Posts filed under ‘Midden Oosten’

TRUMP EN HET EINDE VAN HET ZIONISME

Door Johan Depoortere

Als het zionisme samen met fascisme, kolonialisme en Apartheid op de vuilnishoop van de geschiedenis zal zijn terechtgekomen zal Donald Trump daarvoor – wellicht postuum – een deel van de verdienste mogen opeisen. Zijn “deal of the century” wordt door vrijwel al wie begaan is met de vrede in het Midden-Oosten verworpen, maar het is niet uitgesloten dat zijn plan wel eens een onverwacht effect kan hebben: namelijk het einde van het zionisme zoals we het vandaag kennen.

Netanyahu en Trump kunnen het uitstekend met elkaar vinden.

Het plan dat Donald Trump met zijn beste maatje Netanyahu heeft bekokstoofd zonder ook maar enige inbreng van één van de twee bij het conflict betrokken partijen draagt de Orwelliaanse naam van “vredesplan.” Maar zoals in Orwells toekomstvisie “waarheid” leugen is zo betekent ook hier “vrede” in werkelijkheid oorlog. Het plan dat met grote achteloosheid voorbijgaat aan de fundamentele rechten van de Palestijnen kan onmogelijk tot vrede maar zal meer dan waarschijnlijk tot meer bloedvergieten leiden.

Zo ziet het toekomstige Palestina eruit volgens de “deal of the century” Officiële kaart.

De meeste waarnemers zijn het erover eens dat met deze deal of the century – in ware maffiastijl aan de Palestijnen opgedrongen – de zogenaamde “tweestaten-oplossing” de doodsteek is toegebracht. Wat de Palestijnen aangeboden krijgen is immers niet meer dan enkele verbrokkelde bantoestans op 15% van het grondgebied van het historische Palestina met toekomstige schijnautonomie die dan nog afhankelijk wordt gemaakt van een hele reeks onmogelijk te vervullen voorwaarden. Exit dus de “tweestaten-oplossing.” De vraag is of we daarom moeten treuren. De “tweestaten-oplossing” is immers nooit een echte oplossing geweest omdat in de ogen van zowel Israëli’s als Amerikanen de Palestijnse staat nooit meer is geweest dan een hersenschim, de wortel die de Palestijnen werd voorgehouden in de hoop het verzet tegen de bezetting en de discriminatie te breken.De “twee-statenoplossing” betekende het definitief verankeren van de Apartheid. Twee miljoen Palestijnen in Israël konden op die manier hun Israëlisch staatsburgerschap verliezen als ze juridisch naar de Palestijnse staat werden getransfereerd. Daarmee zou de oude zionistische droom van de “transfer” van de niet-Joodse bevolking in vervulling zijn gegaan en kon de zionistische staat voor het eerst een volledig etnisch zuivere Joodse staat worden. Hardcore zionisten zoals de historicus Benny Morris hebben het altijd een fout van Ben Gurion en de Israëlische Founding Fathers gevonden dat na de etnische zuivering in 1948 ruim 160 000 Palestijnen (toen “Arabieren”genoemd) in de staat mochten blijven. Het zijn er intussen meer dan twee miljoen, 20 % van de bevolking, en het idee van “transfer” is in leidende zionistische kringen levendiger dan ooit.

Ondanks het mogelijk verzet van de meest extreme settlers die zelfs de mogelijkheid van een virtuele “Palestijnse staat” verafschuwen lijdt het geen twijfel dat Trumps en Netanyahu’s “vredesplan” het groen licht zal krijgen of de volgende regering nu wordt geleid door de huidige premier of door zijn rivaal in de verkiezingen van 2 maart, de zogenaamde “centrumkandidaat” ex-generaal Benny Gantz. Met de annexatie van de nederzettingen op de Westbank en het grootste deel van de Jordaanvallei lijkt de voltooiing van het zionistische project nabij: een Joodse staat op het hele grondgebied van “Eretz Israel” – het bijbelse land van de vermeende voorvaderen van de hedendaagse Joden. Maar de realisatie van die droom zou wel eens op een nachtmerrie kunnen uitdraaien.

Volgens de demografische gegevens van het militair bestuur op de Westbank (dat in Israël Orwelliaans de “burgerlijke administratie” wordt genoemd) zouden door de annexatie meer dan vijf miljoen Palestijnen op de Westbank en Gaza de facto onder Israëlisch bestuur komen. Tel daarbij de twee miljoen “Israëlische Arabieren” in Israël en de nagenoeg 300 000 Palestijnen in Oost-Jeruzalem die nu “voorlopig” als Israëlische staatsburgers worden beschouwd al hebben ze bijvoorbeeld geen stemrecht. Daardoor komen de Joden in het grotere Israël in de minderheid: een nachtmerrie voor de zionisten, die graag waarschuwen voor de “demografische tijdbom.” Dat stelt de zionistische regeringen in de toekomst voor de pijnlijke keuze: ofwel eindeloos geweld door toenemende militarisering en apartheid om de Joodse privileges te beschermen in een land waar Joden de minderheid vormen – en daarmee ook toenemend verzet en internationale druk, of van Israël/Palestina een binationale staat maken met gelijke rechten voor álle inwoners.

Zelfs voor The New York Times, die moeilijk van antizionisme laat staan antisemitisme kan worden beschuldigd is de tweede optie niet langer anathema.  “De Palestijnen moeten politieke en burgerrechten krijgen” schrijft columnist Nicholas Kristof. “Als noch Israël noch de VS bereid zijn hun een volwaardige staat te verlenen, dan moet Israël alle Palestijnen stemrecht en volle rechten toekennen in Israël.” Dat zou het einde betekenen van de “basiswet Joodse Natiestaat” die sinds 2018 letterlijk stelt dat “de uitoefening van het recht op nationale zelfbeschikking in de Staat Israël exclusief het Joodse Volk toekomt.” Dat zou in de praktijk ook het einde van het zionisme betekenen.

Saeb Erekat, toponderhandelaar voor de “Palestijnse Autoriteit”

Het idee van een democratische staat met gelijke rechten voor alle inwoners mag vandaag dan al ondenkbaar of utopisch lijken, een ander alternatief voor uitzichtloos geweld en eeuwigdurende onderdrukking is er niet. In Israël zelf groeit dat besef en een weliswaar uiterst kleine maar actieve minderheid van de Joodse bevolking is daarvan overtuigd. Ook het Palestijnse establishment moet de knop omdraaien en het idee van de twee staten – met de privileges voor een corrupte kliek bestuurders – loslaten. De toponderhandelaar voor de Palestijnse Autoriteit, Saeb Erekat, lijkt dat al te hebben gedaan. Nadat de Verenigde Staten Jeruzalem als hoofdstad van Israël hadden erkend zei Erekat: “Nu is de tijd gekomen om de strijd om te vormen tot een beweging voor ‘één staat met gelijke rechten voor iedereen.”

Onmogelijk, naïef, dagdroom,  illusie, absurd? Een paar maanden vóór de vrijlating van Nelson Mandela zou vrijwel iedereen dat geantwoord hebben tegen wie voorspelde dat het Apartheidsregime in Zuid-Afrika kort daarop tot het verleden zou behoren. Dus ja, niemand kan de toekomst voorspellen maar niemand kan uitsluiten dat Trumps deal of the century het begin van het einde kan betekenen voor de Israëlische variant van de Apartheid: het anderhalve eeuw oude idee van het zionisme.

31 januari 2020

February 2, 2020 at 10:50 am Leave a comment

HET ANDERE NEGATIONISME

In De Standaard van vandaag 28 januari meent de heer Hans Knoop mij van antisemitisme te moeten beschuldigen. Knoop reageert daarmee op mijn opiniebijdrage in dezelfde krant van 21 januari. Dat deze Pavlovreractie van de heer Knoop niet kon uitblijven had ik verwacht, maar daarom wil ik ze nog niet onbeantwoord laten.

Hier volgt mijn antwoord aan Hans Knoop, dat De Standaard helaas niet publiceert:

Dezer dagen wordt de bevrijding herdacht van het nazi-concentratiekamp en vernietigingscentrum Auschwitz. Ondanks de overweldigende hoeveelheid materiële bewijzen en getuigenissen over de massamoord op de Joden en andere “ongewensten” die daar door de nazi’s werd bedreven blijft een franje van pseudo-historici en extreemrechtse ideologen de historische werkelijkheid ontkennen. Het negationisme is een taai verschijnsel, net als het geloof in ufo’s of de overtuiging dat de aarde plat is en Elvis leeft.

Hans Knoop, de onvermoeibare propagandist van de zionistische ideologie en de staat Israël is de vertegenwoordiger bij uitstek van een ander negationisme: dat namelijk dat de historische werkelijkheid van de vernietiging van Palestina ontkent of verzwijgt. De oprichting van de zionistische staat in een land waar de overgrote meerderheid niet-Joods en antizionistisch was kon alleen gebeuren dankzij militair geweld en een grootscheepse etnische zuivering. Dat is wat de Palestijnen de “Nakba” noemen, en wat Joodse – ook zionistische – historici bevestigen: de tragedie van de oorspronkelijke bewoners van het land die verdreven moesten worden om plaats te maken voor, overwegend Europese, Joodse settler-kolonialisten.

Geen woord daarover in de repliek van Knoop op mijn opiniebijdrage die in De Standaard verscheen onder de titel: “Hoe zionisten de holocaust ‘ontdekten.” Knoop neemt aanstoot aan dat “ontdekken,” maar merkt blijkbaar niet dat het woord tussen aanhalingstekens staat en dat het – zoals blijkt uit het artikel – slaat op de Israëlische propaganda die inderdaad pas vanaf begin jaren zestig volop de holocaustkaart trekt. Dat is geen loze bewering of “antisemitisme” zoals Knoop beweert, maar een vaststelling die door gereputeerde historici wordt bevestigd. In “The holocaust in American Life” beschrijft de Amerikaanse historicus Peter Novick hoe het onder Amerikaanse Joden in de jaren na de tweede Wereldoorlog “something of an embarassment” was om te herinneren aan de massamoord op de Joden in nazi-Duitsland. Toen in de late jaren 40 plannen werden gemaakt voor een Holocaustmonument in New York kwam er eensgezind verzet van invloedrijke Joodse organisaties als The American Jewish Committee, The anti-Defamation League en andere officiële Joodse stemmen. Ze waren het er allemaal over eens: “zo een memoriaal zou een eeuwig herdenkingsmonument betekenen voor de zwakheid en de weerloosheid van het Joodse volk.”

Dichter bij huis schreef de eminente kenner van de Jodenvervolging Gie van den Berghe al in 1990 “De uitbuiting van de Holocaust:” een gedetailleerde weerlegging van het negationisme met daaraan gekoppeld de analyse hoe verschillende Israëlische regeringen de Jodenuitroeiing hebben gebruikt om hun politiek in het Midden-Oosten te rechtvaardigen. Gie van den Berghe kreeg voor zijn werk verschillende prijzen, onder andere de Arkprijs van het Vrije woord, maar het kostte hem de eeuwige vijandschap van de zionistische lobby en het onvermijdelijke etiket van “antisemitisme.” De feiten in zijn boek werden nooit weerlegd en de Israëlische premier Netanyahu deed eerder deze week zijn best om van den Berghe gelijk te geven door de herdenking van de holocaust in Jeruzalem te gebruiken om zijn oorlogspolitiek tegen Iran te verkopen aan de aanwezige buitenlandse regeringsleiders.

De Joodse filosofe Hannah Arendt was één van de eersten die het misbruik van de holocaust voor propagandadoeleinden aan de kaak stelde. In haar beroemde – en voor sommigen beruchte – “Eichmann in Jeruzalem,” haar verslag van het Eichmannproces in 1961, laat Arendt zien hoe Ben Goerion, de eerste Israëlische premier, het proces als het gedroomde vehikel zag om de wereld ervan te overtuigen dat steun aan Israël het enige middel is om een nieuwe holocaust te voorkomen. Arendt schrikt er in haar boek niet voor terug een parallel te trekken tussen het zionisme en de nazi’s. Een moderne staat mag volgens haar niet worden gevestigd op de Joodse identiteit, omdat daarmee de menselijke pluraliteit wordt ontkend. De genocide op de Joden was volgens haar eveneens een poging tot vernietiging van de menselijke pluraliteit. “Net als de zionisten wilden de nazi’s hun staat vestigen op grond van ras en zij konden daarom in onderlinge samenwerking hun idealen verwezenlijken.” Arendt vergelijkt ook de Neurenberger rassenwetten van de nazi’s uit 1935, op grond waarvan huwelijken tussen Duitsers en Joden verboden waren, met de wetgeving in Israël die alleen huwelijken tussen Joden mogelijk maakt. Het is duidelijk: volgens de antisemitismedefinitie van de International Holocaust Remembrance Association en volgens Hans Knoop was Hannah Arendt een doortrapte antisemiet.

Johan Depoortere
28 januari 2020

January 28, 2020 at 3:53 pm 1 comment

HOLOCAUST EN PROPAGANDA

Door Johan Depoortere

De doden spreken niet. De miljoenen Joden die door de nazi’s werden vermoord protesteren dus ook niet als ze worden gebruikt om een ander onrecht goed te praten: het settlerkolonialisme dat een heel volk van zijn huis en grond heeft verdreven en een regime dat discriminatie en Apartheid in wet heeft gebeiteld. Dat is nochtans wat N-va politicus André Gantman doet in zijn recent interview in De standaard als hij  het tragische lot van zijn familie en van alle Joden inroept om antizionisme gelijk te stellen met antisemitisme, Jodenhaat. Dat betekent dat de zes miljoen Palestijnen die onder Israëlisch bestuur leven en die het zionisme verwerpen gebrandmerkt worden als Jodenhaters. Dat betekent dat een volk dat part noch deel had aan de uitmoording van de Europese Joden door de nazi’s lijdzaam de prijs moet betalen voor die misdaad of van antisemitisme beschuldigd worden. De Palestijnen, de oorspronkelijke bewoners van het land dat nu Israël heet, haten het zionisme niet omdat ze de Joden haten maar omdat het in naam van die ideologie is dat ze van hun huis en grond werden verdreven, als vluchtelingen en staatlozen of als tweederangsburgers in eigen land moeten leven. Het zionisme heeft hun dorpen vernietigd (en gaat daar tot vandaag mee door), heeft hen beroofd, niet alleen van hun materiële bezittingen maar ook van hun identiteit, hun geschiedenis en hun taal, het Arabisch dat van officiële taal gedegradeerd werd tot “taal met een speciale status”. Hun zelfbeschikkingsrecht is hun bij wet ontnomen.

Resten van Ikrit, één van de meer dan 600 Palestijnse dorpen die Israël sinds 1948 heeft vernield en van de kaart geveegd.

Dat de vermoorde Joden voor de kar worden gespannen van een ideologie waar ze in grote mate tegenstanders van waren is een gotspe en een ongehoorde belediging aan het adres van de slachtoffers van de massamoord. Tot aan de opkomst van de nazi’s en de uitroeiing van de Europese Joden was het zionisme de ideologie van een minderheid onder hen.  (Joden in de Arabische wereld kwamen er helemaal niet aan te pas.) De felle kritiek op het zionisme kwam tot aan de eerste wereldoorlog meer uit de hoek van Joden dan van niet-Joden. De beweging die Theodor Herzl in 1897 had opgericht kreeg zware tegenwind niet alleen van de liberale Joodse bovenlaag in de westerse landen, maar ook van religieuze hervormers en orthodoxe en ultra-orthodoxe Joden. De seculiere Joden, in tsarisctisch Rusland ter linkerzijde in grote meerderheid verenigd in de Bund, en later de communisten waren felle tegenstanders van het zionisme dat ze als een reactionaire, kleinburgerlijke en utopische beweging bestreden. Zij verweten de zionisten onder andere dat ze het antisemitisme in Europa in de hand werkten. Niet ten onrechte. Herzl zelf schreef in zijn dagboek: “De antisemieten zullen onze meest betrouwbare vrienden zijn, en de antisemitische landen onze bondgenoten.” Voorts geloofde hij terecht dat de regeringen van antisemitische landen de zionisten zouden helpen om hun eigen land te creëren, om zo af te zijn van de Joden.

Norman Finkelstein

De Amerikaanse politicoloog Norman Finkelstein heeft net als André Gantman het drama van de Jodenmoord in eigen familie meegemaakt. Zijn beide ouders overleefden weliswaar de vernietigingskampen Auschwitz en Majdanek, alle andere familieleden werden door de nazi’s vermoord. Maar Finkelstein trekt heel andere conclusies uit de tragische geschiedenis van de twintigste eeuw. In zijn boeken, conferenties en journalistiek werk hekelt hij de misdaden van Israël, de voortdurende schendingen van de mensenrechten en het internationaal recht, de onderdrukking van de Palestijnen en de bij wet vastgelegde Apartheid. Hij noemt de behandeling van de bevolking van de Gazastrook door Israël “één van de meest afschuwelijke en aanhoudende campagnes van collectieve straffen in de moderne geschiedenis.” Maar het is vooral zijn aanklacht over het misbruik van de Holocaust door Israël die hem tot bête noire van de zionisten en tot persona non grata in dat land heeft gemaakt.

Dat de “Holocaust” nu zo een centrale plaats inneemt in de apologie en de propaganda van de zionistische staat is relatief nieuw. De populariteit van het woord hebben we te danken aan de gelijknamige Amerikaanse TV-serie uit 1978 met Meryl Streep  die in aanzienlijke mate heeft bijgedragen tot de beeldvorming over wat in de Joodse traditie de “Shoah” wordt genoemd.

De miniserie Holocaust kwam in verschillende talen op het scherm. Ze bepaalde de beeldvorming in de westerse wereld over de massamoord op de Joden in Europa.

In de eerste jaren na de oorlog was de massamoord op de Europese Joden een taboe in Israël. In zijn boek “The Seventh Million” beschrijft de Israëlische historicus Tom Segev hoe de overlevers van de judeocide na de oorlog allesbehalve welkom waren in Israël. Ben Goerion, de vader des vaderlands, noemde ze “slechte mensen:” als ze de genocide overleefd hadden dan moesten het ofwel collaborateurs zijn of profiteurs die hun hachje hadden gered ten koste van anderen. Een erger verwijt was dat ze zich niet verzet hadden: ze moesten zwakkelingen zijn die zich als schapen naar de slachtbank hadden laten leiden. En dat in tegenstelling tot de pioniers van de staat Israël die de “nieuwe Joodse mens” zouden creëren die sterk is en zich niet langer laat onderdrukken. Er was een ruim verspreid scheldwoord dat voor de overlevers van de kampen werd gebruikt, zegt Segev in een BBC-interview. Dat woord was “zeep.”

Ook de invloedrijke Amerikaanse Joden wilden in de jaren na de oorlog niet aan de massamoord in Duitsland herinnerd worden. In het boek “The Holocaust in American Life” beschrijft de historicus Peter Novick hoe ook hier de Koude Oorlog de geesten beheerste. Spreken over de pogingen van Hitler om de Joden uit te roeien zou in de kaart van de communisten spelen in hun strijd tegen de herbewapening van Duitsland. Herinneren aan de Holocaust was – zo schrijft Novick “something of an embarrassment.” Toen in de late jaren 40 plannen werden gemaakt voor een Holocaustmonument in New York kwam er eensgezind verzet van invloedrijke Joodse organisaties als The American Jewish Committee, The anti-Defamation League en andere officiële Joodse stemmen. Ze waren het er allemaal over eens: “zo een memoriaal zou een eeuwig herdenkingsmonument betekenen voor de zwakheid en de weerloosheid van het Joodse volk.”

De verandering kwam in het begin van de jaren zestig toen Eichmann in Argentinië werd ontdekt en naar Israël werd ontvoerd. Het Eichmanproces confronteerde de Joods-Israëlische gemeenschap met een geschiedenis die ze het liefst van al wou vergeten. Maar voor Ben Gurion was het de gedroomde gelegenheid om de wereld ervan te overtuigen dat steun aan Israël onontbeerlijk is om een nieuwe Holocaust te voorkomen. Volgens de Joodse filosofe Hannah Arendt was dat de propagandistische bedoeling van het proces. In haar beroemde – en jawel controversiële – verslag Eichmann in Jerusalem gaat ze in tegen het beeld van Eichmann als “het antisemitische monster waartegen alleen de staat Israël bescherming kan bieden.” Ze noemde hem de verpersoonlijking van de “banaliteit van het kwaad.” En ze ging een stap verder: ze zag een parallel tussen het zionisme en de nazi’s. Een moderne staat mag volgens haar niet worden gevestigd op de Joodse identiteit, omdat daarmee de menselijke pluraliteit wordt ontkend. De genocide op de Joden was volgens haar eveneens een poging tot vernietiging van de menselijke pluraliteit. “Net als de zionisten wilden de nazi’s hun staat vestigen op grond van ras en zij konden daarom in onderlinge samenwerking hun idealen verwezenlijken” (1)

Na de Zesdaagse Oorlog in 1967, die niet langer werd gezien als een “verdedigingsoorlog” verloor Israël een goed deel van de sympathie die het tot dan vrijwel onverdeeld had genoten van links en rechts in de westerse wereld.  De propagandawaarde van de mythe van “David tegen Goliath” – het kleine Israël tegen zijn machtige Arabische buren – leek uitgewerkt. Vanaf dat moment speelden de Israëlsche propaganda en de verdedigers van het zionisme ongeremd de Holocaustkaart. Ook in ons land – zie Gantman, zie de conflicten over het “Memoriaal en Museum Kazerne Dossin” waar de zionistische lobby het exclusieve recht opeist om de Jodenmoord ten behoeve van de propaganda ideologisch te interpreteren.

  1. Eichmann in Jerusalem. A Report on the Banality of Evil, Londen: Penguin Books 2006 p. 41-42. Arendt vergelijkt ook de Neurenberger rassenwetten van de nazi’s uit 1935, op grond waarvan huwelijken tussen Duitsers en Joden verboden waren, met de wetgeving in Israël die alleen huwelijken tussen Joden mogelijk maakt (Arendt 2006, p. 7)

Dit is de uitgebreidere versie van een bijdrage die onder licht gewijzigde vorm als opiniestuk in De Standaard van 21 januari 2020 is gepubliceerd.

 

January 21, 2020 at 5:25 pm 3 comments

WAAAROM DE OPENBARE OMROEP HET SONGFESTIVAL MOET BOYCOTTEN

Op 18 mei wordt in Tel Aviv de finale gevierd van het Songfestival, een organisatie van EBU, de koepel van Europese openbare omroepen. Het gebeuren vindt plaats in een stadion in Ramat Aviv, een stadsdeel dat gebouwd is op de ruïnes van het voormalige Palestijnse dorp Sheikh Muwanis. In 1947, nog vóór het uitbreken van de zogenaamde “Israëlische onafhankelijkheidsoorlog” werd het dorp aangevallen door de troepen van de Joodse militie Irgun onder leiding van de latere premier van Israël en Nobelprijslaureaat voor de vrede Menachim Begin. De bijna 2000 inwoners werden verjaagd en hun huizen opgeblazen. Op het op die manier vrijgekomen terrein werd later de universiteit van Tel Aviv gebouwd.

Ikrit, één van de meer dan 600 dorpen die vernietigd werden voor de vestiging van de Joodse staat.

Tussen 1948 en vandaag ondergingen meer dan 600 Palestijnse dorpen hetzelfde lot: één van de meest grootschalige etnische zuiveringen van de 20eeeuw. 800 000 mensen werden van hun huis en goed verdreven om plaats te maken voor een etnisch zuivere Joodse staat. Hun terugkeer of herstelbetalingen worden tot vandaag onmogelijk gemaakt,  een oorlogsmisdaad volgens internationaal recht. Het huidige Israël doet er alles aan om dat gewelddadige ontstaan van de Joodse staat uit het collectieve geheugen te wissen. Populaire cultuur kan daarbij helpen. Een evenement als het Eurovisie Songfestival is voor de Israëlische propaganda een uitgekiend middel om het land voor te stellen als een normaal, democratisch en Europees land.

Dat is de Joodse staat niet. De kerngedachte van het zionisme, de officiële staatsideologie van Israël, is dat internationaal recht, internationale verdragen, universele mensenrechten en zelfs de vonnissen van Israëlische rechtbanken ondergeschikt zijn aan de belangen en de “veiligheid” van één etnisch-religieuze groep, namelijk de Joden. Dat is Apartheid – een variant van de Zuidafrikaanse racistische ideologie. Het is deze ideologie die de Israëlische regering in staat stelt voortdurende oorlogsmisdaden, buitensporig geweld in Gaza, militaire bezetting, het opsluiten van kinderen, het gebruik van verboden wapens en munitie, discriminatie van de niet -Joodse bevolking, het doden van ongewapende betogers onder wie kinderen, hulpverleners, gehandicapten en journalisten te verantwoorden.

Na de zoveelste raketaanval tegen Palestijnse burgers in Gaza

Deze ideologie, die de grondslag uitmaakt van de staat Israël, is vorig jaar nog in verscherpte vorm in een nieuwe wet gegoten: de wet die Israël definieert als de “natiestaat van het Joodse volk.” De huidige premier van Israël, Benjamin Netanyahu, heeft onlangs nog in  niet mis te verstane woorden uitgelegd wat die wet betekent: “Israël is niet het land van zijn bewoners, maar uitsluitend van de Joden.” Hoewel de wet niets nieuws is – alleen de bevestiging van de bestaande ideologie – valt te vrezen dat hij voor de 1,8 miljoen Palestijnen in Israël – 20% van de bevolking – méér repressie, méér discriminatie en méér apartheid zal betekenen. De wet is ook een aansporing voor de meest extreme zionisten, de “settlers” van de illegale nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever, om met nog meer aandrang de annexatie te eisen van bezet gebied. Een eis die meer en meer gehoor vindt bij de extreem-rechtse regering Netanyahu en haar beschermheer in Washington, president Donald Trump.

In deze omstandigheden een propagandashow, vermomd als liedjesfestival, organiseren is een zoveelste provocatie en uitdaging aan het adres van de internationale publieke opinie die zich meer en meer bewust wordt van het ware karakter van de “Joodse staat.” Door deel te nemen aan het festival kiezen de openbare omroepen partij in een conflict dat al meer dan 70 jaar aansleept en ze kiezen voor de partij die zich herhaaldelijk aan oorlogsmisdaden en ernstige schendingen van de mensenrechten schuldig maakt. Onlangs nog stelde de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties dat Israël mogelijk oorlogsmisdrijven of misdaden tegen de menselijkheid heeft begaan door zonder onderscheid ongewapende betogers in Gaza te doden. Daarom hebben de openbare omroepen in Europa de morele plicht hun stem te verheffen tegen de apartheid en tegen het culturele witwassen van discriminatie en oorlogsmisdaden. Wie zwijgt stemt toe.

Johan Depoortere

5 mei 2019

KIJK OP ZATERDAG 18 MEI ONLINE LIVE NAAR GLOBALVISION MET DE PALESTIJNSE RASHA NAHAS IN PLAATS VAN HET EUROVISIESPEKTAKEL:

 

https://guestlist.net/article/94260/why-we-should-watch-globalvision-not-eurovision-on-saturday-18th-may?fbclid=IwAR0U1bmiCkk3bQSWCtHRtmnlFTmE2jYqMOD8YcpfEt8jODj6I7FWvbh8tVQ

 

Een versie van dit artikel verscheennin De Morgen van 7 mei 2019

May 8, 2019 at 9:55 am 1 comment

ISRAEL: NEPVERKIEZINGEN IN EEN NEPDEMOCRATIE

Door Johan Depoortere

Morgen (9 april) worden parlementsverkiezingen gehouden in het land dat zich graag “de enige democratie in het Midden Oosten” noemt. Dat Israël een democratie zou zijn geldt voor een deel van de bevolking: de 75% Joden. Voor de Palestijnen, een kwart van de inwoners van het land, is de “democratie” een lege doos en voor velen een bittere grap. Want de Palestijnen in Israël – dat wil zeggen zij die binnen de grenzen van 1948 na de grootschalige etnische zuiveringen zijn overgebleven – hebben weliswaar stemrecht en verkozenen in de Knesseth, de kamer van volksvertegenwoordigers, maar echte politieke macht ontlenen ze daar niet aan. De partijen van de zionistische meerderheid piekeren er niet over coalities te sluiten met één van Arabische partijen die bovendien steeds het risIco lopen van het verkiezingsproces te worden uitgesloten. Israël is niet het land van al zijn inwoners. De wet die sinds vorige zomer het land definieert als de “natiestaat van het Joodse volk” heeft dat prinicpe in beton gegoten en premier Netanyahu heeft het voor alle duidelijkheid onlangs nog eens herhaald: “Israël is niet het land van zijn bewoners.” Het is zelfs niet het land van zijn Joodse bewoners maar van alle Joden ter wereld.

Benjamin Netanyahu

Partijen en politici die ervoor pleiten van Israël het land te maken van al wie daar woont lopen het risico te worden uitgesloten. Het exclusief Joodse karakter van het land ontkennen wordt in Israël gelijkgesteld met terrorisme. Dat was onlangs nog het geval toen twee Arabische partijen (‘Balad’ en de ‘Verenigde Arabische Lijst’ samen met een Joodse professor op de Arabische partij ‘Hadash’) op vraag van Likoed, de partij van premier Netanyahu, van deelname aan de verkiezingen werden uitgesloten. Netanyahu reageerde tevreden op de beslissing van het verkiezingscomité met de woorden: “Verdedigers van terrorisme hebben geen plaats in de Knesseth.” Tegelijk met de uitsluiting van de Palestijnse partijen – die later door de rechtbanken werd teruggedraaid – keurde de kiescommissie de deelname goed van de extreemrechtse partij  Otzma Yehudit (Joodse Macht), door de liberale krant Haaretz “Joods fascisme” genoemd. Niet alleen neemt deze partij deel aan de verkiezingen, Netanyahu gaat met hen in coalitie naar de stembus en beloofde hun kabinetsposten als hij de verkiezingen wint. Otzma Yehudit pleit openlijk voor segregatie en gebruik van geweld om de Palestijnse minderheid uit het land te verdrijven.

Benny Gantz, de andere Netanyahu

Voor de Palestijnen in Israël ziet de toekomst er somber uit en hun animo om aan deze pseudo-verkiezingen deel te nemen is dan ook bijzonder klein. Zij beseffen dat ze nooit als volwaardige burgers in de Joodse staat zullen worden erkend. Van Netanyahu en de andere rechtse partijen krijgen ze voortdurtend de verdachtmaking te horen dat ze “een vijfde kolonne” zijn. Ooit werden ze door een militaire opperbevelhebber vergeleken met “kakkerlakken” en een hoge ambtenaar noemde ze “een kanker in het lichaam van de staat.” Van de andere Joodse kandidaat die kans maakt op een verkiezingsoverwinning hebben ze evenmin iets goeds te verwachten: Benny Gantz, een ex-generaal die opkomt met de nieuwe partij “Blauw-Wit.” Gantz, die ooit door Netanyahu tot opperbevelhebber van het leger werd benoemd, gaat er praat op dat hij op zijn minst even flink is als zijn rivaal als het op het onderdrukken van de Palestijnen aankomt. In een campagnevideo wordt hem militaire lof toegezwaaid omdat onder zijn bevelhebberschap Gaza tot puin werd herleid in een campagne die onder andere 500 kinderen het leven heeft gekost. De video schalde met tevredenheid uit dat “Gaza naar het stenen tijdperk werd gebombardeerd.”

De keuze tussen Netanyahu en Gantz is met andere woorden voor de Palestijnen – en niet te vergeten ook voor een minderheid van progressieve Joden in Israël – een keuze tussen de pest en de cholera. In een laatste verkiezingsstunt kondigde Netanyahu aan dat hij grote delen van de bezette Westelijke Jordaanoever bij Israël zal voegen – een zoveelste blijk van minachting voor het internationaal recht en internationale verdragen. Benny Gantz heeft zich allesbehalve van dat voornemen gedistantieerd. In een bijdrage aan het VRT-journaal prevelde hij een paar vrome woorden over “vrede” en liet onmiddellijk daarop volgen dat de veiligheid van Israël zijn voornaamste zorg is. Codetaal voor het vaste besluit om de controle over de bezette gebieden op geen moment los te laten. Gantz verschilt van Netanyahu door zijn halfslachtige poging om ten behoeve van de Westerse bondgenoten de schijn van oprechte vredeswil hoog te houden. Voor Netanyahu, die de onvoorwaardelijke steun van de Amerikaanse president Trump geniet, is die hinderlijke schijnvertoning al lang overbodig.

Voor de Palestijnen in de bezette gebieden zijn deze verkiezingen meer nog dan voor hun broeders en zusters binnen de zogenaamde “driehoek” – het Israël vóór de oorlog van 1967 – een bittere farce. De 330 000 Palestijnen die in het geannexeerde Oost-Jeruzalem wonen zijn officieel inwoners van Israël maar hebben helemaal geen stemrecht. De 2,6 miljoen Palestijnen van de bezette Westelijke Jordaanoever zijn eveneens van het kiesproces uitgesloten. Israël en het militaire bestuur bepalen vrijwel alle aspecten van het leven in dat gebied: wegeninfrastructuur, de plaats waar je wel en niet mag wonen, wat je wel of – meestal – niet mag bouwen, hoe en waar je je mag verplaatsen en wie de wetten schrijft. Over dat alles hebben de Palestijnse inwoners – in tegenstelling tot de meer dan een half miljoen Joodse kolonisten die zich daar illegaal hebben gevestigd – niet de minste zeg. De bijna twee miljoen Palestijnen in Gaza komen vanzelfsprekend helemaal niet in het verkiezingsverhaal voor, hoewel ook daar Israël vrijwel alle aspecten van hun leven bepaalt: welke goederen in -en uit mogen, wie buiten en binnen mag, waar de vissers hun netten mogen uitlaten, over hoeveel water en elektriciteit ze mogen beschikken en of de ambtenaren al dan niet worden betaald.

Alles samen hebben van de  6,5 miljoen Palestijnen die onder Israëlisch bestuur leven in gebieden die geheel of gedeeltelijk door Israël worden gecontroleerd slechts 1,5 miljoen – dat is 24% percent of minder dan één op vier – stemrecht. Fraaie democratie.

April 8, 2019 at 7:18 pm Leave a comment

TUSSEN HAMER EN AAMBEELD

Betoging in Jabaliya tegen prijsstijgingen

Door Tom Ronse

In dit salon nemen we geen blad voor de mond als het over de misdaden van de Israelische staat gaat. We kunnen dus ook niet zwijgen over de misdaden van Hamas. Het Palestijnse volk zit tussen hamer en aambeeld.

Israel bezet land van de Palestijnen en heeft van de Gaza-strook een groot Palestijns ghetto gemaakt. De bezetter is uit Gaza vertrokken maar Gaza kreeg een andere in de plaats. Hamas, een politieke partij die een administratie werd, een leger, een geheime dienst en een wanstaltig groot politieapparaat dat de orde handhaaft in Gaza.

Hoe ziet die orde eruit?

Ik sprak onlangs met een VN-ambtenaar die Gaza verschillende keren bezocht. Ze beschreef mensonterende levensomstandigheden. Hoge werkloosheid, vooral bij de jongeren (70%). Electriciteit die om de haverklap uitvalt. Vervuiling en honger. Geen wonder dat een recente beslissing van Hamas om de taksen te verhogen op bonen, brood, tabak en andere consumptiewaren niet welkom was. Het protest begon op 14 maart in Jabaliya en spreidde zich uit naar verschillende steden (‘kampen’ worden ze nog steeds genoemd) tot in Rafah in het zuiden. Via Facebook en andere sociale media werd de oproep gedeeld met slogans als “De mars van de hongerigen”, “Weg met de prijsverhogingen” en “Wij willen leven”. Palestijnse gele hesjes, zeg maar. Al waren ze niet eens zo radicaal als hun franse collega’s die het ontslag van Macron eisten. “Wij wilden Hamas niet omverwerpen”, zei Amin Abed die het protest in Jabaliya hielp organiseren, aan een reporter van de New York Times, “we vroegen enkel aan dezen die ons regeren om de last van het dagelijks leven te verlichten”.

Maar dat is een radikale eis in Gaza.

Hamas-politie

De reactie van Hamas doet Macrons repressie van de gele hesjes op een picknick lijken. Honderden politieagenten ranselden en schoten de betogingen uiteen. In de dagen daarna kregen zo’n duizend mensen die gemanifesteerd hadden de politie op hun dak. Velen werden aangehouden en gefolterd. Sommige werden met zware verwondingen naar het ziekenhuis gebracht. Soms deelden hun familieleden in de klappen. Onder de arrestanten waren er volgens Human Rights Watch minstens 17 journalisten. Foto’s van de gewonden circuleerden in Gaza en verwekten zoveel verontwaardiging dat Hamas-baas Yehya Sinwar zich verplicht voelde om zijn excuses aan te bieden.

Het is waar dat de ellendige situatie in Gaza niet alleen de schuld van Hamas is. De hoofdschuldigen zijn Israel en Egypte die al sinds 2007 een ekonomische blokkade tegen Gaza handhaven. Maar niemand van Hamas lijdt daar honger door. De Hamas-kaders leiden een leven van privilege terwijl de gewone Palestijnen het steeds slechter hebben.

De brutale repressie van eigen volk is overigens niets nieuw. Ook in 2017 trad Hamas medogenloos op tegen Palestijnen die betoogden voor goedkopere electriciteit. Human Rights Watch publiceerde afgelopen october een rapport waaruit blijkt dat het arresteren en folteren van critici en tegenstanders van Hamas geen uitzondering maar routine is in de mini-staat Gaza. Vaak gaat het over korte aanhoudingen tijdens de welke de arrestanten onderworpen worden aan een barrage van fysiek en psychisch geweld met de kennelijke bedoeling om hen de schrik op het lijf te jagen.

Dat werkt, tot het niet meer werkt omdat mensen niets meer te verliezen hebben. Dan moet de aandacht dringend worden afgeleid. Dus legde Hamas de afgelopen dagen bussen in om jongeren naar de afsluiting van Gaza te voeren om te protesteren tegen Israel. En daar bediende het Israelische leger Hamas op zijn wenken door alweer enkele Palestijnen neer te knallen.

Zo blijven de machthebbers aan de macht, aan beide kanten van de afsluiting. En zo blijven de gewone Palestijnen gekneld tussen hamer en aambeeld.

Zie ook:

https://www.hrw.org/news/2019/03/20/another-brutal-crackdown-hamas-gaza

March 31, 2019 at 6:03 am Leave a comment

ZIONISME EN ANTI-SEMITISME GAAN HAND IN HAND

 

Door Tom Ronse

 

Je kunt heel wat in beweging zetten door wat hakenkruisen te schilderen op joodse graven. De verleiding is misschien wel groot voor sommige jongelui die zich vervelen en zich buitengesloten voelen om op zo’n simpele manier de regisseur te worden van een heus mediaspektakel. Misschien voelen ze trots als editorialen over heel de wereld hun afschuw over hen uitspuwen, als leiders van alle partijen, vakbonden en godsdiensten oproepen om in de hoofdstad te betogen tegen hun nachtelijk avontuur. Ze hebben, als het ware, ‘een steen in de rivier verlegd’. Dat de rivier daar niet beter van werd is bijzaak voor hen. En voor de politieke leiders die vooraan lopen in de betoging, is het een letterlijk goedkope manier om hun goede inborst te tonen.

Waarmee ik anti-semitisme niet wil bagateliseren. Het neemt wel degelijk toe, net als anti-islam-sentiment en in sommige landen zelfs anti-christianisme. Wat al die onverdraagzaamheid gemeen heeft, is dat telkens een minderheid wordt uitgekozen als zondebok.

De stijging van het anti-semitisme heeft twee bronnen. De eerste is het groeiend sukses van populistisch rechts in wiens zog fascistisch rechts, met zijn diep ingewortelde anti-semitische traditie, ook aan zichtbaarheid won. De tweede is de mishandeling van Palestijnen door de Israelische staat. Er is wel degelijk een onderscheid. In het eerste geval identificeren de anti-semieten zich met de praktijken van de nazi’s, in het tweede met de slachtoffers van praktijken die, zonder zo extreem te zijn, wel soms op die van de nazi’s gelijken. Beiden vellen hetzelfde vonnis: alle joden zijn schuldig en moeten gehaat en bestreden worden.

Aan de andere kant van de muur wordt een ander vonnis geveld: iedereen die tegen de politiek van de Israelische staat en haar zionistische ideologie gekant is, is een anti-semiet. Net zoals de Nazi’s destijds affirmeerden dat al wie tegen de nazi-staat en haar ideologie is, anti-Duits is.

Netanyanu en de pro-Palestijnse anti-semieten zeggen dus in feite hetzelfde: er is geen onderscheid tussen de staat Israel en de joden. Val je Israel aan, dan val je de joden aan, net zoals Hitler.

Zo helpt Netanyanu joden in heel de wereld meer kwestbaar maken. Want als een actie tegen Israel een actie tegen alle joden is, dan is een aanval op om het even welke jood ook een aanval op Israel. De gemakkelijkste manier dus om Israel te bestrijden. En als joden ergens worden aangevallen enkel omdat ze joden zijn, dan bewijst dat ook Netanyanu’s gelijk: Israels tegenstanders zijn anti-semieten.

Zionisme en anti-semitisme zijn niet elkaars tegenpolen. Hun relatie is eerder symbiotisch: ze geven elkaar argumenten, ze voeden elkaars propaganda.

Ze steunen beiden op uitsluiting.

Democratie biedt geen uitweg uit deze vicieuze cirkel: Israels verkiezingen gaan over hoe hard de kolonisatie moet worden doorgevoerd, niet over de vraag of ze wel een goede zaak is. De keuze is tussen hard en harder. En voor Netanyanu en zijn partners mag het best wat harder, zoals het artikel hieronder uitlegt. De vaak geroemde Israelische democratie is het schaamlapje van de Israelische kolonisatie.

Macron en andere Westerse politici vinden het politiek opportuun om anti-zionisme te criminaliseren. Ze willen in de eerste plaats economisch protest tegen de apartheidspolitiek van Israel strafbaar maken. Zelf ben ik geen voorstander van economische boycott, om het even tegen welk regime. Het is een bot wapen dat gericht is tegen de machthebbers maar ook vele gewone mensen (Palestijnen inbegrepen) treft. Het getuigt echter van grenzeloze hypocrisie om deze vorm van protest in naam van de vrijheid en het anti-racisme te verbieden.

De logica van Macron en consoorten is even krom als simplistisch: wie tegen etnische zuivering is, wie zich verzet tegen kolonialisme, is een racist. Zoals Marx al opmerkte, de ideologie van de bourgeois zet de wereld op zijn kop.

 

March 1, 2019 at 7:53 pm 3 comments

Older Posts


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,653 other followers