Posts filed under ‘Milieu’

MOSKOU’S GEHEIME WAPEN

Russian President Vladimir Putin enters ...Russian President Vla

Opnieuw is een internationale commissie met een rapport over het vraagstuk van de veranderingen in het klimaat en de opwarming van de aarde gekomen. Deze keer het Intergovernmental Panel on Climate Change van de Verenigde Naties. De conclusies zijn onveranderd alarmerend.

door H.J.A. Hofland

Door de tientallen jaren van laksheid van onze politieke leiders is voor de mensheid een kritieke fase aangebroken. De uitstoot van schadelijke gassen voltrekt zich in een hoger tempo dan ooit. Het blijft technisch mogelijk de schade tot een aanvaardbaar niveau te beperken, maar dat kan alleen als we met de uiterste inspanning de komende vijftien jaar de uitstoot onder internationale controle brengen.
In zekere zin is het oud nieuws. Na de verloren Jom Kipoer-oorlog tegen Israël besloten de Arabische olieproducerende staten in 1973 tot een boycot van het Westen. Een jaar tevoren was het rapport van de Club van Rome, Grenzen aan de groei, verschenen. De strekking blijft actueel. In het kort: als de industriële wereld zich in hetzelfde tempo blijft ontwikkelen en daarbij de rest van de internationale gemeenschap tot voorbeeld dient, gaat de beschaving ten onder.
De oliecrisis leidde toen tot een schaarste aan brandstof, een maximumsnelheid en de autoloze zondag. Premier Den Uyl zei: ‘Het wordt nooit meer zoals het geweest is.’ Socialistenhaters, die je toen ook had, plakten een stickertje op hun auto. ‘Ik rij honderd als Den Uyl opdondert.’
De herinneringen aan die tijd zijn vervaagd, hebben geen politieke invloed meer. Maar de boodschap van de Club van Rome is niet volstrekt vergeten. De westelijke wereld is op een aantal manieren zuiniger met energie geworden. Beperking van het gebruik van fossiele brandstoffen, isolering van huizen, de vorderende techniek en verbreiding van wind- en zonne-energie, elektrische auto’s, om maar een paar besparingen te noemen. Maar telkens weer blijkt dat dit alles lang niet voldoende is. In Chinese steden wordt de bevolking regelmatig door smog bedreigd en in Parijs was het onlangs ook zo ver. De oceanen vervuilen, vissoorten sterven uit, oerwouden worden gekapt. Sinds het rapport van de Club van Rome is de internationale gemeenschap wel dieper van de gevaren bewust geraakt en worden er regelmatig correcties ten uitvoer gebracht. Maar volgens ecologische deskundigen zijn het druppels op een gloeiende plaat en komt de wereld¬catastrofe steeds dichterbij.
Er zijn twee oorzaken. Ten eerste hebben de klimaatbeschermers hun fanatieke tegenstanders, van wie veel in de conservatieve tot ultrarechtse hoek. Daar vinden ze dat die activisten tot de geitenwollensokkendragers horen. Opwarming van de aarde is een soort bijgeloof. Dan komen ze met argumenten ontleend aan de geschiedenis. Vroeger heeft de aarde ook perioden van uitzonderlijke warmte gekend. En er zijn meer diersoorten uitgestorven terwijl over het klimaat niets uitzonderlijks te melden viel. Het kan zijn dat er iets aan het klimaat mankeert, maar dat wordt door links uit eigenbelang gepolitiseerd.
De tweede oorzaak is het consumentisme, het mengsel van een ongeschreven ideologie en een levenshouding waardoor de oude ideologieën langzaam zijn verdrongen. Het consumentisme leert dat iedereen in beginsel recht heeft op alles. En dat zal iedereen weten. In alle media en vooral op de televisie wordt ons de boodschap van het consumentisme van uur tot uur het hele jaar door aan het verstand gebracht. De propaganda van de nazi’s en het communisme vallen erbij in het niet. Koop! Koop alles wat je hart begeert. Kleding, reizen, gezondheid, auto’s, er is praktisch niets begerenswaardigs dat niet te koop is.
Er is een tijd geweest, eind vorige eeuw, waarin de ‘nieuwe economie’ de ‘eeuwige groei’ beloofde, een toekomst waarin alle wensen in vervulling zouden gaan. Daarna is onze grote crisis begonnen en die is nog niet afgelopen. De propaganda van het consumentisme is onverminderd doorgegaan; de vervulling is zwaar aangetast. Dat is de voornaamste oorzaak van de rancune die nu zo’n grote rol in de politiek speelt. Afgezien daarvan: consumentisme en zorg voor het milieu, zeker op termijn, berusten op tegengestelde filosofieën.
Natuurlijk wordt ook de milieudefensie door de actuele politiek beïnvloed. Thomas Friedman, columnist van The New York Times, ziet een lichtpuntje in de crisis om Oekraïne. Er is een risico dat Poetin de uitvoer van het Russische gas zal verbieden. Daardoor zal ook een groot deel van West-Europa worden getroffen. Een nieuwe energiecrisis, vergelijkbaar met die van 1973. ‘Go ahead, Vladimir, make my day’, schrijft Friedman. In de Volkskrant vertaald als ‘Nou, Vladimir, kom maar op.’ Die nieuwe schaarste zou een heel andere samenleving treffen dan die van veertig jaar geleden. De economische crisis en het consumentisme hebben ons zwakker gemaakt en de oude politieke samenhang is verdwenen. Vladimir, neem de proef op de som.

putin1http://www.groene.nl/artikel/moskou-s-geheime-wapen

April 22, 2014 at 2:36 pm 3 comments

CARAÏBEN: PARADISE LOST

 Door Johan Depoortere

There are islands in the Caribbean just waiting for development – a beach, an hotel, an airstrip. You’d end a millionaire, old man!”

Graham Greene, The Comedians

Een bezoek aan Ile à Vache vóór de kust van Haiti is een reis in de tijd. Was het niet van de alomtegenwoordige mobieltjes en de zonnepalen je zou je in de jaren vijftig of nog veel vroeger wanen: geen elektriciteit, geen stromend water, geen auto’s, geen verharde wegen. Dit is één van de weinige plekken ter wereld waar vissersboten voortbewogen worden door alleen maar de wind en de zeilen. “Bâtiments” zo heten de gammele vaartuigen waarmee de vissers zich op zee begeven, balancerend op de rand om de boot met oversized zeil in evenwicht te houden.
Een Amerikaans-Canadees project voorziet de vissers van Ile à Vache van afgedankte zeilen van plezierjachten

De bâtiments worden ook gebruikt voor het vervoer van goederen en personen. “Bois Fouillés,” boomstamkano’s zoals die wellicht duizenden jaar geleden al werden gemaakt, dienen voor kortere afstanden en kleinere vrachten. Kinderen niet ouder dan een jaar of zeven varen ermee rond en proberen kleine klusjes te versieren of iets te verkopen aan de talrijke jachten die het eiland aandoen.

De markt in Madame Bernard
Let op het oortje!
Niet dat Ile à Vache geheel door de moderne tijd onaangeroerd zou zijn gebleven: er zijn twee internetcafés in het dorp Caille Coq (Kay Kok in het Creools) en in Madame Bernard, een paar uur stappen verderop is de markt bezaaid met parasols van Digicel, een telecomoperator met vestigingen in heel het Caraïbisch gebied. Willem, een slimme twintiger uit Caille Coq, verhuurt voor exorbitante prijzen USB-sticks met simkaart waarmee yachties en andere bezoekers tergend traag internet kunnen binnenhalen. Abjecte armoede is er op het eiland niet meteen zichtbaar en er wordt geen honger geleden. De zee is rijk aan vis en kreeften en wie het even kan heeft wel een varkentje en een paar kippen op het erf. Dat is heel wat anders dan de schrijnende ellende die ik bijna dertig jaar geleden in Port au Prince tegenkwam. Kinderen die op je toe kwamen gelopen: “Blanc, blanc, j’ai faim.” Na de aardbeving van 2010 is de toestand er daar en op veel andere plekken in Haïti beslist niet op verbeterd.
Baie de Feret

Maar voor Ile à Vache zitten andere tijden eraan te komen. De Baie de Feret, de mooiste van het eiland is een natte droom van de projectontwikkelaar: brede stranden, een rustige diepe baai beschermd tegen de golven van de Caraïbische Zee: de ideale plek voor een jachthaven met hotel en resorts. Het kon dan ook niet uitblijven en de plannen voor toeristische ontwikkeling van Ile à Vache liggen op de tekentafels: er komen een internationale luchthaven, 15 km verharde wegen, verschillende hotels en resorts, 2500 villa’s en een marina. Kortom, een miljardenproject waarvoor het armlastige Haïti een beroep moet doen op buitenlandse investeerders. Klein probleem: er wonen 7000 mensen op het eiland en hun huizen staan in de weg. Caille Coq,  het dorp aan de Baie de Feret past niet in de plannen. De huizen staan tot tegen het strand en zullen moeten verdwijnen.

Hotel Port Morgan op Ile à Vache
Er is al een hotel aan de baai: Hotel Port Morgan, gerund door Didier, een Fransman van middelbare leeftijd. Voor Didier komt er wellicht concurrentie bij, maar erg veel zorgen schijnt hij zich daarover niet te maken: “Er zijn zoveel projecten in Haïti,” zegt hij met een schouderophalen. Didier heeft te horen gekregen dat hij 60 kamers bij moet bouwen om zijn vergunning te houden. Maar je ziet het vóór je ogen gebeuren: Hij geeft er de brui aan en verkoopt zijn mooi gelegen hotel aan de projectontwikkelaars, iedereen happy.
Kay Kok
Behalve dan de vissers, de boeren en de haveloze bevolking van Caille Coq en de dorpen in de omgeving. Sommigen van hen zien de ontwikkelingen met hoop tegemoet. Enkelen zullen ongetwijfeld werk vinden als kok, schoonmaker, chauffeur, gids. Maar voor de meesten betekent de komst van een hotel en marina het verdwijnen van hun eeuwenoude levenswijze en een onzekere toekomst. Wellicht moeten ze verhuizen naar hogerop.

Een presidentieel besluit van mei 2012 verklaart het eiland tot “toeristische ontwikkelingszone” en bepaalt meteen dat alle gronden en eigendommen die de laatste vijf jaar het voorwerp zijn geweest van transacties of huur tussen particulieren worden onteigend. De staat eigent zich gewoon het eigendom van particulieren toe. Dat betekent voor de meeste inwoners van Caille Coq en Madame Bernard simpelweg dat ze van hun land en uit hun huis worden verdreven ten voordele van buitenlandse projectontwikkelaars en de clan rond president Martelly. Veel mensen hebben niet eens eigendomstitels voor het stukje grond waar ze in eenvoudige hutten soms generaties lang op wonen.

“Sweet Micky” in een vorig leven carnavalzanger, nu president van Haïti

De vissers van Ile à Vache verliezen hun toegang tot de stranden waar de bootjes nu aan land komen en droog vallen. In december en januari is betoogd tegen het project. Op weg naar de markt van het dorp Madame Bernard moeten we over barricades klimmen die de betogers hebben opgeworpen en er komen meer manifestaties zeggen de dorpsbewoners. Eén van hen verklaarde aan een reporter van Tout Haiti, een webpublicatie: “Als ze onze grond willen afpakken zullen ze ons eerst moeten doden.” Ook vandaag is de spanning in het dorp voelbaar: de “magistrat” (burgemeester) heeft verdere manifestaties verboden en een zestigtal militairen zijn sinds kort op het eiland gelegerd “Is er een probleem?” vragen we één van hen. “Non non, pas de pwoblem!”

Bewoners van Ile à Vache betogen tegen het megaproject voor toeristische ontwikkeling

Maar een probleem is er wel degelijk. De promotie van Ile à Vache en de beloften van “vooruitgang” hebben een bittere bijklank voor de inwoners van HaÍti, één van de armste landen ter wereld. Een “toeristische ontwikkelingszone” bestaat al in Labadie, in het Noorden van het eiland. Het is een gebied uitsluitend voor buitenlanders, de Haïtianen zelf hebben er geen toegang, ook als ze zich een verblijf in het luxeresort zouden kunnen veroorloven. Een stukje apartheid in het land dat zich de eerste zwarte republiek ter wereld mag noemen! (Zie: Labadie, un contraste choquant)  Zopas heeft het Haïtiaanse ministerie voor Toerisme een video verspreid om Ile à Vache te promoten als vakantiebestemming: het wordt – zo vrezen velen – een tweede Labadie. (http://www.caribjournal.com/2014/02/20/haiti-markets-ile-a-vache-in-new-video/)

Clinton met Sweet Micky, alias president Martelly

Het is duidelijk: Ile à Vache zoals we het gezien hebben is een wereld die gedoemd is om te verdwijnen. De investeerders achter het project zijn niet van de minsten. Eén van hen is volgens de dorpsbewoners Frank Virgintino, een beroepszeiler en eigenaar van de marina Boca Chica in het nabijgelegen Santo Domingo. Virgintino is een begrip in de wereld van de yachties. Hij publiceert de Free Cruising Guides voor zeilers met als specialiteit het Caraïbisch gebied van de ABC-eilanden over Jamaica tot Haïti en Cuba. Hij is ook eigenaar van 20 jachthavens in de VS. Ook de Spaanse crooner Julio Iglesias zou volgens niet te controleren geruchten tot de investeerders behoren evenals – hoe onwaarschijnlijk ook – de familie van de overleden Venezolaanse Caudillo Hugo Chavez.

Wie ze ook zijn, feit is dat de investeerders de volle steun hebben van de Haïtiaanse president Michel Martelly, ook bekend als de zanger Sweet Micky en vriend en collega van Iglesias. (Beiden traden twee jaar geleden in de Dominicaanse Republiek nog samen op in een benefitconcert voor Haïti.) Martelly werd onlangs ontvangen op het Witte Huis en hij is goed bevriend met Bill Clinton die net als hijzelf af en toe zijn vakantiedagen op het eiland doorbrengt. Samen hebben ze een “investment board” opgericht om investeerders te adviseren. Clinton is na de aardbeving van 2010 door de VN aangesteld als speciale gezant voor Haïti. Feit is ook dat de “vooruitgang” op Ile à Vache ten goede zal komen aan de clan rond president Martelly en zijn premier Laurent Lamothe maar vooral aan de kapitaalkrachtige investeerders uit de Dominicaanse Republiek, de VS en Canada en niet aan de bewoners die in het beste geval eenvoudige klussen zullen mogen opknappen voor de gasten van de luxeverblijven. Martelly woonde tot 2007 in Florida waar hij eveneens betrokken was in dubieuze vastgoedtransacties – met faillissement als resultaat. Zie: http://www.mcclatchydc.com/2011/03/07/109908/haiti-presidential-candidate-martelly.html

Wat zich in Haïti afspeelt is niet uniek. De Caraïben zijn in sneltreinvaart aan het veranderen. Niets is zo confronterend als de lectuur van reis- en zeilgidsen van een paar decennia geleden. De plaatsen die erin beschreven worden zijn intussen onherkenbaar veranderd. De gidsen van Don Street, een andere zeilautoriteit voor de Caraïben, zijn sinds een paar decennia niet meer bijgewerkt. Rotsen en kustlijnen zijn onveranderd gebleven, maar ankerplaatsen zijn verdwenen en vervangen door jachthavens. Op andere plekken is het verboden te ankeren en moeten de ankerboeien van de plaatselijke overheid of van privémarina’s worden gebruikt.

Ongerepte plekjes en stille baaien worden zeldzaam. De Horseshoe Reef (Saint Vincent and The Grenadines) is één van de mooiste plekken in de Caraïben met azuurblauw tot turkoois water en zeeschildpadden overal. Maar de Horsehoe Reef is het slachtoffer van zijn populariteit. Je ankert er tussen een paar dozijn andere – meestal Amerikaanse – boten en als je op zoek gaat naar de schildpadden kom je in een soort publiek zwembad terecht. Los Roques, een eilandengroep vóór de kust van Venezuela is net als Ile à Vache één van de weinige nog ongerepte gebieden in het Caraïbisch bassin. Dank zij de kwalijke veiligheidsreputatie van Venezuela, waar overvallen op boten – soms met dodelijke afloop – schering en inslag zijn, blijven de Roques ver van de platgetreden paden. Vooral Amerikaanse schippers varen in een wijde boog om Venezuela en de eilanden heen. Maar vroeg of laat is ook dat gedoemd om te veranderen.

De Britse zeiler Roger Pratt, in januari vermoord in St Lucia

Criminaliteit is voor velen een andere reden om uit de Caraïben weg te blijven. Het fenomeen lijkt zich in golven te verplaatsen. Een tiental jaren geleden was Colombia te mijden, nu wordt het geroemd om zijn effectieve strijd tegen de misdaad waardoor het land weer bovenaan de lijst van de bestemmingen staat. Venezuela is andere koek. In september is een Nederlander bij een roofoverval gedood op het eiland Isla Margarita en onlangs werden twee oudere mannen op volle zee op weg van Trinidad naar Venezuela gewelddadig overvallen en ernstig gewond. Op Saint Lucia waren  sommige ankerplaatsen tien jaar geleden nog absoluut te mijden, nu heten ze perfect veilig te zijn maar een maand geleden werd een Britse zeiler vóór de ogen van zijn vrouw omgebracht in Vieux Fort in het Zuiden van Saint Lucia.

Een andere ontwikkeling is de neiging van de kleine en meestal doodarme eilanden om yachties als melkkoeien te behandelen. Jamaica overweegt de invoering van een cruising permit. Dat die nog niet van kracht is heeft naar verluidt enkel te maken met onenigheid tussen de autoriteiten over het tarief: 100 of 150 dollar. Op de Bahamas betaal je 300 dollar of je één uur blijft of drie maanden en aanleggen in de Turcs and Caicos kost je minimaal 100 dollar, ook al wil je alleen maar tanken. Waar je vroeger vrij kon ankeren moet je nu vaak betalen. Je kunt het de eilandbesturen niet kwalijk nemen; toerisme is nu eenmaal meestal hun enige bron van inkomsten, maar het maakt het vrije zeilersbestaan weer iets minder vrij. En als je wist dat die inkomsten ook de bevolking ten goede zou komen, komaan dan. Helaas is dat gezien de wijdverspreide corruptie hoogst onzeker. 

Dat alles gezegd zijnde: de Caraïben blijven een fantastisch gebied, één van de mooiste plekken ter wereld, met een gastvrije en levenslustige bevolking, betoverende natuur, prachtige stranden en een heerlijk klimaat. Er blijven hopelijk in de toekomst nog genoeg plekken waar de internationale toeristische industrie met haar fikken afblijft. En voor de bewoners kun je alleen maar hopen dat kleinschalige projecten met respect voor hun levenswijze en voor het milieu een betere toekomst kunnen brengen.

April 4, 2014 at 2:53 am Leave a comment

CASSANDRA’S REPLIEK

whatever happens

PANGLOSS IN ‘KNACK’: GELOOF NIET WAT JE ZIET!

door Tom Ronse

Vergeef me als ik een open deur intrap maar het gaat niet goed met deze wereld. Een structurele crisis teistert de globale economie en ze wordt slechts in toom gehouden door aan een nooit gezien tempo nieuw geld en nieuwe schulden te maken. Een kind kan begrijpen dat dit niet kan blijven duren zonder een ineenstorting te veroorzaken. Nog erger is het gevaar dat onze biotoop bedreigt. We weten dat we onze CO2-uitstoot moeten verminderen om een globale catastrofe te voorkomen.  Maar zoals een junkie die niet kan stoppen al beseft hij dat hij eraan krepeert, kunnen we niet ophouden om elk jaar meer CO2 de lucht in te spuiten.

En dit zijn maar enkele van onze zorgen. Als u een van de velen bent die pillen slikt om er ‘snachts niet van wakker te liggen; als u last heeft van stress, depressie of angst: u lijdt niet aan een ingebeelde ziekte. We are in deep shit. De eerste voorwaarde om tot een oplossing te komen, is het probleem erkennen.

Maar precies in zo’n hachelijke tijd onstaat er een behoefte aan mooipraters die de mensen op het hart drukken dat schijn bedriegt, dat het eigenlijk allemaal heel goed gaat. Het archetype van dit soort pluimstrijkers is Pangloss uit Voltaire’s “Candide” (1759!). Welke rampen er ook gebeurden, Pangloss bleef beweren dat “tout est pour le mieux dans le meilleur des mondes“.

Zo’n Pangloss is de jonge Nederlandse historicus Rutger Bregman, auteur van “De geschiedenis van de vooruitgang”. Hij pende het cover-artikel van Knack vorige week, getiteld: “Het gaat steeds beter met België en de wereld – De stille triomfen van de vooruitgang”. Daarin schrijft Bregman: “Ik denk dat de cijfers, grafieken en tabellen in een duidelijke richting wijzen. Dat onze ‘crisis’ weinig meer is dan een zuchtje in de wervelwind van vooruitgang. En dat we nu al rijker, gezonder, slimmer en vredelievender zijn dan ooit”. En in zijn editoriaal beaamt Hubert Van Humbeeck: “en dat is helemaal waar”. Oef, wat een opluchting. De keizer heeft wel degelijk mooie kleren aan, alleen de dommen onder ons kunnen die niet zien.

De titel eronder is al even geloofwaardig.

De titel eronder is al even geloofwaardig.

Zijn er verzachtende omstandigheden voor dit soort onzin? Men zou kunnen aanvoeren dat  Rutger Bregmans Pangloss een welkom tegengewicht is voor Cassandra’s zoals Tom Ronse (niet dat die in de mainstream pers aan het woord komen).  Maar vergeet niet dat Cassandra gelijk had.  Door haar waarschuwingen in de wind te slaan, graafden de Trojanen hun eigen graf. Pangloss daarentegen weefde een sprookje om zijn publiek gerust te stellen. “Alles gaat de goede kant uit”, zo zou hij de Trojanen hebben gesust, “de grafieken tonen dat het oorlogsgeweld scherp is gedaald”. Voor zo’n wijsheden werd Pangloss goed betaald. Panglosserij is nog steeds een veelbelovend carrièrepad voor jonge academici met ambitie.

Vaarwel honger?

Bregman heeft de kleren van de keizer kunstig gewoven, met veel cijfers, grafieken en tabellen. Maar bij nader toezien blijken die vaak doorzichtig misleidend.

Zo steunt hij zijn bewering dat de extreme armoede spectaculair is gedaald, van meer dan de helft van de wereldbevolking in 1981 naar één vijfde vandaag, op cijfers van de Wereldbank. Deze door Washington gedomineerde instelling heeft zich gedurende heel die periode uit de naad gewerkt om haar neoliberale recepten overal op te dringen en heeft er dus belang bij om gunstige resultaten voor te leggen. De Wereldbank definieert ‘extreme armoede’ als een inkomen van 1,25 dollar of minder per dag. Dat is een volkomen arbitraire definitie die nergens op steunt. Niemand anders meet armoede aldus. Ze is bovendien absurd: ook met een inkomen dat 2, 3 of zelfs 4 keer zo hoog is, leef je vrijwel overal op deze planeet in extreme armoede. Je hebt niet genoeg om in je primaire noden (eten, onderdak, kleren, gezondheidszorg, scholing) te voorzien.

De grafiek van de Wereldbank geeft wel degelijk een trend aan maar niet een van groeiende welvaart. Ze beschrijft een periode van intense globalisering, waarin de geldeconomie overal binnendrong. Door politieke hervormingen, in naam van de zaligheid van de vrije markt en onder druk van instellingen als de Wereldbank, door de concurrentie van goedkope buitenlandse producten, door de kapitalisering van de landbouw, werd het leven van vele miljoenen kleine boeren ontwricht. Velen onder her vluchtten naar de steden. Slums –sloppenwijken- zijn nu veruit de snelst groeiende vorm van menselijke habitatie. Ook in sloppensteden heb je voor alles geld nodig. Met 1,25 dollar par dag kun je er niet overleven. De meeste slumbewoners slagen er in om op een of andere manier meer te verdienen dan dat. Aangezien geld in hun vroeger leven op het platteland slechts een marginale rol speelde -velen overleefden grotendeels van wat ze kweekten en onder elkaar ruilden- is hun monetair inkomen fors gestegen. Hun levensomstandigheden zijn ellendiger dan ooit maar volgens het criterium van de Wereldbank zijn ze veel ‘rijker’ geworden. Zo zetten de Wereldbank en haar sycophanten zoals Bregman, de werkelijkheid op z’n kop.

Bregman in de Vara-show Pauuw e Wiiteman. Pangloss heeft geen moeite om zijn blijde boodschap in de mainstream media te verkondigen.

Bregman in de Vara-show Pauw en Witteman. Pangloss heeft geen moeite om zijn blijde boodschap in de mainstream media te verkondigen.

Een goed voorbeeld is India waar de armoede volgens de Wereldbank meer dan gehalveerd is. Dit dank zij landbouwhervormingen die geeist werden door de Wereldbank en het IMF in ruil voor leningen. Die hebben de productiviteit fors verhoogd maar brachten ook mee dat miljoenen kleine boeren steeds meer gebukt gaan onder schulden. Velen verloren hun grond, vluchtten naar de slums of pleegden zelfmoord. Tussen 1995 en 2011 hebben meer dan 270 000 Indische boeren zich het leven benomen. Misschien dacht Bregman  aan hen toen hij schreef: “Er zijn altijd slachtoffers, zij die de trein van de vooruitgang niet bij kunnen houden, of eraf vallen”.

Debt

Vredelievender?

Dat de wereld steeds vredelievender is geworden, bewijst Bregman met een grafiek die toont dat het aantal oorlogsslachtoffers sinds 1946 fors is gedaald. Alsof we een grafiek nodig hebben om te weten dat er in een periode met twee wereldoorlogen meer mensen sneuvelden dan daarna. De grafiek leert ons niets; ze stelt enkel een vraag: waarom was er, tot hier toe althans, geen derde wereldoorlog? Bregmans antwoord, omdat ‘we’ vredelievender zijn geworden, is wat te gemakkelijk. De ervaring van de wereldoorlogen heeft wel diepe sporen nagelaten die een afkeer van oorlog helpen verklaren maar er is meer. We zijn een paar keer dicht bij een derde wereldoorlog gekomen (denk aan de Cuba-crisis) maar wat beide kampen in laatste instantie tegenhield was het risico van zelfvernietiging. Dit is een nieuw gegeven: Nooit tevoren kon oorlog leiden tot “Mutual Assured Destruction”, en zelfs tot de complete vernietiging van de menselijke beschaving. Zijn we daardoor veiliger geworden? Op een perverse manier wel, tijdens de koude oorlog. Maar dank zij de door Bregman aanbeden vooruitgang is de proliferatie van nucleaire en ander massamoord-wapens sindsdien flink gestegen. De daling van het aantal oorlogsslachtoffers sedert 1946 is geen bewijs dat het in de toekomst niet zal stijgen.

Gezonder?

Niet alleen door oorlog kan de mensheid vandaag zichzelf vernietigen. Ze kan de klus ook klaren door gewoon te blijven produceren en consumeren zoals ze nu doet. Ook dat is een historische primeur waar Bregman geen oog voor heeft. Volgens hem gaat het de goede kant op met het milieu want kijk, de prijs van de zonnepanelen is fors gedaald! Hij zegt er niet bij dat zonne-energie nog altijd minder dan 0,5 % van de totale energie-productie omvat en dat de productie van fossiele brandstoffen nog meer stijgt. De snelste stijger is steenkoolproductie, de grootste vervuiler van allemaal. Zoals een junkie zijn eigen lichaam afspeurt op zoek naar aders die nog bruikbaar zijn, zo  zoekt onze aan fossiele brandstof verslaafde beschaving naar de laatste aders met nieuwe, door de geprezen vooruitgang gecreeerde technieken (‘fracking’, diepzee-boren, teerzand-olie, schalie-olie, enz) die  nieuwe ecologische rampen meebrengen.

Dat we steeds gezonder worden bewijzen cijfers over de uitroeiing van ziekten als de pokken, langere levensduur en het groeiend aantal vaccinaties. Het is waar dat er op sommige terreinen vooruitgang is, dank zij de vooruitgang van de medische kennis. Maar op andere vlakken gaat de gezondheid achteruit.  Per dag sterven 25 000 mensen door honger (volgens de Wereld Voedsel Organisatie, een VN-tak) maar nog meer mensen sterven aan de gevolgen van overgewicht. Je gelooft het niet maar Bregman ziet er een bewijs van vooruitgang in. Wat hij niet begrijpt is dat je tegelijk te dik en ondervoed kunt zijn.  Dat is het dieet van miljarden armen: te veel calorieën, te weinig vitaminen en andere noodzakelijke  voedingsstoffen. Zo wordt een epidemie van diabetes een bewijs dat het goed gaat.  Bregman negeert ook onze mentale gezondheid. De pijn, de angst, de wanhoop die ons elk jaar meer pillen doen slikken…is dat “de stille triomf van de vooruitgang”?

the value-world

De “juiste context”

Bregman voelt zich genoodzaakt om te erkennen: “We leven nog altijd in een wereld van afschuwelijk geweld, mensonterende armoede, verschrikkelijke natuurrampen, oplopende werkloosheid, onversneden egoisme, hemeltergende hypocrisie en immens machtsmisbruik”. Maar “wie die doffe ellende (…) in de juiste context weet te plaatsen, kan maar een conclusie trekken. De wereld wordt een steeds betere plek”.

De “juiste context”. Die is inderdaad cruciaal. Iedereen kan her en der wat cijfers en grafieken bijeensprokkelen om z’n standpunt te onderstutten. Maar het is de contextualisering die de cijfers betekenis geeft. De analyse maakt het mogelijk om ze te interpreteren. Maar er is geen analyse in Bregmans artikel, er is alleen een quasi-religieus geloof in de vooruitgang.

De cijfers in hun ‘juiste context’ plaatsen betekent niet een blind vertrouwen koesteren in de wonderen van wetenschap en techniek. Het betekent oog hebben voor de maatschappelijke verhoudingen waarin wetenschap en techniek zich ontwikkelen. Daar lijkt Bregman niet toe in staat.

Zo meldt hij met enthousiasme dat “wetenschappers van de universiteit van Oxford berekenden dat maar liefst 47 procent van alle Amerikaanse banen een groot risico loopt te worden ingepikt door robots –binnen twintig jaar.” Goed nieuws, volgens Bregman. The Economist besteedt aandacht aan dezelfde studie (die het over automatisering heeft, niet enkel over robots) en vreest grote sociale ontwrichting. Nu al is de werkloosheid alarmerend hoog, noteert het blad , “and not just for cyclical reasons”. De werkloosheidscijfers onderschatten vaak de trend. Zo bedraagt het werkloosheidspercentage in de VS slechts 6,7 % maar volgens The Economist heeft er nog maar 59 % van de working-age bevolking een baan. Volgens de Internationale Arbeid Organisatie (een tak van de VN) zijn er wereldwijd al meer dan 1,5 miljard werklozen. Ook in Vlaanderen stijgt de werkloosheid elk jaar (met 9,4% in 2012 en 9,3% in 2013).  Op het vlak van tewerkstelling is er een groot verschil tussen de informatie-technologie en vroegere golven van technologische vernieuwing. De auto bijvoorbeeld, vernietigde veel banen maar creeerde er nog veel meer. Maar de IT schept veel minder banen dan er door de automatisering overbodig worden. Vier reuzen uit de sector,  Google, Apple, Amazon en Facebook die samen een beurswaarde hebben van meer dan duizend miljard dollar, hebben samen wereldwijd slechts 150 000 personeelsleden.

Als men abstractie maakt van de maatschappelijke verhoudingen dan heeft Bregman gelijk, dan is het overbodig worden van 47 % van de banen een prachtig vooruitzicht. Het wordt dan immers mogelijk om het werk zo te herverdelen dat iedereen veel meer vrije tijd heeft. Maar dat veronderstelt een maatschappij waarin de bevrediging van menselijke noden het doel is. In onze maatschappij is dat niet het doel maar een middel om winst te maken, om kapitaal te doen groeien.  Daarom is de ontwikkeling die de Oxford-studie beschrijft niet bevrijdend maar angstaanjagend. Ze impliceert niet minder werk voor iedereen maar een massale verbanning uit het productieproces terwijl diegenen die het geluk hebben van nog een baan te hebben nog harder moeten werken.

Die groeiende massa van overbodigen verarmen, zij het niet volgens de criteria van de Wereldbank. Intussen gaat een steeds groter stuk van de globale koek naar de rijksten. Uit een rapport dat Oxfam ter gelegenheid van de conferentie in Davos publiceerde, blijkt dat de kloof zo groot is geworden dat de rijkste 85 aardbewoners nu evenveel bezitten als de armste helft van de wereldbevolking, 3,5 miljard mensen. En de kloof blijft groeien. Sommige van die superrijken zoals Bill Gates halen het nieuws met hun filantropische activiteiten die mooie cijfers opleveren in Wereldbank-rapporten zoals een daling van de malaria. Intussen hoeven ze geen vinger uit te steken om hun kapitaal te doen groeien; al slapende worden ze nog rijker.

what to do

Voor Bregman zijn dat problemen waarvoor de wetenschap wel mettertijd de juiste oplossing zal aandragen. “De grootste triomf van  deze eeuw” zal volgens hem “het uitroeien van de extreme armoede” zijn. Althans volgens de criteria van de Wereldbank wat betekent dat iedereen minstens 1,25 dollar per dag zal hebben. De trend wijst uit, volgens Bregman “dat we deze ellende nog voor 2040 kunnen uitroeien”.  De reden dat we tot dan moeten wachten is vermoedelijk dat er nog meer vooruitgang van wetenschap en technologie nodig is om dat mogelijk te maken.

Gelooft Bregman werkelijk dat er extreme armoede bestaat omdat de know-how en middelen om ze uit te roeien vandaag nog niet aanwezig zijn?  Elke 5 seconden sterft ergens een kind aan ondervoeding terwijl het minder dan een dollar per dag zou kosten om het te voeden (volgens cijfers van het World Food Program). De reden dat het niet gevoed wordt is de maatschappelijke context: het is niet winstgevend. De vooruitgang van de wetenschap leidt er toe dat voedsel steeds goedkoper wordt en dat hielp om de verarming in te dijken. Maar naarmate het aantal “nuttelozen” groeit, groeit ook de neiging om zich van die zorg te ontdoen want de druk van de sociale lasten ondermijnt de competiviteit. De social spanning neemt toe. Wat een geluk om op zo’n moment een Pangloss te hebben die ons sust dat we in de beste van alle mogelijke werelden leven.

De verkeerde vraag

Natuurlijk zijn niet alle cijfers die Bregman citeert misleidend. Er is wel degelijk vooruitgang op sommige terreinen, wetenschap en technieken hebben wel degelijk gunstige effecten, ook al zijn ze gekneld in en gekneed door hun functionaliteit aan het winststreven. Maar eigenlijk stelt Bregman de verkeerde vraag. De relevante vraag is niet of we het beter hebben dan onze voorouders. Hoe je die vraag beantwoordt, hangt af van de criteria die je gebruikt maar het antwoord leert ons niets. Onze voorouders hadden veel beperktere middelen dan wij, wij confronteren grotere uitdagingen, gevaren en mogelijkheden. In plaats van onze situatie met die van onze voorouders te vergelijken, moeten we wat is vergelijken met wat kan zijn: de tegenstelling wordt steeds absurder. We moeten “de juiste context” aanpakken en iets nieuw uitvinden. “To invent”, zei Einstein, “is to think outside the box”. Die box is de maatschappelijke context, waarvan Panglossen als Bregman onze blikken afwenden.

 

 

http://www.knack.be/nieuws/wereld/de-geschiedenis-herhaalt-zich-niet-de-geschiedenis-rijmt/article-opinion-123998.html

Meer over de cijfers van de Wereldbank in dit essay van de Canadese economist Michel Chossudovsky Global Falsehoods: How the World Bank and the UNDP Distort the Figures on Global Poverty

Meer over de situatie van de Indische boeren HIER.

Over de groei van de sloppenwijken: Mike Davis, “Planet of Slums”

Het commentaar van The Economist over het Oxford-rapport leest u HIER.

Meer over het Oxfam-rapport HIER.

January 26, 2014 at 10:09 am Leave a comment

ZEEBRUGGE-VIETNAM: ALLER-RETOUR

Kim Phuc midden

door Piet Wittevrongel

Zo een veertig jaar geleden werd de haven van Zeebrugge gebruikt voor het massaal verschepen van Amerikaanse bommen voor de oorlog in Vietnam. Dit werd doodgezwegen bij de 100-jarige viering van de haven van Zeebrugge en onlangs nog bij het bezoek van Kim Phuc aan Brugge.

Kim raakte wereldwijd bekend van deze schrijnende foto (boven/midden), die het resultaat is van een Amerikaans bombardement met napalm. Dankzij de emotionele foto van Nick Ut uit 1974, kreeg Kim de beste zorgen en kwam zij het vreselijke trauma te boven. Ze reist nu de wereld af, onlangs ook België, in dienst van de vrede (foto onder). Voor haar is het altijd 11 november.

The times they are a changing. Binnenkort worden er massaal vietnamese pangasiusfilets ingevoerd via dezelfde haven van Zeebrugge.

Spijtig genoeg hebben deze vissen geen al te goede reputatie: ze worden gekweekt met water uit de zwaar vervuilde Mekong rivier. In 2010 opende de Europese Commissie nog een onderzoek naar de omstandigheden waaronder de vis gekweekt wordt. Uit een rapport van een Nederlandse voedseltechnoloog was gebleken dat er zware metalen, zoals kwik, arseen en lood, zitten in het water en de grond van de Mekong waar de pangasius vandaan komt. Onder meer kwik kan zich ophopen in het lichaam van de vissen en kan zo op het bord van de consument belanden.

Laten we hopen dat er in onze vis ook geen resten meer van Agent Orange (dioxine) worden aangetroffen,  het Amerikaanse massavernietigingsgif dat tot op vandaag in het zwaar gebombardeerde Vietnam nog steeds slachtoffers maakt.

*Gie van den Berghe, Kijken zonder zien, Omgaan met historische foto’s, Pelckmans, 2011

Kim Phuc vandaag

 

November 14, 2013 at 2:05 pm 2 comments

IRAK IS EEN MILITAIR TSJERNOBYL

Iraqi children take cover from sand in Basra 2

by John Pilger

Het zandstof waait vanuit de Iraakse woestijn langs de vingerige eindeloze wegen. Het nestelt zich in je ogen, neus en keel; het dwarrelt neer op markten en scholen, het dringt zich op aan voetballende kinderen. Dit zand bevat, volgens Dr. Jawad Al-Ali, ‘het zaad van de dood’. Ali is een hooggeacht kankerspecialist aan het Sadr medisch studiecentrum in Basra.

Dr. Ali waarschuwde me al in 1999, vandaag is zijn argumentatie onweerlegbaar. ‘Voor de Golfoorlog hadden we twee of drie kankergevallen per maand. Nu zijn er 30 tot 35 kankerdoden per maand’, aldus Ali. ‘Onze studies wijzen uit dat 40 tot 48 procent van de plaatselijke bevolking kanker zal krijgen: het zal nog zo’n vijf jaar duren tot het goed doorbreekt en wanneer het ophoudt is niet te voorzien. Het gaat hier dus om de helft van alle inwoners. Mijn meeste familieleden hebben het, en er is geen sprake van genetische aanleg. Dit is Tsjernobyl: de genetische effecten zijn nieuw voor ons, de paddestoelen groeien mateloos, zelfs de druiven in mijn wijngaard zijn gemuteerd en oneetbaar geworden.’

Dokter Ginan Ghali Hassen, pediater, toont me haar fotoboek van kinderen die ze heeft trachten te helpen. Vele hebben neuroblastoma. ‘Voor de oorlog hadden we één geval van deze ongewone tumor in twee jaar tijds. Nu zijn er talloze gevallen, meestal zonder familiale voorgeschiedenis. Ik heb bestudeerd wat er in Hiroshima is gebeurd. De plotse toename van deze aangeboren afwijking is hier dezelfde.’

Bij de artsen die ik geïnterviewd heb bestaat er geen twijfel over dat de kankerplaag te wijten is aan de munitie met verlaagd uranium die Amerikanen en Britten in de Golfoorlog gebruikten.  Een Amerikaanse militaire fysicus die na de Golfoorlog de boel moest helpen opruimen in Koeweit zei me: ‘Elke geschutsronde van een A-10 Warhog attack aircraftbevatte meer dan 4.500 gram vast uranium. Ruim 300 ton uranium is daar gebruikt. Het was een regelrechte kernoorlog.’

Hoewel het verband met kanker altijd moeilijk te bewijzen is, zeggen Iraakse dokters ronduit dat ‘de epidemie voor zichzelf spreekt’. De Britse kankerdeskundige Karol Sikora, hoofd van het kankerprogramma van de WHO (Wereld Gezondheidsorganisatie) in de jaren 90, schreef in het Britse Medical Journal:  ‘De vereiste apparatuur voor radiotherapie, chemotherapeutische pillen en pijnstillende middelen, worden voor Irak systematisch geblokkeerd door de Amerikaanse en Britse adviseurs.’ Tegen mij zei hij: ‘De WHO zegt ons uitdrukkelijk niet te praten over heel die Iraakse affaire. De WHO wil zich ver van de politiek houden.’

Irak is niet langer nieuws, nu we er officieel weg zijn. Toen vorige week 57 Irakezen in één dag gedood werden, is er niet over bericht in de Britse pers. Natuurlijk wel over de moord op die ene (1) Britse soldaat in Londen.

Het hele verhaal van John Pilger leest u hier:

www.johnpilger.com

http://www.guardian.co.uk/commentisfree/2013/may/26/iraqis-cant-turn-backs-on-deadly-legacy

Over Tsjernobyl leest u op deze weblog:https://salonvansisyphus.wordpress.com/2011/03/17/verjaardag-tsjernobyl-25-jaar-geen-paniek/

May 28, 2013 at 9:28 am Leave a comment

DAT ZINKEND GEVOEL (SLOT)

 

 final wish

Geld. De accumulatie van steeds meer geld is het doel van de mensenmaatschappij, zou onze buitenaardse bezoeker in zijn rapport schrijven. “Mensen geloven in diverse, elkaar beconcurrerende goden maar dat de god die werkelijk op heel de aarde wordt aanbeden is geld.  Ze denken dat het hen dient maar eigenlijk dienen zij het. Ze produceren wel dingen die ze nodig hebben maar enkel als dat meer geld opbrengt. Anders doen ze het niet, ook al sterven daardoor miljoenen.  Ze vinden dat spijtig maar onvermijdelijk want ze kunnen zich niets anders voorstellen dan de eredienst van het geld. Het is zo abstract als hun andere goden. Ze geloven dat abstracte waarde  in de vorm van geld, eindeloos kan en moet groeien. Soms is hun geld iets materieel, zoals een zeldzaam metaal, maar doorgaans is de materiele vorm onbelangrijk, louter symbolisch en soms zelfs onbestaand. Maar ook als het  materieel niet bestaat, bestaat het sociaal omdat de mensen er in geloven. Soms wordt dat geloof zwaar op de proef gelegd en dan ontstaat er chaos, grote armoede, oorlogen. Het geloof in stand houden wordt daarom door de machtsinstanties op deze planeet aanzien als hun voornaamste opdracht.”

De economische experts waarmee hij praat zeggen hem dat geld geen doel is maar een middel. Het enige middel dat in staat is om het verkeer van goederen en  diensten tussen mensen efficient te organiseren. Maar ze hebben ongelijk. Het middel is het doel geworden.

Geld is als bloed, vindt Paul De Grauwe (De Morgen 30/3/2013). “Het houdt alles bij elkaar. Het enige waarover iedereen het tenslotte eens is in de samenleving, is dat het geld waard is wat het waard is.” Maar wat is het waard?

Geld ontleent zijn waarde niet aan zichzelf. De rijkdom van een land verdubbelt niet als het zijn geldhoeveelheid verdubbelt. De waarde van het geld hangt af van de waarde van de goederen en diensten die het circuleert. Voor hen treedt het geld op als plaatsvervanger, omdat het nu eenmaal erg onpraktisch is, zoals De Grauwe  verder opmerkt, om bvb. schoenen voor broden te ruilen.

De accumulatie van geld komt dus in de problemen als de waardegroei in de reele economie in het gedrang komt.  De economie stoelt op de markt. Dat wil zeggen concurrentie tussen verkopers en tussen kopers. Die zorgt ervoor dat prijzen tot stand komen op basis van de vergelijking van productiekosten. Wat kost het om zo’n ding te maken? Wat volgens Marx neerkomt op de vraag: hoeveel sociaal noodzakelijke arbeidstijd is er vereist om de grondstoffen die ervoor verbruikt werden te ontginnen, om de producten die de arbeiders met hun lonen kopen te maken, om het deel van de technologie en infrastructuur die voor zijn productie werd versleten te vervangen? Abstracte arbeidstijd is wat werkelijk wordt geruild. Slaagt een industrieel er in om er minder  te gebruiken dan in zijn sector de norm is, dan rijft hij een meerwinst binnen. Hetzelfde geldt voor de firma die een nieuw product op de markt brengt en dus een monopolie-positie verwerft die de marktregels uitschakelt. Maar de tendens van de markt is om de productie te stimuleren waar de winstmarge hoger is, zodat wat de uitzondering was, de regel wordt en de winstvoet, tendentieel, egaliseert.

value

Dit systeem werkte behoorlijk zolang de groei van de sociale rijkdom effectief afhing van een groeiende mobilisatie van arbeid. Maar technologische omwentelingen doen een productieproces ontstaan waarin de werkelijke bron van sociale rijkdom niet zozeer de kwantiteit van de geleverde arbeid is maar wel ‘het algemene intellect’,  de collectieve kennis en toegepaste wetenschap. Marx voorzag een tijd waarin productie  een zaak wordt van machines en automatische processen en de mens niet langer de hoofdacteur in het productieproces is maar enkel de opzichter. Zo krijg je een systeem waarin enerzijds de toegepaste sociale kennis een gigantische productiviteit mogelijk maakt, (relatief) onafhankelijk van de hoeveelheid arbeidstijd die gebruikt wordt.  Anderzijds dwingt het geldsysteem om de hoeveelheid arbeidstijd te blijven gebruiken als maatstaf voor de waarde die gecreërd wordt en om de groei van de productie ondergeschikt te maken aan de nood om de waarde van het bestaande geld in stand te houden (Marx, Grundrisse, Penguin ed. p. 704 e.v.).

 Met andere woorden, het kapitalisme heeft de wereld zo veranderd dat zijn eigen grondregels achterhaald zijn geworden. Ze leiden tot overproductie, een dalende modale winstvoet, krisis, armoede, oorlog. Hoe meer ontwikkeld het globale productieproces wordt, hoe moeilijker het wordt om die obstakels te overwinnen.

 De stagnatie van waardegroei in de reele economie leidde in de jaren 1970 tot een mondiale krisis. Meer geld in circulatie brengen om de groei te stimuleren deed enkel de inflatie oplaaien. Het geld begon zich uit de circulatie terugtrekken. Het is de enige waar die dat dat kan. “Alle waren zijn bederfbaar geld”, schreef Marx, maar “geld is de onbederfbare waar” (schijnbaar).  Alle andere waren moeten omgezet worden in geld, anders verliezen ze hun waarde. Geld kan geld blijven in de vorm van allerlei financiele tegoeden. Die maken het mogelijk om geld te parkeren, in plaats van het te gebruiken voor consumptie of productieve investeringen. Vanaf 1980 groeide de parkeer-ruimte aan een ongelooflijk tempo. De meest ingenieuze ‘financiele instrumenten’  (derivatieven etc) werden uitgevonden om aan de vraag tegemoet te komen. Zo kon de geld-expansie voortgaan zonder inflatie aan te wakkeren omdat het teveel aan geld in circulatie werd weggezogen door de financiele sector. Geld heeft het voordeel dat de vraag ernaar onbeperkt is: alle andere waren hebben een gelimiteerde markt maar geld kun je in deze maatschappij blijkbaar nooit genoeg hebben.

always more

Dat is echter ook een nadeel. Hoe meer de vraag naar geparkeerd geld stijgt, hoe minder koopkracht er overblijft voor andere waren zodat de reele economie verder verzwakt.  De stijgende vraag doet de marktwaarde van financiele tegoeden stijgen, wat op zijn beurt de vraag stimuleert. Een steeds groter deel van de totale koek gaat naar de financiële sector –in de VS steeg het aandeel van de sector in de totale winst van 18,3% in 1980 naar 40,8% in 2007- zodat al de rest het met minder moet doen.

Eigenlijk zou ik hier twee andere belangrijke ontwikkelingen sinds 1980 moeten bespreken: de globalisering en de expansieve groei van de informatie-technologie. Alleen omdat dit stuk anders te lang zou worden, sla ik ze over. Maar over de geldcultuur nog dit.

Sinds 1980 is de totale hoeveelheid van financiële tegoeden drie keer sneller gestegen dan het mondiale bruto product (van 12 biljoen dollar in 1980 naar 196 biljoen in 2007, wat vier keer meer was dan het mondiaal bruto product in dat jaar) (zie Der Spiegel, 5/11/2009, p. 96 e.v.). Het geloof dat geld meer geld kan opbrengen, zonder daartoe afhankelijk te zijn van een waardegroei in de reele economie, werd wijdverspreid.Maar al die financiele tegoeden zijn in feite schuldvorderingen. Hoe meer ze groeien in verhouding tot de reele economie, hoe meer deze laatste kreunt onder haar schuldenlast.

Debt

Ze bezwijkt eronder op de zwakste plaatsen en dan begint de hele zeepbel te barsten. De eerste zware schok kwam in 2008. Men ging hem te lijf door nog maar geld te maken, nog meer schulden  te maken.  Het onevenwicht werd dus nog groter. Een nieuwe, zwaardere schok staat ons te wachten.

De wereldeconomie zou een heropleving kennen als het teveel aan financieel kapitaal als bij toverslag geëlimineerd zou kunnen worden. Maar dat is onmogelijk. Het ‘goede’ geld en het ‘slechte’ dat door geen waarde in de echte economie gedragen wordt, kan niet van elkaar gescheiden worden. Daarom zou de ineenstorting van de gigantische financiële bubbel de hele economie met zich mee sleuren.

Een wereld zonder geld

Ik vermoed dus dat onze buitenaardse bezoeker ons zou adviseren om het hele geldsysteem te laten vallen. “Dat kan niet”, zegt professor De Grauwe, “dat zou een terugkeer betekenen naar het stenen tijdperk”. Want hij kan zich een ontwikkelde maatschappij niet anders voorstellen als een markt en een markt zonder geld is inderdaad moeilijk voorstelbaar.

Maar het is juist omdat we in een hoog-ontwikkelde maatschappij met een globaal productieproces leven, dat we ons iets anders kunnen voorstellen dan marktmechanismen om productie en consumptie te reguleren.

Waarom niet?

Waarom niet alle basisbehoeften  –behuizing, levensmiddelen, transport en communicatie, medische zorgen- voor alle mensen op aarde gratis maken? Onmogelijk? De kennis en middelen om zo’n project te realiseren zijn wel degelijk voorhanden.

Waarom niet samen democratisch beslissen wat onze gezamenlijke prioriteiten zijn en alle elkaar beconcurrerende en oorlog voerende naties afschaffen?  De informatie-technologie zou daar de infrastructuur voor leveren.

Een prioriteit zou zeker zijn het herstel van het ecologisch evenwicht, zodat we ophouden met ons eigen graf te graven. Tijdsbesparende technologie zou dienen om echt tijd te sparen, om iederen meer vrije tijd te geven, in plaats van om personeel op straat te zetten en de overblijvers nog harder te doen werken.

Sommige zaken zouden nog altijd schaars zijn (residenties aan zee, fijne wijnen, vliegtuigreizen) en hoe men die zou verdelen weet ik ook niet precies. Maar die dingen zouden relatief marginaal zijn omdat collectieve vormen van consumptie (een puik en gratis openbaar vervoer ipv iedereen in zijn eigen auto bvb) en de onmogelijkheid om bezit via geld te accumuleren de bezitscultuur gaandeweg zouden doen verdwijnen.  Nu bezit minder dan 1% van de wereldbevolking ruim 40% van alle rijkdom op aarde.

what to do

Zouden mensen de stimulans verliezen om productief te zijn als ze geen geld meer kunnen accumuleren? Ik denk het niet. De meeste mensen willen een productief leven leiden omdat ze daar voldoening in vinden. Nu kan een steeds groter deel van de mensheid dat niet. Bijna twee miljard mensen zijn verbannen uit het globale productieproces , gedoemd tot ellendige levensomstandigheden die misdaad, oorlog, overbevolking en ziekte meebrengen. Het geldsysteem maakt van de aarde een “planet of slums”, zoals Mike Davis in zijn gelijknamig boek indringend beschreef.

Ik wil het niet te simpel voorstellen. Problemen zouden niet bij toverslag verdwijnen, het gezamenlijk beheer van de aarde zou een complex  proces zijn en boekhouding zou nog steeds een vereiste zijn. Maar het grootste obstakel is het ontbreken van de wil, het onvermogen om buiten de box van de markt te denken. En dus ook het ontbreken van een beweging, een sociale kracht die dit historisch breekpunt kan tot stand brengen. Het lijkt nog utopisch. Maar de ineenstorting van het geldsysteem kan het op slag veel realistischer maken.

  Tom Ronse

Ik dank diegenen die deze serie hebben uitgelezen. En nu terug naar de belangrijke zaken des levens, zoals hoofddoeken.     

April 20, 2013 at 9:08 am 1 comment

DAT ZINKEND GEVOEL (3)

cyprus2

door Tom Ronse

Stockman heeft gelijk: het is onvoorstelbaar dat de expansie van geld en financiële tegoeden aan het huidige tempo wordt voortgezet zonder een katastrofale ineenstorting te veroorzaken van al de zeepbellen die door die expansie gevoed worden. De financiële krisis die dan uitbreekt zal veel moeilijker te bedwingen zijn dan deze die in 2008 begon.  Wat hij in de plaats voorstelt is een terugkeer naar de goeie ouwe burgerlijke waarden: ophouden met al dat ‘casino-geld’ te creëren, ophouden met dat geld te pompen in banken en bedrijven die anders failliet zouden gaan, streven naar fiscaal evenwicht door bezuinigingen en belastingsverhoging. Dat zou naar een gekrompen maar gezondere economie moeten leiden. De schoktherapie die hij voorstaat zou nog veel sneller naar depressie leiden maar daarna zou de groei heropstarten op een evenwichtiger basis. Maar Stockman zwijgt  over de chaos en sociale onwrichting die met die ‘afslanking’ zou gepaard gaan.  De oorlogen die zouden uitbreken over de slinkende taart, de massale werkloosheid, de verarming…in zijn ogen is dat misschien niet meer dan onvermijdelijke randschade maar die ‘randschade’ zou het sociale weefsel verscheuren. Zijn ‘kuur’ zou de patiënt nog zieker maken.

Geen wonder dat geen enkel land geneigd lijkt om Stockmans recept uit te voeren. De enige economische grootmacht die in die richting gaat is de EU. De Europese autoriteiten hebben niet dezelfde middelen tot hun beschikking als de Amerikaanse, dus lijkt het wijs dat ze voorzichtiger zijn en bezuinigingen opleggen om te beletten dat de publieke schulden razendsnel groeien. Maar het werkt niet. Griekenland heeft al vijf jaar harde bezuinigingen moeten slikken. De economie is met een vijfde gekrompen, met een scherpe daling van de fiscale inkomsten als gevolg. Hierdoor is de Griekse publieke schuld, ondanks al die bezuinigingen, nu gestegen tot 170% van het BNP, tegenover 100% toen de krisis begon. De economieen van Ierland, Portugal, Spanje en Italie zijn in die vijf jaar soberheid ook gekrompen terwijl hun schuldenlast is gestegen.

Het doel van de ECB is niet anders dan dat van de Amerikaanse Fed: de bescherming van de financiële infrastructuur;  van het bankwezen. Daartoe zijn alle middelen goed, inbegrepen de confiscatie van bankdeposito’s zoals onlangs in Cyprus is gebleken. En het zal wel niet bij Cyprus blijven.

A policeman walks in front of a bus station with an anti-bailout banner outside the parliament in Nicosia

Het soberheidbeleid faalt. Het enige positieve dat er over kan gezegd worden is dat ze de depressie kruipend maakt in plaats van de economie in haar geheel te treffen. Van Griekenland kroop ze naar Ierland, Spanje, Portugal, Cyprus, Italië…hoe lang zal het nog duren eer landen als Frankrijk en België aan de beurt komen?

Wat kan er een einde maken aan de draaikolk die deze landen meesleurt?  Hun situatie verbetert niet, integendeel. En ook een kruipende depressie eist een zware tol. Patiënten sterven in Griekenland omdat ze door de bezuinigingen van zorg verstoken blijven. De verarming  grijpt om zich heen in Spanje en Italië. De architecten van Europa’s soberheidsbeleid hebben bloed aan hun handen.

 Drie wegen naar de hel

Samengevat: de economische beleidmakers kunnen kiezen tussen drie krachtlijnen. In praktijk  wordt er gekozen voor een combinatie van alle drie maar in de mix is er telkens een dominant.

–  de expansie van geld- (en dus schulden-)creatie afremmen door bezuiningen. Werkt contra-productief en kan dus niet beletten dat de schulden blijven stijgen. Hoogstens kan het de veralgemening van de depressie uitstellen.

– de expansie van geld- (en dus schulden-)creatie voortzetten om de waarde van het al bestaande kapitaal (banktegoeden, aandelen, vastgoed etc) te onderstutten. Maar die geldexpansie leidt niet tot een expansie van de reële economie, wel tot bubbelvorming. Wanneer die bubbels hun onafwendbare afloop ondergaan, dreigt een economische instorting.

– de expansie van geld- (en dus schulden-)creatie voortzetten om de economische groei te stimuleren.  Hogere belastingen op winsten en vermogens om de stijging van de openbare schuld af te remmen. Controle over het kapitaalverkeer om een exodus van geld te beletten. Dit is slechts een ander pad naar de ineenstorting, bezaaid met hyper-inflatie  en wurgende rentevoeten.

Met andere woorden: ze zijn alledrie rampzalig. Er zijn geen opties die een uitweg uit de krisis bieden. Wat niet betekent dat het er niet toe doet welke beslissingen er worden genomen. Maar geen is in staat om de neerwaartse trend van de globale economie om te buigen. Ik probeer me scenario’s in te beelden waarin dat wel zou kunnen lukken maar ik slaag er niet in. Misschien kan een bezoeker van dit salon me helpen.  De economisten wiens interviews ik lees in de kranten kunnen het niet. Ze praten over de economie als over het weer en elke weerman weet dat er na regen weer zonneschijn komt.  Hoewel we ook daarover niet meer zo zeker kunnen zijn. Men moddert maar aan. Niemand slaagt er in om coherent uit te leggen hoe deze economie –en, daarmee verbonden, deze biotoop- een nieuw evenwicht kan vinden zonder eerst tot grote vernietiging te leiden.

De astronoom Carl Sagan  vroeg ooit wat een bezoeker van de andere kant van de melkweg zou denken over onze samenleving en ons beheer van de planeet. Ik vermoed dat hij ons stapelgek zou verklaren. Het eerste wat hem zou opvallen is de discrepantie tussen onze kennis, ons productievermogen, de rijkdom die we kunnen creëren en de diepe armoede waarin meer dan 3 miljard mensen, bijna de helft van wereldbevolking, proberen te overleven. Hij zou zien hoe we fabrieken sluiten, liever dan er de goederen te produceren die mensen nodig hebben. Hoe we huizen bouwen die we liever leeg houden dan aan mensen zonder huis te geven.  Hoe we produceren op een wijze die de bewoonbaarheid van de planeet voor onszelf in gevaar brengt. Hij zou tot de conclusie komen dat het doel van de mensenmaatschappij, van haar economie, niet het bevredigen van de menselijke noden is. Maar wat dan wel?

VERVOLGT MORGEN

April 16, 2013 at 6:26 am Leave a comment

Older Posts Newer Posts


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,576 other followers