GRENADA: ZELFMOORD VAN EEN REVOLUTIE

november 17, 2013 at 4:02 pm Plaats een reactie

10_25_2013_paratroopersOp 25 oktober was het dertig jaar geleden dat de Amerikaanse president Reagan een bezettingsmacht van 6000 man naar het Caraïbische eiland Grenada stuurde. De invasie betekende het definitieve einde van het linkse revolutionaire bewind dat vier jaar daarvóór was begonnen met de staatsgreep van de New Jewel Movement tegen het dictatoriale regime van Eric Gairy. Maar in werkelijkheid had de revolutie al een week eerder zichzelf de das omgedaan met de moord door een extreem-linkse factie op de populaire Bishop en zeven van zijn medestanders. Het merkwaardige verhaal van de zelfvernietiging van een redelijk succesvolle revolutie.

De staatsgreep van 13 maart 1979 was niet het directe gevolg van een massale volksopstand maar het werk van een kleine groep onder leiding van de jonge advocaat Maurice Bishop. De coupplegers slaagden er tot hun eigen verbazing in om in enkele uren tijd en zonder bloedvergieten het staatsapparaat in handen te krijgen. Ze maakten daarbij handig gebruik van de afwezigheid van de bizarre Eric Gairy die op het podium van de Verenigde Naties een pleidooi hield voor het bestuderen van UFO’s.

Eric_Gairy

Eric Gairy

Eric Gairy, de eerste leider van Grenada na de onafhankelijkheid in 1974, was begonnen als radicale en populaire vakbondsleider en nog onder het Britse koloniale bestuur was hij opgeklommen tot premier. In de loop van de jaren zeventig had Gairy door zijn autoritaire bewind, zijn financiële en seksuele escapades en zijn clowneske gedragingen vrijwel alle groepen op het eiland tegen zich in het harnas gejaagd: van de vakbonden over de katholieke kerk tot de kleine zakenelite. De New Jewel Movement van Maurice Bishop weerspiegelde die heterogene samenstelling van de oppositie. In haar beginselverklaring van 1973 was de beweging niet openlijk “socialistisch” – laat staan “Marxistisch” – maar had vooral aandacht voor de concrete problemen van huisvesting, gezondheid, en onderwijs. Ze eiste een programma van landhervorming, gratis onderwijs en gezondheidszorg en de nationalisatie van de bank – en verzekeringssector.  

maurice-bishop

Maurice Bishop

Bishop zelf stamt uit de middenklasse van het eiland. Hij was een briljante student die in Londen rechten kon gaan studeren en naar het eiland terugkeerde als een radicale hervormer. Ook zijn medestander en latere rivaal Bernard Coard behoorde tot de intellectuele elite van het eiland. Hij studeerde economie aan de befaamde Brandeisuniversiteit in Boston en in Sussex. Beiden ondergingen de sterke invloed van de Black Power-beweging, de Négritude van Senghor, de antikoloniale ideologie van de Algerijnse revolutie verwoord door Frantz Fanon,  en  van diens landgenoot Aimé Césaire, de dichter, filosoof en politicus uit het nabije Martinique.

De jaren zestig en zeventig waren in heel het Caraïbisch gebied een tijd van grote sociale beroering en verzet tegen het kolonialisme of de nieuwe heersende neokoloniale klasse: de “Rodney riots” in Jamaica, de “februarirevolutie” van 1970 in Trinidad en natuurlijk de Cubaanse Revolutie.   Ook in Grenada groeide het verzet tegen het regime van Gairy, die alleen nog van de Chileense dictator Pinochet wapens en steun kreeg. De “Moongoose gangs” – milities in de trant van de beruchte Tontons Macoute op Haïti – zaaiden terreur. Tijdens een van de protestbetogingen tegen Gairy midden jaren 70 werd de vader van Bishop vermoord.

De ontevredenheid van vrijwel heel de bevolking verklaart allicht het gemak waarmee een veertigtal coupplegers in 1979 het regime op de knieën kregen.  Aanvankelijk kon de “Revolutionaire Volksregering” (PRG of “People’s Revolutionary Government”) op aanzienlijke successen bogen. “In 1979 was de economie van het onafhankelijke Grenada er niet beter aan toe dan die van de kolonie in 1973,” schrijft Gordon K. Lewis, de erkende autoriteit van het Caraïbisch gebied. Het was een typisch koloniale economie gebleven, steunend op de export van landbouwproducten als kruiden, muskaatnoot, bananen en cacao waarvan de (lage) prijzen werden bepaald op de exportmarkt terwijl al de rest tegen kunstmatig hoog gehouden prijzen in valuta moest worden ingevoerd. Eén derde van de bevolking was ongeletterd, blindheid was wijdverspreid, maar er waren geen oogklinieken. Tandverzorging was onbestaande behalve voor de middenklasse die zich in Trinidad of Barbados kon laten behandelen. Het lager onderwijs was op het platteland van een deplorabel niveau en werkgelegenheid buiten de landbouw uiterst beperkt. Méér beter opgeleide Grenadezen werkten in het buitenland dan op het eiland zelf en de anderen zochten hun toevlucht in illegale immigratie naar Trinidad of werkten als schoonmakers en keukenpersoneel in Londen, Boston of New York.  

De vier jaren van de revolutie waren in de woorden van Lewis “een heroïsche poging tot economische reconstructie en hervorming.” In een tijdspanne van drie jaar kwamen er nieuwe wegen, betere watervoorziening, een nieuw telefoonnet, een radiozender, een asfaltfabriek en diepvriesinstallaties voor de visserij. De openbaren financiën werden gezond gemaakt – een succes dat werd erkend door de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds. Er werden vorderingen gemaakt op het vlak van gezondheidszorg en onderwijs met een alfabetiseringscampagne naar Cubaans model.  

In de eerste jaren van de revolutie leek Grenada méér de weg van de sociaaldemocratische welvaartsstaat op te gaan dan die van de radicale Marxistische revolutie. De lokale zakenklasse kreeg een erkende rol in het nieuwe regime, waar de Kamer van Koophandel nauw samenwerkte met de regering, vooral op het vlak van het opkomende toerisme en met als centraal project de bouw van een nieuwe internationale luchthaven. Radicaal linkse waarnemers noemden het nieuwe regime in St George’s daarom een “kleinburgerlijke hervormingsregering,” een doodzonde in de ogen van de echte Marxist-Leninisten.  

Er waren schaduwzijden. Politieke oppositie werd niet gedoogd. Tegenstanders kwamen in de gevangenis terecht waar ze volgens getuigenissen van slachtoffers niet bepaald zachtzinnig werden behandeld. Ook de vrije meningsuiting werd aan banden gelegd en verkiezingen voor onbepaalde tijd uitgesteld. Op buitenlands vlak gleden de Grenadezen willens nillens in het sovjetkamp. De Koude oorlog woedde in volle hevigheid en tot ontsteltenis van veel vrienden van de revolutie stemde de revolutionare regering tegen de veroordeling in de Verenigde Naties van de Sovjetinval in Afghanistan. Het moet gezegd dat Bishop lik op stuk kreeg toen hij eerder naar toenadering met de VS en een ontmoeting met president Reagan viste.  

Waarom het uiteindelijk lelijk misliep met de revolutie op Grenada is een vraag waarop historici en politicologen dertig jaar later geen definitief antwoord hebben. Lewis, die in 1986 een voorlopige balans opmaakte, stelt dat de persoonlijke en ideologische tegenstellingen tussen Bishop en Coard en hun respectieve volgelingen vanaf het begin de kiem van de ondergang in zich droegen. Vanaf 82, drie jaar na de staatsgreep, lijkt het revolutionaire elan gebroken. De economische moeilijkheden nemen toe in plaats van af, de productie voor de exportmarkt stagneert, er is algemene revolutiemoeheid bij de bevolking, de partij is in crisis, de discipline is zoek. Een groep onder leiding van Coard zoekt de oplossing in de vlucht vooruit. Heilige marxistische teksten worden ingeroepen om de partij om te vormen in strikt Leninistische zin.

images_Caribbean_coard_bishop_000008741

Coard (links) en Bishop

In de zomer van 1983 wordt het conflict ten top gedreven. Bishop, tot dan het onbetwiste boegbeeld van de revolutie wordt gedwongen het leiderschap van de partij (en dus het land) te delen met Coard. Bishop weifelt maar weigert uiteindelijk, met als gevolg dat hij onder huisarrest wordt geplaatst. Uit protest komen op 19 oktober in de paar steden die Grenada telt duizenden mensen op straat. In de hoofdstad St George’s bevrijden de manifestanten Bishop die met een groep aanhangers naar het hooggelegen Fort Rupert trekt. Daar ontstaat een vuurgevecht met regeringstroepen, tientallen burgers komen om. Bishop en zeven anderen worden gevangen genomen door Coard-loyalisten en in koelen bloede vermoord. grenada-tm

Vijf dagen later vallen Amerikaanse troepen met eenheden uit Barbados en Jamaica het eiland binnen en bezegelen definitief het lot van een op sterven na dode Grenadese revolutie. De invasie onder de codenaam “Urgent Fury” was in werkelijkheid al weken of maanden voorbereid. 1  

De suicidale ondergang van de revolutie is niet enkel te verklaren door de persoonlijke tegenstellingen tussen de protagonisten. Achteraf is Maurice Bishop voorgesteld als de “gematigde” tegen de radicaal Bernard Coard. In werkelijkheid was Bishop net als de anderen verantwoordelijk voor de successen en het falen van de revolutie. Hij verroerde geen vin toen persoonlijke vrienden van hem om ideologische redenen in de gevangenis terechtkwamen, hij stemde net als de anderen in met de onvoorwaardelijke pro-sovjet koers en al was hij geen ideologische scherpslijper, hij verzette zich pas laat – té laat – tegen de Marxistisch-Leninistische ultra’s.

Bishop was in de ogen van de volksmassa’s (voor zover je daarover kan spreken in de context van een eiland met 100000 inwoners) de onvoorwaardelijke held. De vrees van de radicalen dat de revolutie zou ontsporen tot een populistisch éénmansregime was niet helemaal onterecht. Bishop van zijn kant was er zich van bewust dat de “voorhoede” zover vooruit liep dat de troepen – de meerderheid van de bevolking – niet meer volgden. Het was – zo schrijft Lewis – op miniatuurschaal een herhaling van het debat aan het begin van vorige eeuw tussen Lenin en de Duitse revolutionaire Rosa Luxemburg. Voor Luxemburg was de voornaamste rol in de revolutie weggelegd voor de rebellerende massa’s, Lenin gaf prioriteit aan de gedisciplineerde communistische partij als revolutionaire voorhoede. We weten intussen waartoe dat heeft geleid.  

Nu, dertig jaar later is Grenada, net als de rest van de Amerikaanse achtertuin in het Caraïbisch bassin, weer veilig teruggekeerd tot de ware schaapstal van het ongebreidelde kapitalisme met een vleugje neo-liberalisme. Elk jaar wordt de Amerikaanse invasie op 25 oktober herdacht als “Thanksgiving Day.” De invasie was naakte agressie maar dat de meerderheid van de bevolking de Amerikanen als bevrijders verwelkomden lijdt nauwelijks twijfel: de revolutie was ontaard in een gangsterregime onder leiding van een tot generaal gepromoveerde voormalige gevangenisbewaarder. De “gematigde” Maurice Bishop is in de Amerikaanse mythologie van het gebeuren na zijn dood nagenoeg heilig verklaard. De internationale luchthaven werd in 2009 tot Maurice Bishop International Airport herdoopt.

Wie nu door het eiland reist ziet geen abjecte armoede, al blijven de problemen van dertig jaar geleden onopgelost. Bijna alle Grenadezen hebben op het platteland een stukje vruchtbare grond die genoeg opbrengt om te overleven maar voor velen is emigratie is nog altijd de enige uitweg. Vrucht van de revolutie of niet: het onderwijs is op behoorlijk niveau en in St George ’s en Grenville – de tweede stad – lopen de straten vol jongens en meisjes in hun aandoenlijke Britse schooluniform.

De orkaan Ivan heeft in 2004 de economie rake klappen toebedeeld en de muskaatnootproductie, tot dan het voornaamste exportproduct, bijna totaal vernield. Toerisme is nu de belangrijkste bron van inkomsten met watersport voorop. Het eiland is een magneet voor zeilers, met goed opgeleide technici in enkele moderne scheepswerven en marina’s. Veiligheid is hier in tegenstelling tot veel andere eilanden nauwelijks een probleem.

_DSC0022

Grenada Marine – één van het half dozijn jachthavens en scheepswerven op het eiland


_DSC0020

“Greene,” één van de uitstekende boottechnici

_DSC0055

Traditionele visserij is voor veel Grenadezen een manier om te overleven

Was de revolutie op Grenada een interludium in de koloniale en neokoloniale geschiedenis van het Caraïbisch gebied of heeft ze ondanks alles een blijvende betekenis? De revolutionaire periode was te kort om blijvende sporen na te laten. Revolutie in een land met de bevolking van een kleine Amerikaanse provinciestad met een achterlijke economie en infrastructuur was wellicht van meet af aan tot mislukken gedoemd. Daarom is de blijvende betekenis van de Grenadese revolutie volgens auteur Lewis hooguit van symbolische aard: de heroïsche strijd van een David tegen een oppermachtige Goliath, te vergelijken met de slavenopstand die op Haïti tot de eerste zwarte republiek ter wereld leidde, of de Filipijnse revolte die aan het begin van vorige eeuw het land bevrijdde van de Amerikaanse kolonisator. De Grenadese David daarentegen leed een pijnlijke nederlaag.

Johan Depoortere

  “Grenada, The Jewel Despoiled” Gordon K. Lewis   1986 Johns Hopkins University Press

Entry filed under: Caraïben, Centraal Amerika, Groot Brittannië, VS. Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , .

ZEEBRUGGE-VIETNAM: ALLER-RETOUR KARAKATSANIS SCHILDERT MET ZIJN CAMERA

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.204 andere volgers


%d bloggers op de volgende wijze: