echter van verzekerd dat de juiste keuze werd gemaakt uit de liefdesellende van de overwegend Europese kunstwereld. Het is triest wat mensen elkaar aandoen, maar wat een vrolijkheid biedt het de lezer, de kijkende luisteraar.

Een tweede frappante zaak is dat door de montage van liefdesdrama’s, de ene nauwelijks blijkt te verschillen van de andere. Iedereen, kunstenaar of metselaar, heeft zijn Beatrice, zijn ideale geliefde, ongrijpbaar binnen handbereik. Het bestaan is een dodendroom, en alle andere geliefden zijn spookbeelden van Beatrice.  

Het geheel wordt opgesierd met een danspasje hier en een draaibeweging daar. Halverwege klinkt een lied. De voorstelling is stijlvol, als vanouds. In een hoek achteraan ligt een stapel boeken. Op een bepaald moment legt actrice Caroline Rottier ze op de vloer, enigszins op de achtergrond, uit het midden, en gaat op het nieuwe werelddeel met zijn vele landen liggen. Een luisterende engel. Met haar hoort de toeschouwer de vermaledijde passies kiemen.

Af en toe valt een acteur of vallen de acteurs voor dood neer. Het verwijst naar de laatste regel van de vijfde canto. Ik laat hem voorafgaan door het voorlaatste vers, voor de verstaanbaarheid:

Terwijl de een mij antwoord had gegeven, /

Weende de ander, wat mij zo verdroot /

Dat ik bevangen werd door medeleven;

 

En buiten kennis viel ik neer, als dood.

Een waarschuwing. Wie actie wilt, gaat beter elders of blijft thuis. Inferno – vertelt met een lichte speltoets door Tom de Hoog, Vincent Dunoyer, Caroline Rottier, Hilde Wils – is designtheater van het hoogste niveau. En als iets duidelijk wordt door deze prachtprestatie, dit Requiem, is dat de hel een verscheurende schijngedachte bij leven is. Niemand pleegt een moord, geen mens slaat de hand aan zichzelf om naar de hel te gaan. Of zoals Arthur Rimbaud schreef:

Elle est retrouvée!

– Quoi? – l’Éternité.

C’est la mer mêlée.

               Au soleil.

 

INFERNO – De Parade – co-producent Kaaitheater – op reis tot 12 januari 2011 – www.deparade.be

 

Entry filed under: godsdienst, Media. Tags: , , , .

“Ik noem Geert Wilders niet zomaar een fascist” DE TESTOSTERONTEST

1 reactie Add your own

  • 1. Geert Thijs  |  november 12, 2010 om 4:43 pm

    Mooi stuk🙂

    Ik wou maar dat iemand met dezelfde onbevangenheid en kennis van kunst eens een stuk zou willen maken over deze ‘inferno’ van Dante: http://www.bartheijlen.be/P7/P7.html .

    Bart Heijlen is een hedendaags voltijds kunstenaar van onze eigen bodem, die zijn eigen tentoonstelling heeft bij elkaar getekend rond dit onderwerp. Prachtig gewoon. Maar oordeel vooral zelf.

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.205 andere volgers


%d bloggers op de volgende wijze: