OORLOG EN TERPENTIJN, OF DE PIJN VAN HET ZIJN

november 10, 2013 at 12:59 pm 4 reacties

WO 1

 

door Jef Coeck

Een roman is een roman als er ‘roman’ op staat. Er mogen zelfs prentjes bij. Een schrijver is geheel souverein om zijn/haar geesteskind te dopen zoals hij/zij het wil. Ook als een roman grote lappen werkelijkheid bevat, non-fictie zogezegd, blijft het een roman. De beschrijving van een realiteit die er dan in voorkomt, noemen we tegenwoordig ‘literaire non-fictie’.

Voor een gewoon non-fictie-boek werkt dat heel anders. Daarin moeten alle beschreven feiten kloppen met de werkelijkheid, of althans met een werkelijkheid die verder reikt dan de fantasie van de schrijver. Er bestaan mengvormen. Dit boek is er zo een. Niet dat het ‘genre’ er echt toe doet. Als een boek goed is, is het gewoon een goed boek. En dat is het. Wat zeg ik, het is een zéér goed boek.

Authenticiteit

Opmaak 1  Er zijn wel meer, waarschijnlijk zelfs veel boeken, verhalen, films die beginnen met het vinden van een document, verloren gewaande tekst of, zoals in dit geval, twee schriftjes handgeschreven belevenissen – of noem het mémoires – van een grootvader. Of die schriftjes een literaire truuk zijn, dan wel of ze echt bestaan, doet er niet toe. Waarom? Omdat na korte tijd de lezer geheel wordt opgenomen in de lectuur ervan. De geloofwaardigheid is totaal. Al snel laat schrijver Hertmans de ontroerend ouderwetse stijl van zijn opa los, om zelf de pen over te nemen, in een eigentijdse en zeer nauwkeurige taal. Het boek wordt nu niet gewoon geloofwaardig, het wordt fascinerend.

De authenticiteit wordt verhoogd door het inlassen van kleine zwartwit afdrukjes van oude foto’s, die telkens iets illustreren wat in de tekst voorkomt. Het is een procédé dat bij mijn weten in de moderne tijd voor het eerst werd toegepast door Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk in zijn klassieker ‘Istanbul’. En ook hier is weer het adagio van toepassing: maakt niet uit of ze, echt als ze toch al zijn, weergeven wat ze pretenderen weer te geven. Ook foto’s kunnen literaire non-fictie zijn.

Het boek gaat over de periode voor, tijdens en na de Eerste Wereldoorlog. Het is zonder meer duidelijk dat de auteur zich uitstekend geïnformeerd heeft, vooral in het middenstuk dat in hoofdzaak over de toestand aan de Ijzer gaat – daar zat opa Hertmans (zijn echte naam is Urbain Martien)  een halve oorlog lang in de loopgraven. Research over deze periode is op zich een hele klus, vanwege de bibliotheken die erover vol zijn geschreven.

Stefan Hertmans, foto: Jimmy Kets
Als ik een gok mag doen, Hertmans heeft natuurlijk Sophie De Schaepdrijver (De Groote Oorlog) gelezen, maar ook Robert Graves (Goodbye to All That) en, meer dan vermoedelijk ook Orwell’s ‘Homage to Catalonia’, over de wreedheden in de Spaanse burgeroorlog. Daarmee weze ook gezegd dat Hermans’ ‘Oorlog en Terpentijn’ van internationale allure is.

Gelijkenissen en verschillen

Grootvader Urbain werd geboren in 1891 en stierf in 1981. Niet de Orwelliaanse omkering van jaartallen brengt mij op het spoor van Orwell, maar wel passages als deze: ‘Het begon nu licht te worden. Kilometers ver langs het front rommelde het van ongeregeld zinloos schieten, zoals de regen die blijft doorgaan na de storm. Ik weet nog hoe triest alles eruit zag, het moddermoeras, de tranende populieren, het gele water op de bodem van de loopgraven; en de uitgeputte gezichten van de soldaten, ongeschoren, met moddervegen en tot aan de ogen zwart van het roet.’

Bijna identieke fragmenten vinden we ook bij de Brit Robert Graves, die aan het Franse front was ingezet: ‘De loopgraven hebben min of meer zichzelf aangelegd en lopen zonder vast patroon tussen de grote, tien meter hoge stapels bakstenen door; heel verwarrend. De borstwering van een loopgraaf die we niet gebruiken is gemaakt van munitiekisten en lijken. Alles is hier vochtig en stinkt. De Duitsers zitten heel dichtbij: zij bezetten de ene helft van de steenhopen, wij de andere.’

De overeenkomst tussen Graves, Orwell en Urbain Martien is dat ze alle drie ooggetuigen zijn die een soortgelijke oorlogsvoering vanop de eerste rij hebben meegemaakt. Hertmans’ boek bevat eveneens passages waarbij je de rillingen over de rug lopen. De Ijzer, Frankrijk, later Spanje, het zijn drie uitschuivers van de mensheid die miljoenen levens hebben gekost en wie het meemaakte kon het niet vergeten. Maar er over praten werd, met de afstand van de tijd, steeds moeilijker omdat de omgeving het niet wilde horen. ‘Hij weer met zijn gruwelverhalen.’ Dan is het meer dan logisch dat meer ‘gewone’ soldaten dan we vermoeden, naar de pen grepen om het van zich af te schrijven. Bovendien is het begrijpelijk dat de kleinzoon, auteur Hertmans, lang aarzelt om de schriftjes van zijn grootvader aan te breken. Hij kon vermoeden wat hem te wachten stond.

 

In de rechter benedenhoek staat met inkt: 'Zo kwam Urbain weer t huis bij moeder broers en zusters na den oorlog 1914-18

In de rechter benedenhoek staat met inkt: ‘Zo kwam Urbain weer t huis bij moeder broers en zusters na den oorlog 1914-18

Toch zijn de drie genoemde boeken niet verwisselbaar, hoe sterk soms ook de gelijkenissen. Graves en Orwell revolteren, verbaal en metterdaad. In hun verslag komen passages van kritische kwaadheid voor. Niet, of zelden, in ‘Oorlog en Terpentijn’. Urbain heeft een militaire opleiding achter de rug (het was soldaat of pastoor, meer keuze had hij niet) en weet ook in extreme omstandigheden zichzelf in de hand te houden. Bovendien is hij als kunstenaar (schilder) gevoelig voor nog andere gebeurtenissen dan geweervuur en gasgranaten. Wat herinneren we ons het eerst als de Eerste Wereldoorlog ter sprake wordt gebracht? Dat een slimme Westvlaamse ambtenaar wat sluizen opendraaide en op die manier de snelle Duitse opmars tot staan heeft gebracht. Die topgebeurtenis heeft Hertmans geniaal en bondig weergegeven:

‘Wat we echter de volgende ochtend in de schemer voor ons zagen, sloeg iedereen in de benen: een massa honden, konijnen, katten, wezels, bunzingen en ratten kwam, de snuiten net boven de waterlijn, als een onwerelds leger de rivier overzwemmen, met hun gevoelige snuiten talloze driehoeken trekkend in het gladzwarte wateroppervlak; de sluizen in Nieuwpoort waren opengezet en tot in Stuivenskerke, Pervijze, Tervaete en Schoorbakke liep het land geleidelijk onder water. Het drong langzaam tot ons door dat hiermee de opmars van de vijand misschien gestopt zou worden. Met bonzend hart keken we toe. Er werd ten strengste verboden op de vluchtende dieren te vuren, omdat dat onze positie zou verraden. Zo zagen we hen, de fijnneuzige boodschappers van een verdoemde wereld, op de vlucht voor het onbegrijpelijke armageddon, aan land komen, het water uit hun pelzen schudden, zonder ergens acht op te slaan langs onze loopgraven rennen, blind op de vlucht als lemmingen. Niemand greep naar de dieren, niemand wilde er een doden om het op te eten, hoe hongerig we ook waren. Als vermomde engelen van de dag des oordeels verdwenen de doorweekte spookwezens weer uit het zicht, springend over de in het grauwe ochtendlicht zwartblinkende moddervlakte. Verbluft tuurden we naar het donkere oppervlak van de narimpelende rivier. In de verte zagen we de vage weerglans van het naderende water in de polders.’ (pag. 206-207)

Veranderende Zeitgeist

Het einde van De Groote Oorlog was ook het einde van een tijdperk. In de moraal van het geweld, in de levensvisie, de mentaliteit en de zeden van deze generatie, deed zich een stijlbreuk – of noem het een breuk, tout court – voor. Eerst bij de militairen maar niet alleen bij hen. Tot dan moest een militair een voorbeeld vormen voor de burgers die hij geacht werd te beschermen. De loopgraven en andere baldadigheden veranderden grondig de militaire ethos.

17wo1-04 Loopgraaf 1914

‘Soldaten werden doelbewust dronken gevoerd voor ze de vuurlinie in werden gedreven (een van de grootste taboes bij patriottische geschiedschrijvers, maar de verhalen van mijn grootvader logen er niet om); er waren steeds meer, en naarmate het einde van de oorlog naderde bij wijze van spreken overal heimelijke ‘tingeltangels’ zoals mijn grootvader ze noemde, waar de soldaten werden aangemoedigd hun gefrustreerde seksuele verlangens op niet altijd even zachtzinnige wijze te stillen – een novum op zich, in deze georganiseerde vorm.’ (p. 267)

Maar de aandoenlijke ‘ouderwetse’ mentaliteit, met een nauwkeurig werkend eergevoel, had Urbain Martien nooit verlaten. Toch had hij in latere jaren last van plots opduikend wantrouwen, achtervolgingswaan, buien van drift en woede tegen niemand in het bijzonder, zonder zichtbare aanleiding. Veel mensen moeten toen geleden hebben onder wat we nu PTSS (post-traumatisch stress-syndroom) noemen. Het werd niet (h)erkend en er was dus geen behandeling tegen. Tenzij schriftjes.

Nog in het zog van de oorlog sloeg in heel Europa de Spaanse griep toe, ze maakte meer slachtoffers dan de oorlog zelf. En ook daar bestond geen middel tegen. Antibiotica werden uitgevonden in 1928, penicilline ook in 1928, cortisone wordt voor het eerst aangetroffen in de bijnierschors in 1935, het bronchiënverwijdende fenoterol komt pas op het eind van de twintigste eeuw in zwang. Had ik al gezegd dat auteur Hertmans grondige research heeft verricht? Dat blijkt ook op tal van andere plaatsen in het boek.

Grootvader blijft zelf gespaard van de virale killer maar niet zijn omgeving. Dat geeft aanleiding tot ontroerende bladzijden vol romantische maar reële tragiek. Het leven was voor hem lijden, de tijden vol veranderingen die hij niet kon vatten. Het was de meest hardvochtige eeuw in de mensengeschiedenis, ‘met nog een tweede oorlog, het ontstaan en neergang van de moderne kunst, de wereldwijde expansie van de motorenindustrie, de Koude Oorlog, de opkomst en de neergang van de grote ideologieën, de uitvinding van het bakeliet, telefoon en saxofoon, de industrialisering, de filmindustrie, het plastic, de jazz, de vliegtuigindustrie, de landing op de maan, het uitsterven van talloze diersoorten, de eerste grote ecologische rampen, de ontwikkeling van penicilline en antibiotica, mei ’68, het eerste rapport van de Club van Rome, de popmuziek, de uitvinding van de pil, de vrouwenemancipatie, de opkomst van de televisie, van de eerste computers…’  In 1981 – hij was toen 90 – kon hij eindelijk het moede hoofd erbij neerleggen.

Duffel 1914

Duffel 1914

De auteur besluit zijn boek met een soort Odyssee langs de Belgische geografie, steden en plekken waar zijn grootvader heeft verbleven of die anderszins een rol hebben gespeeld in zijn leven. Want, niet vergeten, de oorlog woedde niet enkel aan de Ijzer maar in heel het land. Veel verhalen in het boek wil ik onvermeld laten hoe relevant ze ook zijn, (bv. dat over het gouden horloge) om uw leesplezier niet te bederven. Ik krijg het ook nooit zo goed verteld als de grote stylist die Stefan Hertmans is.

