Gerard Mortier. Enige persoonlijke observaties

maart 11, 2014 at 7:07 pm 6 reacties

Mortier G 1

door Walter Zinzen

 

Een eeuwigheid geleden ,  in 1996 , maakte mijn partner in crime Kris Smet een portret van Gerard Mortier voor Panorama, dat toen nog op TV 1 werd uitgezonden. Het was een mooi portret, gedraaid door een van de beste cameramannen en gemonteerd door een van de beste monteurs waarover de toenmalige BRT beschikte. En Mortier schitterde erin als de grote meneer die hij als intendant van de Salzburger Festspiele was. Maar Aimé Van Hecke  (die we nu kennen van zijn mésaventure bij Sanoma) ,die toen het goede en vooral het slechte weer maakte op de publieke omroep, was verontwaardigd. Mortier op TV 1 ! Dat kon niet, dat was de kijkers wegjagen. Een mening die door en deel van de Panorama-redactie werd gedeeld.

Vijf jaar later was ik jurylid voor de Prijs van de Democratie , die op de Gentse Feesten wordt uitgereikt.  Ik stelde voor de Prijs te geven aan Mortier. Een ander jurylid was al even verontwaardigd als Van Hecke toentertijd. Zijn naam had zelfs niet op de kandidatenlijst mogen staan vond ze. Dat ook in dit linkse gezelschap geen erkenning mogelijk bleek voor de verdiensten van Mortier stelde me zeer teleur. Dat hij in Oostenrijk veertien jaar lang de neo-facisten had bestreden : het interesseerde ze niet. Dat hij de opera in eigen land en daarbuiten in de meest letterlijke zin gedemocratiseerd had niet alleen door er eigentijdse voorstellingen van te maken maar ook door de toegangsprijzen te verlagen zodat een financiële hobbel werd weggenomen : dat was niet het soort democratie waaraan ze de prijs wilden verlenen. Die linkse aversie werd door Paul Goossens raak geschetst in De Standaard : “Gerard Mortier, zo vond de soixante-huitard in mij, behoorde tot de verkeerde wereld, koesterde de foute muziek, frequenteerde het veel te chique klootjesvolk.” Mortier en Goossens zijn later goede vrienden geworden.  Uiteraard, Mortier was een bij uitstek linkse mens in de nobelste betekenis van het woord. Helaas, kleinheid en benepenheid van geest zijn geen monopolie van rechts.

Maar er speelde in die Mortier-afkeer  nog een ander element : de Gentenaars in de jury waren boos op Mortier omdat hij in hun – en zijn – stad een prestigieus en ambitieus Muziekforum had willen oprichten. Dat Forum is er nooit gekomen . De minister van Cultuur (Bert Anciaux) en Gentse krententellers wilden er na zeven jaar discussiëren niet meer van weten. Sommigen beweerden zelfs dat Mortier  “een mausoleum voor zichzelf”  wou bouwen. Ontgoocheld en verbitterd keerde Mortier zich af van zijn geboortestad . Hij werd opera-intendant in Parijs en verhuisde naar Brussel. Op de plek waar Mortier zijn Forum wou neerpoten is nu het ‘multimediaal kenniscentrum’  De Krook in aanbouw. Gouverneur Briers bestond het dit in het TV-Journaal als een idee van Mortier te bestempelen. Vol afkeer hebben we in dit huis de politici en de jet-set de loftrompet horen steken van de ‘bezielende, controversiële ‘ figuur die Mortier was. Uitgerekend de lieden  met wie hij zijn hele leven in de clinch heeft gelegen,  struikelden over elkaar heen om zijn nagedachtenis te besmeuren. Zelfs de gewezen voorzitter van de kruideniersvereniging UNIZO , Kris Peeters, kwam woorden te kort om Mortier te prijzen. Zijn foto sierde zelfs,  god betere ‘t , in plaats van die van Mortier op een bepaald moment de opening van De Standaard online .

 

Kris en ik zijn hem blijven volgen. Voor ons is hij altijd “meneer Mortier” gebleven, hoewel hij nooit kapsones maakte.  Toen Kris en haar ploeg in zijn huis is Salzburg opnames maakten, moest hij onverwacht weg. Hij gaf hen de huissleutel en een fles champagne en keerde een paar uur later goedgemutst terug. Maar ook de grote Mortier had een ijdel kantje. Hij was geweldig in de wolken over het Panorama-portret. Tegelijk was hij zeer dankbaar en loyaal. Tot op het laatst stuurde hij Kris uitnodigingen om naar zijn “niet te missen” topprestaties te komen kijken (en luisteren). Als partner van Kris was ook ik welkom.  Zo ging voor mij een wonderbare wereld open. In Salzburg, in Parijs , in Madrid, maar ook in de Ruhr. In de talloze carrière-overzichten die dezer dagen in de media verschijnen  ontbreekt eigenaardig genoeg heel vaak zijn periode in dat deels vergane industriële Duitse rijk. Vandaag de dag vind je zowat overal verlaten fabrieken die omgetoverd zijn tot culturele centra. Maar het is Mortier geweest die een desolaat industrieel landschap heeft herschapen tot een reeks van theaterzalen – de kathedralen van onze tijd noemde hij ze –  waar het driejaarlijkse Ruhr-festival plaats vindt. En het was Mortier die dit festival uit de grond heeft gestampt. Grinnikend vertelde hij er vaak bij dat de toenmalige rood-groene regering van Noordrijn-Westfalen hem financieel niets in de weg legde. Een hele verademing na zijn lange gevecht in het conservatieve Oostenrijk, maar ook een ironische zinspeling op de financiële put die hij in de Brusselse Munt had achtergelaten. Hij was er trots op dat hij zijn lesje had geleerd en er in alle huizen waar hij na Brussel werkte voor gezorgd had dat de rekeningen klopten. Ook  in Madrid was dat het geval , waar de crisis en de besparingen  het Teatro Real niet ongemoeid lieten. Ook op dit gebied was hij heel vindingrijk. De traditionele receptie na een première bijvoorbeeld schafte hij niet af, maar hij betaalde ze uit eigen zak. De gasten moesten hun wijn wel uit plastic bekertjes drinken.

Dat hij stank voor dank kreeg en door een bekrompen Spaans minister van Cultuur als artistiek directeur ontslagen werd, vrijwel op hetzelfde moment dat hij ziek werd , heeft hem heel hard getroffen.

Geen maand geleden zaten Kris en ik nog in het Teatro Real, voor twee voorstellingen die sowieso zijn afscheid van Madrid betekenden : Tristan und Isolde van Wagner, een liefdesverhaal uit de Keltische oertijd en Brokeback Mountain , een hedendaagse liefdesaffaire van twee homofiele cowboys in een reactionair Amerika.

Een meer typische erfenis had Mortier niet kunnen bedenken. De ene dag keken we naar Tristan, de volgende naar Brokeback Mountain. De beide liefdesgeschiedenissen vertoonden volgens Mortier gemeenschappelijke kenmerken : de minnaar van Isolde wordt vermoord door een liefdesconcurrent,  een van de twee cowboys wordt afgeslacht door een homofobe meute. De première van  Brokeback Mountain was wereldnieuws, deels omdat Mortier zelf opdracht had gegeven hem te componeren. De lof was algemeen. Alleen in de vaderlandse pers werd hooguit een berichtje aan het evenement gewijd. Hoeveel van alle ingetogen in memoriam schrijvers van de laatste dagen , die hem nu loven voor zijn gedurfd initiatief , zouden de voorstelling in Madrid ook werkelijk gezien hebben?

Mortier zelf , met de dood al in het lijf, stond de wereldpers nog een laatste keer te woord : even gedreven, enthousiasmerend  en erudiet als altijd. Met de gebruikelijke lof voor “zijn” artiesten. Ook dat typeerde hem ten voeten uit. In alle steden waar hij intendant is geweest , van Brussel tot Madrid , kwamen dezelfde namen steeds weer terug met steeds weer nieuwe gedurfde producties. De onafscheidelijke Sylvain Cambreling uiteraard, die voor het eerst met Mortier samenwerkte als muzikaal directeur van de Munt en sedertdien niet meer van zijn zijde geweken is.

De Tristan und Isolde in Madrid werd geregisseerd door Peter Sellars, het “decor” bestond uit (prachtige) videobeelden van de Amerikaan Bill Viola. Het was een reprise van een voorstelling die Mortier eerder al in Parijs had geprogrammeerd. Sellars en Viola behoorden als het ware tot zijn vaste ploeg. Maar ook Alain Platel, die met C(h)oeurs  – in de beste Mortiertraditie – Madrid overhoop zette, Ivo Van Hove, die Brokeback Mountain regisseerde, Peter Vermeersch, Luc Perceval, Tom Lanoye (Mortier programmeerde zijn Ten Oorlog in Salzburg), Wim Opbrouck , Kris Defoort en zo vele anderen hebben dankzij Mortier een publiek bereikt waar ze zonder hem alleen maar van hadden kunnen dromen. Loyaliteit , ik zei het al, was als het ware Mortiers tweede natuur.

De leemte die hij achterlaat is veel groter dan die van Jan Hoet. Velen delen de ‘tristesse’ waaraan Tom Lanoye uiting gaf bij zijn overlijden. Maar anderen lachen in hun vuistje. Op het Schoon Verdiep van het Antwerpse stadhuis bleef het oorverdovend stil. Anderen hebben het fatsoen van de lokale burgemeester niet. Ze beschimpen de overledene op de internetfora. Hij die terecht van zichzelf beweerde dat hij meer voor Vlaanderen heeft gedaan dan alle politici bij elkaar , krijgt van de volksdansers , folkloristische vendelzwaaiers en andere gemummifieerde nationalisten het verwijt ‘elitair’ te zijn geweest, want gekant tegen de heilsleer van de N-VA. Eén ding is zeker : Mortier had de juiste vijanden.

SONY DSC

Entry filed under: Kunst, Media, Politiek Belgie, Samenleving, Uncategorized. Tags: .

GERARD MORTIER HEEFT DE SCENE VERLATEN OEKRAINIE: WAAR IS DE MASSA?

6 reacties Add your own

  • 1. Henk Coopman  |  maart 12, 2014 om 12:57 pm

    Ach, over de doden niets dan goed!
    Maar over de hagiografen?
    De man had toch niet altijd de juiste vijanden, wel? Ik neem aan dat wanneer Mortier langer zou geleefd hebben, hij zich zelfs verzoend had kunnen hebben met nog minder “nobele” “linksen” dan Goossens…
    Was hij echt niet opgesloten in de nog onvoltooid democratische wereld van de cultuur met de grote C?
    Ik, als kleine man, als “nobele” onbekende dus, die de wereld onder de duim moet houden (Serres) via internet, had Mortier graag ontmoet om hem mijn TIFKAA-concept uit de doeken te doen: The Individual Formerly Known As Artist.
    Ik hoop dat hij in was voor een “inconceivably private joke”!?

    Beantwoorden
  • 2. Pol Arias  |  maart 13, 2014 om 11:08 am

    Bedankt voor die mooie en spitse bijdrage;
    Dat was inderdaad een prachtig portret dat Kris Smet toen over Gerard Mortier gemaakt heeft. Subliem ook hoe de muziek daarin verwerkt zat. Om jaloers op te zijn.
    Wat hij daar toen tot stand gebracht heeft in de Ruhr was onthutsend, hoe die oude fabrieken en koolmijnsites met hun hoge schoorstenen omgetoverd werden tot plekken voor de kunst. Straks gaan ze me nog het schoorsteenvegertje noemen vertelde hij toen.
    En waarom niet, overal waar hij kwam ging hij er met een stevige bezem door en veegde zelfs het vuil van het klein bekrompen en benepen nationalistische denken de goot in. Die goede oude vriend dwong immens respect af.

    Beantwoorden
  • 3. Hugo Sledsens  |  maart 15, 2014 om 12:20 pm

    ‘Tristan und Isolde’ is een verhaal over de macht van de liefde. Die ook de edelste en sterkste naturen plots kan overweldigen. Zodat ze niet meer beseffen wat ze doen, alle maatschappelijke conventies en dure eden vergeten, en ook hun beste vrienden bedriegen.

    Jaloezie speelt in die opera niet de minste rol. Dat blijkt onder meer uit de bijzonder milde reactie, en de poging tot begrip, van de door Tristan bedrogen echtgenoot.

    Tristan gebruikt het – uit zijn mond groteske – woord ‘jaloezie’, één keer, om de man die hem in flagrante delicto met de vrouw van zijn baas betrapt heeft, zo ver te krijgen dat die zich verdedigt in een duel. Waar Tristan ook nog eens de agressor is. Maar dan laat hij zich met opzet neersteken. Het was dus een poging tot uitgelokte zelfmoord. Elke vergelijking met Brokeback Mountain is gratuit.

    Je hoeft geen twintig jaar op alle uitnodigingen van Mortier in te gaan en lange avonden in de Europese hoofdsteden door te brengen op kosten van de plaatselijke belastingbetalers, om te achterhalen hoe de plot van ‘Tristan und Isolde’ in elkaar steekt. Een eenvoudige klik op de muis volstaat.

    Het pleidooi van Walter Zinzen illustreert mooi hoe het gesteld was met de eruditie van Gerard Mortier. En vooral hoe er à la tête du client, en pour le besoin des choses mee omging.

    Maar pijnlijker is het te moeten vaststellen hoe Zinzen zelf, voor wie ik de grootste bewondering had en heb, zijn reputatie van kritische, onafhankelijke en zorgvuldige journalist te grabbel gooit. Hoe ik hem zie uitglijden op een terrein waarvan hij duidelijk geen kaas heeft gegeten. En zich, ziende blind, eender wat laat wijsmaken, met de verkooppraatjes van bakkerszoon Mortier als enige bron. Om ze vervolgens als zoete broodjes te slikken en door te verkopen.

    Behoort het niet tot de basisdeontologie van een goede journalist om informatie te checken en te dubbelchecken? Om ook de tegenpartij aan het woord te laten? Wil Zinzen dan eens contact opnemen met de directie van de New York City Opera? Over de putten die Mortier daar geslagen heeft, zonder er ooit enige verantwoordelijkheid voor op te nemen. Dan zou hij tenminste niet langer kunnen volhouden dat Mortier zijn lesje had geleerd. Informatie die voor iedereen toegankelijk is, maar waarover je in onze vaderlandse pers nooit iets hebt kunnen lezen.

    Als Afrika-kenner bij uitstek, wetend hoe corrupte verspillers als Mobutu en Bokassa de Europese elites met attenties vereerden en aan zich bonden, had uitgerekend Walter Zinzen zich zo niet in slaap mogen laten wiegen.

    De vele attenties die Mortier uitstrooide waren nooit vrijblijvend bedoeld. Voor zijn nooit rustende propagandamachine zocht hij voortdurend nieuwe nuttige idioten Bij voorkeur tussen belangrijke opiniemakers. Maar die zo weinig van muziek en opera afwisten, dat zij een gemakkelijke prooi waren voor zijn vele praatjes en beuzelarijen. En toegegeven, op dat terrein was Mortier onklopbaar. In tegenstelling tot Mobutu en Bokassa werkt het over de dood heen.

    Zoals het geval Zinzen pijnlijk illustreert.

    Beantwoorden
    • 4. jefc  |  maart 16, 2014 om 12:35 pm

      Mortier op één lijn plaatsen met Bokassa en Moboetoe? Dat moet meer dan één muisklik gevergd hebben. Fantasie hebt u wel.
      En het ridiculiseren van opera-libretto’s is al eeuwen een vermaak voor opera-haters. Moeilijk is dat niet. Nemen we even iets anders dan Wagner, Verdi naar Shakespeare bijvoorbeeld. Othello is een in alle opzichten beminnelijk, intelligent, empathisch, begaafd, nobel persoon. Hij houdt intens van zijn Desdemona, en zij van hem. Maar. Er waart een kwade geest rond in de persoon van Jago. Die roddelt er op los, vertelt leugens over Othello, zware leugens, zodat Desdemona’s liefde omslaat in haat. Maar ook Othello zelf gaat uit de bol. Voor zoiets als een zakdoek van zijn vrouw, wurgt hij haar. Onverklaarbaar? Ja, maar wacht eens. Othello, is dat geen… neger? Ja hoor, die ziet zo zwart als Bokassa en Moboetoe samen. Ziezo. Opgelost met een muisklik.

      Beantwoorden
    • 5. Walter Zinzen  |  maart 17, 2014 om 11:25 am

      1. Mijn stuk was, zoals de titel het aangeeft, geen journalistiek maar een persoonlijk afscheid . Ik neem aan dat de heer Sledsens al wel eens een grafrede heeft uitgesproken bij het overlijden van een dierbare . Deed hij dat dan volgens ‘kritische’ criteria? Mag ook een journalist al eens zijn hart laten spreken?
      2. Dat (Kris en ) ik nuttige idioten zouden zijn geweest om bij te dragen tot Mortiers glorie is werkelijk te gek om los te lopen. We zijn gepensionneerde journalisten , die er wel geteld één keer in geslaagd zijn een interview met hem te publiceren (in het Salon, later in Knack). Om dat interview te kunnen maken hebben we werkelijk heksentoeren moeten uithalen want zijn agenda zat altijd overvol. Wij gebruikt door Mortier? Het zou lachwekkend zijn als de suggestie alleen al niet zo leugenachtig was.
      3. Mortier heeft zich 40 jaar lang moeten waar maken bij de grootste muzikanten wereldwijd. Waren ook zij “gemakkelijke prooien voor zijn vele praatjes en beuzelarijen?”
      4. Waarom had ik over New York moeten praten? Ik ben daar nooit geweest. Dat paste dus niet bij mijn “persoonlijke obeservaties”. Wel weet ik dat in de plaatsen waar ik wel geweest ben (Salzburg, Ruhr, Parijs, Madrid) ,niemand ooit beweerd heeft dat Mortier er financiële putten heeft achter gelaten. Peter Sellars wees er in De Standaard integendeel op dat hij een meester was in het vinden van sponsors. Ik nodig de heer Sledsens overigens uit zelf contact op te nemen met de directie van de New York City Opera. Dan zal hij merken dat die opera failliet is. Wellicht de schuld van Mortier ?
      5. Dat elke vergelijking tussen Tristan en Brokeback Mountain gratuit zou zijn is een gratuite bewering. De heer Sledsens heeft Brokeback Mountain kennelijk niet gezien.
      6. Maar het is voor de heer Sledsens voldoende om met hautaine minachting neer te zien op de “bakkerszoon” , die alleen maar zoete broodjes verkocht. Die bakkerszoon wordt wel postuum eredoctor van de Gentse universiteit en heeft zelfs van de Spaanse minister van Cultuur, die hem aan de deur had gezet, de grootste onderscheiding gekregen die Spanje op cultureel gebied heeft. Ik ben kennelijk niet de enige die onder de indruk ben van Mortiers prestaties. Voor de bewering dat Mortier de boel belazerde brengt de heer Sledsens overigens geen enkel concreet feit aan.
      7. De vergelijking met Bokassa en Mobutu slaat evenwel alles. De heer Sledsens suggereert hiermee niet alleen dat Mortier zichzelf frauduleus verrijkt heeft maar dat hij daarbij ook over lijken ging. Dit zegt heel veel over de heer Sledsens maar gelukkig niets over Mortier. Meneer Mortier.

      Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.204 andere volgers


%d bloggers op de volgende wijze: