DAT ZINKEND GEVOEL (2)

april 13, 2013 at 8:55 am Plaats een reactie

china empty city

door Tom Ronse

China is de enige andere grootmacht die een uitgesproken Keynesiaanse politiek heeft gevoerd om de krisis te bestrijden.  Net als de VS doet ze dat niet door het consumptievermogen van de 99% te verhogen. De lonen zijn wel gevoelig gestegen in China; dat gebeurde echter niet omdat de staat dit wou maar onder druk van de werkende bevolking die de laatste jaren een groeiende combativiteit vertoont. De staat probeert die tendens af te remmen  want lage lonen waren de sleutel-ingredient van China’s economische expansie.  China’s groei werd gestuwd door zijn exportsector wiens sukses  steunde op lage prijzen, mogelijk gemaakt door lage lonen. Dat is niet wezenlijk veranderd.  Het is nog steeds de voornaamste reden waarom Apples in China worden gemaakt.  Maar de druk van onderop neemt toe. De tegenstelling tussen wat de arbeiders in China willen en wat de staat die zogezegd van hen is nastreeft, wordt steeds scherper.

Karl Marx hekelde de opvatting dat de krisis kan opgelost worden door loonsverhogingen (zie Capital, Volume II, Penguin edition, p. 486-487) . Was het maar zo simpel. De stijging van het loonniveau heeft in China bijgedragen tot een stijging van de inflatie die nu, volgens onafhankelijke schattingen  (de officiële cijfers zijn notoir onbetrouwbaar) 12% (op jaarniveau) bedraagt. Dat is een peil waarop alle bezitters van kapitaal (al is het maar een beetje spaargeld) nerveus op zoek gaan naar veiligheid.

In plaats van te investeren in betere levensomstandigheden voor de honderden miljoenen Chinezen die nog steeds in diepe armoede leven –wat de inflatie zou doen oplaaien- investeerde de Chinese staat in wat  David Stockman (zie verder) terecht omschrijft als “the greatest construction boom in recorded history”.  Opnieuw, een keuze die verstandig lijkt.  De gigantische expansie die China heeft gerealiseerd op het vlak van infrastructuur (wegen, havens, spoorwegen, electriciteitsnet, etc) hebben zijn productiviteit aanzienlijk verhoogd en geven het een enorm competitief voordeel tegenover landen als India. Door zijn investeringen in hoogtechnologische industrie werd China een concurrent in winstgevende sectoren die tot voor kort het exclusief domein waren van het westen en Japan.  Nog indrukwekkender was de snelheid waarmee kantoren en woontorens werden gebouwd. Hele steden schoten als paddestoelen uit de grond. “I think they’re building somewhere between 12 and 24 new cities every single year”, zegt Gillem Tulloch, een in Hong Kong gebaseerde financiële analyst in het CBS-nieuwsprogramma “60 Minutes”.  De bouwsector stelt ruim 50 miljoen mensen te werk. Hij bloeit omdat er veel geld verdiend is in China. Dat geld moet opbrengen, anders wordt het opgevreten door de inflatie die al lang veel hoger is dan de lage renten op bankdeposito’s. In China, nog meer dan elders, heerst de illusie dat vastgoed waardebestendig is. Die illusie stimuleert de vraag naar vastgoed –het is pas 15 jaar geleden dat het bezit ervan legaal werd-  en drijft dus zijn prijzen op, wat de illusie nog sterker maakt. Door die vraag te voeden wordt geld dat anders in de algemene circulatie zou terechtkomen en inflatie zou aanwakkeren, ‘gesteriliseerd’.  De vastgoed-boom is bovendien een belangrijke bron van inkomsten voor de staat. Vooral voor de regionale overheden wiens budgetten grotendeels door grondverkoop en vastgoedtaksen gevoed worden.

Spooksteden

Op het eerste zicht –afgaande op de onmiddellijke resultaten- hebben zowel China als de VS een verstandig Keynesiaans beleid gevoerd. Ze hebben, voorlopig met sukses, de waarde van hun bezittingen verdedigd tegen de devalorisatie-trend.  De globale krisis was een zware opdoffer voor de Chinese export-industrie maar toch slaagde China er in om een forse groei in stand te houden. De inflatie is er een serieus probleem maar lijkt nog niet uit de hand gelopen.

In de eerder vermelde reportage in “60 Minutes” (zie link onder dit stuk) bezoekt de reporter enkele van de pas gebouwde steden in China. Wat we te zien krijgen is hallucinant.  Steden met alles erop en eraan maar zonder inwoners. Alsof er een regen van neutronenbommen (waarvan gezegd wordt dat ze al wat leeft doden maar gebouwen intact laten) op neer is gekomen. Ordos (ook Kangbashi genaamd) is een stad gebouwd voor een miljoen inwoners, met fonkelnieuwe kantoorgebouwen en woontorens, parken, musea en winkels maar met niet meer bewoners dan een Vlaams dorp.  Ordos is een extreem voorbeeld maar er zijn nog vele andere ‘ghost cities’ en ‘ghost suburbs’ in China. Waarom zijn ze leeg terwijl de woningnood zo groot is in China?  Vaak woonden er al mensen op de plaatsen waar de nieuwe wijken verrezen. Hun simpele huisjes werden afgebroken, de bewoners verdreven.  Zij konden niet in de nieuwe appartementen gaan wonen omdat ze te arm zijn. De meerderheid van de bevolking in China moet zien te overleven met een inkomen van nog geen 2 euro per dag. Zij kunnen er enkel van dromen van ooit in een degelijk huis of appartement te wonen.

Ordos in aanbouw

Ordos in aanbouw

Toch is het voor de projectontwikkelaars niet moeilijk om kopers voor die nieuwe woningen te vinden. De vraag is zo groot door de honger naar vastgoed als spaarpot. Hoe meer spaargeld de devalorisatie ontvlucht in vastgoed, hoe meer de  stijgende vastgoedprijzen lijken te bevestigen dat de kopers een goede zaak deden. Maar lege flats brengen niets op. Wat hun prijs in stand houdt is niets meer dan een geloof. Het klassieke zeepbel-scenario  staat voor de deur. Eerder vroeger dan later merkt een kind op dat de keizer naakt is en plots ziet iedereen dat ook.  De zeepbel spat uiteen en al dat spaargeld is plots niets meer waard. De banken die biljoenen uitleenden om de constructieboom te financieren, verdrinken in de rode inkt. De locale overheden zien hun inkomsten wegsmelten als sneeuw in de zon. Depressie dreigt. Kan China dit doomsday-scenario nog vermijden?

In de VS intussen vertoont de vastgoedsector, wiens implosie het startsein was van de huidige krisis, tekens van herstel. Het is een van de hoopgevende gegevens, zoals de lichte daling van de werkloosheid en de stijging van de binnenlandse energieproductie, waar de Amerikaanse media en regering zich aan vastklampen om de bevolking en de buitenlandse investeerders te overtuigen dat het de goede richting uitgaat. Vooral het feit dat de Amerikaanse beurzen hoger scoren dan ooit maakt hen optimistisch.  Maar volgens David Stockman, “instead of cheering, we should be very afraid”.

Nieuwe bubbel

In een opmerkelijk opiniestuk in The New York Times wijst Stockman (die begrotingsminister was onder Reagan maar later met hem brak) erop dat de Fed haar tegoeden verzesvoudigd heeft door schulden van bedrijven, banken en de federale staat te kopen met nieuw geld.  Dat is wat de beurswaarden omhoog drijft en het krediet goedkoop houdt. Die stijging is geen afspiegeling van groeiende economische welvaart. Integendeel, de groei blijft amechtig en de verarming neemt toe. Het is een zeepbel, net als de Chinese vastgoedsector.

Maar zoals de Chinese banken niet kunnen stoppen met de vastgoedexpansie te financieren uit vrees dat dit een ineenstorting zou inluiden, zo kan de Fed haar huidig beleid niet stopzetten vanwege het risico dat de beurs-zeepbel zou imploderen. Dus blijft ze maar kopen en geld bijmaken en de zeepbel blijft zwellen. “When the latest bubble pops, there will be nothing to stop the collapse”, besluit Stockman.  Want de overheid zal niet meer over de nodige geloofwaardigheid beschikken om het tij te keren. Zelfs zonder nieuwe krisis zal de federal schuldenlast in het komende decennium stijgen van bijna 17 biljoen dollar naar 30 biljoen. Hoeveel biljoenen kunnen daarbij komen zonder een dollar-krisis te veroorzaken? Van de ineenstorting die dit in gang zou zetten, zou geen enkel land zich kunnen isoleren.

Intussen heeft de centrale bank van Japan laten weten dat het de hoeveelheid yens in de komende twee jaar zal  verdubbelen. Om de deflatie te bestrijden maar ook –al wordt dat niet openlijk gezegd- om de marktprijs van de yen te doen zakken en zo de competitieve positie van Japanse producten op de wereldmarkt te verbeteren. De naaste concurrenten van Japan zoals Zuid-Korea zijn daar het slachtoffer van. Ze staan nu onder druk om op hun beurt de devaluatie van hun munt  na te streven met een expansief monetair beleid. Amerika heeft deze currency war zelf in gang gezet.  Haar monetaire expansie hield de dollar, ondanks het ‘safe haven-effect’, relatief laag wat de Amerikaanse export stimuleerde.  Anderen volgen nu haar voorbeeld. Geld, en financiële tegoeden in de brede zin, zwellen tot ongekende proporties. Onafhankelijk, zo lijkt het, van een waardegroei van wat er in de wereldeconomie geproduceerd wordt. Maar geld heeft geen waarde op zich, het ontleent zijn waarde aan zijn inwisselbaarheid in andere waren.  Dus als het geld disproportioneel groeit in verhouding tot de waarde die het circuleert, dan dringt een correctie zich op. Depressie is haar naam.

MORGEN (als ’t lukt) DE CONCLUSIE

De ’60 Minutes’-reportage leest u HIER

Stockmans opiniestuk  leest u HIER

Entry filed under: Azie, Ekonomie, Samenleving, VS. Tags: , , , , , .

DAT ZINKEND GEVOEL (1) DAT ZINKEND GEVOEL (3)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.302 andere volgers


%d bloggers liken dit: