Posts filed under ‘Ekonomie’

BEVRIJD DEBAT BASISINKOMEN UIT ZIJN FINANCIEEL KEURSLIJF

door Eric Bracke

De voorbije dertig jaar heeft de Belgische hoogleraar Philippe Van Parijs (UCL) een voortrekkersrol gespeeld in het internationale netwerk voor het basisinkomen. Hij was een van de auteurs van het in 1984 bekroonde essay ‘Allocation universelle’. Met de geldprijs van de Koning Boudewijn Stichting werd in 1986 in Louvain-La-Neuve een eerste internationaal congres over het basisinkomen georganiseerd. Dit leidde tot de vorming van een Europees netwerk, dat in 2004 in Barcelona werd omgedoopt tot het Basic Income Earth Network. Mede-oprichter en eerste secretaris was Walter Van Trier, die in 1995 een doctoraal proefschrift over de geschiedenis van het debat over het basisinkomen verdedigde. ‘Nadien heb ik ruim twintig jaar de universitaire onderzoeksgroep SONAR (Overgang van school naar werk) geleid. Ik had de mogelijkheid niet om naar de congressen te gaan, maar ik ben de discussie over het basisinkomen wel op de voet blijven volgen. Sinds anderhalf jaar geef ik trouwens minstens één lezing per maand over het onderwerp.’

Sommige linkse intellectuelen beweren dat het thema van het basisinkomen intussen gekaapt is door de neoliberale navolgers van de Amerikaanse econoom Milton Friedman. Zij zien in het basisinkomen immers een middel om sociale overheidsvoorzieningen af te bouwen. Van Trier vindt ‘gekaapt’ geen correcte omschrijving. ‘Van in het begin behoorden de voorstanders van het basisinkomen tot een brede waaier van ideologieën.

Het eerste voorstel van een basisinkomen vinden we in een stuk dat de liberaal Thomas Paine omstreeks 1793 heeft geschreven voor de Britse en de Franse regering. Omdat de Aarde van iedereen is, stelde hij voor om via een belasting op de erfenis van grondrechten iedereen een uitkering te geven. Later vinden we het idee van een basisinkomen ook bij, onder anderen, de Russische anarchist Peter Kropotkin (1842-1921) en bij de Britse filosoof Bertrand Russel (1872-1970).’

‘Trouwens, in de VS flirtte niet alleen Milton Friedman met het idee, ook Keynesiaanse economen zoals James Tobin en John Kenneth Galbraith engageerden zich voor een basisinkomen. De Democratische presidentskandidaat George McGovern nam het idee in 1972 zelfs op in zijn programma. In Europa werd het basisinkomen in de jaren 1980 van onder het stof gehaald door de groene beweging, vooral in Duitsland, maar ook door liberalen.’

Sociaal Pact
‘Voor Vlaanderen heb ik in 1986 een stand van zaken opgemaakt. Het basisinkomen werd in 1984 beschreven in de Agalev-publicatie ‘Op mensenmaat’ en was een item op het volgende congres van de Vlaamse groenen. Maar bij de Volksunie en de toenmalige PVV-jongeren was het toen eveneens een actueel onderwerp. Alle voorstanders hadden gelijkaardige argumenten: men zag er een instrument in om de armoede te bestrijden en om de voorwaarden voor een werkloosheidsuitkering te verduidelijken. Men benadrukte natuurlijk  ook de individuele vrijheid die een universeel basisinkomen verschaft .’
‘Zelf ga ik spreken voor mensen van alle politieke gezindheden. Dat één partij of strekking het thema monopoliseert, lijkt mij niet wenselijk. Ik vond het bijvoorbeeld geen goede zet van Roland Duchâtelet om zijn partij Vivant rond het basisinkomen op te bouwen. De politieke vermarkting maakt het voor andere partijen dan nagenoeg onmogelijk om het idee op te pikken. Vergelijk het met de situatie rond het Sociaal Pact na de Tweede Wereldoorlog. Er was een brede consensus over de uitbouw van een sociale zekerheid, maar over de invulling liepen de standpunten sterk uiteen. Toch is men erin geslaagd een compromis te vinden. Het basisinkomen vraagt om een soortgelijk compromis om onze toekomstige maatschappelijke problemen aan te pakken.’
Maar het is niet goed voor het vertrouwen onder de gesprekspartners als sommigen, zoals de Amerikaanse econoom Charles Murray, het basisinkomen willen invoeren om alle andere sociale voorzieningen af te bouwen. Het is duidelijk dat de armoede op die manier nog zal toenemen.

‘De overgrote meerderheid van de mensen in het Netwerk delen deze opvatting niet’, zegt Van Trier. ‘Zij zien het basisinkomen als een toevoeging aan het huidige systeem. We moeten zoeken naar een synergie met bestaande publieke goederen op gebied van huisvesting, gezondheidszorg en sociale bescherming.’

Extra kosten

Maar wie gaat dat betalen? Volgens Van Trier hoeft het financieringsprobleem van het basisinkomen door integratie in de bestaande systemen niet zo groot te zijn. ‘Beschouw het basisinkomen als een ankerbedrag waar iedereen onvoorwaardelijk en individueel recht op heeft. De  hoogte ervan zou men bijvoorbeeld gelijk kunnen stellen met het leefloon, het minimumbedrag waar niemands inkomen mag onder vallen. Je kan dit ankerbedrag integreren in de bestaande gewaarborgde stelsels. Iemand die werkloos is, krijgt dus sowieso dit ankerbedrag, maar als hij onvrijwillig werkloos is en zich beschikbaar stelt voor de arbeidsmarkt kan hij bovenop nog een deel werkloosheidsuitkering krijgen. Hetzelfde met de pensioenen: het eerste deel is het ankerbedrag van het basisinkomen dat iedereen krijgt, het eventuele extra deel erbovenop is aan voorwaarden van een pensioenstelsel verbonden. In de diverse voorstellen komen volgende zaken altijd terug: het basisinkomen is onvoorwaardelijk en staat dus los van de test op arbeidsbereidheid en van een onderzoek van de bestaansmiddelen, het is geïndividualiseerd én eventueel geïntegreerd in het belasting- en uitkeringssysteem. UCL-onderzoekers ramen dat de individualisering van een basisinkomen dat overeenkomt met het leefloon op die manier ongeveer 140 miljoen euro bijkomend gaat kosten.’

De idee van het basisinkomen is simpel en rechtlijnig, maar de modaliteiten en financieringswijze kunnen sterk verschillen. In Zwitserland heeft men het inventieve voorstel gedaan om een heel minieme belasting op elke financiële transactie te heffen, wat een enorme opbrengst zou genereren. Hoe men de financiering van een basisinkomen aanpakt en welk ander pakket van maatregelen men neemt, bepaalt of het beslag van de overheid op het nationaal product groter of kleiner is dan nu.’

‘Maar als we over de kosten van het systeem spreken, moeten we ook de welvaartsopbrengst in rekening brengen. Een verhoging van de welvaartspositie en het welbevinden van de mensen aan de onderkant mag iets kosten. Het debat wordt te veel opgesloten in een financieel keurslijf.

Dynamiek
Zal zo’n basisinkomen de dynamiek in de maatschappij niet ondergraven.? ‘De overgrote meerderheid van de mensen zullen blijven werken’, meent Van Trier. ‘Onderzoek toont dat ook onder de winnaars van een aanzienlijk bedrag met Win for Live maar een heel klein percentage stopt met werken. Mensen die op een leefloon aangewezen zijn, herwinnen in het nieuwe systeem hun waardigheid. Aangezien het geïndividualiseerd is, stijgen bovendien de gezinsinkomens van mensen met een leefloon. Met het basisinkomen achter de hand zullen mensen met een zogenaamd laag verdienvermogen ook sneller een baan kunnen aanvaarden die minder goed betaalt en toch beter af zijn. ‘Ook de positie van de maatschappelijk werkers zal sterk veranderen. In plaats van te controleren of de mensen aan de voorwaarden voldoen, kunnen ze zich concentreren op het echte werk: problemen met analfabetisme, gezondheid en zo verder. Uit onderzoek blijkt dat hun cliënten hen in dat geval beter aanvaarden en ze meer op voet van gelijkheid kunnen handelen.’
‘De vraag is dus niet of de mensen gaan stoppen met werken. Wel wat ze met het basisinkomen gaan aanvangen. Als ze meer mantelzorg gaan geven of als laaggeschoolde jongeren het gebruiken om opnieuw te gaan studeren, is het een goede investering voor de maatschappij.’

‘Tegelijk zien we formats van banen veranderen in sectoren zoals vermaak en horeca: men werkt er meer en meer met kortstondige opdrachten. Voor dit deel van de arbeidsmarkt verkleint de klassieke bescherming. Een basisinkomen geeft deze mensen meer zeggenschap over hun eigen baan.’

‘Ook voor mensen met een job die ze niet meer zien zitten, wordt het met een basisinkomen makkelijker om te zeggen: Ik stop ermee en ik kijk uit naar een baan die me meer werkplezier bezorgt. Philippe Van Parijs noemt het basisinkomen onder andere om die reden een instrument van vrijheid.’

april 12, 2017 at 1:00 pm 1 reactie

GRAAILAND? MAAIEN ZONDER ZAAIEN

                                             De zaaier

door Jef Coeck

 

Zou een boek een revolutie kunnen ontketenen? Natuurlijk, het is al meermaals gebeurd. Het ‘Communistisch Manifest’ van Marx en Engels – deels in Brussel geschreven –  heeft zo goed als wereldwijd de proletaar naar een beter lot doen grijpen. Het Rode Boekje van Mao? Dat was voor insiders, enkele honderden miljoenen, maar toch, een wat vertrouwelijk karakter. Niet vergeten dat ook de godsdienstoorlogen door geschriften zijn veroorzaakt.

En zou in ons landje een boek opstanden kunnen ontketenen? We kijken er naast, maar het is volop bezig. Terwijl iedereen roept dat rechts-extreem overal aan de orde is, zien we links over het hoofd. Peter Mertens, leider van de PVDA (Partij van de Arbeid) en zijn compagnon Raoul Hedebouw in Wallonië (PTB, Parti du Travail de Belgique) presteren nog nooit geziene dingen. In enkele jaren tijd schreef Mertens, geholpen door zijn achterban, drie boeken waarvan twee ongehoorde bestsellers. ‘Hoe durven ze?’ en zijn jongste ‘Graailand’ blijken nooit geziene oplagen te halen, zeker voor zo’n doorgaans verfoeielijk geheten lectuur.  Voor de goede orde: volgens Van Dale betekent graaien: wegkapen.

Het vorige deel ging hoofdzakelijk over de internationale graaiers, met name zij die een poot hebben binnen de Europese Unie. Dit derde deel gaat over de dieven die ons in eigen land bestelen. Het zijn niet enkel de rijken en machtigen maar ook politici, van groot tot klein. Niet allemaal, maar wel meer en meer. Het is nu haast zo ver dat vele landgenoten een mandaat nastreven, om te kunnen graaien. Daar bestaan statistieken over, nagetrokken door de eigen studiedienst van Mertens  en Co.

Mertens: ‘Toen ik in 2011 ‘Hoe durven ze?’ schreef, hadden 325 multimiljardairs  even veel geld als de 3,5 miljard armste mensen. Vandaag zijn het er geen 325 maar 62. Dan weet je: het gaat ontploffen.’ En hoe weten we dat het links geschrijf effect heeft? Vooreerst door de grote oplagen, in de tienduizenden op geen tijd. Dit gegeven, in combinatie met de politieke opiniepeilingen levert een bijna ongelooflijk resultaat af, zowel in noord als in zuid. In Wallonië wordt de PVDA/PTB de tweede grootste partij, nog voor de eeuwenoude socialisten van de PS en zijn Elio di Rupo. In Vlaanderen wipt de partij twee keer over de kiesdrempel. Het blijft voorlopig bij peilingen, maar die plegen ook wel eens uit te komen.Leven we daarom na de volgende verkiezingen in een pseudo-communistische staat?

Nee, maar nu leven we in een tweesporenmaatschappij. Voor de ene klasse van mensen zijn de normen: weinig steun, veel voorwaarden en harde sancties. Voor de andere klasse van mensen geldt: veel steun, bijna geen voorwaarden en sancties die kunnen worden afgekocht met geld.

Bij een transactie waarmee hij 100 miljoen binnengraait betaalt Marc Coucke (de ondernemer, niet de medewerker van het Salon) geen cent belasting – en daar is hij nog fier op ook. Het is bekend dat de werkster van een multinationaal bedrijf meer belasting betaalt dan het rijke bedrijf zelf. Bij wijze van enkele sprekende voorbeelden. Dat dit tot woede leidt bij een groot deel van de bevolking, zal niemand verbazen. Uit die woede verklaart Mertens de ommekeer in het politieke landschap. Natuurlijk moet er nog gestemd worden, in 2018 en 2019. Als dan zou blijken niets te kloppen van de peilingen, kan de woede alleen nog maar stijgen.

Het gerommel, gesjoemel en gegraai speelt zich niet enkel op puur politiek niveau af. Het is evenzeer present in de werkgelegenheidssector, in de zorg, in de pensionering, in het transport, in de openbare werken en in tal van andere noodwendigheden. Geen wonder dat de armoede in België hand over hand toeneemt.

Ook met de N-VA aan de macht blijft ons land vooral een belastingparadijs voor het grootbedrijf, aldus Mertens. In 2015 bezetten vennootschappen van AB InBev, ExxonMobil, en Electrabel de eerste drie plaatsen in onze top vijftig. Zij maken in totaal 6,46 miljard winst en die wordt belast tegen 0,6 procent. Terwijl de energiearmoede stijgt en de prijzen door het dak gaan, bedraagt de belastingvoet van Electrabel in 2014  welgeteld 0,4 procent. Dure elektriciteit, heette destijds al een programma van Maurice De Wilde. Goed dat de man het vandaag niet meer hoeft mee te maken. In plaats van Electrabel behoorlijk (zwaar) te belasten, verhoogt de regering de btw op de elektriciteit.

De boeman van de rijken heet ‘miljonairstaks’. Het is een zachtere aanpak dan men van ex-communisten en –maoïsten had kunnen verwachten maar toch wordt deze nieuwigheid afgewezen bij perceptie. Deze taks slaat alleen op fortuinen van meer dan 1 miljoen euro, bovenop de eigen eerste woning met een waarde tot 500.000 euro. Het is een progressieve belasting, met een maximum-aanslagvoet van drie procent: één procent belasting op het deel van het vermogen boven de 1 miljoen euro, twee procent op het deel boven 2 miljoen en drie procent op het deel boven 3 miljoen. De taks laat alle vermogens lager dan 1 miljoen ongemoeid. Bovendien wordt de woning die het gezin betrekt, vrijgesteld voor een bedrag van 500.000 euro. Concreet: de onbelaste schrijf bedraagt in de meeste gevallen 1,5 miljoen euro. Deze door sommigen halfzachte maatregel genoemd, kreeg uitdrukkelijk niet de naam van ‘vermogensbelasting’, want dat is het niet. Aan het vaste vermogen wordt niet geraakt.

Natuurlijk neemt dat het verzet niet weg. Het komt met name uit de hoek van de ultra-liberale hoek,  meer bepaald Bart De Wever en Gwendolyn Rutten. Zij willen hun partijen laten draaien op het graaien – en totnogtoe slagen ze daar aardig in. Geen wonder dus dat de grootste politieke graaiers bij de N-VA en de Open VLD zitten. Wie daar nog aan twijfelt heeft de actualitieit van de jongste maanden niet goed gevolgd. Het spreekt andere partijen of sommigen van hun leden natuurlijk niet vrij. Het venijn zit overal maar bij de een weleens meer dan bij de anderen.

