ALLEMAN MOO LEIVE, WIT EN ZWET. KARABOUGIA !

November 11, 2019 at 9:39 am 4 comments

 Door Lucas Catherine

Op 11 november  worden de oudstrijders uit WO I herdacht. Dit is het verhaal van één van de Kongolezen die vochten aan de Ijzer: Simon Lisasi, alias Johny, de man die de Karabougia uitvond.

Herdenking van de Kongolese oudstrijders in Schaarbeek

Nadat België officieel Kongo van Leopold II had overgenomen waren de Kongolezen niet langer onderdaan van de Kongo Vrijstaat maar werden ze Belgisch onderdaan. Vanaf 1909-1910 arriveerden dan ook enkele tientallen Kongolezen in Brussel. Het waren ex-matrozen die gediend hadden op Kongoboten, boys die tijdens de vakantie van de koloniale familie waarvoor ze werkten waren gaan lopen, of ontslagen waren. Ze vestigden zich vooral in de wijk rond de Beurs en op de Vlaamse Steenweg.

Op het nummer 14 van die steenweg, op zo’n vijf huizen van de Kathelijnemarkt ontstond zelfs een soort opvangs- of doorgangs huis. Officieel woonden er François Usekebambola en Antoine Boïmbo, maar er passeerden tientallen Kongolezen die er een tijdje hun intrek namen. Eén van de Kongolezen die er verbleven was Simon Lisasi, bijgenaamd Jo(h)ny. Hij raakte verliefd op een Brussellès, Hermine Van Welde en ze wilden trouwen. Maar dit kon niet want zijn papieren waren niet in orde.

Hij leerde er ook bakker Vos kennen die iets verder op de Vlaamse steenweg woonde, op nr 146. Die fabriceerde guimauves (schuimpjes in het Nederlands) en ook wat men in het Brussels maskesvlies of nonnenbillen noemt. Simon bracht hem op het idee om de brokjes die achterbleven te hergebruiken door ze samen tot een harde, zwarte suikerplaat te bakken die gearomatiseerd werd met anijs. Die werd daarna met een hamer in brokjes geslagen. Het kreeg een swahili-naam karabougia (van kara : brok en bugia : snoep).

Karabougia

Eerst werd het verkocht op de nabijgelegen Kathelijnemarkt. Simon, zeg maar Johny, deed dat heel spectaculair. In de zomer met enkel een strooien rokje en een halsketting van schelpen en hij danste en hij prees zijn waar niet alleen in het Frans aan, maar ook in het Brussels, geleerd van zijn Hermine : Karabougia, Karabougia ! Bolle vi de valling ! Bolle vi den oest. Alleman moo leive, wit en zwet. Karabougia !

Als het kouder werd stak hij zich in kostuum en droeg een bolhoed. Een marktkramer moet opvallen. Hij werkte voor zijn brood ook als mecanicien. Lisasi kreeg veel navolging en na een tijdje werkten er tientallen Kongolese karabougiaverkopers voor Simon Lisasi in opdracht van bakker Vos.

Karabougiaverkoper

Het werd een erg populaire zoetigheid die in Brusselse cafés zal worden verkocht tot in de jaren zestig. Dat iedereen het kende mag ook blijken uit het Kuifjesalbum De Krab met de Gulden Scharen, daarin speelt de boot van kapitein Haddock een hoofdrol en die boot heet, jawel, Karaboudjan. Het werd trouwens ook door Kongolezen verkocht op de markten van de dorpen en de streek rond Brussel.

Toen de oorlog uitbrak werd Simon Lisasi, net als 32 andere Kongolezen oorlogsvrijwilliger. Hij diende ondermeer in het 9de Linie waarmee hij vocht rond Nieuwpoort . Hij vocht ook bij Lombardzijde waar hij gewond raakte en in het militair hospitaal belandde. Daarna werd hij doorverwezen naar het hospitaal in Calais. Het bleek dat zijn longen aangetast waren door de Duitse gasaanvallen.

Gifgasaanval

Na de oorlog keerde hij naar Brussel terug maar zijn oud appartement was nu door anderen bewoond en al zijn bezittingen waren verdwenen. In 1919 was hij één van de medestichters van de eerste vereniging van Kongolezen in België, L’Union Congolaise. Hij trouwde met Hermine en ze vestigden zich in de Spoormakersstraat (bij de Beurs), later in Schaarbeek, waar hij werkte als mecanicien. Hij zal er in 1929  sterven, als gevolg van zijn oorlogsverwondingen.

 

Entry filed under: Afrika, België, oorlog.

MENSAAPJES KIJKEN LEUGENAARS

4 Comments Add your own

  • 1. Claudette Gruwez  |  November 11, 2019 at 9:51 am

    Ik vond het snoep niet lekker maar het verhaal erachter is bijzonder

    Reply
  • 2. Chris SPRIET  |  November 11, 2019 at 10:30 am

    Nu 69 jaar, herinner ik me nog heel goed de Karabougia vanop de plaatselijke kermis.
    Er bestond zelfs een volks versje bij, en dat ging zo:
    ‘karaboeja, karaboeja, karaboeja,
    voor de kela (de keel)
    voor de buuka (de buik)
    voor de gatta (het achterste).’
    Dank voor de opmerkelijke bijdrage.
    CS

    Reply
  • 3. Ferdinand  |  November 11, 2019 at 10:33 am

    Waarom slechts 32 Congolese soldaten van het Belgisch leger in de Eerste Wereldoorlog in België ?

    Zie o.m. :

    https://www.cairn.info/revue-cahiers-bruxellois-2014-1N-page-253.html

    Het karabougia-snoep en de Congolese soldaten in wo1 komen ook aan bod in de installatie ‘Mythen Doorprikken’ die tijdens de maand november vrij te bezoeken is bij Averechts in Halle.

    http://www.dekoloniseerhalle.be

    Reply
  • 4. Thérèse Vanbrabant  |  November 11, 2019 at 10:09 pm

    Wat een heerlijk verhaal!

    Reply

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Trackback this post  |  Subscribe to the comments via RSS Feed


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,637 other followers


%d bloggers like this: