Posts tagged ‘jongeren’

HET IS JULLIE TOEKOMST


De klimaatbetogingen zijn een pracht. Wat een inzet! Wat een energie! Dat jongeren nu het initiatief nemen is ronduit fantastisch maar betekent ook dat het hoog tijd was en is. Wij volwassenen hebben het tij niet kunnen keren. De meeste westerse mensen van mijn generatie (°1945) kregen het na anderhalf decennium schaarste steeds beter. Een zo geleidelijk proces dat we voorbijzagen aan de gevaren van welvaart en consumentisme. De andere volwassenen vonden de welvaart doorgaans zo vanzelfsprekend dat ook zij zich weinig of niets afvroegen. We leefden een wereld op krediet. Alles werd witgewassen, ook banken. Wie weinig steelt is een dief, wie veel steelt is een chief.

Maar halen al die verdienstelijke betogingen meer uit dan krakelende politici, partijen die jongeren en hun protest proberen in te palmen, nog een denktank die moet vaststellen wat iedereen al weet, wetenschappers die de jongeren gelijk geven maar geen oplossingen aanreiken. Zonder drastische omschakeling van mens en industrie zijn die er ook niet. Het valt niet meer terug te draaien. Het wordt behelpen. Dweilen onder een lopende kraan.

Politici zijn het verkeerde doelwit. De milieuverpesting is een planetair probleem. Op een waarheidsgetrouwe wereldkaart vind je België en zelfs Europa maar met moeite terug. Hoe moeilijk moet het zijn om de lonen en de intresten op spaargeld wat op te trekken? Hoe ondoenbaar kan het zijn om de grootste milieuvervuilers – de industrie, het vliegverkeer, de veeteelt, het autopark… – harder aan te pakken? Onmogelijk dus, de motor van de economie zou sputteren. We staan nog liever in de file. Wachtend op de zondvloed – al komt die vermoedelijk sneller dan ‘na ons’.

Ook (onze) politici kunnen het tij niet keren. Voor de verkiezingen van mei gebeurt er niets en nadien zullen veel verkiezingsbeloftes wijken voor ‘hogere’ economische belangen.

De prachtige en machtige jongerenbeweging kan misschien meer bereiken door de economie tot doelwit te maken. Dat kan door zelf als mens en consument te veranderen en in eigen gezin en op school druk uitoefenen om te veranderen. Weiger deel te nemen aan een studiereis naar Polen per vliegtuig omdat een bus duurder uitvalt (een concreet en actueel voorbeeld). Eet geen vlees meer en eis alternatieven (die er ondertussen in overvloed zijn). Herleid je smartphone tot een nuttig telefoontoestel. Blokkeer of voer actie aan hamburgertenten en winkelketens die in slavernij vervaardigde producten aan spotprijzen verkopen. Draai de verleiding- en consumptiemaatschappij terug. Offer overdaad op. Er sterven wereldwijd meer mensen aan over- dan aan ondergewicht. Overstijg jouw en onze (lands)grenzen. Mik op een internationale, planetaire beweging. Want inderdaad: het is jullie toekomst.

Gie van den Berghe

Ethicus en historicus

February 3, 2019 at 10:42 am Leave a comment

NUIT DEBOUT: OPSTAND VAN DE JEUGD ZONDER TOEKOMST.

Na onder andere de Indignados in Spanje en Occupy Wall Street in de VS komen nu ook in Frankrijk jongeren en ouderen in verzet tegen de neoliberale platwals. Is de Nuit Debout-beweging een blijver of is het de zoveelste tot mislukken gedoemde poging om de onmacht van links te doorbreken?

Continue Reading May 12, 2016 at 1:03 pm 5 comments

CUBAANSE STEMMEN

DSC_3726

Onze wijn is bitter, maar het is onze wijn.”

Cuba is volop in transitie. Het economische model van de Revolutie staat onder zware druk. De hervormingen van Raúl hebben voor de meeste Cubanen het dagelijks leven niet gemakkelijker gemaakt, integendeel. Door invoering van het marktprincipe – zij het met mondjesmaat – dreigen veel Cubanen tussen twee stoelen te vallen: de bescherming van de socialistische verzorgingsstaat valt weg en de weldaden van het kapitalisme zijn voor een minderheid weggelegd. De ongelijkheid in de Cubaanse maatschappij neemt zienderogen toe. Op onze tien dagen durende reis door het land en tijdens ons verblijf in Havana hebben we met een paar dozijn Cubanen gesproken: mannen en vrouwen die onze weg kruisten: lifters, taxichauffeurs, eigenaars van “casas particulares” (de Cubaanse vorm van B&B), ambtenaren, mensen op straat.

Uit de gesprekken komt geen rooskleurig beeld naar voren van de situatie op het socialistische eiland waar op elke hoek Revolutionaire slogans de bevolking oproepen tot “discipline” en “productie.” “La Revolución es Invencible” heet het maar ook: “Sí se Puede,” geleend van Obama. Maar er gaapt een reusachtige kloof tussen de gedateerde revolutionaire retoriek en de dagelijkse werkelijkheid. Wat de Cubanen – zo blijkt uit onze gesprekken – bezig houdt zijn niet de idealen van Che Guevara en Fidel Castro maar de strijd om het dagelijks bestaan. Gezondheidszorg en onderwijs zijn gratis – een aantal van onze gesprekspartners laten niet na dat te beklemtonen – maar de lonen zijn laag – volstaan niet om behoorlijk van te leven al lijdt niemand honger. Aan de basisbehoeften wordt voldaan maar alles wat daar enigszins bovenuit stijgt: kleren, schoenen, reizen is duur en voor de meesten nauwelijks bereikbaar. Transport is een reusachtig probleem. Mensen worden als vee vervoerd in zestig jaar oude vrachtwagens die verschrikkelijke roetwolken verspreiden. Bussen rijden soms wel, soms niet, stoppen soms soms ook niet. Vandaar de vele tientallen lifters op alle grote wegen. Toeristen zijn dol op de antieke Amerikaanse auto’s die miljoenen keren worden gefotografeerd maar de Cubanen moeten dag in dag uit leven in de uitlaatgassen van die milieu-onvriendelijke oude bakken die maken dat de lucht in de steden niet te ademen valt. Het historische centrum van Trinidad is een uitzondering: daar worden auto’s uit het centrum gebannen.DSC_4227

DSC_2893

Cubanen zijn een uiterst vriendelijk en gastvrij volk, maar de economische noodzaak heeft van de onderdanen van Fidel en Raúl een bedelaarsvolk gemaakt. Een gebaar met de rechterhand wrijvend over de linkerarm: “Heb je geen zeep?” Wasgebaren over het kapsel: “Heb je geen shampoo?” “Heb je misschien een pen, een potlood, een zonnebril…” In alle toeristische centra zie je het fenomeen van de “jinoteros:” jonge mannen meestal die je proberen mee te lokken naar een “paladar” (restaurant bij particulieren) of een “casa particular” en die daarvoor een percentje en een fooi opstrijken. “Jinoteras” bieden dan weer diensten aan van een andere aard. Wat zou Che hiervan denken als hij terug zou komen?

mappa_guia_cubaOnze reis voerde van Marina Hemingway in de buurt van Havana naar Santa Clara, Sancti Spiritus, Trinidad, Ciego de Avila, Camagüey, Bayamo, Santiago, Guantanamo tot in het uiterste oosten van het land Baracoa en Varadero waar de mooiste stranden ingenomen worden door toeristenhotels – een kwalijk voorbeeld van alles overwoekerend massatoerisme. Waar we konden namen we lifters mee. De meesten spraken openlijk over de problemen van het land – de ouderen meer uitgesproken dan de jongeren. Bijna iedereen klaagt over de penibele economische toestand, weinigen geven de regering of de “Revolución” de schuld. Ondanks de verbeterde betrekkingen met de VS zijn de verwachtingen over de toekomst niet hoog gespannen. ¿Quien sabe? “Wie weet” is meestal het antwoord op de vraag of het in de toekomst beter wordt.

Voor een goed begrip: op Cuba bestaan twee muntsystemen naast elkaar. De meeste Cubanen worden betaald in peso “Moneda Nacional.” Eén peso is ongeveer 4 eurocent. Het gemiddelde maandloon is 500 peso – 20 euro. Basisproducten worden in peso betaald en zijn voorhanden in de staatswinkels (bonnen voor sommige producten), en op de vrije markt: de boerenmarkten, de verkopers op straat. Al de rest – alles wat wordt ingevoerd – moet betaald worden met de zogenaamde “convertibele peso” of CUC. Eén CUC is ongeveer één euro of 24 pesos in moneda nacional. Buitenlanders betalen praktisch alles in CUC, maar ook Cubanen willen waar het kan aan CUCs geraken. De hele toeristische sector draait om CUCs – vandaar dat een taxichauffeur vele keren het maandloon van een dokter kan verdienen omdat hij in CUC wordt betaald.DSC_2216

Marina Hemingway

Bij aankomst in een Cubaanse haven wacht je een hele reeks formaliteiten vóór je officieel het land in mag. Het begint met een dokter voor de gezondheidsinspectie, daarna komen achtereenvolgens ambtenaren van douane en immigratie aan boord, een drugshond snuffelt de hele boot door, een tweede hond die de procedure herhaalt. Twee ambtenaren van de sanitaire inspectie – beminnelijke oudere heren – die kijken of je geen verboden voedingsproducten binnenbrengt (citrusvruchten, eieren, varkensvlees – allemaal verboden). Eén van de twee neemt neemt een citroen uit het fruitmandje en stopt hem in zijn boekentas. Als het formele gedeelte is afgelopen en de papieren zijn ingevuld vragen de twee of we misschien een blikje tonijn of sardienen kunnen missen voor hun lunch. De immigratie-ambtenaar die daarna de visa aflevert wordt binnenkort voor de eerste vader en vraagt voor hij de papieren opbergt of we misschien een kleinigheid kunnen missen, maar reageert met de glimlach als hij nul op rekest krijgt. Welkom op Cuba!

DSC_2275

Marina Hemingway

Wordt het beter in de toekomst, nu de betrekkingen met de VS hersteld worden? Ik vraag het aan Jorge, de andere immigratie-ambtenaar in Marina Hemingway. Jorge haalt de schouders op:

Het hangt van het Amerikaanse Congres af en het Congres wordt gedomineerd door de Republikeinen.”

Trinidad

Julia, huisvrouw, staat te liften aan de uitvalsweg in Trinidad. Op de bus wachten heeft geen zin, zegt ze: Soms komt hij , soms ook niet.

Ik moet rondkomen met 200 peso (acht euro) per maand. Mijn man heeft de Spaanse nationaliteit en krijgt om de twee jaar van Spanje een pensioen van 100 euro.

Gezondheid en onderwijs zijn gratis gratis dat wel maar voor de rest is het leven hier erg hard. De lonen volstaan niet om van rond te komen. Een kilo rijst kost twintig peso (bijna een euro), een kilo vlees kost tot 30 peso (1,25 euro) op de vrije markt, de helft in de staatswinkel. Kleren en schoenen zijn onbetaalbaar voor mijn inkomen.

Ciego de Avila

Marciana – beter bekend als “Merci” – is gescheiden. Ze woont in haar eigen huis en kan haar inkomen aanvullen met wat ze toegestopt krijgt van haar zoon die agent is bij een bewakingsfirma. Haar zwager was politieke gevangene en is daarna uitgewezen naar de VS waar hij van een uitkering leeft. Maar hij komt elk jaar ongehinderd naar Cuba terug om de familie te bezoeken.

Hoe is de situatie van het land? Slecht, heel slecht. Ik heb een inkomen van 350 peso (14 euro) per maand. Ja, ik betaal geen huur, maar ik heb te weinig om rond te komen. Iedereen is ontevreden. Water moet ik kopen van de tankwagen die langs komt, elektriciteit is duur.

Zoals bijna iedereen in Cuba heeft Merci een mobieltje. Dat kost haar vijf pesos per maand (20 eurocent).

DSC_2826

Camagüey


Camagüey
in het noordoosten van het eiland is een labyrint van smalle straatjes met éénrichtingverkeer. Aan de ingang van de stad staan jinoteros op de fiets auto’s met een toeristen nummerplaat op te wachten om ze naar een restaurant of “casa particular”te begeleiden. We proberen ze de ene na de andere van ons af te schudden, maar Raúl is hardnekkig en als we ons tenslotte voor de zoveelste keer in hetzelfde straatje vastrijden brengt hij ons met de glimlach naar de casa particular die we hebben uitgekozen om te overnachten. Een fooi van twee euro vindt hij niet genoeg: Fidel geeft ons weinig te eten zegt hij met de glimlach.

DSC_2851

Casa Particular van Renato

Renato (Camagüey) is Italiaan, met een Cubaanse getrouwd en woont sinds drie jaar in Camagüey . Hij is een kleine ondernemer met behalve de casa particular ook een kapperszaak en een bouwonderneming. Het huis dat bewoont heeft hij mooi gerestaureerd en bij de buren hetzelfde gedaan. Hij heeft zeven werknemers die hij 700 peso (28 euro) per maand betaalt.

Het gemiddelde maandloon is rond de 500 peso (20 euro). Ik weet niet hoe ze daarmee rondkomen maar de Cubanen kennen het systeem en de middelen om te overleven. De absolute basisbehoeften worden gedekt, maar al de rest is heel moeilijk. De prijzen voor kleren en schoenen zijn op Europees niveau.

De verwachtingen zijn niet hoog gespannen. Bij de val van de muur in Berlijn verwachtten de Cubanen grote veranderingen, nu zijn ze sceptisch en nemen het zoals het komt.

Guantánamo)

Yane is 29 jaar, getrouwd, drie kinderen. Ze heeft een opleiding boekhouding gevolgd maar niet afgemaakt omdat ze het “te saai” vond. Haar man werkt in een zoutwinningsbedrijf en brengt elke maand 800 peso (32 euro) naar huis.

Nee, daar kan ik niet mee rondkomen. Het is nauwelijks genoeg om elke dag eten op tafel te hebben. Kleren en schoenen zijn heel duur – alles wat nodig is voor de kinderen.

Jaime is 60 en econoom in een vakantiedorp voor pioniers (kinderen tot 14 jaar). Hij had erop gerekend met zijn zestigste op pensioen te kunnen gaan, maar de door de hervormingen van Raúl moet hij twee jaar langer werken.

Onze samenleving veroudert omdat vrouwen niet meer dan twee kinderen willen. Daardoor moet ik nu langer werken en ik zie het helemaal niet zitten, ik haal het gewoon niet.

Ik heb nu 350 per maand (14 euro) – mijn pensioen zal nog lager zijn. Hoe moet ik daarmee rondkomen? Jullie zijn toeristen, je kunt heel het land bezoeken maar wij Cubanen kunnen niet op vakantie gaan omdat we er het geld niet voor hebben.

De economische situatie in het land is heel slecht. Natuurlijk is het embargo daar schuld aan, maar we hebben ook fouten gemaakt. Overal worden fouten gemaakt. Hier ook. Mijn grootvader was lid van de Beweging van de 26e juli – de organisatie van Fidel. Hij was eigenaar van een tankstation en toen dat na de overwinning van de Revolutie werd genationaliseerd was hij zeer ontgoocheld. Hij is als bitter man gestorven.

Het embargo is crimineel. Kinderen sterven in gespecialiseerde ziekenhuizen in Havana aan kanker omdat we de nodige medicijnen niet kunnen invoeren.

Misschien moeten we méér markteconomie hebben maar met een socialistische politiek. Hoewel, zoals het nu in China is, dat is ook niet goed. Een vriend van me is muzikant en heeft door China gereisd. Hij stond versteld hoe duur alles daar is. Arbeiders werken er in ongelooflijk slechte omstandigheden en dat voor een socialistisch land.

De jongeren geloven niet meer in de revolutionaire idealen. Ze willen een beter leven en vluchten in muziek , alcohol en vertier.

Ja er is grote ontevredenheid bij de bevolking, maar geen opstandigheid. We willen ook niet dat Amerika ons de wet oplegt. Ik zeg het met de woorden van José Martí: “Onze wijn is bitter, maar het is onze wijn.”

DSC_3416

Baracoa

Andrés, is eigenaar van een en casa particular. In de woonkamer staan een paar redelijk moderne computers met flatscreen en printers. Hier kunnen klanten fotocopieën maken en tekst uitprinten. Is er ook internet? vraag ik. Nee dat is nog niet voor morgen. Komt het ook? ¿Quien sabe? – Wie weet?

Ja iedereen klaagt, maar nu gaat het goed. Veel beter dan tien jaar geleden. Toen het socialistische kamp uit mekaar viel, toen ging het slecht, toen hadden de mensen reden om te klagen.

Maar nu – wie wil werken kan werken: voor de staat of voor de privé. Maar velen willen niet werken, ze verwachten dat het manna uit de hemel komt neergedaald.

IMG_1630

Andrés, eigenaar van Casa Particular in Baracoa

 

Las Tunas

Aymara is 45 en instructrice voor kaderleden. Ze komt net van een volksvergadering als ze aan de rand van de weg staat te liften en we haar enkele kilometers meenemen. Ze ziet er erg depressief uit.

Wat gaat slecht in het land? Alles. Alles

Havana

Hoe overleven de Cubanen? Terug in Havana krijgen we misschien een tipje van de sluier opgelicht. We bezoeken de befaamde sigarenfabriek Pártagas. Een zestigtal werknemers maken hier per dag een paar duizend van de duurste sigaren ter wereld, allemaal handwerk. Een Cohiba kost 17 euro per stuk, méér dan het maandloon van de mannen en vrouwen die de sigaren rollen. Zij verdienen tussen 350 en 400 peso (14 á 16 euro) per maand. Maar per dag mogen ze vijf sigaren mee naar huis nemen die ze dan verkopen voor harde dollars. Is dat legaal? De meningen zijn verdeeld – er wordt wat besmuikt gelachen.

DSC_4037 IMG_0013

In Havana is alles duurder dan in de rest van het land, maar er zijn ook meer mogelijkheden, vooral in de toeristische sector. Wie van toerisme leeft heeft het beter dan de rest en wellicht daardoor krijgen we in Havana iets minder klachten te horen over de economische toestand. De woonomstandigheden daarentegen zijn voor veel gewone Habaneros erbarmelijk. De verkrotting van de oude stadskern lijkt niet meer te stoppen al worden ook veel fraaie historische gebouwen gerestaureerd.

Laura staat te liften aan de rand van de stad. Ze zou op pensioen kunnen maar blijft werken uit noodzaak en geeft Spaans in een secundaire school.

Het leven is hard hier. Jongeren zijn slecht opgevoed “mal educados” en denken alleen aan vertier.

DSC_2105

Cubaanse jongeren

 

_DSC0262Emilio is bouwkundig ingenieur maar werkt als officieel geregistreerde privétaxichauffeur met zijn eigen auto, een Ford 1957.

Ik kom uit Santiago maar in Havana heb je meer mogelijkheden. Ik kan tot 80 CUC (80 euro) per dag verdienen ook al betaal ik 900 belastingen per maand.

Dokters verdienden tot voor kort 500 peso (20 euro) nu 1000 maar velen werken zoals ik als taxichauffeur: ze verdienen in één dag het veelvoud van wat ze als dokter in een maand zouden hebben.

Is zijn generatie er beter aan toe dan die van zijn ouders?

Nee, ik geloof het niet. Wij hebben het moeilijk en de generatie na ons zal het nog altijd heel moeilijk hebben.

Gregorio rijdt met een gele officiële taxi. De auto is eigendom van de staat. Hij betaalt maandelijks een bedrag van 1400 a 1500 euro voor het gebruik van de auto. Alle andere kosten – brandstof, onderhoud, moet hij zelf dragen en zien terug te verdienen. Kan hij daarmee behoorlijk leven?

Helemaal niet. Het is vechten om te overleven. De economie deugt niet, het systeem deugt niet.

De hervormingen van Raúl? Het betekent niets voor mij. Ja, we kunnen nu op hotel gaan en reizen maar we hebben het geld er niet voor.

 

DSC_4435

De Revolutie is er niet in geslaagd de armoede uit te bannen. In het centrum van Havana wonen mensen in erbarmelijke omstandigheden.


DSC_4418

Wordt de toekomst beter, nu de betrekkingen met de VS worden hersteld?

Ik geloof het niet. Alles blijft bij het oude. De rijken blijven rijk en de armen blijven arm. En de jongeren? Die denken alleen aan zichzelf en geloven nergens meer in.

Enrique, een gepensioneerd fabrieksdirecteur, treffen we aan bij de brooddistributie waar hij met vrienden staat te wachten.

Een brood kost vijf centavos (minder dan een eurocent), met de “libreta” (de rantsoeneringsbonnen), rijst vijf pesos (20 eurocent) voor een pond. De kosten voor levensonderhoud zijn uiterst laag. Gezondheidszorg en onderwijs zijn gratis, de tandarts, de oogarts allemaal gratis.

Zonder het embargo zou Cuba er zo op vooruitgaan, maar dat willen de Amerikanen niet. Ze zijn bang dat Cuba het Japan van Amerika wordt. We hebben alles, we hebben nikkel, we hebben grondstoffen, goede infrastructuur: autowegen van oost naar west. We hebben vijftig universiteiten. Vijftig universiteiten! De hervormingen van Raúl zijn goed – ze hebben ons dagelijks leven verbeterd. We willen goede relaties met Amerika, maar onze principes zullen we nooit opgeven.

DSC_2867

Marilyn even populair als Che

 

Tekst en foto’s: Johan Depoortere

Meer foto’s:

https://plus.google.com/photos/117588368688820428866/albums/6127662817991102225

 

 

March 18, 2015 at 8:05 pm 4 comments

LA FRANCE RéVOLTéE

SAMENVATTING : —

Het pensioenconflict in Frankrijk heeft vanalles losgemaakt. Onder meer, het bewustzijn dat het neoliberalisme volslagen immoreel is. Veelbetekenend is ook dat jongeren opkomen voor hun pensioen – terwijl het ware gevecht geleverd zou moeten worden voor de volledige tewerkstelling, meer zekerheid voor de toekomst en de opwaardering van de diploma’s. De jongeren zijn weliswaar dubbel zwaar getroffen door de massale werkloosheid. Wat ook de afloop is van het conflict en welke truken de regering ook bovenhaalt, er zal nog lange tijd een sfeer van zoniet pre-revolutie dan toch van opstandigheid blijven hangen. (jc)

—–

par

Hugues Le Paige
 
 
 

 

 « Dans la manière dont il a mené la réforme des pensions, le pouvoir français  a simplement oublié un fait colossal : la crise de 2008 » : c’est le sociologue du travail, Henri Vacquin qui le note dans « Le Monde ».

Et Henri Vaquin, qui est par ailleurs souvent intervenu pour débloquer des conflits , ajoute cet élément d’analyse essentiel : « Après trente ans de mutation du travail et de l’emploi, vécus avec fatalisme, cette crise a suscité dans l’opinion, à côté d’un sentiment d’injustice, un sentiment d’immoralité des valeurs qui ont porté l’ultralibéralisme : la rapacité au gain comme moteur de l’histoire, l’individu au détriment de l’appartenance collective et dans l’entreprise, le supposé contrat qui met a égalité de dignité le dirigeant et le dirigé ».

Un autre penseur, parmi les plus féconds de la sociologie contemporaine, Louis Chauvel, ajoute une autre dimension fondamentale du conflit actuel. Il s’exprime, également dans le Monde et déjà hier aussi dans « Le Soir », notamment sur les inégalités générationnelles qui sont au centre de ses travaux. Chauvel  note que l’intervention des jeunes dans le mouvement contre la réforme des retraites exprime un malaise qui va bien au-delà.

Mais la société, ajoute-t-il, semble se tromper de priorité. C’est le retour au plein emploi, la résorption de la précarité et la revalorisation des diplômes qui devraient  être les objectifs premiers plutôt que le maintien de la retraite à 60 ans qui est insoutenable à long terme.

Et il insiste sur cette injustice dramatique et riche d’autres conflits : « les sexagénaires n’ont jamais été aussi riches alors que les jeunes qui arrivent sur le marché du travail n’ont jamais eu un niveau de vie aussi bas. Les jeunes générations sont aujourd’hui la variable d’ajustement de l’Etat social, ajoute Chauvel. Et il est vrai qu’après avoir subi le chômage de masse, ces mêmes jeunes verront leurs pensions menacées.  Double injustice qui laissera des traces profondes et provoquera d’autres révoltes. 

Quelle que soit l’issue du conflit, l’adoption assurée de la réforme, le pourrissement du mouvement ou sa division, la défaite syndicale, autant de cartes que joue le gouvernement, nul ne peut en prédire les conséquences. Sauf que, comme le note Louis Chauvel, la France est aujourd’hui marquée par une situation  sinon prérévolutionnaire du moins très révoltée.

Hugues Le Paige werkte 30 jaar lang voor de RTBF, de Franstalige openbare omroep, onder meer als correspondent in Parijs en Rome. Nu is hij zelfstandig journalist-regisseur, columnist en co-directeur van Revue Politique.

October 22, 2010 at 7:43 am 3 comments


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,637 other followers