                                               De graaier

Hoe krijgen we deze augiasstal ooit uitgemest? Met een Hercules die sterk, nobel, eerlijk, deugdzaam en standvastig is?  En geen dictatoriale neigingen ontwikkelt. Waar zit hij/zij die België, of desnoods Vlaanderen, op het rechte pad brengt. Liefst zonder revolutie. Toch kan het geen kwaad dat Mertens al begint te shrijven aan zijn eigen ‘’communistisch’ manifest’, waarbij we de drie vorige boeken zullen beschouwen als zijn ‘Das Kapital’.

Peter Mertens, Graailand, Het leven boven onze stand, Berchem, EPO, 2017

april 6, 2017 at 1:44 pm 3 reacties

SERIEUS, AMERIKA?

Cartoon door David Rowe

Cartoon door David Rowe

calvin-post-trump

Tom Ronse

Ik zit nog wel met enkele vragen na deze verkiezingen. Zoals: waarom speelt Trump op het einde van zijn meetings altijd “You can’t always get what you want”, ondanks Mick Jaggers verzoek om daarmee op te houden? Is dat ironie of sarcasme? En: is de nieuwe president een psychopaat of is hij een sociopaat?

Net als Brexit toont zijn verkiezing dat de ontevredenheid en angst van een groot deel van de bevolking de laatste jaren enorm is toegenomen.  Daar zijn goede redenen voor: door de onstuitbare opmars van de automatisering en de harde concurrentie op de globale arbeidsmarkt zijn steeds meer mensen onzeker of ze morgen nog een baan zullen hebben, de kloof tussen rijk en arm groeit, de armoede en oorlogen jagen miljoenen op de vlucht, de klimaatrampen worden erger…en het zal er niet op verbeteren. Volgens een recente studie zal de armoede in de VS in de komende jaren fel toenemen.  Zie: http://www.cbsnews.com/news/80-percent-of-us-adults-face-near-poverty-unemployment-survey-finds/2/ 

Je zou denken dat dit een vruchtbare voedingsbodem zou zijn voor links. Maar het is rechts die de verbeelding van de massa verovert. Rechts, vermomd als anti-elitair. Trump noemde zijn campagne “een opstand tegen de elite”.  Dat hijzelf tot de elite behoort is geen bezwaar,  integendeel, zo kent hij “het systeem beter dan wie dan ook”, zoals hij zelf zegt. Belangrijker is wat hij zegt en hoe hij het zegt.  Het straffe aan deze verkiezingen is dat al de gebreken van de winnaar (zijn gebrek aan politieke ervaring, zijn beperkte kennis, zijn lompheid, zijn agressiviteit, zijn hoogmoed, zijn sexisme en racisme, zijn ijskoude relatie met de leiders van zijn eigen partij en ik kan zo nog wel een tijdje doorgaan) in zijn voordeel werkten. Hij won omdat een niet-politiek correcte anti-politicus voor velen meer vertrouwen inboezemt dan een product van het Washington establishment, gesteund door Wall Street, de vakbonden, de meeste media, etc.

Ook links Amerika steunde Clinton, Bernie Sanders op kop. Grotendeels uit afkeer voor Trump. Toch is het merkwaardig om linksen zoveel enthousiasme aan de dag te zien leggen voor de kandidaat van Wall Street. Sommigen zelfs klakkeloos de propaganda weergalmend dat, in tegenstelling tot wat Trump beweerde, Amerika het nog nooit zo goed had, wat hen nog meer vervreemt van hen die iets anders ervaarden.

collage: Leone Ermer

collage: Leone Ermer

De triomf van Trump zaait paniek ter linkerzijde. “Binnen een jaar is Amerika een smeulende puinhoop”, “het zal geen half jaar duren voor hij een oorlog ontketent” en andere sombere voorspellingen zijn niet uit de lucht.  Even bedaren mag wel.

Trump heeft veel beloofd. Hij gaat de goede jobs, vast werk voor een fatsoenlijk loon, terugbrengen.  Niet alleen in de metropolissen van de East en West Coast, waar de economie relatief goed draait maar ook in het uitgestrekte gebied tussen in, waar de vooruitzichten donkerder zijn.  Hij zal dat doen door de ongedocumenteerde immigranten te deporteren, een muur aan de Mexicaanse grens te bouwen, belangrijke handelsverdragen te schrappen. Een wansmakelijk recept, inderdaad. Maar zal de soep zo heet worden verorberd als ze tijdens zijn campagne werd opgediend?

De president van Amerika is een machtig man maar toch ook niets meer dan een rader in een machine.  De inherente dynamiek van die machine kan hij niet ombuigen. Daarom zullen de globalisering en de automatisering ook onder Trump blijven toenemen. Kapitaal zoekt winst, dat is het grondprincipe.  De middelen daartoe zijn globalisering en automatisering, met alle gevolgen vandien.  Vandaar de nostalgie die Trump hielp winnen. Maar het betekent ook dat Trump niet in staat zal blijken om zijn beloften waar te maken. De goede jobs keren zullen niet terugkeren,  de illegale immigranten, onmisbaar onderdeel van de Amerikaanse economie, zullen blijven, zelfs de muur komt er wellicht niet.

Zijn overwinning werd door sommige linksen zelfs vergeleken met die van Hitler.  Maar Trump is geen Hitler. Zelfs geen Mussolini, al vertoont zijn mimiek wel een gelijkenis. Een betere vergelijking is Andrew Jackson, de Amerikaanse president in de vroege 19de eeuw.  We hadden het eerder over hem HIER.  Net als Trump was hij anti-politiek correct, lomp en agressief. Net als Trump won hij dank zij een ontevreden blanke arbeidersklasse. Net als Trump was hij gul met populistische beloften die hij niet kon noch wou waar maken.

Om de steun van zijn kiezers te behouden had Jackson nood aan een vijand, een mikpunt voor de frustraties.  De slachtoffers van dienst waren de indianen die Jackson massaal liet deporteren.  Nog een vraag waarmee ik zit: wie wordt het mikpunt als de mislukking van zijn beleid voor Trump de nood aan een vijand doet rijzen?

donald-trump-middle-finger-to-the-lord

 

 

 

 

november 10, 2016 at 7:42 am 9 reacties

HET VERSCHIL TUSSEN CORRUPTIE EN PERCEPTIE

Daniël Termont

Daniël Termont

 

door Jef Coeck

De Gentse burgemeester Daniël Termont komt niet uit een socialistisch nest, wat niet betekent dat hij geen socialist kan zijn. Vanaf zijn 14de is hij bij de ‘roden’ ingetrokken, jongerenbeweging, mutualiteit, buurthuis De Vuist, dan voorzitter SP-afdeling Mariakerke. Gemeenteraadslid, Bond Moyson. En in 1995 volstijds schepen in Gent, voor haven en economie. Sinds 2007 burgemeester en mandataris in meerdere energiebedrijven. En, niet vergeten, bestuurslid van de ‘Buffalo’s’ (voetbalclub AA Gent).

In 2012 voerde hij – tegen de zin van zijn partijbestuurders – een kartellijst SP.A-Groen aan en behaalde de absolute meerderheid met meer dan 44.000 stemmen, een Gents record. In 2014 werd hij verkozen tot tweede van de drie beste burgemeesters ter wereld. Hoe dat berekend wordt is mij een raadsel, feit is dat zijn populariteit steeds groeiend was en dat hij van het middeleeuwse Gent een moderne stad wist te maken, zonder veel vernietiging van erfgoed. Geen kleine prestatie voor een man die begon als ‘burgemeester van de Gentse feesten’ en wiens aanvankelijke reputatie gebaseerd was op populisme. Dat laatste blijkt dus niet te kloppen, Hij is niet enkel in perceptie populair, hij heeft gemeenschapsdaden verricht waar voorgangers niet aan toe kwamen. Gent is nu een moderne, levendige stad, die toch haar verleden in ere houdt.

Voor het op een hagiografie gaat lijken, komen we tot de essentie van dit verhaal. Het faillissement van een relatief kleine bank, Optima genaamd, heft de allure van een’affaire’ gekregen. Er zou gesjoemeld zijn, met handen in kassa’s gegraaid, tot het faillissement onafwendbaar leek. De BBI (Bijzondere Belastinginspectie) heeft opdracht gekregen alles tot op het bot uit te spitten. In het parlement is een onderzoekscommissie opgericht. De Gentse oppositie, in de

Bracke

Bracke

persoon van voormalig journalist Siegfried Bracke ijvert om Termont weg te krijgen, zodat hijzelf burgemeester kan worden. Zover is het nog lang niet. Termont was half en half bevriend met de eigenaar van de bank, Jeroen Piqueur, tot voor kort een man achter de schermen, een van de 1% rijken die zich ongenaakbaar wanen. Er bestaan foto’s van de twee, die samen het glas heffen. Dat is niet verboden. Evenmin is het een vergrijp dit te doen op een boot – die niet eens het dure luxe-yacht van Piqueur bleek te zijn. Er zijn ook geen aanwijzingen van omkoping of wat dies zij, in het voordeel van Termont.

   Jeroen Piqueur


Jeroen Piqueur

Het merkwaardige is dat burgemeester Termont zich openlijk excuseert omdat zijn naam genoemd was in de affaire. De wijze ouderling van de partij, Louis Tobback, verwoordt het zo: ‘Daniël heeft dat heel ongelukkig aangepakt. Hij heeft zich willen verontschuldigen voor iets wat hij niet heeft gedaan. Het roemruchte ‘et alors’ van François Mitterand (zijn reactie op berichten dat hij een buitenechtelijk kind had/red.)was hier op zijn plaats geweest.’ En nog: ‘Of je met iemand als Piqueur omgaat moet je zelf weten. Ik heb de indruk dat ik hem al op een kilometer afstand kan ruiken.’

Crombez

Crombez

Er bestaan ook foto’s van SP.A-voorzitter John Crombez met bankier Piqueur. Behalve die foto’s – niet verboden – kan in deze context geen enkel bezwarend feit tegen Crombez worden ingebracht. Zo’n foto is helemaal geen smoking gun, hooguit wat fletse rook. Dat is voor de ‘sociale’ media voldoende om het populaire spreekwoord boven te halen: waar rook is, is vuur.

Tijdens een emotionele gemeenteraadszitting eiste alleen het Vlaams Belang het ontslag van Termont. Zelfs de N-VA deed dat niet. De burgemeester smeekte de oppositie officieel klacht in te dienen. ‘Dan kan ik tenminste voor de rechtbank bewijzen dat ik niets misdaan heb.’
En nog: ‘Ik zeg u met de hand op het hart dat ik nooit aan foefelarij heb deelgenomen. Netwerken is onze kracht in de stad. Als Gent niet meer mag spreken met ondernemers, zal Gent niet de ontwikkeling kennen die het de afgelopen twintig jaar kende.’

Overeengekomen werd om binnen de gemeenteraad een openbare onderzoekscommissie ad-hoc op te richten. De eerste bijeenkomst moet plaats hebben nog voor de  Gentse Feesten – (15-24 juli). Of het allemaal zo feestelijk zal worden als door sommigen wordt gehoopt, is twijfelachtig. Het feestgedruis is nu al lang voorbij, maar waar niets van wordt vernomen is de onderzoekscommissie.

Luc Van den Bossche

Luc Van den Bossche

Er zijn nog een paar andere ‘big shots’ in the running. Met name: voormalig (?) SP.a-lid Luc Van den Bossche en Open VLD’er Geert Versnick. En natuurlijk bankier Piqueur zelve.
Opvallend is de fin-de-carrière van voormalig socialistisch icoon en minister Luc Van den Bossche, ex-CEO van BIAC (de maatschappij die de luchthaven van Zaventem uitbaat) en sinds begin 2015 voorzitter van de raad van bestuur van de Optima-vastgoedafdeling. Van den Bossche wist al lang dat de nu in faling verklaarde Optima-bank in slechte papieren zat, maar stapte pas voor een paar weken op omwille van de rijkelijke ontslagvergoeding. Hij wordt daarmee hét icoon van het Vlaamse kaviaarsocialisme, gekenmerkt door een niets ontziende honger naar macht, status en materieel gewin. Het gezicht en de lichaamstaal spreken boekdelen. Maar men moet dit historisch terugkoppelen: het nihilisme van dit soort figuren komt voort uit een complete verloochening van idealen, die zijn wortels al heeft in het hedonisme (‘vrijheid-blijheid’) van de mei 68-generatie en het gekoesterde waanidee dat je de revolutie voorbereidt door je zakken te vullen.

Versnick

Versnick

Geert Versnick, een gerateerd liberaal politicus,thans provincieraadslid, maakt zich voor de partij verdienstelijk door de vuile klussen op te knappen. Twee maanden voor Optima Bank kapseisde, ging topman Piqueur nog bij de provincie Oost-Vlaanderen hengelen naar 10 miljoen euro. Aan tafel zat ook liberaal Geert Versnick, gedeputeerde én… bestuurder bij Optima Group. “Dit krijg je niet uitgelegd”, klinkt het zelfs binnen Open Vld. Dit wordt dus ook een fin-de-carrière. Of erger.

Intussen vernemen we dat niet enkel Optima Bank zich kapot gesjoemeld heeft, maar ook de moederholding Optima Group lijkt een vogel voor de kat. Haar boekjaar vertoont een verlies van 30,5 miljoen euro. En volgens de revisor Ernst & Young is de put nog veel dieper, zij hebben de jaarrekening vlakweg afgekeurd. Hoofdoorzaak is natuurlijk het faillissement van Optima Bank, waarvan de Group voor 98 procent aandeelhouder is.
Grote baas, tot voor kort nog een grote onbekende Piqueur, zou wel ’s achter de tralies kunnen verdwijnen.

Ben benieuwd na welke Gentse Feesten de onderzoekscommissie klaar zal zijn met haar werk. Intussen krijgen de verdachten ruimschoots de tijd om met middelen die zij alleen kennen een nieuwe ‘onschuld’ op te bouwen, in alle betekenissen van het woord.

OP 7

augustus 11, 2016 at 12:38 pm 12 reacties

PRO-BREXIT, PRO-TRUMP EN TOCH LINKS? HET KAN!

brexit-7

Door Tom Ronse

Een spook waart door Europa en het is duidelijk niet datgene waar Marx en Engels het over hadden in hun Communistisch Manifest. Het is een zwart spook dat nationalisme predikt en xenofobie. Het wil grenzen sluiten en muren bouwen, immigranten “repatriëren”. Je zou verwachten dat het ter linkerzijde unaniem zou verafschuwd worden maar dat blijkt niet zo. Er zijn ook linksen die het spook toejuichen.

In Engeland werd de zege van Brexit niet alleen door de aanhangers van Nigel Farage en Boris Johnson gevierd maar ook door linkse vakbondsleiders zoals Mick Cash, linkse celebrities zoals Julian Assange en Tariq Ali en opiniemakers als John Pilger die Brexit  prees als “een daad van rauwe democratie”.

Naar verluidt stemde de meerderheid van de Engelse “arbeidersklasse” (hoe men die definieert is natuurlijk de vraag) voor Brexit. Volgens The Times stemde 86% van de kiesdistricten met een hoge  industriële tewerkstelling er voor. Vooral in regio’s met hoge werkloosheid had de “Leave”-campagne veel sukses. Wat die kiezers in de eerste plaats motiveerde, zo blijkt uit polls, was angst voor de toekomst: angst om door automatisering uitgestoten te worden, angst om lonen en uitkeringen te verliezen door buitenlandse concurrentie en de toevloed van miljoenen vluchtelingen,  angst door de toename van spectaculair geweld, enz.

imiagrunts

Dat zijn inderdaad goede redenen om bang te zijn maar of het VK al dan niet in de EU blijft, zal weinig aan die trends veranderen. Dit was geen referendum over automatisering of globalisering, die zullen hoe dan ook voortgaan. Over immigratie ging het evenmin. Geen haar op Boris Johnsons wilde scalp die eraan denkt om de kraan dicht te draaien of om de Polen en Pakistanen die het zwaarste werk voor de laagste lonen verrichten het land uit te zetten. Minst van al ging het over democratie. De EU mag dan een bureaucratisch monster zijn maar het VK is geen democratisch alternatief. We hebben het hier tenslotte over een land waarvan het staatshoofd (de koningin) benoemd is door God, waar een van beide kamers van het parlement (the House of Lords) bestaat uit niet verkozen edelen en bischoppen en het kiessysteem zo ondemocratisch is dat de laatste verkiezingen (2015) voor een partij (de UKIP) die 3,9 miljoen stemmen haalde één zetel opleverde terwijl een andere (de SNP) die 1,5 miljoen stemmen won 56 zetels kreeg.

Nee, niet over democratie of immigratie of globalisering ging het referendum, wel over wie de chaos het best in de hand kan houden.  Die dreigende chaos is de achtergrond van Brexit.  Als het referendum in zonniger tijden had plaats gehad dan zou men aan de uitslag niet zo zwaar getild hebben. Maar dan was de uitslag wellicht ook anders geweest. Nu werd de uitslag bepaald door een groeiend gevoel van onrust en ontevredenheid.  Een nieuwe globale recessie zou het wellicht aanwakkeren en niet alleen in Engeland.

Een golf van nostalgie

Volgens de eerder vermelde poll vinden de meeste Leave-stemmers dat het leven in Groot-Brittannië 30 jaar geleden beter was en dat de kinderen die nu opgroeien een slechter leven zullen hebben dan hun ouders. In steeds meer landen vinden steeds meer mensen blijkens opiniepeilingen dat het vroeger beter was, ongeacht het politiek regime dat toen aan de macht was. Zelfs Oostblok-regimes en brutale dictators zoals Saddam Hoessein en Khadafi wekken nostalgie op.  Pessimisme is troef. Bij gebrek aan toekomstperspectief keren de blikken zich naar het verleden. Een golf van nostalgie rolt over de wereld en maakt van de groeiende ontevredenheid vruchtbare grond voor het discours van Trump, Le Pen, Wilders en Farage.

Brexit-propaganda

Brexit-propaganda

De meeste kiesdistricten die traditioneel Labour stemden hebben voor Brexit gekozen, hoewel de partij oficieel in het Remain-kamp zat.  Dat is minder verbazingwekkend dan het misschien lijkt. Met Tony Blair aan het roer sprong Labour op de neo-liberale trein maar de vakbondsbasis van de partij bleef intussen de ontevredenheid  masseren met het verhaal waarin buitenlandse concurrentie de boosdoener is en protectionisme de oplossing.

Vandaar is de stap naar een nationalistisch wereldbeeld waarin immigranten vijanden zijn niet zo groot. Dat heeft ook Donald Trump begrepen. In zijn laatste speechen was oppositie tegen vrijhandelsverdragen zijn hoofdthema.  Dat was ook het hoofdthema van Bernie Sanders.  Volgens een Bloomberg-poll is 22 % van de supporters van Sanders van plan om voor Trump te stemmen. Trumps strategie lijkt er nu op gericht om dat percentage op te drijven. Hij hekelt de globalisering “die de elite zeer rijk heeft gemaakt  en miljoenen arbeiders in de kou liet staan”. “Hij valt Hillary Clinton aan langs links”, observeerde The New York Times.  Ook andere kranten vonden het een slimme zet, de enige manier waarop hij kan winnen.

Het ‘grootste kwaad’

In de satirische Daily Show was er onlangs een segment waarin Sanders-supporters die nu Trump steunen voor schut werden gezet als een stel idioten. Het is waar dat er op allerlei vlakken een hemelsbreed verschil is tussen Sanders en Trump. Maar de Daily Show negeerde dat er ook belangrijke raakpunten zijn tussen beiden. Genoeg volgens sommige linksen om Trumps foute standpunten door de vingers te zien.

trump 0

Een van hen is Boris Kagarlitsky. Deze publicist schreef onlangs een opiniestuk  getiteld “Who’s afraid of Donald Trump?”   dat nogal wat discussie opwekte in uiterst linkse kringen. Kagarlitsky werd bekend als een van de enige dissidenten in de USSR die het regime vanuit een marxistische invalshoek bekritiseerden. Ook in dit essay hanteert hij een soort marxisme. Tijdens de voorverkiezingen steunde hij Sanders maar nu valt hij uit tegen de tendens van links om de rangen te sluiten achter Hillary Clinton, “the lesser of two evils”. Sanders zelf heeft gezegd dat hij alles wil doen om te voorkomen dat Trump wint. Maar voor Kagarlitsky is niet Trump maar Hillary “the greater of two evils”. Zij vertegenwoordigt de neo-liberale status quo, de dominantie van het financieel kapitaal dat de wereld in 2008 in recessie dompelde en een agressieve politiek tegen de werkende bevolking voorbereidt. Trump daarentegen vertegenwoordigt de bouwsector en het industriële kapitaal die  achteruit boerden omdat hun belangen ondergeschikt werden gemaakt aan de speculatieve geldhonger van het financiële kapitaal. Net als Sanders zou Trump het financiële kapitaal dwarsbomen door de vele miljarden te blokkeren die de banken en hun omgekochte politici toelaten om te parasiteren op de  rug van de “echte” economie. Kagarlitsky ziet een globale revolte van het industriële kapitaal en juicht de trend toe. “Verandering is op komst”, voorspelt hij, “het huidige neoliberale model van kapitalisme is uitgeput. Als links er niet voor wil of kan vechten zullen het rechtse populisten zijn zoals Trump en Le Pen die het de fatale slag toebrengen”.

Trump is een kapitalist, erkent Kagarlitsky. Maar “de nederlaag van het financiële kapitaal, ongeacht wie het tot stand brengt, zou een nieuw tijdperk openen in de ontwikkeling van de westerse maatschappij, ze zou onvermijdelijk de arbeidersklasse versterken en haar organisaties nieuw leven inblazen.” Zelfs Trumps belofte om een muur te bouwen tussen de VS en Mexico vindt gratie in zijn ogen. Op zich is het “redelijk absurd”, geeft hij toe,  maar hij ziet het ook als een “keynesiaans project” dat “honderden duizenden banen zou creëren” aan beide kanten van de grens.

Wat nog maar eens toont  dat je met “marxisme” alle kanten uit kunt.  Maar het idee dat Trump een vijand is van het financieële kapitaal is ook “redelijk absurd”. Zelfs voor een marxist. De epische strijd tussen het financiële en het industriële kapitaal bestaat alleen in Kagarlitsky’s verbeelding. In werkelijkheid zijn ze innig verwoven en trekken ze aan hetzelfde touw.  Ook Hillary en Donald.

friends

Maar Kagarlitsky  heeft geen ongelijk als hij wijst op de nauwe banden tussen de Clintons en Wall Street. Hillary weigert steevast om de inhoud van de dure speechen die ze voor Wall Street kaders gaf vrij te geven. Wat daar gezegd werd is blijkbaar niet geschikt voor mijn of jouw oren. Clinton vertegenwoordigt inderdaad de status quo.  Haar campagne is niet gebaseerd op voorstellen om de problemen anders aan te pakken maar op de belofte om de huidige rotzooi kundig te beheren. Haar voornaamste argument is dat Trump het nog veel erger zou maken.

Er is het verlangen naar verandering maar er ontbreekt een toekomstperspecief.  Kagarlitsky heeft misschien gelijk: als de verandering niet van links komt, zal ze van rechts komen.  Bij gebrek aan toekomstperspectief, wint het verledenperspectief. Maar in tegenstelling tot Kagarlitsky worden we daar niet vrolijk van.

poster

Een Trump-citaat

Een Trump-citaat

juli 5, 2016 at 5:13 am Plaats een reactie

ZEEP & SANSEVERIA’S

 

D31_0038, 22-08-2003, 09:14,  8C, 2766x4318 (719+1586), 88%, afficheextraza, 1/120 s, R61.0, G42.2, B59.5

 

door Lucas Catherine

 
In de goeie ouwe tijd toen het werkvolk in huis nog geen kraantjes met warm water ter beschikking had, zelfs geen badkuip, werd ik iedere zaterdag gewassen in de waskuip waarin mijn moeder ook het linnen waste. Zowel het ondergoed als ikzelf werden gewassen met zunlicht zeep, onze Brabantse uitspraak van Sunlightsoap.

En die zeep kwam uit de Kongo, of toch de palmolie waarmee ze werd gemaakt. Ze was een van de producten van Baron Zeep. Zo werd in Brussel en omstreken Lord Lever (ja, de man achter het huidige Unilever) genoemd. Later werd dit een scheldwoord voor een ‘nouveaux riche’ die op slinkse manier stinkend rijk is geworden. Hij was indertijd zijn carrière begonnen in de kleine Noordengelse havenstad Sunlight, die hij zelf stichtte (bij Liverpool). Zijn fortuin maakte hij echter in de Kongo en wel dankzij ondermeer socialistenleider Emile Vandervelde die in hem een ideale paternalistische kapitalist zag. Vandervelde, groot criticus van de plundertechnieken van Leopold II verklaarde dan ook in het parlement “De dag dat Mister Lever in Kongo zal zijn, zal het een groot voordeel zijn voor de inboorlingen.” Volgens hem paste Lever perfect in zijn theorie van ‘socialistische kolonisatie’.

Zijn fortuin maakte Lever met de Huileries du Congo belge en de Raffinerie du Congo belge. En de socialisten werden beloond met een zitje in de raad van bestuur, met name de politicus Louis Bertrand, een van de stichters in 1885 van de Belgische Werkliedenpartij. De Gentse Luc Van den Bossche heeft dus een illustere voorganger als het om zetelen in geldgraaiende raden van bestuur gaat. Het werd blijkbaar een partijtraditie. Arme John Crombez!
Lord Lever en zijn bedrijven kregen grote stukken van Kongo toegewezen

Lev 2

En de Zeepbaron kreeg zelfs zijn eigen stad, Leverville (nu Lusanga). Sociaal kon je zijn kolonisatie niet noemen. Hele bevolkingen werden verplaatst naar zijn arbeidskampen. De sterftecijfers liepen daar heel hoog op en zieken moesten gewoon oprotten. Het zou tot een grote opstand leiden van de Pende, het volk rond Leverville. Die waren zo woest dat zij de lokale verantwoordelijke Maximilien Balot eerst vermoordden, dan zijn lijk in stukken sneden en uitdeelden aan de verschillende Pende-leiders.

Lev 3

 

De Raffineries du Congo belge had zijn fabriek in Baasrode aan de Schelde waar de palmolie rechtstreeks uit Kongo arriveerde.

Haar hoofdkwartier was net als dit van de Huileries en de Savonnerie en nog enkele andere firma’s van de Baron Zeep in het Brusselse Lever House. Dat hoofdkwartier werd in 1922 ingericht en bestaat nog altijd. Van buiten zie je niets dat naar Kongo verwijst. Maar zodra je in de hall komt denk je dat je in het Museum van Tervuren bent.

 Lev 4

Dezelfde vloer, de zelfde marmer tegen de muren, dezelfde nissen met beelden van Kongolezen. Bij nader toekijken merk je dat alle beelden Pende voorstellen die palmnoten oogsten.

 

 

Niet alleen is het verhaal achter de rijkdom van Lord Unilever vergeten, niemand heeft bij mijn weten ooit over dit mini-Africamuseum geschreven.

Lev 5

Tot hier het verhaal van de meest winstgevende oliehoudende plant uit Kongo, de palmnoot.

Maar ook een Kongolese vetplant werd wereldberoemd, dan toch in België.

In 1893 startte broeder Justin Gillet in Kisantu een plantentuin. Bedoeling was om zoveel mogelijk planten uit Kongo in een tuin te verzamelen. Een door iedereen nu gekende plant, waarvan niemand zich nog de Kongolese origine herinnert zal zo België bereiken na een reis via de Jardin Colonial van Leopold II in Laken en de Brusselse Plantentuin, de Sanseveria. In 2011 organiseerde de Plantentuin van Meise nog een workshop volledig gewijd aan de Sanseveria.

In Kongo worden de vezels van de bladeren gebruikt om te weven. Een bepaalde soort Sanseveria levert zelfs een sap dat gebruikt werd in gifpijltjes.

Zijn massale verspreiding is echter het werk van ‘onze’ missionarissen. Die hadden geen geld. Wanneer ze overkwamen naar België was dit om te bedelen voor de missies. Officieel arm, konden zij zich geen mooie kado’s uit Kongo veroorloven voor vrienden en familie. En daar bracht de Sanseveria redding. De plant kan het weken zonder water stellen en kon dus makkelijk de reis met de Kongoboot overleven. Een ideaal geschenk. En daardoor ging hij onze raamkozijnen, café’s en parochiezalen veroveren. Het werd een typische Belgische plant waar de Nederlanders meewarig om lachen. Het weze indertijd het Simplistisch Verbond op TV of de carnavalschlager in Breda:

Mijn sanseveria staat voor het raam
En als ik binnen kom dan gaat tie staan
Het is een plantje van een meter hoog
Maar met carnaval dan staat hij altijd droog

 

Lev 6 Sanseveria

 

Van Lucas Catherine verschijnt bij uitgeverij EPO dit najaar: Kongo, een voorgeschiedenis.

 

juni 23, 2016 at 3:08 pm 3 reacties

“DE EXTREMISTEN ZIJN AL AAN DE MACHT”

Michael Parenti haat privatisering

Michael Parenti

Michael Parenti

Door Tom Ronse

Michael Parenti is al sinds vele jaren een van de bekendste Amerikaanse woordvoerders van wat men “extreem links” pleegt te noemen. Zelf noemt hij zich “gematigd”. “Wij zijn geen extremisten”, schrijft hij in zijn zopas in het Nederlands vertaalde boek “Winsthonger”. “De extremisten hebben de macht al in handen”.

“Wat is er zo extreem”, vraagt Parenti, “aan de wil een einde te maken aan klassenuitbuiting en een halt toe te roepen aan de obscene privileges van de superrijken? Is het extreem om te eisen dat er substantieel wordt gesnoeid in de hoge uitgaven voor defensie en dat het uitgespaarde geld gebruikt wordt voor een fatsoenlijke dienstverlening? Is het extreem als je het milieu wil redden en je je verzet tegen moorddadige oorlogen?”  Nee, de ware extremisten zijn volgens hem de plutocraten die door hun vraatzuchtige winsthonger de wereld naar de verdommenis helpen.

Parenti begint zijn betoog met een beknopte geschiedenis van de VS. Donald Trump mag dan beloven “to make America great again” maar volgens Parenti was Amerika nooit “great”, toch niet voor de grote meerderheid van de bevolking. Nog voor het land onafhankelijk was, veroorzaakte  de winsthonger onnoemelijk veel leed. De inheemse bevolking werd grotendeels uitgeroeid, de uit Afrika geimporteerde zwarten ondergingen de meest brutale vorm van uitbuiting:  slavernij. Ook na de afschaffing van de slavernij (1861) hield de geinstitutionaliseerde raciale discriminatie stand. Tot vandaag, volgens Parenti, onder meer door een bestraffingssysteem dat vooral zwarten vervolgt. Hij wijst erop dat er meer zwarten in de Amerikaanse gevangenissen zitten dan er slaven waren in 1850. Ook andere minderheidsgroepen  werden en worden gediscrimineerd. Voor de rijke elite is die discriminatie geen doel op zich. Racisme, religieuze en etnische haat zijn niet enkel gebaseerd op spontane vooroordelen, ze “maken deel uit van het instrumentarium van de winsthonger”. Ze zorgen ervoor dat de uitgebuiten elkaar bevechten “in plaats van zich te verenigen tegen het machtige 1 procent”, de bron van hun ellende.

Toen Amerika een imperium werd, deed dat winsthongerige 1 procent hetzelfde op internationaal vlak.  Plunderen, de locale bevolking een extreme uitbuiting opleggen, discrimineren, verdelen om te heersen en elk verzet tegen zijn heerschappij met geweld de kop indrukken. Dit met behulp van een gigantische, superdure militaire machine, met basissen in meer dan 150 landen. Volgens Parenti werden zowat alle oorlogen en slachtpartijen sinds de tweede wereldoorlog “gesponsord” door Amerika. Het is niet de enige bewering in dit boek die wat meer nuance zou kunnen verdragen.

Parenti maakt het proces van het Amerikaanse kapitalisme. De bewijzen die hij aanvoert, zijn niet de minste. De getuigenissen die hij verzamelt over het gezondheidszorgsysteem bijvoorbeeld, zijn ronduit hallucinant.  Men zou kunnen opwerpen dat ze eenzijdig zijn maar uit eigen ervaring kan ik niet anders dan hem gelijk geven als hij concludeert dat de Amerikaanse op winst gerichte gezondheidszorg niet alleen de duurste ter wereld is maar in vele opzichten ook de minst performante voor de patiënten. Tenzij je een overvloed aan geld hebt. Dan is het een supersysteem.

health_scam1

Verder besteedt Parenti ruime aandacht aan de groeiende kloof tussen rijk en arm, de exploitatie van kinderen als seksobjecten en als goedkope arbeidskrachten, de ontaarding van het politiek systeem waarin economische ongelijkheid leidt tot politieke ongelijkheid en tot een fiscaal regime dat de rijken volop gelegenheid geeft om belastingen te ontduiken. Ook economische crises zijn volgens Parenti het gevolg van excessieve winsthonger, ten koste van de koopkracht van de loontrekkenden .”Recessies ontstaan wanneer arbeiders te weinig verdienen”, beweert hij, zonder evenwel deze toch wel zeer betwistbare stelling – zelfs Marx ridiculiseerde dit idee-  te argumenteren.

trein valt in afgrond Tenslotte schijnt hij zijn licht op de milieucrisis. Hoewel het zonneklaar is dat de klimaatopwarming de mensheid naar een catastrofe leidt, blijven fundamentele maatregelen uit omdat de  winsthonger ze in de weg staat. Het is alsof we in een trein zitten die op weg is naar een afgrond, schrijft Parenti. De winstwolven “monopoliseerden de valhelmen en de stootkussens en op het ogenblik dat de trein de afgrond induikt, hebben ze al hun dure spullen met gigawinsten verkocht. Kassa! Kassa! Iedereen de dieperik in, zij ook, maar wel met de glimlach op de lippen”.

 

Het lijkt irrationeel gedrag maar volgens Parenti zijn de economische misdaden van de 1 procent geen irrationele afwijkingen van een rationeel systeem maar rationele gevolgen van een irrationeel systeem. Toch lijkt dat gedrag hem allesbehalve “normaal”.  Het is een ziekte, een verslaving.  “Rijkdom werkt verslavend. Rijkdom wordt een allesverslindende passie. Weelde maakt hongerig naar nog meer weelde. Er staat geen maat op de hoeveelheid geld die de supperrijken willen accumuleren en dus accumuleren de verslaafden almaar meer voor zichzelf, meer dan ze in duizend jaar exuberant leven kunnen spenderen.”

millionaire

Parenti citeert de staalmagnaat David Roderick die ooit zei dat zijn bedrijf “niet actief was in de staalsector maar in de winstsector”.  Dat vat het probleem goed samen. Staal, of om het even welk ander product, is slechts een vehikel voor de accumulatie van winst. Het winstpotentieel  bepaalt wat wel en wat niet gemaakt wordt en dus hoe onze maatschappij er uitziet. Dat er een conflict groeit tussen wat het winststreven mogelijk maakt en de noden van de mensheid,  wordt in dit boek duidelijk geillustreerd.

De oplossing? Nog in de metafoor van de trein op weg naar de afgrond schrijft Parenti: “Dan moeten we naar de locomotief stormen, de bestuurder wegduwen, de trein overnemen, afremmen en een ander spoor kiezen”.  Een politieke revolutie die ertoe moet leiden dat de staat het gros van de economie overneemt. Want volgens Parenti is een bedrijf dat door de overheid wordt beheerd in plaats van door privé-kapitaal altijd efficienter, goedkoper, onnoemelijk veel beter voor zowel de klant als het personeel en kan de staat net zo goed voor het algemeen belang worden gebruikt als voor de belangen van het 1 procent.  Hij lijkt heimwee te koesteren naar het oostblok en wijst er schamper op dat volgens opiniepeilingen de meerderheid van de ex-oostblokbevolking vindt dat het leven “onder het kommunisme” beter was. Het model dat hem voor ogen staat is grosso modo een oostblok-economie maar dan veel democratischer beheerd.

Het is echter de vraag of het voor een arbeider (iemand die werkt voor een loon) zoveel uitmaakt of hij zijn bevelen krijgt van een kapitalist of van een bureaucraat. En dat die bureaucraat veel efficienter zal zijn dan de kapitalist, lijkt me ook twijfelachtig.  Bovendien zouden landen die een verregaande verstaatsing doorvoeren nog altijd opereren in een globale kapitalistische context.  Ze zouden niet ontsnappen aan de concurrentiedwang en dus aan de verplichting om voldoende winstgevend te zijn. De winsthonger zou niet verdwijnen. Autarkie is geen optie, zoals de ervaring van China en van het oostblok heeft aangetoond.

Wat oplossingen betreft, blijven we dus op onze honger. Wat niet wegneemt dat Parenti’s boek een indrukwekkende en vlot leesbare  cataloog is van misdaden en gevaren, veroorzaakt door winsthonger.

Nog even knibbelen over de vertaling. Die is over het algemeen degelijk maar de vertaler verzuimde om voetnoten te plaatsen bij termen die de Europese lezer niet meteen iets zeggen.  Dit boek is geschreven voor een Amerikaans publiek. Meestal is dat geen probleem maar termen als  de “Know Nothing”-beweging, Medicare en “het donutgat” vereisen toch enige uitleg.

 

MICHAEL PARENTI: WINSTHONGER

Originele titel: Profit Pathologies and other indecencies

Nederlandse vertaling: Jan Reyniers

Uitgeverij EPO

 

Interview:

titel

“Amerikanen krijgen voortdurend te horen dat ze in het beste land ter wereld wonen”, zegt Michael Parenti. “Ik schreef dit boek om hen te overtuigen dat het Amerikaanse systeem niet zo fantastisch is als ze wel denken. Dat de geschiedenis van dit land er een is van genocide,slavernij en uitbuiting, allemaal in functie van een pathologische, onverzadigbare winsthonger.  En dat openbaar bezit van diensten en bedrijven veel goedkoper, efficienter en nuttiger is dan privé-bezit. De massamedia hebben de Amerikanen zodanig  geindoctrineerd dat het woord “socialisme” hen angst aanjaagt. Maar dat lijkt te veranderen, zoals het sukses van Bernie Sanders aantoont.”

Wat vind u van deze verkiezingen?

Het ziet er niet goed uit. We moeten kiezen tussen Hillary Clinton en Donald Trump. De eerste is een oorlogstoker die wil tonen dat ze even hard en brutaal kan zijn dan om het even welke man. Een lege ziel zonder diepe overtuigingen. De tweede is ‘out of control’, een gevaarlijke clown. Ik zal wellicht voor de Green Party stemmen ook al is dat een verloren stem.

Hoe verklaart u Trumps sukses?

Dat is een gevolg van ons politiek systeem. De democratie is zodanig uitgehold dat verkiezingen over personaliteiten gaan in plaats van over standpunten. De Republikeinen hadden vroeger ernstige kandidaten. Dit jaar moesten ze kiezen tussen 16 clowns.

Zou u Sanders aanraden om als onafhankelijke derde kandidaat mee te doen aan de presidentsverkiezing?

Nee want onafhankelijke presidentskandidaten maken geen kans in ons systeem. Sanders beseft dit. Bernie is een goede vriend van me, we kennen elkaar al sinds we in de jaren 1970 samen politiek actief waren in Vermont. Ik brak met hem toen hij in 1998 Clintons militaire agressie tegen de sociaal-democratie in Joegoslavië  steunde. Maar enkele weken geleden hebben we ons weer verzoend. Het was een emotioneel weerzien. Ik vind dat zijn standpunten over buitenlandse politiek verbeterd zijn.

Uw boek leest als een requisitoor tegen Amerika. Maar gaat u daarbij soms niet wat kort door de bocht, zoals waar u schrijft dat “de meeste, zo niet alle, slachtpartijen en oorlogen” sinds de tweede wereldoorlog gesponsord werden door de VS?

Er zijn natuurlijk nog andere imperialistische landen maar alleen de VS hebben militair ingegrepen in meer dan veertig landen. Meestal onder het mom van “humanitaire hulp”, “democratie brengen” of “terrorisme bestrijden” maar de ware reden was telkens winsthonger: controle over bodemrijkdommen, markten, goedkope arbeidskracht.

Is winst najagen een keuze of iets waartoe elke onderneming en elk land gedwongen worden?

Natuurlijk is er accumulatiedwang vanwege de concurrentiedruk. Maar dat betekent niet dat de plutocraten geen speelruimte hebben om zich anders te gedragen. Ik hou niet van psychologische verklaringen van maatschappelijke fenomenen maar hun gedrag lijkt me ziekelijk.  Hoe kan je anders uitleggen dat iemand die al veel meer bezit dan hij ooit tijdens zijn leven zou kunnen uitgeven rusteloos blijft streven naar meer en meer rijkdom? Het is een verslaving. Neem nu de Waltons, de voornaamste eigenaars van de Walmart supermarktketen. De vier erfgenamen van dit fortuin staan in de top 10 van de rijkste Amerikanen. Ze verdienen elke dag acht en een half miljoen dollar, zonder er iets voor te doen. En intussen zijn de lonen bij Walmart zo laag dat de werknemers beroep moeten doen op voedselbonnen om rond te komen. Die voedselbonnen worden betaald met belastingsgeld. Dus subsidiëren we allemaal de rijksten onder ons.

In uw boek neemt u de slogan van Occupy Wall Street over – de 99% moet zich verzetten tegen het rijkste, machtigste 1 %. U suggereert zelfs dat het zwaartepunt van de macht een toplaag is van superrijken die niet meer dan 0,01 % van de bevolking bedraagt. Volstaat het dan dat laagje weg te krabben om de hele maatschappij gezond te maken?

Het probleem is niet enkel dat ene procent maar de kapitalistische grondslag van de hele maatschappij. Maar van die grondslag is het gedrag van die 1 procent een uiting.  Kapitalisme bestaat in verschillende gradaties. Een land kan in een kapitalistische of in een socialistische richting evolueren. In westeuropese landen is het kapitalisme minder uitgesproken dan hier in de VS. Daar heb je een sociaal-democratische  mengvorm, met belangrijke openbare diensten zoals de spoorwegen en de gezondheidszorg. En die functioneren ontzettend veel beter dan hier in de VS, waar ze tot de private sector behoren. Ook na de invoering van Obamacare blijft de gezondheidszorg in de VS een ramp omdat er fundamenteel niets veranderd is: het doel blijft zoveel mogelijk winst opleveren. Dat maakt de Amerikaanse gezondheidszorg de duurste ter wereld maar ook de slechtste van alle ontwikkelde landen. Ze kost veel meer dan wat er in gesocialiseerde systemen aan wordt besteed maar levert veel minder kwaliteitszorg en genezing op. Maar vanuit het standpunt van de 1 procent functioneert het goed want het is heel winstgevend.

U beweert, in tegenstelling tot de gangbare opinie, dat bedrijven en diensten meer efficient en productief zijn als ze door de staat worden gerund. Is het daarom dat u in uw boek niets zegt over de spectaculaire transformatie van China? Want daar lijkt privatisering toch meer welvaart te hebben gebracht.

China kende inderdaad een explosieve productiviteitsgroei. Maar de sociale ongelijkheid, de armoede en de milieuvervuiling namen er ook enorm toe. China nam de kapitalistische weg. Maar het dankte zijn snelle groei ook aan de verwezenlijkingen van het socialisme, dat komaf maakte met het feodalisme. In India gebeurde dat veel minder, vandaar de achterstand van dat land. Toen ik nog les gaf aan de universiteit ontmoette ik vaak Chinese studenten. Ze waren allemaal als betoverd door het Amerikaanse model en  droomden ervan om winst na te jagen. Ik bezocht ooit een Russische kennis in Moskou tijdens het Sovjet-regime. Hij had een mooi appartement en een goed leven en toch verlangde hij niets meer dan in Amerika te wonen. Hij wou dat Rusland Amerika’s voorbeeld zou volgen en privatiseren. Hij heeft zijn zin gekregen. Maar uit opiniepeilingen blijkt dat de grote meerderheid van de bevolking van het vroegere oostblok vindt dat het leven onder het kommunistische regime beter was dan nu. De menselijke natuur is tegenstrijdig.  De tendens naar socialisme, naar solidariteit, is er deel van. Maar de tendens naar kapitalisme, naar pathologische winsthonger, is dat ook. Het resultaat is soms, wel, teleurstellend.

Maar het is tijd voor je laatste vraag. Ik ben 82 jaar oud en niet meer zo energiek als vroeger.

U schildert een grimmig beeld van de wereldsituatie. Wat geeft u hoop?

Er is altijd hoop, ook als de situatie hopeloos lijkt. Doorbraken komen onverwacht. Niemand had in 2011 de sociale opstanden in Tunesië en Egypte  voorspeld. Niemand had verwacht dat de campagne van de socialist Bernie Sanders zo’n sukses zou kennen. Dat geeft me hoop. Maar je moet hoe dan ook blijven vechten, anders zal het alleen maar slechter worden. Het doel van de plutocraten is een terugkeer naar de sociale situatie van het begin van de 20ste eeuw, met een verpauperde arbeidersklasse, een uitgedunde middenklasse en een gepriviligieerde superrijke elite die alles domineert. Alleen de sociale strijd kan dat beletten.  We hebben geen keuze, we moeten ons verdedigen. Het is een kwestie van overleven.”

 

(Een licht verschillende versie van deze bespreking plus interview verscheen deze week in de boekenbijlage van De Morgen)

 

juni 4, 2016 at 6:03 am 2 reacties

Oudere berichten


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.288 andere volgers