Schilderkunst

Hiermee heb ik nu ongeveer twee derden van het boek besproken. Grootvader Urbain had natuurlijk ook al een leven v’o’or de Eerste Wereldoorlog. Daar moet iets over gezegd worden, alleen al om de titel te begrijpen. Als jongen werkte hij in een Gentse ijzergieterij, dat tijdsgewricht wordt pakkend beschreven met alle vormen van uitbuiting en frustratie die eraan verbonden waren. Urbain werd militair en was kunstschilder. Volgens zijn kleinzoon was hij geen uitblinker maar wel een bekwame amateur, een vakman die zelf zijn verven, doeken, kaders, stijlen en technieken uitvond of prepareerde. Daar kwam in die tijd nogal wat chemie aan te pas, in de vorm van terpentijn. Vooral in kopieën was hij goed. De Venus van Velazquez speelt een prominente rol in zijn leven. En in het boek.
WO 17 Venus van Velazquez

Urbains vader, Hertmans’ overgrootvader dus, had zich ook al aan de schilderkunst begeven, vooral met muurschilderingen in kloosters, kerken en abdijen. Dat levert een spannend verhaal op als Urbain tijdens de oorlog gekwetst wordt en voor herstel/revalidatie naar Engeland meer bepaald naar Liverpool wordt afgevoerd. In deze stad had zijn vader ooit verbleven en de rest is op het randje van de serendipiteit. In elk geval: de cirkel is merkwaardig rond.

‘Zo was de paradox de constante van zijn leven: heen en weer te worden geslingerd tussen de militair die hij noodgedwongen was geweest en de kunstenaar die hij had willen zijn. Oorlog en terpentijn. De vrede van zijn laatste jaren heeft hem langzaam afscheid laten nemen van zijn trauma’s.’ (p.332)

—–
Stefan Hertmans, Oorlog en terpentijn, roman, 2013, De Bezige Bij, Amsterdam
————-

WO 15 Sophie DS*Sophie De Schaepdrijver, De Groote Oorlog, Het Koninkrijk België tijdens de Eerste Wereldoorlog, 2013, Houtekiet – Atlas Contact

*George Orwell, Saluut aan Catalonië, 2000, Atlas, Amsterdam/Antwerpen

*Robert Graves, Dat hebben we gehad, 2001, De Arbeiderspers, Amsterdam/Antwerpen

Entry filed under: boeken, Europa, Geschiedenis, Kunst, Media, oorlog, Politiek Belgie, Samenleving. Tags: , , , , , , , .

PALESTIJNS PROBLEEM EERST TE WIJTEN AAN ONFATSOEN VAN DE BRITTEN ZEEBRUGGE-VIETNAM: ALLER-RETOUR

4 reacties Add your own

  • 1. kris Smet  |  november 10, 2013 om 3:41 pm

    Ga ik zeker lezen. Dank jullie wel, allebei.

    Beantwoorden
  • 2. luce vanwezemael  |  november 10, 2013 om 8:38 pm

    Prachtig boek met prachtig geformuleerde zinnen over de gruwel van de oorlog. Ode aan een eenvoudige, plichtsbewuste grootvader.

    Beantwoorden
  • 3. Johan Depoortere  |  november 11, 2013 om 11:35 am

    Deed me af en toe denken aan Die Kapuzinergruft van Joseph Roth: ook een prachtige beschrijving van een wereld die door WOI verloren is gegaan in dit geval die van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie: haarscherpe weergave van een tijdsgewricht, bittere melancholie en mededogen in een uiterst strakke zuinige taal.

    Beantwoorden
  • 4. Zsuzsa Nagy  |  oktober 19, 2015 om 3:27 pm

    Ik heb dit prachtboek heel langzaam gelezen om niets te missen!

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.204 andere volgers


%d bloggers op de volgende wijze: