Posts filed under ‘architectuur’

BARS ALS KOLONIAAL ERFGOED IN MAROKKO

Bar Terminus

 

door Lucas Catherine

Fransen hebben stijl, ook als ze koloniseren. Welke stijl, is wat anders. In Marokko hebben ze de Arabisance ingevoerd. Dat is kort gezegd hun versie van Arabische architectuur, en die is volgens hen mooier dan het originele. Ze lieten zich daarbij niet inspireren op de lokale Noord-Afrikaanse bouwtraditie, maar gingen te leen bij de Fatimiden in Kairo.

Ze deden dat op een manier die aan de toekomstige Art-Deco doet denken. Ze bouwen een bank, een kazerne of een pompstation en decoreren die met elementen die zij ‘echt en beter Arabisch’ vinden dan wat de Arabieren zelf hebben ontworpen.

Neem dit bankgebouw in Rabat

Bank Rabat

of een kazerne

Bar Officieren

Pompstation

Zelfs dit pompstation moest Arabisch

 De stijl kende in Marokko zijn hoogtepunt in de jaren 1900-1930. En daarna kwam de echte Art-Deco, vooral in de periode voor en na de Tweede Wereldoorlog, toen de kolonisatie haar hoogtepunt kende. Je vindt die terug in Casablanca, Rabat en vooral in Kenitra, een stad die de Fransen zelf aan de monding van de Marokko’s grootste rivier, de Sebou hebben ontworpen. Gevels genoeg om er een toeristisch circuit mee te vullen. Maar binnenin nu vooral omgebouwd tot fletse kantoren. Waar je wel nog Art-Deco-interieurs kan bewonderen zijn de bars. Je stapt er zo in het provinciale Frankrijk van de jaren 1950.

Nu heb ik iets met Marokkaanse bars, al of niet in Art-Deco. Mijn vrouw zegt: drop hem in om het even welk bled en binnen het kwartier heeft hij een bar gevonden. En zij kan het weten, want ze doet niets liever dan er met mij iets te drinken. Zij een Ricard, ik een lokale pils. Stork, het bier van het werkvolk. De middenstand drinkt liever Flag Spéciale en de Bobo’s en toeristen Casablanca. Dat laatste bier is niet aan mij besteed, maar is voor klanten van luxe bars die geld teveel hebben. Verder zijn er de verloederde, louche bars van beroepsalkoliekers die de lege flessen op tafel voor zich uitstallen en tenslotte mijn soort bars, die van de lokale middenstand: commerçanten, ambtenaren en dat soort volk. Daar kan je trouwens beter eten dan op restaurant. In Rabat is er zo een met de beste kleine brochettes van heel Marokko en Brussel. Goed gemarineerd, met een dipsausje van tomaat, lichtjes pikant en opgefrist met koriander. Vijf dirham (= o,4 Euro) per stuk. Als je goed zoekt vind je hem bij Place Petri (sorry, voor de koloniale naam, het plein heet nu anders, maar ja, ik heb het hier over erfgoed).
Er is een verschil tussen bars als erfgoed van de Fransen en die achtergelaten door de Spanjaarden die het noorden van Marokko (de streek rond Tetuan) koloniseerden. In de Franse bars is het net of je het Frankrijk van de jaren 1950 binnen stapt. De tapa’s zijn er te betalen. In de Spaanse is minder Art-Deco, maar de tapa’s zijn er wel gratis.

Daar, aan de Middellandse Zee, ligt mijn lievelingsbar aan de kust van Tetuan, in Martil. Bar de la Playa.
Het is niet alleen mijn lievelingsbar. Een van de grootste nog levende Arabische dichters, de Irakees Saady Yusuf schreef er zelfs een gedicht over. Een fragment:

Wij waren onlangs in Martil

Tussen het blauw, het blauw en het wit,

Tussen de zee en het strand

Tussen een glas en nog een glas

Waren we welkom in een oude bar

Uit de tijd van de Spanjaarden…
Als je er twee pinten drinkt heb je gegeten, zegt mijn vriend Mohamed. Want het rijtje tapa’s is indrukwekkend: linzen, tuinbonen in tomatensaus, gefrituurde sardientjes of ansjovis, artisjok, al naar gelang het humeur van de kok. Want bars hebben bijna altijd een kok.

Het aantal bars vermindert. Ieder jaar moet ik er schrappen uit mijn lijstje. Dat komt door de religieuze, fundamentalistische partij die er aan de macht is, alla ná de koning natuurlijk. Terwijl die Mohamed VI vroeger wel een andere reputatie had. Ik herinner mij nog de verhalen van toen hij nog kroonprins was en de nacht doorbracht met rijkeluiszoontjes en kompanen uit de Golf in een bar die niet voor niets Amnésia heette. Het Sodoma en Gommora van Rabat in het begin van de jaren negentig.
Bijna alle bars die ik ken hebben een eigen verhaal en geschiedenis. Als voorbeeld geef ik mijn laatste ontdekking: Bar Continental in Kenitra.

Bar Continental

Kenitra is zoals ik daarnet al schreef gesticht door de Franse kolonisator. In 1942 werd ze door de marine van de VS veroverd op het Franse, met de Nazis collaborerende Vichy regime en van toen af was er ook een grote Amerikaanse basis, die officieel in 1977 aan de Marokkanen werd overgedragen. Kenitra is in Marokko vooral bekend om zijn grote gevangenis voor politieke opposanten. Vuile tongen beweren dat de Amerikanen er zich nog altijd thuis voelen en de basis gebruikten voor een eerste ondervraging cum marteling van jihadisten op weg naar Guantanamo. Daarnaast hebben de Amerikaanse mariniers er ook het barwezen ondersteund. En zo kom ik bij mijn verhaal over Bar Continental. We kwamen binnen langs een twintig meter lange zinc waaraan schouder aan schouder klanten zaten. De tapa’s waren voor een keer vegetarisch: slaatjes en radijzen. Het was het seizoen.

Continental Zinc

 

Verder een grote zaal met tafels en stoelen, de grootte van een kleine parochiezaal. Aan de muur drie grote olieverfschilderijen, drie meter op drie, met Amerikaanse thema’s. Onder andere het Capitool.

Toen de barman zag dat we foto’s namen, toonde hij ons nog een tweede, even grote zaal die nu dicht was. Ze werd alleen gebruikt voor evenementen. Daar hingen een twintigtal schilderijen met zichten op Marokkaanse steden. Raar, maar de wanden waren gekromd, en er waren kleine nepraampjes in aangebracht, net of je in de romp van een vrachtvliegtuig za

Vliegtuigzaal

Indertijd, het moet 1948 geweest zijn, toen de bar nog eigendom was van een Française, vertelde de barman had een marinier brand gesticht en de bar was gedeeltelijk verwoest. Om geen kweddellen te krijgen met de Marokkaanse overheid en de Française hadden de Amerikanen voorgesteld de bar op hun kosten her op te bouwen. Vandaar die vliegtuigromp en die Amerikaanse schilderijen.

Vroeger heb ik er ooit aan gedacht om een Beerdrinkers Guide to Morocco te schrijven. Nu denk ik aan een reisgids voor Marokko rond koloniaal erfgoed, in casu bars. Alhoewel, is het de moeite? Zoals alle koloniaal erfgoed wordt het niet meer onderhouden. De enige bar op mijn lijstje dat teruggaat tot de jaren 1980 die werd gerestaureerd is Bar Terminus in Rabat. Het portret van de Koning hangt er nu tussen foto’s van popsterren uit de jaren ’70 en ’80.

(zie foto bovenaan).

 

 

mei 11, 2017 at 10:21 am Plaats een reactie

BLOOT OP DE HIGH LINE

Door Jacqueline Goossens

1. hudson-yards-megaproject

De Hudson Yards zoals ze er in 2025 zouden uitzien

Afgelopen dinsdag werd in New York de officiële opening gevierd van de Hudson Yards, een spectaculaire, futuristisch ogende stad in de stad, gelegen aan de Far West Side van Manhattan. 10 Hudson Yards, de eerste toren van het megaproject, verwelkomde zijn eerste huurder: Coach, een merk van luxe-accessoires en lifestyle-collecties. Het 52 verdiepingen tellende gebouw ligt vlak aan de High Line. Dit immens populaire lintpark op een oude spoorwegviaduct trok vorig jaar 5 miljoen bezoekers. Een droomlocatie dus voor het hoofdkwartier van een bedrijf als Coach. Bij het binnenkomen van het gebouw kan de bezoeker niet anders dan staren naar de 9 meter-brede video-muur met reclame voor Coach. De lobby dient ook als tentoonstellingsruimte voor alle handtassen die het bedrijf ooit vervaardigde tijdens haar 75-jarig bestaan.

2. 10-Hudson-Yards-Coach-Lobby-c-Steve-Freihon-for-Related-Oxford

De nieuwe luxueuze kantoorruimte van Coach omvat onder meer een auditorium met 250 zitplaatsen en een privé-terras. Het bedrijf heeft 1.200 werknemers. Tegen het einde van de zomer zullen die allemaal verhuisd zijn naar het nieuwe hoofdkwartier. Een rustige omgeving om te werken is het bepaald niet. De Hudson Yards is een reusachtige bouwput. Tussen nu en 2025 zouden er nog elf wolkenkrabbers bijkomen, alsook een winkelcentrum, een hotel en twee parken. In het residentiële gedeelte van het project zijn 4.000 flats gepland. Dit allemaal natuurlijk op voorwaarde dat een nieuwe financiele krisis geen roet in het eten komt gooien.

Het IAC-gebouw

Het IAC-gebouw

De opening van 10 Hudson Yards illustreert hoe ingrijpend hele wijken van New York in de laatste decennia veranderd zijn. Een boeiende getuigenis daarvan is een nieuwe tentoonstelling van fotograaf Jan Staller, “Frontier New York, Then and Now”, in het IACgebouw op 555 West 18th Street, vlak naast de High Line in Chelsea. De fotograaf kontrasteert hedendaagse foto’s en video’s van de oevers van de Hudson met foto’s die hij er maakte in de jaren 1970 en 1980 toen de buurt in verval was. Het tien jaar oude IAC-gebouw waar de tentoonstelling loopt werd ontworpen door Frank Gehry en lijkt op een futuristsch zeilschip. Van op straat kun je door de glazen muur op een 36 meter-breed videoscherm een projectie zien van voorbijdrijvende ijsschotsen op de Hudson. In zijn expo toont Staller ook beelden van de tegenwoordig eindeloos lijkende stroom van wandelaars op de High Line. Te bedenken dat New Yorkers die daar zin in hadden tien jaar geleden nog in hun blootje konden paraderen op de toen overgroeide, officieel ontoegankelijke viaduct. Dat is wat drie mannelijke fotomodellen in 2006 deden voor fotograaf Kevin McDermott. Het resultaat is te zien in zijn pas gepubliceerd fotoboek “High Line Nudes”.

4. highline-nudes

“Het was een klein Eden in het midden van een van de grootste steden van de wereld”, herinnert McDermott zich. “Je had het gevoel dat je de stad ontvluchtte als je naar 10th Avenue ging. Ik had geen idee dat de hele mensheid tot hier zou dwalen”.

5. highline-nudes4

“High Line Nudes” zou je kunnen beschouwen als het finale punt achter de wilde jaren in het Meatpacking District onder wat nu de High Line is. Naast de vleesgroothandels trof je er in de jaren 1970 en ’80 gay leather sexclubs aan zoals the Mineshaft, the Vault, the Anvil, the Spike en the Hellfire. Transgender sexwerkers paradeerden er op hoge hakken door de kasseistenen straten. In 1985 werden de gay clubs op bevel van de stad gesloten in een poging om de Aids-epidemie te bestrijden. In de jaren negentig, onder druk van fatsoenrakker burgemeester Giuliani verdwenen ook de meeste straatprostitué(e)s uit het straatbeeld van Manhattan. De huren in de Meatpacking District waren in die tijd nog betaalbaar. Enkele nieuwe holebi-clubs zoals the Lure en the Clit Club gingen open, net als Hogs & Heifers, een café waar vrouwelijke klanten werden aangemoedigd om op de bar te strippen en hun beha’s achter te laten. Zelfs Julia Roberts deed het. Maar ook de nieuwe clubs moesten een voor een sluiten, onder druk van de steeds hogere huurprijzen. Hogs&Heifers sloot enkele maanden geleden voorgoed zijn deuren. Maar niet al het bloot verdween.

Het Standard hotel

Het Standard hotel

Het trendy Standard Hotel dat in 2009 opende vlak boven de High Line voerde een pikante reclamecampagne waarin het zijn gasten aanmoedigde om hun gordijnen open te laten. Met wat geluk krijgen toeristen dus toch nog een extra-attractie op de High Line.

7. gif standard

juni 6, 2016 at 2:38 am Plaats een reactie

EEN DURE VOGEL

foto DPA/AP

Oculus, het World Trade Center station door architect Santiago Calatrava (foto DPA/AP)

De eerste fase van de Oculus, het nieuwe World Trade Center station ontworpen door de Spaanse architect Santiago Calatrava, ging op 3 maart eindelijk open. De eigenaar, de bi-statale Port Authority of New York and New Jersey, koos voor een ‘soft opening’. Geen speechen, geen linten doorknippen, geen champagne. De feeststemming ontbrak omdat het project te veel jaren vertraging heeft opgelopen en de prijs te erg uit de hand is gelopen. Toen het ontwerp van Calatrava in 2004 werd onthuld, werd gezegd dat het station 2,4 miljard dollar zou kosten. Vandaag staat de teller op een beschamende 4 miljard dollar, allemaal voor rekening van de belastingsbetaler. Intussen is de functie van het station terug geschroefd, wat de kostprijs nog genanter maakt. Oorspronkelijk was het de bedoeling dat het station even druk zou worden als Grand Central (drie kwart miljoen passagiers per dag) maar uiteindelijk zullen enkel de PATH-treinen naar New Jersey (goed voor bijna 50.000 passagiers per dag) er stoppen.

Calatrava in de Oculus

Calatrava in de Oculus

Calatrava zegt dat zijn constructie een duif voorstelt die losgelaten wordt door een kinderhand. Eigenlijk lijkt het meer op een stegosaurus dan op een duif.

Het ontwerp

Het ontwerp

De meningen zijn verdeeld. Sommigen vinden de Oculus een onding. De architectuur-criticus van the New York Times noemde het dure kitsch en the New York Post had het over “the world’s most obscenely overpriced commuter rail station — and possibly its ugliest”.

Anderen vinden het supermooi, zelfs spiritueel. Een beter monument voor 9/11 dan het huidige (dat vlak naast de Oculus ligt). Spectaculair is het alleszins. Toeristen zullen het ongetwijfeld bewonderen. Calatrava’s vogel doorbreekt de monotone verticale lijnen van de wolkenkrabbers die het omringen. De gebogen muren met hun stalen ribben reiken 49 meter hoog tot aan een gigantische skylight.  De muren, de vloeren, de banken: alles is wit. Wel niet erg practisch voor een station.

Santiago-Calatrava-Oculus-World-Trade-Center-PATH-Platform-7-537x432

Wat er vandaag nog als een ongerepte kathedraal uitziet, zal in de komende maanden veranderen in een shopping tempel, iets waar in die buurt nochtans geen gebrek aan is. De Oculus ligt vlakbij Brookfield Plaza, een luxe shopping center dat in 2015 opende. Voorlopig is nog maar één ingang van de Oculus open, gelegen aan de hoek van Liberty en Church Street. In de komende maanden zullen nog twee andere ingangen openen. Tenminste als de werken niet weer eens vertraging oplopen.

calatrava

Jacqueline Goossens

maart 7, 2016 at 7:54 am 1 reactie

ART-DECO IN CONGO

 

Art Deco in ivoor

Art Deco in ivoor

door Lucas Catherine

 

Art-Déco het zei mij vroeger niet veel, dan liever Art Nouveau. Ondertussen ben ik van gedacht veranderd: door de BBC-reeks over Hercules Poirot. Onmogelijke plots, maar prachtige Art-Déco decors, beter dan een documentaire over die stijl. En ook doordat ik nu al jaren in een Art-Déco gebouw woon. En gewoonte stimuleert de liefde.
Nu is er wel een overgangsperiode tussen die twee stijlen. Dat komt omdat de Duitse en Weense Art-Nouveau, hun Jugendstil nog voortleefde als wij in België al Art-Déco hadden. Een eenvoudig middel om te bepalen wat nu wat is komt niet uit Wikipedia, maar is een Brusselse truc. Zodra het niet langer Style Poulenc is wordt het Déco. En Poulenc verwijst hier niet naar de componist, Francis Poulenc maar naar de Brusselse uitspraak van ‘paling’, omdat die stijl zo kronkelde. Van zodra die gebogen lijnen verdrongen worden door rechten en hoeken is dat voor mij Art-Déco.
En dit allemaal om u een vergeten verhaal op te dissen over Congo.

Adolphe Stoclet is niet alleen de bouwheer van het Palais Stoclet in Brussel, het eerste grote Gesamtkunstwerk van de Wiener Werkstätte maar als beheerder zat hij ook in de Compagnie du Chemin de Fer du Congo, en in de Banque d’Outremer van Albert Thys. Thys is de man die Congo ontsloot door de aanleg van de treinlijn Matadi-Kinshasa (1898).

Villa Stoclet

Bureau van Adolphe Stoclet in de Brederodestraat.

Nu had de familie Stoclet iets met Art Nouveau, maar ook met Art-Déco. Vader Victor was voorzitter van het directiecomité van de k.k.Private Eisenbahn Wien-Aspang. Hij stierf in 1904 in Wenen tijdens een zitting van dit directiecomité. Zijn zoon Adolphe zal hem opvolgen. Adolphe was getrouwd met Suzanne Stevens, een dochter uit een kunstminnende familie. Haar vader was kunstcriticus, twee broers waren kunstschilder. Zij onderhielden nauwe kontakten met de Wiener Werkstätte en wilden in de Weense wijk Hohe Warte een luxueuze woning laten bouwen door architect Josef Hoffman en gedecoreerd door Gustav Klimt. Maar toen werd Adolphe benoemd in twee maatschappijen van de Thysgroep en ze keerden terug naar Brussel waar ze aan de Tervurenlaan, het Palais Stoclet lieten bouwen door dezelfde artiesten die ze in Wenen hadden gecontacteerd. De mozaïeken en de muurschilderingen zijn nog in Jugendstil, maar de binnenhuisarchitectuur is al rechtlijnig en hoekig zoals in Art Déco.
Adolphe betrok zijn bureau in de nieuwe gebouwen van de groep Thys in de Brederodestraat en ook dat gebouw (met een gevel van Jules Brunfaut) werd door de Wiener Werkstätte ingericht. En weer is het in die overgangsstijl tussen Nouveau en Déco. Het wordt nu betrokken door de advocatenfirma Linklaters.

Palais Thysville

Palais Thysville

Toen de Compagnie du Chemin de Fer du Congo, waarvan Stoclet dus directielid was in de Beneden-Congo Thysville stichtte zag je in de gebouwen de smaak van Stoclet opduiken. Het werd daar geen Palais stocklet, maar een Palais de Justice. Het ligt ongeveer in ruine, want na de dood van Thys, in 1915 verloederde Thysville tot een koloniaal provincienest van de Belgische koloniale overheid en het heet nu Mbanza Ngungu.

februari 9, 2016 at 12:34 pm 1 reactie

SPAARPOTTEN IN DE WOLKEN

3 One 57

Door Jacqueline Goossens

“Wie koopt toch al die superdure flats?” vragen mensen me vaak als ik hen tijdens stadswandelingen meeneem langs de nieuwe, steeds hoger reikende luxe-woontorens in Manhattan. Het is een pertinente vraag. Onderzoeksjournalisten van New York Magazine en The New York Times hebben er in respectievelijk 2014 en 2015 uitgebreide reportages aan gewijd. Een van hun conclusies was dat de namen van meer dan de helft van de nieuwe eigenaars van luxe-flats in Manhattan niet eens bekend zijn. De aankopen gebeuren onder de dekmantel van anonieme LLC’s – Limited Liability Corporations- of firma’s met beperkte aansprakelijkheid. De LLC’s zijn meestal op hun beurt verstopt achter andere firma’s, vaak met adressen in diverse landen. In de tweede helft van 2015 werden in Manhattan 1.045 residenties verkocht die elk meer dan 5 miljoen dollar kostten. Een derde daarvan werd met cash betaald. Cash die volgens de onderzoeksjournalisten afkomstig was van onder meer drughandelaars en corrupte industriëlen en politici.

5. One57

Na die ophefmakende reportages voelde het ministerie van Financiën zich verplicht om iets te doen. Voorlopig echter niet meer dan een steekproef. Tussen maart en augustus moeten de namen van de kopers van vastgoed die cash betalen en zich achter een LLC verschuilen aan het ministerie bekend worden gemaakt. Dit geldt enkel in New York voor transacties vanaf 3 miljoen dollar en in Dade County (Miami) vanaf 1 miljoen dollar. De namen van de kopers zullen dan worden ingevoerd in de databanken van het FBI, de politie en andere overheidsdiensten. Als na die periode blijkt dat veel eigendom met verdacht geld werd gekocht dan zal het verplicht rapporteren van de identiteit van de kopers permanent worden gemaakt in heel het land.

Omdat het over zo’n korte periode gaat, lijkt de maatregel gemakkelijk te omzeilen. Witwassers van zwart geld kunnen gewoon een half jaar wachten en intussen in New York enkel transacties van minder dan drie miljoen afsluiten en grotere deals in Los Angeles of Chicago. Dan lijkt het alsof er geen vuiltje aan de lucht is en hoeft er niets te veranderen.

Als gewone burger vraag ik me af hoe het mogelijk is dat sommigen in staat zijn om onopgemerkt miljoenen dollar in cash op tafel te leggen. Wil ik de VS binnenkomen met meer dan10.000 dollar op zak dan moet ik daar aangifte van doen bij de douane. Geef ik mijn Belgische bank opdracht om een bedrag boven $ 10.000 over te schrijven naar mijn Amerikaanse rekening dan moet mijn New Yorkse bank de transactie aangeven bij de belastingsdienst. De Patriot Act, ingevoerd na 9/11, geeft het Ministerie van Financiën de bevoegdheid om van makelaars te eisen dat ze de identiteit van de vastgoedkopers nauwkeurig nagaan. Onder druk van de machtige vastgoed-lobby gebeurt dat in praktijk enkel als er hypotheek-leningen worden afgesloten. Wie cash betaalt, ontsnapt aan elke controle.

1 Time Warner Center, Columbus Circle

Time Warner Center, Columbus Circle, 2003, hoogte 229 meter. Volgens The New York Times worden zestien van de voormalige en tegenwoordige eigenaars van flats in dit gebouw gerechtelijk onderzocht, persoonlijk of als bedrijfsleiders.

“New York’s vastgoed is de nieuwe Zwitserse bankrekening”, schreef New York Magazine in 2014. Het valt te betwijfelen of de schuchtere maatregelen van het ministerie van Financiën en de nieuwe cel die het FBI heeft gevormd om het witwassen van zwart geld in vastgoed te onderzoeken, daar veel aan zullen veranderen. Heel veel advocaten, bankiers, makelaars, LLC-adviseurs en andere consultanten hebben de laatste jaren schitterende zaken gedaan dankzij rijke, anonieme kopers uit heel de wereld die in New York’s vastgoed een veilige haven zagen om hun geld te parkeren. De transacties zijn ook een belangrijke bron van fiscale inkomsten voor de stad. Zwart geld of niet, New York wil de kip die gouden eieren voor haar legt niet de nek omdraaien.

22 januari 2016

4. One 57

One57 (voor- en zijgevel), 57th Street, voltooid in 2014, hoogte 301 meter. Het gebouw wordt beschouwd als het prototype van hoe Manhattan er in de toekomst zal uitzien: een eiland vol lange, arrogante glazen vingers. Eind 2014 kocht een Limited Liability Company de penthouse op het 89ste en 90ste verdieping voor een record 100,4 miljoen dollar. De eigenaar is onbekend.

2. 15 Central Park West

Central Park West, voltooid in 2008, hoogte 167 meter. In 2008 kocht de Russische miljardair Dmitry Rybolovlev er een penthouse voor 88 miljoen dollar voor zijn dochter Ekatarina. Het was toen de duurste residentiële vastgoedtransactie ooit in New York.

Metropolitan Tower en 432 Park Avenue

Links: The Metropolitan Tower, 146 West 57th Street, voltooid in1987, hoogte 218 meter. De voorloper van de smalle, hoge glazen flatgebouwen van vandaag. Het ontwerp was heel controversieel. Rechts: 432 Park Avenue, voltooid in 2015, hoogte 426 meter. Dit gebouw is het tweede hoogste van New York. Enkel het nieuwe One World Trade Center reikt hoger. Het is het hoogste flatgebouw ter wereld. De penthouse zou gekocht zijn voor 95 miljoen dollar door de Saoedische miljardair Fawaz Al Hokair.

Links: 111 57th Street, in aanbouw. Voorziene hoogte 428 meter. De opening is gepland tegen 2018. Rechts: 731 Lexington Avenue, voltooid in 2004, hoogte 246 meter. Dit is het hoofdkwartier van Bloomberg LP, het bedrijf van de voormalige burgemeester en multi-miljardair Michael Bloomberg. Er zijn ook winkels, restaurants en luxe-flats in het gebouw.

Links: 111 57th Street, in aanbouw. Voorziene hoogte 428 meter. De opening is gepland tegen 2018. Rechts: 731 Lexington Avenue, voltooid in 2004, hoogte 246 meter. Dit is het hoofdkwartier van Bloomberg LP, het bedrijf van de voormalige burgemeester en multi-miljardair Michael Bloomberg. Er zijn ook winkels, restaurants en luxe-flats in het gebouw.

Links: W New York Downtown, voltooid in 2010, hoogte 190 meter. De witte, smalle toren staat aan de rand van het nieuwe World Trade Center. De onderste helft is een hotel. De bovenste helft, van het 33ste tot en met het 57ste verdieping is residentieel. Rechts: 50 West Street, hoogte 234 meter. De opening is gepland tegen eind 2016. De toren, op enkele minuten van het nieuwe World Trade Center en Wall Street, biedt panoramische zichten. Er komt een observatorium met verrekijkers, daktuin, barbecues, openlucht-keuken en privé-eethoeken.

Links: W New York Downtown, voltooid in 2010, hoogte 190 meter. De witte, smalle toren staat aan de rand van het nieuwe World Trade Center. De onderste helft is een hotel. De bovenste helft, van de 33ste tot en met de 57ste verdieping is residentieel.       Rechts: 50 West Street, hoogte 234 meter. De opening is gepland tegen eind 2016. De toren, op enkele minuten van het nieuwe World Trade Center en Wall Street, biedt panoramische zichten. Er komt een observatorium met verrekijkers, daktuin, barbecues, openlucht-keuken en privé-eethoeken.

https://jacquelinegoossens.wordpress.com/

 

 

januari 24, 2016 at 3:46 am 2 reacties


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.337 andere volgers