EEN WANDELAAR DIE GEEN VOETGANGER WIL ZIJN

augustus 7, 2015 at 12:07 pm Plaats een reactie

Miniring

Miniring

door Lucas Catherine

Wat is een stad? Heel veel huizen, veel straten en veel stank van auto’s. Als dat een stad was zou ik er niet willen wonen. Maar een stad is vooral heel veel verhalen. Elke straat die ik neem vanaf mijn voordeur heeft een verhaal en ook elk gebouw. Een stad is dan ook een bibliotheek vol verhalen. Geen dorp kan daar tegen op, ook al staan daar tegenwoordig ook veel huizen, langs veel straten, maar ik geef toe het stinkt er minder naar de uitlaatgassen.
In Brussel hebben we nu een soort dorp, een voetgangerszone langs de centrale lanen waar vroeger de burgerij defileerde. Er is daar nu veel minder lawaai en het stinkt er niet meer naar uitlaatgassen, maar de verhalen zijn gebleven. Toch zijn 21 comité’s tegen. Een bizarre bende: van PvdA’ers tot een miljonair die net een Grieks eiland kocht.

Ook ik ben tegen, niet omwille van die voetgangerszone, maar omdat al die auto’s nu langs onze huizen scheren door straatjes die nog voor paardenkarren waren ontworpen. Dat noemen ze dan ‘de miniring’. Die voetgangerszone heeft het stadsbestuur ondertussen ook al herdoopt tot stadssalon. Andere hebben het dan weer over le Boulevard des Clochards, omdat nogal wat daklozen er nu rustig kunnen slapen en kamperen. En ik ben tegen, ook een beetje omwille van het publiek dat ze door de centrale lanen willen laten defileren. Toeristen. Eigenlijk willen ze een soort Damrak – horesco referens als ik er ieder keer door rijd, op weg naar mijn Amsterdamse dochter – die de Grote Markt met het de Brouckèreplein verbindt. Dat plein zien ze als Time Square. Om van de Beurs nog te zwijgen. Die diende dit jaar als voorgeborchte voor Tomorrowland. En ik heb het niet gehoord, wel gemerkt: gepist in de portieken, ook dit van ons, een losse tegel door de ruit van mijn stamcafé, voor de fun, idem dito iets verder op. Bloemen uitgerukt uit de plantenbakken van de stad, en uit de rozentuin op het terras van het restaurant onder mijn raam. En maar met vlaggen zwaaien, en niet met de populairste: stars & stripes, de Davidster etcetera. Het is voorbij. Het is weer stil.
Ik stap mijn deur uit op het Zaterdagplein – door Marc Didden in De Morgen gepopulariseerd tot Place du Samedi-. Hier heeft ooit Moulay Hassan de Bei van Tunis nog gelogeerd als gast van Keizer Karel en Theodoor Verhaeghen, stichter van de ULB woonde er in zijn jonge jaren en er werd een tijdje de aardappelmarkt gehouden. Ik loop door de Augustijnenstraat. Waar vroeger de Augustijnenkerk stond, afgebroken in 1893 voor de aanleg van de centrale lanen en het de Brouckèreplein. Ze had een mooie voorgevel. Hij werd dan ook bewaard als voorgevel voor de Drievuldigheidskerk in Elsene. Bij mijn weten de eerste vorm van façade-architectuur in Brussel. Geen auto’s meer op de Brouckère, alla we zijn in Brussel, dus eigenlijk concreet: geen auto’s meer aan één kant van het plein. Het is er nu wel stiller. Bijna hoor ik er de liedjes van vroeger:
De Place de Brouckère,
D’as Brussel, Petit Paris.
Brussel g’het main hèt gestolen
Van de Nord tot de Midi

Zongen ze er vroeger in het Brussels en Brel vertaalde dit als:

Place de Brouckère on voyait des vitrines
Avec des hommes des femmes en crinoline
Place de Brouckère on voyait l’omnibus
Avec des femmes des messieurs en gibus.

En sommige Marokaanse vrouwen verhaspelden in de jaren 1970 Brouckère tot Bou Bakr, dat was makkelijker uit te spreken en Abou Bakr kenden ze als schoonvader van de Profeet.

Ik draai mijn memorie vijftig jaar terug. Voor u is dit niet zo makkelijk, daarom deze dubbelfoto:
LC 2 Brouckère2Ver_NEW

Bemerk op de foto onderaan de vele vijfhoeken. Brussel-stad is namelijk de Pentagone, je weet wel zoals Frankrijk de Hexagone is. Brussel Petit Paris, de natte droom van Leopold II, de vader van deze centrale lanen.
Rechtvoor staat wat overblijft van een van de eerste grote en chique hotels, het Grand Hôtel Cosmopolite met zijn Café Continental, nu kantoren van de stad. Op de oude foto links zie je de wegwijzer Pôle Nord. Dat was me wat die Pole Nord ! Bij de opening in de winter van 1893 was het een van de grootste schaatsbanen van Europa en in de zomer werd het een Palais d’Eté met onder meer een Music Hall voor al wie rijk en elegant was. En in 1899 werd er op initiatief van Leopold II het eerste autosalon van Brussel georganiseerd. Het eerste wereldwijd was een jaar daarvoor in Parijs geopend en Leopold had daar zijn eerste auto gekocht, een Panhard-Levassor. Maar dat viel tegen. Niet omdat de auto niet voldeed, maar toen kocht je samen met je auto de chauffeur die tegelijkertijd mecanicien was (garagisten bestonden nog niet) en die van Leopold was een républicain. Zo dus kocht hij daarom een jaar later liever een auto in Brussel.
De Pôle Nord lag parallel met de centrale laan, waar nu Parking 58 huist en achter wat nu een van de lelijkste flatgebouwen van Brussel is, maar toen het Grand Hotel.

LC 3 Grandhotel2_NEW

Naast dit hotel lag een van de eerste visrestaurants, het Parc aux Huitres. Een menu kostte er vier uur werkloon van een geschoold arbeider. Nu zijn er minstens vier kebab-zaken op minder dan veertig meter. De stad wil die nu weg. Ze willen terug naar de tijd van toen. Qua prijzigheid van eten en drinken dan toch.
Het is niet makkelijk lopen in deze voetgangerszone, want fietsers zijn er nog en zij zijn gevaarlijker dan auto’s. Dat zeg ik niet, maar de Franse schrijver Octave Mirabeau: “Zodra een man – ook al is hij nog zo aardig – een fiets bestijgt, wordt hij een paard, met alle grillen, al het hinderlijk gespring, alle dodelijke domheid die daarbij hoort – maar dan veel gevaarlijker. Hij houdt met niets of niemand rekening, zeker geen voetgangers. Hij is heer en meester over de weg. Je ziet hem met zijn handen in zijn zakken en zijn pet achter op zijn hoofd heen en weer slingeren en bochten, spiralen en zigzagbewegingen maken met als enig doel je voor de voeten te rijden.” De tekst is van 1907 en sedert hipsters met bakfietsen terreur zaaien is het nog erger.
Onder deze centrale laan liep vroeger de Zenne. De mythe wil dat die werd overwelfd omwille van hygiëne. Nu brak er in 1866 indertijd wel een grote cholera epidemie in Brussel uit, maar de plannen dateren van twee jaar eerder en de definitieve beslissing viel in oktober 1865.
Hoofdreden was dat Leopold II, en burgemeester Anspach een petit Paris wilden, maar dan zonder Seine of Zenne. Die Zenne diende namelijk als drijfkracht voor de Brusselse industrie die toen nog op stoommachines draaide en de Zenne dus nodig had. Al dat werkvolk moest weg – het werd verdreven naar Molenbeek – en plaats maken voor de burgerij. Duizend honderd huizen werden afgebroken, en ook ateliers en opslagplaatsen.

Brussel, Petit Paris

Het was de droom van Leopold II. Burgemeester Jules Anspach zal hem waar maken.

LC 4 Augustins2_NEW

De lanen zijn letterlijk gekopieerd op die van Haussmann in Parijs. De hoofdlaan vertakt zich aan het de Brouckèreplein en een van die takken loopt naar het Noordstation, exact zoals de as gevormd door de boulevard de Sébastopol en de boulevard de Strasbourg in Parijs doodliep op het Gare de l’Est. De centrale lanen lopen ook evenwijdig met een reeks winkelstraten: Zuidstraat, Kleerkopersstraat, Nieuwstraat. In Parijs zijn die winkelstraten de rue Saint-Denis en de rue Saint-Martin. Niet alleen het tracée is afgekeken van Parijs, ook de bouw van grote huizenblokken met onderaan winkels en daarop vijf verdiepingen appartementen, elk met een balkon. Alleen zijn die blokken in Parijs enkele etages hoger. De Brusselaars noemden Anspach dan ook een Haussmann met te korte beentjes, un Haussmann au petit pied.

Het was dan ook een Parijse aannemer, Jean-Baptiste Mosnier die deze appartementsblokken in Brussel kwam bouwen. Het werden er een zestigtal. Er staan er nog heel wat. De grond kreeg hij gratis van de stad. Hij bouwde ook het al vernoemde Grand Hotel. De burgerij moest worden overgehaald om zich in de benedenstad te komen vestigen, vandaar dat men niet alleen de appartementen bouwt, maar ook hotels en restaurants. De meeste van die restaurants hadden maar effectief succes vanaf 1890. Ze droegen prachtige namen als Parc aux Huitres, Filet de Sole, Grand Hotel, Taverne de Londres, Café Riche.Ze werden allemaal afgebroken, de laatste eind jaren 1970. De appartementsgebouwen hadden weinig of geen succes. De opvolger van burgemeester Anspach, Charles Buls, schrijft hierover in zijn L’Esthétique des Villes: “In tegenstelling tot de Parijzenaars of de Latijnse volkeren houden wij niet van grote woonkazernes die in appartementen zijn opgedeeld en die aan de lanen en straten van Parijs hun uniforme aanblik verlenen.” En inderdaad, de Franse aannemer ging failliet bij gebrek aan kopers, en Buls kan schrijven: “De enorme huizen die een Franse speculant langs onze centrale lanen heeft gebouwd, hebben hem geruïneerd; onze mensen kwamen er maar niet toe er hun intrek te nemen…” Het zal beteren met de uitvaardiging van de wet op het mede-eigendom, die stelt de Brusselaar gerust dat zijn appartement wel degelijk helemaal van hem alleen is
.
Normaal moest Leopold persoonlijk de lanen komen inhuldigen op 30 november 1871. Dat was zonder het werkvolk gerekend. De week voordien leidt de links-liberaal (de Socialistische partij zal pas vijftien jaar later worden gesticht) Jules Bara een grote betoging en komt het tot woelige incidenten. De Brusselse burgerwacht onder leiding van burgemeester Anspach kan de situatie met moeite meester blijven. Op 29 november 1871, de avond voor de festiviteiten, loopt het echt uit de hand: arbeiders en de studenten van de Vrije Universiteit gaan voor het paleis betogen. Zij onthalen de vorst op een fluitconcert, zingen de Marseillaise, roepen Vive la République en A bas le roi de carton. De koning durft ‘s anderendaags zijn paleis niet uit. Officieel omdat het stortregende.

Op het sluitstuk van de grote centrale laan, waar de Boulevard Centrale zich opsplitste in Boulevard de la Senne (Jacquemainlaan) en Boulevard du Nord kwam later de Anspachfontein met een obelisk – namaak weliswaar uit Zweeds graniet. In 1981 werd ze overgeplaatst naar het eindpunt van de Kaaien achter de Vismarkt. Ook de lange centrale laan werd naar Anspach genoemd.
Via de Anspachlaan lopen we naar de Beurs langs gebouwen die ‘modern’ zijn, dit wil zeggen gebouwd door architecten die inspiratie vonden in een doos met lego-blokjes en hier en daar nog restanten van die grote 19de eeuwse architectuur waar Leopold II van droomde.

De Beuzze, La Bourse

Ik moet u iets bekennen. Als kind dacht ik dat het om een groot openbaar toilet ging. Dat heeft niets te maken met de Brusselse uitspraak van de naam voor dit gebouw, maar omdat als ik, aan het handje van mijn vader daar arriveerden wij beiden altijd dringend moesten pissen. We waren immers onze tocht door Brussel begonnen aan het Rogierplein, in Café Bij Jan van Aolst en daar had mijn vader enkele ‘pjeirekes’ gedronken en ik Spontin. Pjeirekes, paardjes was Horse-Ale een Brussels bier van hoge gisting (zoals nu Palm), later overgenomen door Inbev en Spontin was limonade uit de Walen.
Aan de linker- en rechter kant, onder de twee leeuwen die voor de Beurs staan had je de ingang van prachtige openbare toiletten. Links voor de vrouwen, rechts voor de mannen. Vandaar. Die zijn nu weg. Nu pissen ze in Brussel in portieken en tegen gevels.

LC 5 Beurs2_NEW
En na zaan’k meug en goune ‘k noe de Vismet iene drinke.

(de ‘mini-ring’ is een enscènering door het Kunstenfestivaldesarts;
de oude foto’s komen uit het Brusselse Stadsarchief,
de recente zijn van L.C.)

Entry filed under: Ekonomie, Geschiedenis, Politiek Belgie, Samenleving, toerisme. Tags: , , , , , .

STOP DE NONSENS, MINISTERS Bijltjesdag

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.288 andere volgers


%d bloggers liken dit: