Door Johan Depoortere

Dat de Palestijns-Amerikaanse journaliste Shireen Abu Akleh door de kogel van een Israëlische scherpschutter is gedood lijdt geen twijfel. De onhandige pogingen om daar verwarring over te zaaien hebben de geloofwaardigheid van de Israëlische propagandadiensten tot nul herleid. Dat de anders zo professionele hasbara met een klungelige fake-video de schuld bij de Palestijnen probeerde te leggen en daarna diezelfde video wegens totaal ongeloofwaardig weer moest intrekken toont de paniek in de gelederen. Alles wijst erop dat Abu Akleh met een precisieschot is neergelegd en dat de meerdere schoten die volgden bedoeld waren om eerste hulp te verhinderen. De chef-staf van het leger heeft vrijdagavond toegegeven dat het “zeer goed mogelijk” is dat de dodelijke kogel door een Israëlische soldaat werd afgevuurd. Dichter bij een openbare schuldbekentenis zullen we niet komen.  

Shireen Abu Akleh in de straten van Jeruzalem. Foto Wikicommons

De vraag die overblijft: handelde(n) de Israëlische scherpschutter(s) op eigen initiatief en in een opwelling of was de moordende kogel met – al of niet stilzwijgende – toestemming van hogerhand bedoeld als waarschuwing tegen de Palestijnen, in lijn met de heersende settlerideologie die elke Palestijn als een terrorist beschouwt en Palestijnse journalisten in het bijzonder als vijanden die uitgeschakeld moeten worden. De geloofwaardigheid en het prestige van Abu Akleh bij een internationaal en vooral ook Amerikaans publiek maakten haar voor Israël dubbel hinderlijk. De extreem-zionistische ideologie van de settlerbeweging is niet alleen doorgedrongen tot de kern van de huidige Israëlische regering ze is al jarenlang dominant in het leger waar het gezicht van de journaliste overbekend was. 

Maar de pech voor de Israëlische propaganda bestaat erin dat hun slachtoffer dit keer ook een Amerikaans paspoort bezat. Dat maakt de moord op Abu Akleh wereldnieuws – in tegenstelling tot de dood of de verwondingen van de talloze andere dagelijkse slachtoffers van de zionistische bezetting. De afgelopen drie jaar werden in bezet Palestina volgens Reporters zonder Grenzen 144 Palestijnse journalisten door het leger verwond en drie, onder wie Abu Akleh, gedood. Dat Israël en zijn “meest morele leger ter wereld” daarmee wegkomen heeft tot gevolg dat soldaten die gericht op burgers schieten overmoedig zijn geworden net zoals Israël zelf dat zich als militaire supermacht met de steun van nog steeds het machtigste land ter wereld ongenaakbaar acht.

Toch legt de dood van de journaliste voor het eerst de grenzen bloot van de militaire macht en arrogantie van het zionistische regime. Meer nog dan de moord zelf waren de beelden van de begrafenis van Abu Akleh een eye opener. De ongehoorde en schaamteloze manier waarop militairen in uniform hun slachtoffer een waardige begrafenis ontzegden gaf een zelden geziene klare inblik in de mentaliteit van een bezetter die zelfs voor de doden geen minimum aan respect kan opbrengen.

Aanval op de begrafenisstoet. Foto Wikicommons

Geweld is de kern van de zionistische ideologie schrijft de Frans-Joodse schrijver Sylvain Cypel in L’Etat d’Israël contre les Juifs. Als geweld niet werkt, gebruik dan méér geweld is een populaire slogan in leidende zionistische kringen. De koloniale opvatting dat de gekoloniseerde bevolking alleen de “taal van het geweld” begrijpt is wijd verspreid onder de Joods-Israëlische bevolking. “In het Midden-Oosten zoals elders in de wereld is er geen plaats voor de zwakken,” zei Benjamin Netanyahu tegen een verzameling van zijn diplomaten in 2018. Deze opvatting werd gekristalliseerd in de zogenaamde “Dahiyadoctrine” die van “oorlogsmisdaden tegen burgers de officiële strategie maakt in de strijd tegen het terrorisme.” De Dahiyadoctrine is genaamd naar de wijk in Beiroet waar zich het hoofdkwartier van Hizbollah bevond en die Israël in 2006 tot een hoop as reduceerde. Het is dezelfde doctrine die Vladimir Poetin, zij het onder een andere naam, in staat stelde om de Tsjetsjeense hoofdstad Grozny met de grond gelijk te maken en die Bashar-Al-Assad inroept om de aanvallen tegen zijn eigen volk te rechtvaardigen.  

Behalve op militaire macht steunt Israël op de mythe van de dappere kleine David tegen een overmachtige Goliath die op vernietiging van de zionistische staat uit is. Het Israëlische Ministerie van Strategische Zaken – in werkelijkheid het ministerie van Propaganda – besteedt jaarlijks miljoenen dollars en duizenden man/vrouwuren om de mythe in stand te houden. De gebeurtenissen van de afgelopen dagen en de schokkende beelden van de begrafenisstoet in Jeruzalem maken deze gigantische inspanningen futiel. Ze halen het imago van Israël als underdog definitief onderuit. Ze tonen in tegendeel een tot de tanden gewapend regime dat voor niets terugdeinst om de koloniale macht te behouden over bijna de helft van de bevolking die het controleert tussen de Middellandse Zee en de Jordaan. Het is de nachtmerrie van de zionistische elite dat een toenemend deel van de wereldopinie en meer bepaald steeds meer vooral jonge Joodse Amerikanen niet langer bereid zijn Israël het voordeel van de twijfel te gunnen.  

Johan Depoortere

15 mei 2022