Archief beheerder

TWEE KEER VERMOORD

Soms zie ik een krantenbericht dat mijn bloed doet koken en me doet tandenknarsen van plaatsvervangende schaamte. Zoals dit in Het Laatste Nieuws van gisteren:

 

Beschonken jongeren slaan dakloze dood in Brussel, maar moeten niet naar gevangenis

 

Drie jonge mannen die in december 2014 een dakloze zo hard toetakelden dat de man het niet overleefde, hebben van de correctionele rechtbank in Brussel straffen met uitstel gekregen. Zolang ze geen nieuw misdrijf plegen, moeten ze dus niet naar de gevangenis.

 

De daders: drie blanke jongeren. Het slachtoffer: een dakloze van Congolese origine. Hij werd twee keer vermoord; eerst door racistische jongemannen, dan door racistische rechters die zijn leven waardeloos verklaarden. Je waant je in de Amerikaanse Old South waar je voor het vermoorden van een “nigger” hoogstens een tikje op de vingers kreeg. Wat een vreselijk signaal geven die rechters. Een vrijbrief is het voor geweld tegen anders gekleurden. Stel je voor dat die jongelui een rechter hadden doodgeslagen. Welke straf hadden ze dan gekregen? De geest van Leopold II is alive and well in Brussel.

Ik kan alleen maar hopen dat deze schandelijke uitspraak enorm veel protest zal uitlokken.

Tom Ronse

juni 14, 2018 at 6:57 am 2 reacties

DAAR GAAN WE WEER

juni 14, 2018 at 6:56 am 1 reactie

HET NUT VAN GESCHIEDENIS

Na het overlijden van Jef Coeck hebben we even getwijfeld of we dit salon nog wel open zouden houden. Jef was medestichter, bedenker van de naam en wellicht ook de meest dynamische barkeeper van het salon. Na overleg concludeerden we dat het nog steeds een reden van bestaan heeft. Hopelijk vinden onze lezers en zij die in het verleden bijdragen leverden dat ook. Jef zou vermoedelijk akkoord gaan. Het hier volgende essay is aan hem opgedragen.

 

HET NUT VAN GESCHIEDENIS

Opgedragen aan Jef Coeck 

Memorial for Peace and Justice in Montgomery, Alabama

Door Tom Ronse

Soms stel ik me een wereld voor waarin de onwetendheid over wat er vroeger gebeurd is niet zo groot zou zijn. Hoe anders zou die er uitzien?

 

1. Het heilige Amendement

Elke Amerikaan kent “the Second Amendment” dat van het bezit van wapens een grondwettelijk recht maakt maar weinigen weten hoe het tot stand kwam. Waarom vonden de “founding fathers” van de jonge republiek het zo nodig dat ze het de tweede plaats gaven in “the Bill of Rights”, vlak na het recht op vrije meningsuiting? Was de pioniersgeest de reden, de nood om de gevaren van het nog ongetemde land te trotseren? Was het de vrees voor een tiranniek centraal gezag die, zo kort na de bevrijding van de autocratische Britse heerschappij, nog zeer levend was?

Al die factoren speelden een rol maar wat de doorslag gaf was de druk van de zuiderse staten. Die zochten grondwettelijke bescherming tegen de mogelijkheid dat het Kongres, als het snel groeiende noorden er de plak zou zwaaien, hun slavenpatrouilles zouden verbieden. In de meeste noordelijke staten was slavernij toen ook nog legaal maar de economie was er niet op gebaseerd. De oppositie ertegen nam toe. In Massachusetts was ze al afgeschaft. In de zuiderse plantage-economie daarentegen was de slavenarbeid essentieel. In Virginia, de staat van James Madison en Patrick Henry die een grote invloed hadden op de formulering van de grondwet, bestond 42% van de bevolking uit slaven. Om die in het gareel te houden organiseerden alle zuiderse staten slave patrols, milities die permanent patrouilleerden, loslopende zwarten controleerden en jacht maakten op ontsnapte slaven. Het second amendment verantwoordt het recht op wapenbezit dan ook vanuit de noodzaak van milities. De volledige tekst luidt: A well regulated militia being necessary to the security of a free state, the right of the people to keep and bear arms shall not be infringed.

 

2. Meesters?

De kennis over die tijd beperkt zich veelal tot enkele mythes, anecdotes en simpele verhalen. Niet alleen in de VS. In Knack Focus van 18 april vertelt columnist PB Gronda het verhaaltje aldus: “Als ik aan de klas van mijn dochter zou moeten uitleggen hoe de zelfstandige Verenigde Staten zijn ontstaan, dan zou ik kunnen vertellen hoe de oorspronkelijke bevolking van Indianen veel pijn werd gedaan en dan vervangen werd door gedwongen nieuwkomers uit Afrika en uitgenodigde nieuwkomers uit Europa. Die laatsten kregen land en werden meesters, de anderen kregen kettingen en werden slaven”. En dat verklaart volgens Gronda de realiteit van vandaag.

Akkoord, PB wil het niet te ingewikkeld maken, zijn dochter is wellicht nog heel jong, maar dit is toch wel heel kort door de bocht. Zijn grootste fout is de bewering dat de nieuwkomers uit Europa “uitgenodigd” waren, land kregen en meesters werden. In werkelijkheid was het voor de meesten onder hen ook een gedwongen overtocht, in condities die nauwelijks beter waren dan die van de slaven. De meerderheid van de blanken die tijdens de koloniale periode naar Amerika emigreerden waren indentured servants. De agrarische revolutie in Groot-Brittannië die gepaard ging met een privatisering van de gemeenschappelijke grond en de massale onteigening van kleine boeren, had een groot menselijk overschot doen ontstaan dat naar de kolonies verscheept werd. Sommigen werden gedwongen, anderen vertrokken vrijwillig omdat het water hen aan de mond stond. Voor hun reis betaalden ze met tijdelijke, contractuele slavernij. Voor een periode, meestal van vijf à tien jaar, werden ze iemands slaaf. Die mocht hen desgewenst afbeulen, straffen, afranselen, verkrachten,hun vrije tijd controleren, hen aan een andere baas verkopen. Als ze wegliepen werd jacht op hen gemaakt. Vrouwen die zonder toestemming zwanger werden, moesten twee jaar langer dienen. En als de termijn verstreken was, kregen ze dan land, werden ze meesters? Hoogstens kregen ze een lapje onvruchtbare grond en verder een aalmoes en een trap onder de broek. De meesten bleven arm, ter plaatse trappelend op de tweede laagste sport van de sociale ladder. Net boven de slaven.

Hun nakomelingen staan daar nog altijd. Velen van hen stemden voor Trump. Want die heeft begrepen wat president Johnson een halve eeuw geleden opmerkte: “Als je de laagste blanke man kunt overtuigen dat hij beter is dan de beste kleurling, dan zal hij het niet merken dat je hem besteelt. Geef hem iemand om op neer te kijken en hij maakt zijn zakken leeg voor u.”

 

3. Een monument tegen het vergeten

Na de burgeroorlog waren de slaven vrij maar dat is eigenlijk ook een mythe. De terreur waaronder de zwarten in de zuiderse staten gebukt gingen, werd nog intenser omdat wraakgevoelens meespeelden. De nederlaag in de oorlog waarin meer dan 300 000 zuiderlingen omkwamen, smaakte bitter. De ex-slaven moesten het ontgelden. De slavenpatrouilles waren afgeschaft maar dat betekende enkel dat ze niet meer door de staten werden georganiseerd. Het waren nu privé-milities maar niet zelden werden ze geleid door de plaatselijke sheriff of politiechef. De Ku Klux Klan was een rechtstreekse erfgenaam van de slavenpatrouilles.

 

In Montgomery, de hoofdstad van Alabama, werd op 26 april een aangrijpend monument onthuld.

In het midden van dit National Memorial for Peace and Justice is een wandelgang waarin 800 stalen zuilen aan het plafond hangen. Op elke zuil staat de naam van een plaats waar zwarten publiek gelyncht werden, alsook de namen van de slachtoffers en een korte beschrijving van hun “misdaden”. Parks Banks, gelyncht in Mississippi in 1922 omdat hij een foto van een blanke vrouw op zak had. Caleb Gadly, gelyncht in Kentucky in 1894 omdat hij “achter de vrouw van zijn blanke baas wandelde”. Mary Turner die protesteerde toen haar man werd gelyncht, werd aan haar voeten opgehangen en verbrand, waarna haar buik werd opengesneden zodat haar ongeboren kind op de grond viel. Enzovoort. Eerst wandel je tussen de zuilen, de tekst op ooghoogte, maar de vloer buigt omlaag zodat je uiteindelijk onder de zuilen staat, in dezelfde positie als de toeschouwers van een lynchpartij. Dat was een feestelijke gebeurtenis, te zien aan de foto’s van toen.

 

Lynching in Indiana 1930

Die foto’s en nog veel meer zijn te zien in het Legacy Museum dat bij het monument hoort. Het is gevestigd in een gebouw waar slaven werden verhandeld. In Montgomery zijn er nog tal van monumenten die de (pro-slavernij) zuiderse confederatie eren en die worden onderhouden door de stad. Het nieuwe Memorial en museum daarentegen zijn een privé-initiatief van het Equal Justice Initiative (EJI), een organisatie die zich inzet tegen raciaal onrecht.

De EJI documenteerde meer dan 4400 lynchings van zwarten tussen 1877 en 1950 maar het werkelijke aantal ligt wellicht veel hoger. Ophanging was overigens slechts een van de straffen die opstandige zwarten “verdienden”.

Verbranding, Omaha 1919

 

In een grasveld bij het Memorial liggen 800 identieke zuilen. Die zijn niet bedoeld om daar te blijven. De 800 gemeenten waar lynchings plaatsgrepen werden uitgenodigd om elk zo’n zuil op een publieke plaats te installeren, om zo hun bereidheid te tonen om hun verleden te confronteren. Tot nu toe heeft geen van hen de uitdaging aangenomen.

Het museum gaat niet enkel over lynchings. Het vertelt een verhaal dat gaat van het begin van de slavenplantages tot vandaag. De thesis is dat de slavernij niet verdween maar evolueerde. Van de legale slavernij naar de lynching-terreur en via de segregatie (Amerikaanse Apartheid) naar de periode van massale opsluiting van jonge zwarten en politiebrutaliteit. Niet dat er geen verbetering is maar er is ook continuiteit. Die wordt onzichtbaar als men de geschiedenis vergeet. “Onze geschiedenis van raciale onrechtvaardigheid werpt een schaduw over heel het Amerikaanse landschap”, zegt Bryan Stevenson, de directeur van EJI. “Die schaduw kan niet verdwijnen tot we het licht van de waarheid laten schijnen op het verwoestend geweld dat ons land heeft gevormd.”

 

4. Kanye’s “nieuw idee”

Iemand die duidelijk een geschiedenisles kan gebruiken is de hiphop mega-ster Kanye West die onlangs wereldnieuws maakte met zijn boude bewering dat slavernij “een keuze” was. Dat ging zelfs voor vele van zijn trouwste fans te ver. “Eens te meer word ik aangevallen vanwege mijn nieuwe ideeen”, pruilde Kanye. Alsof beweren dat een slachtoffer van geweld zijn of haar situatie aan zichzelf te wijten heeft, een nieuw idee is. Het is een idee dat al vaak gepropageerd is, zij het nooit door de slachtoffers zelf.

Kanye West met vriend

Harriet Tubman

Het is een idee dat steunt op mythes, niet op feiten. Zoals de mythe van de “happy slave” waarin de slaven het niet zo slecht hebben, niet naar vrijheid verlangen en zich dus ook niet verzetten. In tal van boeken en films (Gone With the Wind) werd de happy slave opgevoerd. Ook vandaag nog wordt deze mythe opgerakeld op de websites van de alt-right. Kanye West is er blijkbaar ook ingetrapt. Hij verdedigde zich door Harriet Tubman te citeren, de vrouw die vele ontsnapte slaven hielp vluchten naar het noorden: “I freed a thousand slaves but I could have freed a thousand more if only they knew they were slaves.” Volgens de fact-checking site Snopes is er geen enkel bewijs dat Tubman dit ooit gezegd heeft.

 

Een tweede mythe waarop Wests “nieuw idee” steunt, is The American Dream. De mythe dat iedereen in dit “land of opportunity” door wilskracht en hard werk die droom kan waarmaken, dat opwaartse sociale mobiliteit in ieders bereik ligt. Dus als je arm en onderdrukt bent, dan kies je daarvoor, dan is het je eigen fout. Een berg van research (o.m. Thomas Piketty’s Capital) spreekt die mythe tegen. Op enkele uitzonderlijke periodes na bleef de de sociale mobiliteit in de VS zeer klein. De rijken erfden hun rijkdom en de armen erfden hun armoede. Natuurlijk zijn er voorbeelden van “rags to riches” – verhalen, van mensen die met groot sukses de sociale ladder beklommen. Er zijn ook veel mensen die in de loterij wonnen. Dat betekent niet dat de overgrote meerderheid die weinig of niets won, daarvoor koos.

Voor West is alles een keuze. “They cut out our tongues so we couldn’t communicate to each other. I will not allow my tongue to be cut”, tweette hij op 1 mei. Alsof de slaven wiens tong werd afgehakt de mogelijkheid hadden om dat niet toe te laten.

Dat brengt ons naar de derde mythe die Kanye’s denkwereld kleurt: de mythe dat de slaven kozen om zich niet te verzetten. In werkelijkheid was er hevig verzet, van in het begin. Van de 17de tot de 19de eeuw waren er 250 slavenopstanden, in noord-Amerika alleen al, en talloze sabotagedaden.

Maar ze werden niet massaal, zelfs niet in kolonies zoals de Carolinas waar slaven de meerderheid vormden. Dat had vele redenen. De meeste slaven leefden op geisoleerde plantages; de communicatie tussen hen was verboden. Ze mochten niet leren lezen. Sommige slaven hadden iets te verliezen. De “house slaves” hadden het heel wat beter dan de “field slaves”. En er was een alternatieve vorm van verzet: weglopen. Duizenden slaven ontsnapten naar noordelijke staten en Canada.

De ultieme reden was dat vele slaven bang waren. In die zin had West gelijk: “it was a mindset”. Maar die angst was geen lafheid. Ze was niet dom of irrationeel. Ze steunde op de kennis die de slaven hadden, van de brutaliteit van hun meesters, van het overwicht dat de blanken hadden in vernietigingskracht. Op de rationele overweging dat de opstand gedoemd was om te mislukken. Dat laatste is wel wat men in het Engels a self-fulfilling prophesy noemt: een voorspelling die er zelf mede-oorzaak van is dat ze uitkomt. Wie de opstand niet vervoegt, draagt bij aan haar nederlaag.

Toch is die conclusie redelijk: zelfs een massale slavenopstand zou in een bloedbad geeindigd zijn. De enige mogelijke weg naar een overwinning was een gezamelijke opstand van de onderdrukten, een verbond tussen slaven en arme blanken. Aanvankelijk was er veel contact en wederzijdse hulp tussen beide groepen. Al in 1674 vochten honderden samen tegen hun heersers in de “Bacon’s Rebellion”. De gouverneur van Virginia moest vluchten en Engeland stuurde een leger van duizend soldaten om de orde te herstellen. De blanke opstandelingen kregen amnestie, de zwarte werden opgehangen.

Een opstand van slaven en arme blanken tijdens de burgeroorlog, geportretteerd in de film “The free state of Jones”

De angst voor een nieuwe blank-zwarte opstand leidde tot de institutionalisering van racisme. Allerlei wetten en regels werden ingevoerd om het sociaal contact tussen de rassen te verbieden en de status van arme blanken te verheffen boven die van zwarten.

5. Tenslotte

Zou het een verschil maken als wapenfanaten zouden beseffen dat hun geliefde Second Amendment diende om de slavernij te beschermen? Zouden de raciale verhoudingen in de VS harmonieuzer zijn als er een bredere kennis zou bestaan over hoe de erfenis van de slavernij zijn stempel blijft drukken op de Amerikaanse maatschappij? Zouden blanke armen zich afkeren van Trump als ze zouden beseffen hoe ze gemanipuleerd worden om anders gekleurden als vijanden te zien in plaats van als bondgenoten? Zou Kanye West minder domme dingen zeggen als hij de geschiedenis van zijn voorouders zou kennen?

Kennis van de geschiedenis is misschien niet voldoende. De wil om haar erfenis te confronteren moet ook aanwezig zijn. Onwetendheid kan een keuze zijn, als de mythe aantrekkelijker lijkt dan de werkelijkheid. Maar kennis van het verleden is wel een broodnodig begin voor wie wil vechten voor een betere wereld. William Faulkner, de grootste schrijver van Mississippi, zei het best: “Het verleden is nooit dood. Het is zelfs niet verleden”.

mei 21, 2018 at 11:53 pm 3 reacties

CANNABIS IN DE WINKEL

Eeen cannabiswinkel in Los Angeles

Door Jacqueline Goossens

Staat per staat lijken de VS goed op weg om cannabis te legaliseren. Maar ondanks haar progressieve reputatie hinkt New York op dit vlak achterop. De bestraffing is wel ietwat versoepeld: voor het bezit of gebruik van marihuana riskeer je nu een boete in plaats van gevangenis. Maar als je meer dan 23 gram bij hebt of herhaaldelijk betrapt wordt kun je nog wel weken achter tralies belanden. Nochtans is het kruid goed ingeburgerd in New York. Het valt bezoekers op hoe vaak ze het ruiken tijdens hun wandelingen. Niemand maalt er om.

Toch houdt ook de huidige ‘progressieve’ burgemeester De Blasio vast aan de oude marihuana-wetten. Niet uit bekommernis voor de volksgezondheid maar omdat de politie insisteert dat die wetten nodig zijn als instrumenten voor de orderhandhaving. Ze geven het excuus om controles uit te voeren en te intimideren.  Dat doet de NYDP, zo blijkt uit een recent rapport, vooral in de armere wijken van de stad. Zwarten en latino’s lopen tien keer meer kans om voor marihuana-bezit of gebruik gearresteerd te worden dan blanken, hoewel blanken het kruid niet minder consumeren dan anders gekleurden.

Dit rapport bewoog de New Yorkse gemeenteraad er vorige donderdag toe om een wet goed te keuren die de NYPD opdraagt om elk kwartaal het aantal boetes en arrestaties voor marihuana, per wijk en per ras, te rapporteren.  Hopelijk zal dit de politie aanmanen om zich wat minder als een bezettingsleger te gedragen in de armere buurten.

Tijdens ons recent bezoek aan California zagen we een ander cannabis-beleid. Het kruid is er legaal, je mag zelf zes planten kweken en een voorraad voor eigen gebruik bezitten en zelfs connoisseurs vinden hun gading in de keurige cannabis-winkels, tenminste in de grotere steden. Stel je geen situatie voor zoals de coffee shops-wildgroei destijds in Nederland. Dit is een bovengrondse, gereglementeerde markt, gerund door goed georganiseerde bedrijven. Er zijn al heuse ketens ontstaan zoals Medmen wiens reclame je al op de luchthaven van Los Angeles toelacht en die handig dichtbij die luchthaven een filiaal heeft. Toen we dat bezochten werden we meteen bij de hand genomen door een winkelbediende die ons wegwijs maakte in het duizelingwekkende aanbod. Voor elke kwaal, voor elke stemming was er een cannabis-product voorhanden. Er was zelfs cannabis voor honden.

Op elk product staat het gehalte THC en CBD. Het eerste is psycho-actief, het tweede kalmeert, ontspant de spieren en mildert pijn en misselijkheid. Je kunt het kopen in de vorm van gedroogde bloemen (marihuana), hars (hasj) maar ook koekjes, snoep, chocolade en frisdrank, olie, spray, druppels voor onder de tong en nog veel meer.

Die druppels hielpen voor een goede nachtrust zonder kater achteraf.  Ze bleken ook te werken tegen misselijkheid op kronkelende bergwegen.

Ik zag onlangs een standup comedian die het betreurde dat de legalisering van cannabis de subversieve romantiek van de drugcultuur kapot maakt. De magie verdwijnt, ze werd opgeslokt door de markt. Cannabis werd een product als een ander. Je kunt aandelen kopen in Medmen, het is wellicht een goede belegging.

Het is misschien jammer voor de romantiek maar een minder repressief beleid zoals in California lijkt me een stap vooruit.

 

maart 25, 2018 at 4:47 am 1 reactie

OPEN GRENZEN!

Tom Ronse

Niemand, ook niet ter linkerzijde, pleit voor open grenzen, lees ik herhaaldelijk in reacties op Bart De Wevers beruchte opiniestuk over migratie. “Misschien dat u hier of daar nog een overjaarse anarchist kan opduikelen maar dat is het dan ook”, aldus Louis Tobback in De Morgen. Noem me een overjaarse anarchist zo u wil maar hier volgt een dissonante noot in dat eenstemmig koor. Een pleidooi voor, onder meer,  open grenzen.

De Wever verwijt links hypocrisie maar hij is zelf hypocriet. Hij beroept zich op de ‘gouden regel’  -behandel je naaste zoals je zelf zou willen behandeld worden- maar voegt er snel aan toe: “Maar hoe nabij moet die naaste zijn?” Hij beweert “oprecht moreel mededogen” te voelen maar … ‘grenzen bakenen onze impliciete solidariteit af’. Mededogen dat stopt aan de grens is een pleidooi om mensen die vluchten voor oorlog en honger te laten verdrinken in de zee en op te sluiten in kampen en gevangenissen zoals nu al volop gebeurt. Het is helemaal geen mededogen. Barts vriendin heet Tina, kort voor “There is no alternative”.  Het verhaal: de harde Francken-politiek is de enige mogelijke, anders ontstaat er een aanzuigeffect dat ons zal overrompelen, dat chaos en sociale afbraak zal veroorzaken. Intussen helpt zijn partij de sociale afbraak organizeren. Uit mededogen met onze eigen landgenoten  ongetwijfeld.

Links replikeert dat er een gulden tussenweg is tussen het cynisch standpunt van De Wever en het utopisch lijkende idee van ‘open grenzen’. Volgens links is er wel degelijk financiële ruimte om een meer sociaal beleid te voeren, om vluchtelingen een menswaardige opvang te geven. Het aanzuigeffect kunnen we bestrijden door  de economische  ontwikkeling te bevorderen in de landen waar de migranten uit wegvluchten, door informatiecampagnes om hen te overtuigen dat hen hier ook alleen maar ellende wacht en door een buitenlands beleid te voeren dat oorlog ontmoedigt in plaats van zoveel mogelijk wapens te proberen verkopen en bommenwerpers naar het Midden Oosten te sturen.

Maar links maakt het er zich al te gemakkelijk van af. Laat ons iets verder kijken dan onze neus lang is naar de trends die de evolutie van de wereld bepalen en dus ook de kontekst van het debat over migratie.

 

Perfect storm

Ten eerste: automatisering. Die dient om arbeidstijd uit te sparen. Het kan dan ook niet anders dan dat veel arbeidspotentieel overbodig wordt. De informatica-omwenteling  integreert en stoot uit. Alles wordt deel van de globale markt, wat we consumeren is het product van een global assembly line. Tegelijk is er een uitstotingsproces: de global assembly line wordt steeds automatischer, steeds efficienter. Miljoenen worden ‘nutteloos’ en hebben niet langer een pre-kapitalistische economie om op terug te vallen. Dit is nu al de realiteit in vele landen in de periferie waar de effectieve werkloosheid meer dan 50 % bedraagt. Wat niet wil zeggen dat die al werklozen niet werken. Als je tien uur per dag aan een kruispunt snoep en sigaretten staat te verkopen heb je ook een zware werkdag.

Ten tweede: een nieuwe, diepe recessie is hoogstens enkele jaren ver. De schuldenberg zal blijven groeien. In het Engels zeggen we: they kicked the can down the road. Ze schopten het blik wat verder de straat op en deden alsof het weg was. De schulden groeien omdat er, globaal genomen, niet genoeg winst wordt gemaakt. Winstpotentieel bepaalt in onze maatschappij wat geproduceerd wordt. De schuldengroei is nodig om de boel draaiend te houden, om de winstmarge te onderstutten. Daarom hebben de financiële autoriteiten op de great recession van 2008 –die zelf door schuldenlast in gang werd getrapt-  gereageerd door vele biljoenen dollars, euros, yens, RMBs, etc. in de banken en grote bedrijven te pompen en door de rentevoet tot bijna nul te duwen. Dat laatste was een cruciale factor in de huidige heropleving (de zwakste weliswaar sinds de tweede wereldoorlog)  want de lage rentekost maakt krediet bijna gratis. Niet voor iedereen natuurlijk.  Maar rijken konden makkelijk rijker worden door spotgoedkoop geleend geld in de beurs te investeren. De regel – lage rente voor de rijken maar hoge rente voor de armen- is logisch, aangezien lenen aan armen een groter risico inhoudt. Dat geldt zowel voor individuen als voor landen. Het is dus ook logisch dat de kloof tussen rijk en arm steeds groter wordt. En dat landen een harde concurrentiestrijd moeten voeren om kapitaal aan te trekken, door hun sociale lasten te verminderen en fiscale premies te geven.

Maar onvermijdelijk komt ook de lage rente van de rijken onder druk te staan.  De spanning tussen de groeiende schuldverplichtingen en de dalende winstverwachting maakt dan een nieuwe inzinking onvermijdelijk.  Omdat de schuldenlast van bedrijven en regeringen nu veel groter is dan in 2008 zal de recessie wellicht dieper zijn.  Hoe ver de kettingreactie van failissementen zal gaan valt moeilijk te voorspellen. Maar zeker is dat, op alle markten, de zwakste concurrenten de hardste klappen zullen krijgen.

Ten derde: klimaatrampen zullen toenemen. Er iets wezenlijks aan doen kost te veel, dat wil zeggen, het is niet winstgevend. Aangezien de economie op winst en concurrentie gebaseerd is, kunnen we niets meer verwachten dan holle verdragen, en windmolens, zonnepanelen en electrische auto’s als pleisters op een etterend been. We weten heel goed dat een drastische globale verandering in productie en consumptie nodig is om te voorkomen dat de levens van miljoenen door klimaatverstoring zullen ontwricht worden maar we kunnen enkel handenwringend toekijken terwijl het drama zich ontvouwt.

Ten vierde: oorlogen zullen niet verdwijnen, integendeel. De ontwrichting, veroorzaakt door economische krisis en klimaatrampen,  schept opportuniteiten voor kleine en grote imperialisten, voor kriminelen, voor war lords en grootmachten. Droogte en overstromingen doen conflicten ontstaan over schaarse middelen.  Massale werkloosheid zorgt voor een overvloedig aanbod van kanonnenvlees.

 

Neem die vier factoren samen en je hebt het recept voor een perfect storm. Een storm die ook in de rijkere landen tot sociale afbraak zal leiden (om de winstmarge te onderstutten, om kapitaalvlucht tegen te gaan) en in de armere landen miljoenen zal doen vluchten. De gelijktijdigheid van de stijgende verarming en de komst van steeds meer migranten zal door rechts worden aangegrepen om het eerste voor te stellen als het gevolg van het tweede. Door het tweede te bestrijden zal men niet alleen de indruk wekken dat men iets doet aan het eerste maar ook kiezers  paaien die voor hun ontevredenheid een zondebok zoeken. Links, zo mogen we hopen, zal dat cynische spel niet meespelen. Maar het zal ook duidelijk worden dat links inderdaad geen alternatief heeft. Linkse regeringen zullen net als rechtse de sociale uitgaven verlagen en hardere maatregelen nemen om migranten buiten houden. Misschien minder extreem, meer druppels plengend op de gloeiende plaat, maar het verschil zal vooral rethorisch zijn. Kijk naar de linkse Syriza-regering in Griekenland, die doet in wezen niets anders dan de rechtse regering die haar voorafging: de bevelen van de kapitaalbezitters uitvoeren.

In Bart De Wevers opiniestuk krijg je de indruk dat die storm nu al woedt. In de filmversie stel ik me Bart voor, rechtstaande in reddingsboot “De Natiestaat”, met zijn roeispaan kloppend op de vingers van de drenkelingen die zich aan de bootrand vastklampen.  Links probeert hem in te tomen, bewerend dat er nog wel degelijk plaats is in de boot. Maar er zijn zoveel drenkelingen… de triage wordt steeds moeilijker. Geen van beiden vraagt zich af wat de storm veroorzaakt.

We zijn eraan gewend dat de economie, net als het klimaat, wordt voorgesteld als een kracht die ons van buitenaf overkomt. Die we wel kunnen proberen manipuleren maar waar we uiteindelijk aan onderworpen zijn. Dat bakent de politieke ruimte af, dat zet de parameters neer van het debat tussen links en rechts. We kunnen slechts doen wat de economie mogelijk maakt om te doen.  Als het slecht gaat, met de economie of het klimaat, kunnen we niets anders dan schuilen, wachten tot het overwaait en een traan plengen voor diegenen die geen schuilplaats vinden. We vergeten dat de economie door mensen wordt gemaakt en door mensen kan worden veranderd. Dat mensen kunnen beslissen om de economie te onderwerpen aan hun noden, in plaats van hun noden te onderwerpen aan de archaische spelregels van de economie. De sociaal-democratische opiumpijp fluistert dat we allebei tegelijk kunnen doen.

 

De fundamentele Tina

Dat is de kern van de zaak: de perceptie dat de huidige manier om aan de menselijke noden tegemoet te komen, de enige mogelijke is. Dat productie en consumptie wel moeten steunen op kopen en verkopen van arbeidstijd en van al de rest. Dat het hoofddoel van de maatschappij niets anders kan zijn dan kapitaal doen groeien, ongeacht de gevolgen voor het welzijn van de mensheid.  Want dat gedrag is ingebakken in de menselijke natuur, zoals  Adam Smith beweerde. Ook al is de door de markt georganiseerde economie nog maar enkele honderden jaren oud en ontstond ze slechts op één subcontinent, toch lijkt ze voor de eewigheid bestemd. Volgens Francis Fukoyama hebben we “het einde van de geschiedenis” bereikt.  Vanaf nu zijn enkel variaties op het vaste thema mogelijk.  Buiten dit kader is er niets, behalve  onefficiente  staatskapitalistische dictatuur. Dat is de ‘Tina’ waar rechts en links voor buigen. De gevolgen moeten we aanvaarden als  “het nieuwe normaal”, ook als een groot deel van de wereld erdoor dreigt te vergaan.

Een onbevooroordeelde buitenaardse bezoeker die onze wereld zou verkennen, zou ons gek verklaren. Hij zou het absurd vinden dat bij ons 81,2 procent van het globale inkomen naar de rijkste 20 procent van de bevolking gaat terwijl de armste 40 procent het met 3,8 procent moet stellen. En dat de rijkste één procent, wiens inkomen even groot is als dat van de armste 53 procent (3,5 miljard mensen), zij die meer bezitten dan wat ze in duizenden jaren zouden kunnen uitgeven, koortsachtig blijven streven naar meer bezit. En dat wij geloven dat die pathologische bezitsdrang noodzakelijk is om de maatschappij in stand te houden.

Hij zou niet begrijpen dat we onze ecologie kapot maken, dat we weten dat we het doen maar niet kunnen stoppen.

Hij zou onbeschrijfelijk veel pijn in onze wereld aantreffen en wat zijn hart zou breken is dat zoveel van die pijn vermijdbaar is.  Dat miljoenen omkomen door geneesbare ziekten, dat miljoenen van honger vergaan terwijl we gigantische hoeveelheden voedsel weggooien, dat miljarden in slums wonen terwijl wij, in plaats van hen huisvesting te geven, steeds meer wapens maken en hele steden verwoesten, dat bij ons de enen zich moeten kapot werken en de anderen gedwongen worden tot niets doen, dat onze economie met overproductie kampt terwijl de ongelenigde noden zo groot zijn…

En de enige uitleg die we hem zouden geven is alweer Tina, there is no alternative, iets anders kunnen we ons niet voorstellen.

 

Imagine

Een wereld zonder geld, zonder oorlogen, zonder criminaliteit, zonder honger, zonder grenzen, een wereld voor iedereen, dat tart de collectieve verbeelding. Alleen Tobbacks overjaarse anarchist gelooft dat het kan. En John Lennon, wiens anthem “Imagine” nog vaak gespeeld wordt. Maar misschien luistert men niet goed naar de tekst:

Imagine there’s no countries
It isn’t hard to do
Nothing to kill or die for
And no religion, too
Imagine all the people
Living life in peace…

Imagine no possessions
I wonder if you can
No need for greed or hunger
A brotherhood of man
Imagine all the people
Sharing all the world…

Is het echt onvoorstelbaar dat we samen, op lokaal en globaal vlak, zouden overleggen wat we maken en er voor zorgen dat niemand op aarde nog honger lijdt of verstoken blijft van ziektezorg, huisvesting en andere nodige voorzieningen, dat het natuurlijk milieu hersteld wordt, en dat we er een prioriteit van maken om produceren zo aangenaam mogelijk te maken?  Dat we dit kunnen zonder geld, zonder grenzen, zonder logge bureaucratie omdat mensen, bevrijd van de dwangbuis van geld verdienen en winst maken, een ongelooflijke creativiteit aan de dag zullen leggen? Dat vele miljoenen die nu hun bestaan als zinloos ervaren er heel veel zin in zullen krijgen?

Daar valt nog veel meer over te zeggen maar misschien heb je al hoofdschuddend geconcludeerd dat mijn visie radicaal, extremistisch  en utopisch is. Radicaal is ze zeker. Het woord komt, zoals Bart DW kan bevestigen, van het latijnse “radix”, wortel. Daar is het inderdaad waar het probleem zit, het volstaat niet om te proberen de rotte vruchten weg te snoeien. Extremistisch? Kijk om u heen: de extremisten zijn al aan de macht.  Utopisch? Is het niet eerder utopisch om te verwachten dat de huidige  maatschappijvorm zich eindeloos kan in stand houden, dat het zijn toenemende contradicties kan bllijven overleven?

Je mag me een dromer noemen, zong John Lennon.

 

But I’m not the only one
I hope someday you’ll join us
And the world will live as one

februari 15, 2018 at 10:22 pm 6 reacties

MERKWAARDIGE BLOVELS

Yuko Shimizo

Door Tom Ronse

Dit is de veertiende en wellicht laatste aflevering in de serie “Heeft het gedrukte boek nog een toekomst?” De vorige aflevering vind u HIER.

Voor wie de vorige aflevering niet gelezen heeft: blovels zijn romans of novellen die in afleveringen gepubliceerd worden op een blog, al dan niet door meerder auteurs geschreven. De blovel bloeide in het eerste decennium van deze eeuw maar het enthousiasme voor dit formaat is sindsdien danig bekoeld. Dat wil niet zeggen dat er geen blovelaars meer zijn.  Wie zoekt, vindt ze op het web nog heel wat auteurs die in blogvorm literatuur produceren. Omdat ze in het traditionele literaire circuit van tijdschriften en uitgeverijen geen plaats vinden of omdat ze om welbepaalde redenen de blogvorm verkiezen.

Nina Amir

“Blog Your Way to a Book Deal,” schreef Nina Amir in Writers Digest . Voor een nog onbekende auteur is de blovel volgens haar het ideale startpunt want je kunt je publiek  werven terwijl je schrijft. Als het af is, maak je van je blog een blook (een e-book) . “You’ll build platform—a loyal fan base of readers eager to purchase the book you are blogging.” Ze raadt aan om een vijfde van het manuscript niet in je blog te publiceren, zodat je blook voor de volgers van je blog een meerwaarde heeft. Via distributiekanalen als Amazon kun je dan een wereldwijd publiek vinden. Ze geeft zichzelf als voorbeeld: “I’ve self-published several ebooks, all of which have made it onto the Amazon Top 100 right away. In fact, I’ve had as many as six books on the same Amazon Top 100 list at the same time and a total of nine Amazon bestsellers!”

Haar blooks gaan vooral over hoe je moet bloggen, zoals How to Blog a Book  en The Author Training Manual : A Comprehensive Guide to Writing Books That Sell. Daarin geeft ze adviezen zoals, laat de afleveringen (posts) van je blog elkaar snel opvolgen zodat je de aandacht van je lezers niet verliest en breek langere hoofdstukken op in korte posts van 300 tot 500 woorden. Je moet ervan uitgaan dat de hedendaagse lezer weinig tijd en geduld heeft. Ze heeft allerlei adviezen over hoe je je blog bekend kunt maken. Ze doet het allemaal heel gemakkelijk lijken. Drie maanden bloggen is genoeg materiaal voor een boek. “Short books are your ticket to branding, expert status, customers and clients, and cash!”

 

Anoniem

Er zijn ook gevestigde auteurs die de blovel-vorm interessant vinden. Het kan een manier zijn om een verhaal te vertellen waarvan je zelf nog niet zeker weet hoe het zal aflopen.  Je bent nieuwsgierig naar de reacties van lezers en laat die een invloed hebben op het verloop van het verhaal.

Een bekend voorbeeld is de Argentijnse schrijver Hernán Casciari.  Zijn eerste blovel, ‘Más respeto que soy tu madre‘ (2005) (“Meer respect want ik ben je moeder”)  was het zogezegde dagboek van een Argentijnse huisvrouw.

Hernan Casciari

Haar vele problemen (het is crisis, haar man is werkloos, haar zonen zijn onuitstaanbare tieners, haar zwager is een junkie, enz.) zijn met veel humor beschreven. Mede dank zij reclame op de ‘sociale media’ werd de blog een groeiend sukses. Gedurende zijn negen maanden durende looptijd kreeg hij ruim 80.000 commentaren van lezers. Daarna werd de blovel een bestseller en zelfs een theaterstuk.

Sindsdien schreef Casciari nog verschillende andere blovels, waaronder ‘Yo y mi garrote, historia de Xavi L.’ dat in 75 afleveringen verscheen op de website van de Spaanse krant El Pais. Al zijn blovels zijn in de ik-vorm en in de tegenwoordige tijd geschreven (een must, volgens blovel-puristen) en telkens bleef de auteur anoniem tot het verhaal af was. Vele lezers van “Mas respeto…” verkeerden lang in de waan dat het een echt dagboek  was. Ze gaven Mirta, de huisvrouw, goede raad en steunbetuigingen die Casciari las alvorens het vervolg te schrijven. Ook hij wist niet hoe het zou eindigen.  “Het moeilijkste was voorkomen dat iemand zou ontdekken dat ik de auteur was”, zei hij in een interview. “Als dat gebeurd zou zijn, dan had ik moeten stoppen.”

Illustratie uit “Xavi L”

Het internet maakt anonimiteit gemakkelijk. Vele blovelaars kiezen ervoor want anominiteit geeft de auteur de vrijheid om te schrijven wat hij wil, zonder rekening te houden met eventuele gevolgen voor zijn of haar reputatie en zonder de lezers op te zadelen met een vooropgezet idee over de stem die ze in hun verbeelding horen en waarop ze reageren.

 

Nederlandstalig

In ons eigen taalgebied wordt er niet druk gebloveld. Toch vond ik enkele interessante voorbeelden. Zoals Sammy .

Sammy is de naam van de vorige bewoner van het huis waarin blogger Anker Tong met zijn gezin een intrek heeft genomen. In het tuinschuurtjee heeft Tong een koffer met manuscripten van Sammy gevonden. Daaruit probeert hij diens leven te reconstrueren. Hij wordt daarbij geholpen door zijn buurvrouw, Iris Nachtegaal.

“Sammy” is in velerlei opzichten een typische blovel. Zoals Nina Amir adviseert, zijn de blogposts kort en is het ritme van publicatie vrij hoog. De blovel is interactief want door twee auteurs geschreven, wat natuurlijk een literaire truc kan zijn; misschien is er maar één auteur, al zijn er wel degelijk stijlverschillen tussen de posts van Anker en Iris. Anderzijds, van interactie met lezers is er geen spoor. Als je op “Recente reacties” klikt gebeurt er niets.  Anker Tong is een schuilnaam –zogezegd om de privacy van zijn gezin te beschermen – dus ook deze blovel heeft een anonieme auteur. Nog iets wat “Sammy” typerend maakt voor digitale literatuur zijn de ongecorrigeerde typ- en taalfouten. Of dit een statement is of gewoon slordigheid kan ik niet uitmaken.

Afgezien daarvan is deze blovel erg goed geschreven. Vooral de posts van Iris geven een diepe inkijk op de leefwereld van een kind dat vandaag ongetwijfeld al vroeg als autistisch gediagnoseerd zou zijn. Ze doet dat zo indringend, poëtisch en meeslepend dat ik reikhalzend uitkijk naar de volgende post.

 

Een andere blovel die me interesseert heet “Heimwee naar morgen”. Vreemd geboeg is de premisse ook hier een manuscript  van een vorige bewoner, gevonden door de blogger, in casu Willy Vandesompele die zich omschrijft als “een gewone bediende”. Inmiddels wellicht met pensioen want de blog ging al van start in 2010. Het “gevonden”manuscript van Astronomes, zoals de vorige bewoner heet, is een trilogie en we zijn nog maar aan het begin van het tweede deel. Het tempo is laks.  In tegenstelling tot Anker Tong treedt Vandesompele Nina Amirs regels met de voeten. De korte regelmaat die zij bepleit is ver te zoeken: soms zijn er maanden tussen de posts. Die posts zijn meestal ook veel te lang volgens Amirs normen.

De “cover” van boek 1 in “Heimwee naar morgen”

Toch heeft deze blovel enkele digitale troeven. Hij bevat honderden illustraties, waaronder ook bewegende beelden (gifs). In sommige posts zijn er meer beelden dan tekst. Verder maakt de auteur vaak gebruik van hyperlinks. Zo zijn er links naar You Tube-clips van de muziek die in het verhaal ter sprake komt. Er zijn ook links naar een prequel en naar diverse zijverhalen die op aparte webpagina’s staan. Dat zijn dingen die in een gedrukt boek niet kunnen.

Er is nog iets wat deze blovel gemeen heeft met een groot deel van de digitale literatuur: een obsessie met seks. Meer dan de helft van de tekst en het meerendeel van de illustraties vallen onder de noemer erotiek. De protagonisten hebben niet alleen veel seks, ze voeren er ook lange gesprekken over. Ze willen het begrijpen. Biologie, psychologie, religie en filosofie komen er aan te pas. Zo dreigt de blovel tussen twee stoelen te vallen. Lezers belust op erotische bevrediging vinden de dialogen wellicht hinderlijk doodgewicht en anderen die graag intellectueel  gestimuleerd worden ergeren zich vermoedelijk aan al dat seksgedoe.

Misschien heeft Vandesompele dat gevaar begrepen: hij heeft de stoelen uiteen geschoven. Het hoofdverhaal is niet meer seks-gedreven (al blijft het over liefde en verlangen gaan) terwijl de erotische avonturen  in een randverhaal  verdergaan. De lezer kan dus kiezen op welke stoel hij of zij wil zitten.

Interactiviteit, collaboratie tussen auteurs en tussen auteurs en lezers, wordt vaak aanzien als het belangrijkste kenmerk van de digitale literatuur. Op dat vlak scoort Vandesompele slecht. Er zijn haast geen commentaren. Nochtans was interactie met lezers een van de vier redenen waarom hij voor het blogformaat koos, zo legt hij uit in zijn “Over”–pagina.  De drie andere zijn de anonimiteit, de illustratiemogelijkheden en de zelf-opgelegde dwang om regelmatig te posten. Ook wat dat laatste betreft is het, zoals bij zovele bloggers, bij goede voornemens gebleven. Nina Amir heeft ongetwijfeld gelijk dat regelmatig posten en reclame maken op de sociale media broodnodig zijn om een bloggend boek een stem te geven die weerklank krijgt.  Blovels zoals “Heimwee…” die deze regels negeren zijn drijfhout in de wijde cyberoceaan.

Wat niet wil zeggen dat het niet de moeite loont om dat drijfhout op te pikken. De blovels die ik in dit stuk vermeld zijn volgens mijn niet-deskundige opinie alle vier aanraders.

Toch nog dit. Wat vele blovels mankeren is de ingreep van een bekwame redacteur. Dat heeft het traditionele boekcircuit dan weer voor op het blog en blook-formaat.  Al zijn er heel wat uitgeverijen van gedrukte boeken waar de redactie minimaal gebeurt (want dat kost geld en de winstmarge is klein), als de redactie serieus wordt genomen dan is het resulterende boek interactiever (want een product van samenwerking) dan blovels die eenzaam tot stand komen.

Vooral “Heimwee…” lijdt onder de afwezigheid van een klankbord. Van iemand die de auteur bijvoorbeeld duidelijk zou maken dat de aanwezigheid van een naakt meisje op een strand illustreren met meer dan 80 prentjes van het goede wel eventjes te veel is.  De blogger amuseert zich maar bezorgt zijn lezers intussen een indigestie.

Een illustratie uit hoofdstuk 72

Op schrijfcursussen in Amerikaanse universiteiten krijgen beginnende auteurs vaak het advies: “Kill you darlings”. Waarmee bedoeld wordt, laat niets staan enkel en alleen omdat je het zo mooi geformuleerd vindt.  Schrap wat niet functioneel is, wat het verhaal ter plaatse doet trappelen.  Ik weet niet of dit advies altijd het juiste is maar het is vaker juist dan niet. Bloggers die per definitie plaats à volonté hebben – geen boom hoeft te sterven voor Vandesompele’s  zondvloed van beelden-  moeten zich nog meer dan traditionele auteurs  van het gevaar van overdaad bewust zijn.

 

Vele blovels eindigen als e-books. De meeste kan men, niet verwonderlijk, gratis downloaden.  Hieronder enkele sites met een ruim aanbod.

http://webfictionguide.com/

http://www.ereaders.nl/gratis_e-books/

http://www.gratispdf.nl/

http://boekenland.wordpress.com/

 

 

januari 21, 2018 at 5:49 am Plaats een reactie

FLOWER POWER GUERRILLA

Jacqueline Goossens

De laatste maanden werden New Yorkers getracteerd op prachtige boeketten bloemen in vuilnisbakken en op andere schijnbaar lukraak gekozen locaties. Ze zijn het werk van Lewis Miller  en zijn team die op deze manier meer mensen wil bereiken dan de rijke klanten waarvoor hij gewoonlijk werkt. Het idee rijpte doordat hij na feesten waarvoor hij bloemstukken had gemaakt altijd veel bloemen overhield die te mooi waren om weg te gooien. Dus maakte hij er cadeaus van voor zijn stadsgenoten.

“New York is een prachtige maar ook soms een vuile stad; de mensen die hier wonen verdienen af en toe wat onverwachte schoonheid”, zegt Miller. ‘Vogue’ doopte hem “the flower bandit” en Miller is trots op die bijnaam. Hij houdt ervan om in zijn “flower flashes” zoals hij zijn straat-bloemwerken noemt goedkope en dure bloemen te combineren. “Mijn flashes zijn vrijpostig, spontaan en liefdevol onafgewerkt”, zegt hij, “net zoals echte New Yorkers.”

Vuilnisbakken zijn grote vazen voor hem maar hij versiert ook beelden in parken zoals dit:

Hier zet hij het gedenkteken voor John Lennon in Central Park in de bloemen:

Het idee is natuurlijk niet nieuw. In Brussel is  bloemist Geoffroy Mottart de ‘bloemenbandiet’.

Onderstaande buste van Leopold II heeft Mottart al herhaaldelijk ‘opgefleurd’.

 

In Detroit kocht bloemiste Lisa Waud  een vervallen huis voor 250 dollar.  Samen met andere cutting edge bloemisten en tientallen groep vrijwilligers heeft ze het wrak in 2015 omgetoverd in een prachtig bloemenkunstwerk. Elk plekje in het huis werd een adembenemende verrassing.

The Flower House symboliseerde ook de hoop van Waud en andere Detroiters dat hun stad zal heropbloeien. Het huis is inmiddels afgebroken; de grond waarop het stond is nu een bloemenveld.

Voor meer foto’s van the Flower House (fotografe: Heather Saunders), klik HIER.

januari 14, 2018 at 3:13 am 1 reactie

Oudere berichten


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.461 andere volgers