Posts tagged ‘Knack’

Waarom N-VA zo vijandig staat tegenover de klimaatbeweging

Door Jan De Zuttter
Kersvers minister voor Onderwijs, Ben Weyts (N-VA), gaat strenger optreden tegen klimaatspijbelaars. Tegen alle spijbelaars, maar tegen klimaatspijbelaars een beetje meer. Want spijbelen is als door een rood licht rijden; dat mag niet. Mocht dit een geïsoleerde uitspraak zijn van een overspannen excellentie, we zouden wellicht onze schouders ophalen. Dat is het helaas niet, het past in een zorgwekkende evolutie waarin klimaatbeleid in het vizier is gekomen van rechts-populisten en nationalisten die er een electoraal wingewest in zien.

HET PRIMAAT VAN DE PATRIARCH

Voor de goede orde, N-VA behoort niet tot de Europese hard core populisten; Cas Mudde noemt ze eerder een burgerlijk conservatieve partij die zo nu en dan ‘in het populistisch verweer gaat’. De uitspraak van Ben Weyts zou je als populistisch verweer kunnen beschouwen. Ze appelleert aan het conservatieve waardenkader van burgers die opgevoed werden in wat George Lakoff het ‘strikte vadermodel’ noemt, waarbij vader de regels bepaalt, absolute autoriteit heeft en kinderen die de regels overtreden, gestraft worden. Kinderen horen achter de schoolbanken te zitten en als ze dat niet doen – wat ook de reden is – moeten ze gestraft worden.

Dat waardenkader heeft het bijzonder moeilijk met pluralisme dat het gezag uitdaagt. Dat verklaart onder meer ook de voortdurende roep in N-VA-middens om het primaat van de politiek te herstellen, in Lakoffs woorden: het primaat van de patriarch. Dat is minder onschuldig dan het lijkt. De afgelopen jaren verschenen er talrijke rapporten van middenveldorganisaties en zelfs van het EU Agentschap voor Fundamentele Rechten om het zogenaamde fenomeen van de shrinking space aan te klagen, het doelbewust inkrimpen van de bewegingsruimte van het burgerlijk middenveld. Het gebeurt op evidente wijze in landen als Hongarije en Polen, maar net zo goed – zij het iets voorzichtiger – in Vlaanderen, waar N-VA de aanval heeft ingezet op de middenveldorganisaties. Youth for Climate is zo’n jonge middenveldorganisatie en de waarschuwing van Weyts dat hij zal ingrijpen als ze op het ‘foute moment’ op straat komen, moet wel degelijk gezien worden in het kader van het shrinking space-fenomeen.

 

George Lakoff Foto: By Mikethelinguist – Own work, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=52124483

Tot nader orde behoort het recht om betogingen en optochten te organiseren nog steeds tot de essentie van een pluralistische democratie, een recht dat verankerd is in het Charter van de Fundamentele Rechten van de EU. Dat recht kan worden beperkt, maar enkel omwille van zeer ernstige redenen zoals de bedreiging van de openbare orde, terrorisme of het risico van witwaspraktijken.

Er zijn nog mogelijkheden om de klimaatspijbelacties te laten ophouden: door een rechtvaardig klimaatbeleid te voeren, één dat de terechte zorgen wegneemt van de grote groep mensen die vrezen dat zij zullen opdraaien voor een crisis die ze niet zelf veroorzaakt hebben. Het Vlaamse regeerakkoord stemt helaas tot pessimisme. Maar dat was misschien de bedoeling. Met klimaatscepticisme zijn immers stemmen te rapen.

STEMMEN RAPEN MET KLIMAATSCEPTICISME

De klimaatcrisis is de afgelopen jaren gestaag opgepikt door rechts-populistische en nationalistische groepen en partijen die er een punt van hebben gemaakt om zich actief te verzetten tegen klimaatactie. Ze doen dat uiteraard omdat ze beseffen dat daar stemmen mee te rapen zijn. Toch blijft het een merkwaardig fenomeen omdat rechts-populisten hun electorale basis hebben uitgebouwd door zich te focussen op migratie of minderheden.

In 2019 veroverden rechts-populistische partijen bijna een kwart van de zetels in het Europees Parlement. Een recent onderzoek van de onafhankelijke denktank Adelphi toont aan dat in het verleden deze partijen – 21 zijn het er ondertussen al – systematisch tégen Europese maatregelen stemden om de klimaatcrisis onder controle te krijgen. De helft van alle stemmen tégen resoluties van het Europees Parlement over klimaat en energie komen van rechts-populistische partijen.

Maar waarom is klimaat plots een hot issue geworden voor rechts-populisten en nationalisten? Dat is immers niet altijd zo geweest aan de rechterzijde van het politieke spectrum. Eén van de eerste krachtige stemmen om maatregelen te nemen tegen klimaatverandering was Margaret Thatcher die in 1989 voor de Algemene Vergadering van de VN stelde dat ‘klimaatverandering ons allemaal treft en dat actie enkel effectief kan zijn als het op internationaal niveau wordt ondernomen.’ Zelfs Donald Trump, die we niet kunnen verdenken van enige sympathie voor de klimaatbeweging, was in 2009 in de aanloop naar de klimaatconferentie van Kopenhagen medeondertekenaar van een open brief van Amerikaanse bedrijfsleiders, gericht aan Barach Obama om dringend ingrijpende klimaatmaatregelen te nemen. ‘Als we niet meteen optreden, is het wetenschappelijk onweerlegbaar dat er catastrofale en onomkeerbare gevolgen zijn voor de mensheid en de planeet,’ vond Trump toen. Maar tijdens zijn presidentiële campagne keerde Trump zijn kar en ging hij voluit voor het klimaatsceptische discours. Hij noemde klimaatverandering zelfs een verzinsel van de Chinezen. In 2017 liet hij de VS uit de Klimaatakkoorden van Parijs stappen.

WAAROM ZIJN RECHTS-POPULISTEN VAAK OOK KLIMAATSCEPTICI?

Er is te weinig onderzoek gedaan naar de verbanden tussen rechts-populisme en nationalisme enerzijds en het politieke klimaatscepticisme anderzijds om precies te kunnen verklaren waarom deze partijen zich zo actief inzetten tégen de klimaatzaak. Er zijn uiteraard al wel enkele verklaringen geformuleerd, onder meer in een publicatie uit 2018 van de Universiteit van Sussex in het magazine Environmental Politics. Die schuift twee verklaringen naar voor. De ‘structuralistische verklaring’ zoekt de oorzaak in de economische achterstelling en marginalisering van de zogenaamde slachtoffers van de globalisering, van ‘those who are left behind’. Een tweede verklaring is eerder cultureel-ideologisch van aard en bouwt verder op de tegenstelling tussen ‘het volk’ en de ‘kosmopolitische elite’, waarbij klimaatactie gezien wordt als een wereldwijd complot van die elite tégen het volk.

Volgens de onderzoekers vertoont de structuralistische verklaring nogal wat mankementen, omdat de groep mensen die rechtstreeks getroffen wordt door de uitstap uit de koolstofintensieve economie relatief klein is. De mijnwerkers uit de steenkoolindustrie, die vaak worden aangehaald als slachtoffers van klimaatactie, maken slechts 0,5% uit van de totale tewerkstelling in landen als Polen en Australië die nog sterk op steenkool aangewezen zijn en zelfs minder in de VS. Belangrijker allicht is de vrees van grote groepen mensen dat ze opgezadeld zullen worden met allerlei extra kosten om de klimaatcrisis de baas te kunnen. Dat is vooral het geval in gebieden waar de oude industrieën verdwenen zijn en de voormalige arbeiders niet hebben kunnen meeprofiteren van de nieuwe geglobaliseerde wereldeconomie. Maar zelfs dat is geen voldoende verklaring, want het electoraat van populistische partijen behoort niet noodzakelijk en niet overal tot de laagste inkomenscategorie.

Vandaar dat de cultureel-ideologische dynamiek mogelijk meer zoden aan de dijk zet. Die schuift het klassieke culturele discours van het populisme naar voor, namelijk de tegenstelling tussen ‘het volk’ en de ‘kosmopolitische elite’. Daar komt uiteraard een pak complotdenken aan te pas. Want er moet een aannemelijke verklaring bestaan waarom die ‘kosmopolitische elite’ een ‘onbestaande’ klimaatcatastrofe zou willen verzinnen.

Bij ons verduidelijkte N-VA, bij monde van oud-minister Johan Van Overtveldt in een opiniestuk van 27 januari 2019 in De Tijd, waarom dat wereldwijde complot bestaat. Een complot waaraan blijkbaar ook 97% van alle klimaatwetenschappers actief deelnemen: ‘De indruk dat hier een andere en bredere agenda speelt, tekent zich elke dag wat duidelijker af.’ Die agenda is volgens Van Overtveldt niet meer of minder dan de omverwerping van het kapitalisme. Dat complotdenken sloop zelfs bij de CD&V binnen toen voormalig minister voor Milieu, Joke Schauvliege, beweerde dat de acties van de klimaatjongeren helemaal niet spontaan waren. Dat had ze van de staatsveiligheid vernomen. Het was fake news, maar het wees er wel op hoe het populistische discours zich zelfs meester maakt van traditionele partijen.

De link naar Big Governement, Deep State of wereldvreemde technocraten van de EU is dan snel gemaakt. Klimaatbeleid komt zo terecht in het zog van identitaire politiek, van het Euroscepticisme dat rechts-populisten en nationalisten uitdragen en van de bedreiging van de volkseigenheid en de etnische identiteit door ‘superstaten’. Dat precies Europa aan de kar trekt van het klimaatbeleid is meteen het keiharde bewijs voor die these. Dezelfde Unie die de ‘islamisering van het Westen’ voorbereidt, of die de ‘grenzen wagenwijd openzet’, wil ook uw biefstuk afpakken en u op een dieet van bonen en sla zetten. Als je die Eurocraten hun gang laat gaan, wordt dat wellicht wormstekige bio-sla.

Dat de leiders van de klimaatbetogingen jongeren zijn – die horen hun mond te houden – van het vrouwelijk geslacht én er ‘rare’ gedragingen op na houden – ze hebben autisme of zijn genderfluïde – is extra koren op de molen. Alles wringt met het oude wereldbeeld van een door traditionele mannen gedomineerde samenleving.

KLIMAAT ALS ONDERDEEL VAN CULTUUROORLOGEN

Klimaatbeleid is op die manier een onderdeel geworden van de zogenaamde culture wars, schrijft Andrew Hoffman in How Culture Shapes the Climate Change Debate. Er is immers een overweldigende consensus in de exacte wetenschappen over de antropogene oorzaken van klimaatverandering, maar die heeft niet geleid tot een maatschappelijke consensus. Grofweg twee groepen staan lijnrecht tegenover elkaar, groepen die in een steeds toenemende polarisatie verwikkeld zijn: zij die de wetenschappelijke feiten aanvaarden en voorstander zijn van ingrijpende maatregelen en zij die de wetenschappelijke consensus verwerpen of in twijfel trekken en zich verzetten tegen klimaatmaatregelen. Een paper gepubliceerd naar aanleiding van een klimaatcongres in Brussel in 2010 maakt duidelijk dat er in de jaren 1990 in de VS nauwelijks een verschil was tussen Republikeinse en Democratische kiezers als het over klimaatverandering ging. Tegen 2008 was dat radicaal veranderd. Bij de klimaatontkenners noemde 76% zich Conservatief en slechts 3% Democraat. Klimaatontkenners verzetten zich ook tegen herverdelingsmechanismes, armoedebestrijdingsprogramma’s, het reguleren van ondernemingen, of houden er conservatieve meningen op na als het gaat over het homohuwelijk, abortus of de beperking van de verkoop van wapens.

Klimaatverandering is op ongeveer tien jaar tijd deel gaan uitmaken van de culture wars die eerst in de VS en nadien ook in Europa van de grond kwamen. Sociale wetenschappers verduidelijken dat mensen zowat alle politieke en maatschappelijke vraagstukken bekijken vanuit hun waardenkader. Als de feiten botsen met dat waardenkader wordt niet dat laatste aangepast, maar wordt er aan de feiten gesleuteld. In het geval van klimaatverandering worden de feiten geminimaliseerd (het is minder ernstig dan wat de ‘doemdenkers’ beweren), de oplossingen vereenvoudigd (technologie zal de klus wel klaren) of wordt de ernst van de feiten in twijfel getrokken (de feiten zijn een vervalsing georganiseerd door een wereldwijd complot dat onze manier van leven onderuit wil halen).

De grote boosdoener in het debat, CO₂, is daarbij zelfs een spelbreker. CO₂ is immers geen ‘gif’ dat enkel door mensen wordt geproduceerd, het komt ook gewoon in de natuur voor en is zelfs noodzakelijk voor planten om te overleven. Het is pas schadelijk als er op de lange termijn onevenwichten ontstaan in de atmosfeer. Bovendien is het paradoxaal genoeg een graadmeter voor welvaart, want hoe hoger de CO₂-uitstoot hoe hoger de welvaart van een betrokken land. De strijd tegen CO₂ kan dan makkelijk vertaald worden naar een aanslag op ‘onze welvaart’, onze manier van leven. CO₂-uitstoot afbouwen, impliceert immers een heel nieuwe kijk op de wereld en op hoe de mens zich verhoudt ten opzichte van zijn omgeving. Het stelt fundamentele waardenkaders en wereldbeelden in twijfel en geeft daarom aanleiding tot grote onzekerheid. Het gevoel dat onze eigenheid, onze identiteit en onze wereldbeelden bedreigd worden door klimaatactivisten leeft dan ook sterk bij grote delen van de bevolking. Dat die hele ‘klimaathysterie’ op z’n zachts gezegd overdreven is of misschien wel één groot complot is om onze manier van leven onderuit te halen, is dan een geruststellende gedachte.

DOORBRAAK: MEDIAPLATFORM VOOR KLIMAATSCEPTICI

Nu we het complot kennen, kunnen we er van uitgaan dat de klimaatjongeren en hun spijbelacties in het ergste geval medecomplotteurs zijn en in het beste geval de slachtoffers van hun boosaardige, welstellende, stedelijke en kosmopolitische, bakfietsrijdende ouders. Die framing wordt er in heel Europa ingelepeld. Verschillende gradaties van complotdenken passeren de revue, gaande van een wereldbeweging die financieel ondersteund wordt door Georges Soros of een rijke Zweedse mecenas in het geval van Greta Thunberg, tot de heimelijke financiering door Groen in het geval van Anuna De Wever. Maar ook bescheidenere complotten, georganiseerd door een netwerk van ‘linkse ouders’, doen het goed.

Greta Thunberg Foto Ketnet

Op Doorbraak, de mediasatelliet van het Vlaams-nationalisme, noemt auteur Michel Berger het opjutten van jongeren door hun ouders ronduit kindermishandeling. Michel Berger kan het weten, want hij is een gepensioneerd leraar die bezorgd is om het welzijn van kinderen. Hij is ook actief bij N-VA Genk, waar hij zich verkiesbaar stelde én hij is de oud-leraar van de huidig Vlaamse minister verantwoordelijk voor klimaatbeleid, Zuhal Demir (N-VA). Hoewel, haar titulatuur vermeldt ‘Milieu’ niet langer; het is nu ‘Omgeving’: dat klinkt minder groen.

Berger mag weliswaar geen zwaargewicht zijn in de partij, zijn pennenvrucht is interessant omdat ze alle ingrediënten bevat van het klimaatsceptische discours dat breed gedeeld wordt bij het kiespubliek van N-VA. De ernst van de klimaatcrisis wordt gerelativeerd: er waren in het verleden immers zoveel dreigingen die nooit bewaarheid werden, zoals het gat in de ozonlaag of de gevolgen van Tsjernobyl. Ook dat was gewoon bangmakerij om niets. Bezorgdheid om klimaatverandering is een rancuneuze vingerwijzing naar de vorige generaties die ‘alles hebben opgesoupeerd’ terwijl het toch overduidelijk is dat die generaties gezorgd hebben voor een welvaart zoals nooit tevoren. In dat argument wordt CO₂-uitstoot gelinkt aan stijgende welvaart.

‘De echte daders zitten in de ‘linkse’ hoek, de hoek die teert op klassenstrijd, (…) op rancune tegen de bourgeoisie, de traditie, het patriarchaat en het systeem.’ Let op de bezorgdheid voor traditie en het patriarchaat – de ingrediënten van Lakoffs ‘strikte vadermodel’. Ook de verwijzing naar de vermeende hypocrisie van de klimaatjongeren komt aan bod. Je weet wel, die jongeren die beter niet met het vliegtuig op reis zouden gaan, maar zoals vroeger hun bottines moeten strikken om op trektocht te gaan, die geen rommel moeten achterlaten op festivals en beter een boek zouden lezen in plaats van computerspelletjes te spelen. De klimaatjongeren zouden verdikke blij moeten zijn dat ze naar school mogen gaan, de grootouders van Berger konden dat niet eens.

Het stukje leest als de communicatiebijbel voor populisten. Het is gedrenkt in een heimatverlangen naar het goede, strenge leven van weleer waar eenieder in korte broek en met de dikke trui van de oudere broer vele kilometers door de bittere koude naar school marcheerde, terwijl de ouders stoflongen opdeden in de koolmijn. Waar klagen die verwende jongelui toch over?

Op Doorbraak passeren ook de usual suspects de revue of worden klimaatjongeren in anonieme ‘satirische’ stukjes geschoffeerd als zijnde psychiatrische patiënten met waanbeelden. Dat niveau wordt afgewisseld met pseudo-ernstige artikels, waaronder in september de befaamde brief van 500 klimaatsceptici die vragen het klimaatbeleid stop te zetten. Bij de 19 Belgische ondertekenaars, zo berichtte Knack, was er niet één klimaatwetenschapper, en publiceerden 6 onder hen voordien reeds klimaatsceptische stukken op Doorbraak.

KLIMAATOPLOSSING BEDREIGT BESTAANSREDEN VAN N-VA

Dat het Vlaams-nationalisme op z’n zachtst gezegd vijandig staat ten opzichte van de klimaatbeweging is duidelijk. Dat die vijandigheid doorsijpelt in de communicatie van de N-VA-top mag daarom niet verbazen. De waarschuwing van Ben Weyts aan de spijbelende jongeren is dus geen geïsoleerde uitspraak, maar past naadloos in de rij klimaatsceptische uitspraken zoals die van minister voor Omgeving, Zuhal Demir, die de ‘straatprotesten welletjes vindt. We hebben het nu wel begrepen’ of van Vlaams minister-president, Jan Jambon (N-VA), die het onlangs had over klimaathysterie. Hij echode daarmee de uitspraken van de populisten van de Ware Finnen. Die doen vandaag niet aan biefstukkennationalisme zoals N-VA, maar aan worstennationalisme. Want klimaatbeleid zal de ‘worst uit de mond van de arbeider halen’. Het is zelfs erger volgens de Ware Finnen. Ook katten en honden zullen worden getroffen door de klimaatjongeren, want de prijs van een blik honden- of katteneten zal met 20 tot 40% stijgen. ‘Wat ga je zeggen tegen die kleine jongen of dat kleine meisje dat in huilen zal uitbarsten als mama en papa vertellen dat ze dat niet meer kunnen betalen?’ Minister voor Dierenwelzijn, Ben Weyts, is gewaarschuwd.

Dat Vlaams-nationalisten en nationalisten in het algemeen, zo vlot meegaan in het populistische discours over het klimaat heeft er uiteraard mee te maken dat hun bestaansreden zelf bedreigd wordt door de klimaatproblematiek. Die is per definitie globaal én kan enkel door supra- of postnationale instellingen aangepakt worden. Het adagium ‘wat we zelf doen, doen we beter’ klinkt dan als de uitspraak van een keizer zonder kleren. Dat geven Vlaams-nationalisten ook volmondig toe. De impact van een Vlaams klimaatbeleid is op wereldschaal verwaarloosbaar, luidt het argument. Dat klopt, maar dat geldt ook voor de strijd tegen fraude, criminaliteit, terrorisme, of voor een duurzaam migratiebeleid… afijn voor zowat elk beleidsdomein met een grensoverschrijdende impact.

De klimaatjongeren hebben begrepen dat in een geglobaliseerde wereld de solidariteit buiten de grenzen van de natiestaat moet treden om de grote uitdagingen te kunnen aanpakken. Taal- en cultuurverschillen worden overbrugd met het oog op het algemeen belang. Zelfs op Belgisch niveau slagen de Vlaamse Anuna De Wever en de Waalse Adelaïde Charlier er probleemloos in een coalitie te vormen op hetzelfde moment dat Belgische partijen zich met het mes tussen de tanden naar de onderhandelingstafel slepen. Dat is allemaal heel erg vervelend voor een partij die teert op exclusie van wie de Vlaamse identiteit niet ten volle omarmt.

COMPLEXITEIT GEEN EXCUUS

Zoals wel vaker, plugt rechts-populisme en nationalisme in op terechte zorgen en bekommernissen van een grote groep burgers. De klimaatcrisis is een ongeziene uitdaging waarvoor veel, maar lang niet alle oplossingen beschikbaar zijn. Maar iedereen die de problematiek kent, weet dat de transitie naar een koolstofneutrale economie een titanenwerk zal zijn dat bovendien een pak geld zal kosten. Het vergt bovendien een langetermijnplanning, waar politici die dat proces in gang zetten, wellicht nooit zelf electoraal van kunnen profiteren.

George Lakoff vertelt dat met die langetermijnstrategie nog een tweede probleem opduikt, namelijk dat de taal nauwelijks in staat is om die op eenvoudige manier over te brengen. Het politieke discours heeft het makkelijk met ‘directe oorzakelijkheid’, namelijk maatregelen of gebeurtenissen die een direct aantoonbaar effect hebben. Maar taal heeft het veel moeilijker met wat hij ‘systemische oorzakelijkheid’ noemt, omdat dat zo complex is dat het niet te vatten is in enkele zinnen. Om het eenvoudig te stellen: je krijgt het gewoon niet uitgelegd. Klimaatsceptici gebruiken daarom vaak directe oorzakelijkheid als ze het over klimaat hebben, bijvoorbeeld als ze tijdens een barre winterprik opmerken dat het toch wel heel erg koud is om van klimaatopwarming te kunnen spreken.

Maar de complexiteit van de dynamiek van klimaatverandering is geen reden voor verantwoordelijke politici om de kop in het zand te steken, zelfs niet als de oplossing een titanenwerk is dat handenvol geld zal kosten. Immers, niets doen zal een groter titanenwerk opleveren én bovendien méér kosten. De uitdaging vandaag, ook voor N-VA, is om de aanpak van de klimaatcrisis niet enkel georganiseerd te krijgen, maar vooral om er voor te zorgen dat die transitie rechtvaardig gebeurt en dat gewone burgers nooit de dupe zullen worden van de noodzakelijke maatregelen. Elk klimaatbeleid dat enige kans op succes wil hebben, zal moeten starten met een stevig sociaal beleid en – om het betaalbaar te maken – met eerlijke belastingen, ook en vooral voor multinationals en de superrijken. Als dat links klinkt, so be it.

Dit artikel is met toestemming van de auteur overgenomen uit SAMPOL

October 25, 2019 at 6:23 pm Leave a comment

TRUMP AAN DE SCHELDE

Bart De Wever en de strategie van de angst.

Door Johan Depoortere

Bart De Wever moet met tevredenheid terugkijken op zijn recente optreden in Terzake. De Antwerpse burgemeester kiest zijn mediamomenten zorgvuldig uit en nu was er reden genoeg om de partijcommunicatie in eigen handen te nemen. Zijn goudhaantje Franken lag serieus onder vuur, krachtpatser Jambon slaagt er niet in een geloofwaardige strategie uit te werken voor het zogenaamde “transmigratieprobleem,” “straffe madam” Zemir leek uit de bocht te gaan met haar verzet tegen een islamschool in haar thuisbasis Genk. De leiders van de coalitiepartijen roken bloed en schoten met scherp.

Maar de voorzitter trad hen in Terzake met open vizier tegemoet: het zelfvertrouwen, de assertiviteit, ja de agressiviteit spatte ervan af. De baas zou even de puntjes op de i zetten: ja de – nog op te richten – islamschool in Genk is een gevaar voor de democratie en ja Franken heeft een model op zak voor de oplossing van het migratieprobleem, het Australische namelijk dat zijn doeltreffendheid bewezen heeft: geen enkele vluchteling sterft nog op zee en de kampen op de eilanden in de Stille Oceaan zijn leeg. Nog een ideetje van de voorzitter: pak die “transmigranten” hun mobieltje af en je ziet dat ze België voortaan zullen vermijden als de pest. Probleem opgelost.

Dat het allemaal zover is moeten komen daarvoor is de Duitse bondskanselier Angela Merkel verantwoordelijk: de toestroom van vluchtelingen, de Brexit, de “destabilisatie van de Duitse democratie” – allemaal de schuld van het “Wir schaffen das.” De keizer van Antwerpen klopte zich luidruchtig op de borst: Had hij het immers niet allemaal precies zo voorspeld? En hij haalde er zijn beste Engels voor boven: “I hate to say I told you so.”

Helaas helaas blijkt er met de “oplossingen” uit de koker van de keizer een en ander loos te zijn en lijden de beweringen van De Wever onder een hoog Trumpgehalte. Dat Merkel verantwoordelijk zou zijn voor de “toestroom” van vluchtelingen en alle ellende die daarmee gepaard gaat wordt door de feiten tegengesproken. Onderzoek door het Duitse kwaliteitsblad Die Zeit en de Britse universiteit van Oxford leert dat de vluchtelingenstroom uit Syrië al in 2012 op gang is gekomen, drie jaar vóór de uitspraak van Merkel. Niet de beroemde zin van de Duitse bondskanselier maar de opflakkering van de oorlog in Syrië was daarvan de oorzaak. Na het “Wir schaffen das” is het aantal vluchtelingen in Europa niet toe- maar afgenomen. De opkomst van Alternative für Deutschland waar De Wever naar schijnt te verwijzen is behalve door de immigratiepolitiek van Merkel nog door tal van andere oorzaken te verklaren. De manier bijvoorbeeld waarop de Duitse eenmaking is verlopen die een economische kaalslag heeft veroorzaakt in de voormalige DDR en die een groot deel van de Oostduitse bevolking met diepe frustraties heeft achtergelaten. Sympathiseren met de anti-migratiestandpunten van extreem-rechts en tegelijk krokodillentranen plengen over de teloorgang van de democratie: ziedaar de spagaat van de NVA.

 

Vluchtelingen op het eiland Nauru “Isle of Despair”

Zowel De Standaard als Terzake brachten de dag na het interview met De Wever verhalen over de werkelijke toestand op de eilanden die volgens de NVA-voorzitter “ontruimd” zouden zijn en dus het succes zouden bewijzen van de Australische vluchtelingenaanpak. Het gaat om de eilanden Nauru (in de Stille Oceaan) en Manus op Papoea-Nieuw-Guinea. Daar worden sinds 2013 kandidaat-asielzoekers opgesloten die per boot Australië proberen te bereiken. De levensomstandigheden in de detentiekampen zijn onmenselijk. Het kamp op Manus werd inderdaad eind vorig jaar gesloten, maar de bewoners zijn niet verdwenen; ze dolen rond op het eiland, worden bedreigd door de plaatselijke bevolking en kunnen nergens naartoe, tenzij ze zich bereid verklaren terug te keren naar het land dat ze om veel redenen zijn ontvlucht. “Op Nauru zitten honderden kinderen vast zonder utizicht op een toekomst,” schrijft De Sandaard Dat leidt tot depressies en zelfmoordpogingen. ‘Sommige kinderen zitten er al zo lang dat ze niet langer praten of eten’, zei Daniel Webb van het Human Rights Law Center in Melbourne deze week aan de Washington Post.Tot zover het Australische succesverhaal.

De Wever haalde  nog een tovermiddel uit zijn hoed om de problemen van transmigratie op te lossen: Pak de migranten hun mobieltjes af. De keizer van Antwerpen ziet zich als “minister van binnenlandse zaken, van justitie en nog wat meer” merkte justitieminister Koen Geens sarcastisch op. Hij had eraan toe kunnen voegen dat de NVA-voorzitter zich ook met de wetgevende macht lijkt te vereenzelvigen. Maar een nieuwe wet is blijkbaar niet nodig om de migranten te pesten: nu al klagen tientallen van hen dat de politie hun mobieltje afpakt: de levenslijn in hun precaire omstandigheden. Daar blijft het overigens niet bij: getuigenissen over hondenbeten, verwondingen en agressief gedrag door politiemensen zijn schering en inslag. Niets van dat alles zal wanhopige mensen ervan weerhouden om in of via België een menswaardig bestaan te zoeken. Volgens professor Mirjam van Reisen, voorzitter van het adviesorgaan Europe External Policy Advisors, werkt het afpakken van smartphones om mensensmokkel te stoppen zelfs volledig averechts: “Om mensenhandelnetwerken in kaart te brengen, heb je het vertrouwen nodig van de slachtoffers” zegt ze tegen Apache (maar dat is dan weer een “lasterlijk medium” volgens De Wever).5

In dit gebouw zou een islamitische school moeten komen. Niet als het van de NVA afhangt.

Tenslotte is er de controverse over het voornemen van de organisatie Milli Görüs om een islamitische school op te richten in Genk. Volgens De Wever is Milli Görüs een gevaar voor de democratie. De Duitse veiligheidsdiensten zien “banden met de Sharia, het verheerlijken van terreur en het salafisme” beweerde De Wever in Terzake. Alweer volgens De Standaard blijken die Duitse Veiligheidsdiensten een veel genuanceerder beeld te hebben van de organisatie die overigens haar banden met Turkije wil versoepelen. De Standaard: ‘De leden van de organisatie mogen niet meer in hun geheel tot het extremistisch milieu gerekend worden’, staat in rapporten van de federale (Duitse – jd) inlichtingendienst.’ De alarmkreten van Demir en De Wever zijn dus op zijn minst voorbarig maar passen perfect in de strategie van de angst waarmee de NVA op electoraal succes rekent: angst voor de islam, angst voor migranten, angst voor de drugsmaffia, angst dat uw kinderen geen fatsoenlijk onderwijs zullen krijgen, angst voor Borgerhout, angst voor de Turnhoutse Baan – de lijst is eindeloos. Om de angst op te poken zijn alle middelen goed, inclusief platte leugens en demagogie.

 

1 Zie Knack 12-01-2017 “Factcheck: bracht Merkel met ‘Wir schaffen das’ de vluchtelingenstroom op gang”

2 Zie: https://salonvansisyphus.wordpress.com/2018/09/06/chemnitz-het-lelijke-gezicht-van-duitsland/

3 De Standaard 21-09-2018 Factcheck ‘De opvangkampen zijn leeg’

4 Ibid

6 De Standaard 22-09-2018 Bart De Wever in Terzake: ‘Volgens de Duitse veiligheidsdiensten doet Milli Görüs zich gematigd voor, maar is ze tegen de westerse waarden’

September 22, 2018 at 5:47 pm 4 comments

JEF COECK 1942-2018

Het is mijn droeve plicht het overlijden te melden van vriend en collega Jef Coeck. Jef was een journalist in hart en nieren, een schrijver en taalvirtuoos. Zijn bijdragen aan het Salon van Sisyphus, de internetpublicatie die hij mee hielp oprichten, getuigen van zijn scherpe observatie en trefzekere verwoording.

Jef Coeck hoorde tot een generatie journalisten die de deuren en ramen opengooiden in de toenmalige verzuilde en gezagsgetrouwe Vlaamse media-omgeving: Frans (Sus) Verleyen, Johan Anthierens, Johan Struye, Walter De Bock, Paul Goossens, Piet Piryns, Herman De Coninck en vele anderen waren bij verschillende media voor kortere of langere tijd zijn collega’s. Zijn journalistieke zwerftocht voerde hem via de radio naar Knack, De Morgen en laatst De Tijd waar hij literaire recensies schreef. Hij was freelancer voor onder andere Vrij Nederland, Vara, Humo en IPS.

Hij begon zijn journalistieke carrière bij de radioredactie van de openbare omroep, toen nog BRT. Daar leerde ik Jef kennen als de Midden-Oostenspecialist en hij was mijn mentor bij mijn allereerste reportages in het gebied. Hij liet me gul gebruik maken van zijn vele contacten in Libanon waar hij een tijdlang correspondent was geweest. Daar had hij kennis gemaakt met het drama van de Palestijnen die in 1948 gevlucht waren voor de Zionistische terreur en in Libanon in miserabele omstandigheden in vluchtelingenkampen leefden. Die aandacht voor de andere kant van de Israëlisch-Palestijnse kwestie was nieuw in die jaren en ze werd hem bij de politieke zetbazen van de omroep niet in dank afgenomen. Het resulteerde in de innige vijandschap van onder meer toenmalig Antwerps socialistisch kopstuk Wim Geldolf.

Jef was er de man niet naar om onder politieke druk te beknibbelen op zijn oprechte overtuiging en zijn professionele journalistieke normen en hij ruilde in 1973 de vrij comfortabele positie van omroepjournalist voor het onzekere bestaan van de freelancer. Zijn tocht langs de in die tijd relatief nieuwe media (De Morgen, Knack) verliep niet altijd rimpelloos noch zonder conflicten. Maar voor Jef stonden journalistieke eerlijkheid en het zoeken naar waarheid boven carrièrezucht of zelfs bestaanszekerheid. Zijn belangstelling was ruim: van het Midden-Oosten tot Cuba, literatuur en muziek, maar ook de binnenlandse politiek en journalistiek bleef hij – ook na zijn pensioen – kritisch volgen. Hij zag met lede ogen hoe het Vlaams nationalisme van de bont gekleurde Volksunie vervelde tot de neoliberale en sociaal hardvochtige machtspartij van de Vlaamse nieuwe rijken. Zijn biografie van de veelzijdige en ruimdenkende nationalist Maurits Coppieters bleef helaas onafgewerkt maar krijgt hopelijk nog voltooiing op basis van het vele materiaal dat Jef klaar had voor de laatste hoofdstukken.

Het was geen geheim dat het de laatste jaren met de gezondheid van Jef de verkeerde kant op ging. Toch kwam zijn overlijden nog vroeger dan verwacht en gehoopt. Maar Jef had er vrede mee dat zijn einde was gekomen en hij verkoos een waardig en sereen afscheid boven een pijnlijk gerekte doodstrijd. We verliezen in Jef een gewaardeerde medewerker en criticus van het Salon, de blog waarin hij zijn journalistieke gedrevenheid kwijt kon en waarvoor hij andere getalenteerde medewerkers kon aantrekken. Ik zal bovendien zijn warme vriendschap missen, zijn soms wrange humor, zijn gevatte opmerkingen en zijn bon-mots. Hij laat zijn vrouw Miche, twee volwasssen dochters en een kleinzoon na. Het Salon deelt in hun rouw.

Johan Depoortere

9 april 2018

April 11, 2018 at 3:38 pm 4 comments

MET EEN MUILKORF EN AAN DE LEIBAND

In De Standaard reageert Walter Zinzen op de dubieuze beslissing van de VRT, Knack en Sudpresse om in het kielzog van Filip Dewinter Syrië te bezoeken en dictator Assad te interviewen. Het interview zelf en de manier waarop het tot stand kwam voldoet niet aan de toetssteen van onafhankelijke journalistiek vindt Zinzen. In het journaal van 8 februari deed de VRT-nieuwsdienst er nog een schep bovenop met een reportage waarin Dewinter de hoofdrol speelde en nauwelijks gehinderd door tegenspraak of kritiek zijn “visie” ten beste kon geven.

Wat volgt is het opiniestuk van Zinzen uit De Standaard van 9 februari.

Johan Depoortere

300

WALTER ZINZEN

Moet een journalist eropuit zijn gepatenteerde moordenaars en criminelen te interviewen? Ja, dat moet, zullen heel wat journalisten antwoorden. Rudi Vranckx liet zich dinsdag in Terzake ontvallen dat hij graag Osama bin Laden had geïnterviewd. Zelf heb ik jarenlang jacht gemaakt op een ‘exclusief’ interview met Mobutu, dictator en massamoordenaar in het toenmalige Zaïre. Nobody is perfect. Want ik had het mis. Criminele politieke leiders interviewen is zinloos. Hun antwoorden zijn perfect voorspelbaar: ze ontkennen hun misdaden glashard, zeggen dat het hun tegenstanders zijn die zich aan misdaden schuldig maken en dat ze de steun van de bevolking hebben, ook al is overduidelijk dat zulks niet het geval is. Dat was met het interview dat drie Belgische journalisten ‘mochten’ hebben met de Syrische president Bashar al-Assad niet anders (DS 8 februari) . De nieuwswaarde was nul.

Oud en recent nieuws

Ja, zowel VRT-interviewer Jens Franssen als Rudi Vranckx had ontdekt dat Assad een ‘kille en wreedaardige’ man was. Alsof we dat al niet lang hemelsbreed wisten. Jens Franssen klopte zich evenwel op de borst: zijn manier van ondervragen had Assad uitspraken ontlokt die hij nog nooit eerder had gedaan. Zou het werkelijk? Hoe narcistisch kun je zijn? Dictators ondervragen kan maar op twee manieren: ofwel stel je brave vragen en dan lukt het, ofwel vraag je door en wordt het interview afgeblazen nog voor het goed en wel begonnen is. Franssen en zijn twee collega’s kozen voor de zachte aanpak. Ze waren beter thuisgebleven.

Hoofdredacteur tv-nieuws Inge Vrancken beweerde, volkomen terecht, dat het de plicht is van de publieke omroep om de ‘twee kanten’ te laten zien. Maar het interview met Assad toonde helemaal geen andere kant. Het woord ‘foltering’, bijvoorbeeld, viel niet één keer. Echter: ere wie ere toekomt. De ‘omkadering’ van het interview was perfect, alvast in Terzake en De Afspraak, veel minder op de radio. De misdaden van Assad werden er breed uitgemeten door goed geïnformeerde studiogasten. Maar was er echt een nep-interview met Assad nodig om die informatie door te geven? Was het rapport van Amnesty International over de gruwel in de Saydnaya-gevangenis niet meer dan voldoende als aanleiding? (DS 7 februari)

471143620

Jens Franssen (VRT) in gesprek met Basjar Al Assad

Dewinter is, pro memorie, de belichaming van een voor racisme veroordeelde partij. Hij laat geen enkele gelegenheid voorbijgaan om te bewijzen dat die veroordeling gerechtvaardigd was. Nog veel erger in dit geval is dat hij in Syrië een misdadige rol speelt: platte broodjes bakken met een terrorist. Op de puinhopen van Aleppo bestaat hij het te beweren dat Assad een baken is in de strijd voor democratie en stabiliteit in het Midden-Oosten. Dat het Assad zelf is die de stad heeft vernield, zul je uit de mond van Dewinter niet vernemen.

Foute bemiddelaar

287876101

Vlaams-Belangkopstuk Dewinter in Aleppo

Als ik me niet vergis bestaan er in ons land instituties, die de sociale media afspeuren op zoek naar mededelingen die haat verspreiden en geweld verheerlijken. Er staat, voor zover ik weet, nergens geschreven dat die boodschappen uitsluitend van islamisten afkomstig moeten zijn. Het is zonder meer duidelijk: Dewinter is een geradicaliseerde Syriëganger die een terroristische organisatie, in casu het Assad-regime, ondersteunt en er ongegeneerd propaganda voor voert, tot en met journalisten verleiden om er de hoofdverantwoordelijke van te interviewen. Het zou de VRT, Knack en Sudpresse gesierd hebben als ze dit manoeuvre hadden afgewezen. Dat ze dit niet gedaan hebben, mag en moet ze kwalijk worden genomen.

Opdracht voor De Roover

Tegen Dewinter zelf dient onverwijld een gerechtelijk onderzoek te worden opgestart. Vervolgens moet de Kamer zijn politieke onschendbaarheid opheffen. Het zou mooi zijn als Peter De Roover (N-VA), die vrije meningsuiting van terrorisme-sympathisanten toch al wil beperken, daartoe het initiatief zou nemen.

 

 

February 9, 2017 at 5:48 pm 4 comments

OEKRAÏNE: WERKELIJKHEID EN VERZINSEL

Door Johan Depoortere

De berichtgeving in de mainstream media over Oekraïne mist kader, is onvolledig, simplistisch en vooringenomen. Wie de verhalen leest in de kranten of de verslagen op radio en tv volgt moet wel de indruk krijgen dat het hier gaat om een strijd tussen goed en slecht, tussen dictatuur en democratie, tussen Oost en West.

Neem het artikel in Knack van 20 februari: De vijf hoofdrolspelers in het Oekraïense conflict.” Het gaat, zo schrijft Kevin Van der Auwera om “een conflict tussen de pro-Russische regering van Viktor Janoekovitsj en de pro-Westerse oppositie.” Simpel genoeg: pro-Russisch tegen pro-Westers. Dat veel Oekraïense “nationalisten” helemaal niet pro-Westers zijn maar dromen van een autoritaire staat zonder communisten, Joden, homo’s en ander gespuis wordt hier elegant onder het tapijt geveegd. Dat de verhoudingen tussen de clan van Janoekovitsj en het regime van Poetin gespannen zijn en rijk aan conflicten eveneens. Vervolgens somt Van der Auwera de “vijf hoofdrolspelers” in het conflict op: Klitsjko, Janoekovitsj, Timosjenko, Jatsenjoek en godbetert Ruslana Lyzjytsko. Over de neonazis van Svoboda geen woord, over de extreem-rechtse knokploegen, geen woord: passen immers niet in het plaatje van de “democratische oppositie.”

media_xl_6511645

Op Maidan steekt Verhofstadt een publiek van liberalen, democraten, nationalisten en fascisten een hart onder de riem. Olie op het vuur.

In De Standaard van 20 februari wordt Viktor Janoekovitsj steevast een “stroman van Moskou” genoemd. Dat zijn Partij van de Regio’s in 2013 zowel de presidents- als de parlementsverkiezingen heeft gewonnen wordt daarbij gemakshalve vergeten. Ik moet nog het eerste artikel lezen waarin Vitali Klitsjko, een product van de Konrad Adenauerstiftung en de lieveling van Angela Merkel een “stroman van Berlijn” wordt genoemd. Ik heb nog geen enkel commentaar gelezen met bedenkingen bij het optreden van Guy Verhofstadt die op het Maidanplein de betogers een “hart onder de riem kwam steken:” een grove inmenging in het conflict van een buurstaat. Moet kunnen blijkbaar, alles in naam van de democratie! (1)

Het gaat in onze media bijna uitsluitend over de duizenden betogers in het hartje van Kiev, ongetwijfeld een indrukwekkende massa. Maar over de andere slordige 45 miljoen inwoners van het land vernemen we weinig of niets. Op de historische, culturele en economische breuklijnen die het land grofweg verdelen tussen Oost en West wordt zelden ingezoomd. De verschrikklijke gevolgen van het wilde kapitalisme dat na de val van de Sovjet-Unie hier als “schoktherapie” de bevolking door de strot werd geramd blijven meestal onbelicht. In Oekraïne kwam die schoktherapie zo mogelijk nog harder aan dan in Rusland. Dat de betogers op het Maidanplein dan heil zien in nog meer van dezelfde medicijn kan verbazing wekken, maar een verklaring daarvoor zul je vergeefs in onze kranten zoeken.

Dat de werkelijkheid in Oekraïne iets gecompliceerder is dan de sprookjes in onze media doen geloven moge blijken uit het interview met Jean-Marie Chauviez dat eerder verscheen in “Solidair” het blad van de PTB – de Waalse tegenhanger van de PVDA. Chauviez, een voormalige RTB-journalist, volgt al decennia van nabij de ontwikkelingen eerst in de Sovjet-Unie en later in de landen van het voormalige sovjetblok. Hij publiceert onder andere in Le Monde Diplomatique, Le Soir en verschillende webmedia. Hieronder volgt een licht aangepaste vertaling. 

Lees ook het citaat uit Wikileaks waaruit blijkt wat de oppositie – of althans een belangrijk deel ervan – voor de Oekraïners in petto heeft als ze aan de macht komt. Het is de weergave van een gesprek tussen een kopstuk van Klitsjko’s partij en de Amerikaanse ambassadeur in Kiev. Je vraagt je af of de meerderheid van de betogers op de Maidan beseffen wat ze van hun leiders en de zo aanbeden EU te verwachten hebben.

Viktor_Yuschenko

Viktor Joesjenko: van heiland tot politieke paria

Hun en ons geheugen is kort. Zelf herinner ik me nog levendig de zogenaamde “Oranje Revolutie” in 2004 toen dag en nacht betogers onder mijn hotelkamer “Joesjenko! Joesjenko!” schreeuwden. Viktor Joesjenko was toen de heiland van wie redding werd verwacht. Twee jaar later werd dezelfde Joesjenko door een overgrote meerderheid weggestemd en aan de vergetelheid prijsgegeven. Zijn liberale recepten waren de Oekraïners zuur opgebroken. In de verkiezingen van 2012 haalde zijn partij “Ons Oekraïne” 1,11% van de stemmen. Verbazend hoe nu van eenzelfde remedie een verschillend resultaat wordt verwacht.

“DE OVERGROTE MEERDERHEID VAN DE OEKRAÏNERS WIL DEZE BURGEROORLOG NIET.”

Interview met Jean-Marie Chauviez door David Pestieau

Wat zijn de grote economische problemen waar de bevolking in Oekraïne mee te kampen heeft?

Jean-Marie Chauvier: Sinds de val van de Sovjetunie in 1991 is de bevolking van Oekraïne van 51,4 tot 45 miljoen gedaald. Oorzaken zijn een daling van het geboortecijfer en stijging van het sterftecijfer gedeeltelijk te wijten aan de ontmanteling van de openbare gezondheidszorg. De emigratie is enorm. 6,6 miljoen Oekraïners leven tegenwoordig in het buitenland. Uit het Oosten van Oekraïne zijn velen zijn gaan werken in Rusland waar de lonen merkelijk hoger zijn, uit het Westen gaat de emigratiestroom veeleer naar West-Europa: de serres in Andaloezië bijvoorbeeld of de bouwsector in Portugal. Jaarlijks sturenh de emigranten 3 miljard dollar naar hun land.

Officieel bedraagt het werkloosheidscijfer 8%, maar een groot deel van de bevolking leeft onder de armoedegrens: 25% volgens de regering, 80% volgens andere schattingen. Extreme armoede, gepaard met ondervoeding wordt geschat tussen 2 a 3 tot 16%. Het gemiddeld maandloon bedraagt 332 dollar, één van de laagste in Europa. De armste regio’s zijn de landelijke gebieden in het Westen. Werkloosheidsuitkeringen zijn laag en beperkt in de tijd.ilyintsy-villagers

Poverty_thumb

Extreme armoede in Oekraïne

.

De economische problemen van het land dreigen nog te worden aangescherpt door vrijhandelsakkoord met de EU en de maatregelen van het Internationaal Muntfonds. Vooral in het Oosten van Oekraïne dreigt sluiting van industriële ondernemingen of overname-herstructurering door multinationale bedrijven. Door de verwachte komst van de grote agrobusiness rijst voor de landbouw in de vruchtbare streken van Oekraïne het perspectief van de ineenstorting van de lokale productie die tegenwoordig wordt gedragen door de kleine boeren en de erfgenamen van de kolchozen verenigd in associaties.De aankoop van de rijke landbouwgronden zal in versneld tempo doorgaan. Zo heeft de Britse groep Landkom al 10000 hectare opgekocht en het Russische hedgefund Renaissance heeft 300000 ha gekocht – wat overeen komt met één vijfde van alle Belgische landbouwgronden.

Voor de multinationals zijn er dus heel wat aantrekkelijke brokken in te pikken: sommige industrieën, olie-en gasleidingen, vruchtbare grond en goed opgeleide werkkrachten.

Wat zijn de voor-en nadelen van toenadering tot de Europese Unie?

Jean-Marie Chauvier: De Oekraïners en vooral de jongeren dromen van de EU, de vrijheid om te reizen, de illusies van comfort, een goed salaris, voorspoed etc. – dromen waarop de westerse regeringen speculeren. In werkelijkheid is er geen sprake van toetreding van Oekraïne tot de EU. Er is geen sprake van vrij verkeer van personen. De voorstellen van de EU gaan niet verder dan vrij handelsverkeer, massale import van westerse goederen, het opleggen van Europese standaarden voor de Oekraïense goederen die naar de Unie kunnen worden geëxporteerd – een enorme rem op de Oekraïense export. Rusland dreigt dan weer zijn markt af te sluiten voor Oekraïense producten als het tot een akkoord komt met de EU. Nu al wordt de Russische markt afgeschermd. Het tegenvoorstel van Moskou is de daling van de olieprijs met één derde, 15 miljard dollar steun, douane-unie met Rusland, Kazakstan en Armenië. Poetin heeft een Euro-Aziatisch project dat het grootste deel van de voormalige ruimte van de Sovjet-Unie omvat (met uitzondering van de Baltische landen)  en dat de banden tussen die landen zou aanhalen door industriële samenwerking met Oekraïne op gebieden waar Oekraïne al in de tijd van de Sovjet-Unie sterk in was: luchtvaart, satellieten, wapenindustrie, scheepsbouw etc. en door die industriële sectoren te moderniseren. Het spreekt vanzelf dat vooral Oekraïne zelf brood ziet in dat vooruitzicht.

Kunt u ingaan op de Regionale verschillen in Oekraïne?

Jean-Marie Chauvier: Oekraïne is geen homogene natiestaat maar een divers geheel. Er zijn tegenstellingen tussen de regio’s die een diverse historische achtergrond hebben. Rusland, Witrusland en Oekraïne hebben een gemeenschappelijke oorsprong: de staat van de Oostslaven (9e-11e eeuw) met Kiev als hoofdstad, alternatief “Rus,” “Rusland,” of “Ruthenië” genaamd. Vervolgens hebben ze elk een apart parcours afgelegd in taal, religie en staatsverband. Het Westen is lang verbonden geweest met het Groothertogdom Litouwen, met de Poolse koninkrijken en met het Oostenrijks-Hongaarse keizerrijk. Na de revolutie van 1917 en de burgeroorlog is voor het eerst een nationale entiteit “Oekraïne” ontstaan, die in 1922 mee de USSR heeft opgericht. Het westelijk deel dat door Polen was geannexeerd is in 1935 en daarna opnieuw in 1945 weer aangehecht. In 1954 werd de sovjetrepubliek Oekraïne uitgebreid met de Krim.

Het Oosten van Oekraïne is meer geïndustrialiseerd, heeft een arbeidersmentaliteit en is meer Russischtalig, het Westen waar meer Oekraïens wordt gesproken heeft een boerenbevolking en een ruraal karakter. Het Oosten is orthodox en behoort tot het patriarchaat van Moskou, het Westen is zowel Grieks-Uniatisch katholiek als orthodox, sinds de onafhankelijkheid in 1991 behorend tot het patriarchaat van Kiev. De Uniatisch-katholieke kerk is vooral in het westelijke Galicië traditioneel erg Duitsgezind en komt vaak in conflict met de katholieke kerk in Polen. Het centrum van Oekraïne met Kiev is een mengkroes van Oost en West, overwegend Russischtalig en met elites die pro-oppositie en sterk verbonden zijn met de ultraliberalen in Moskou.

Oekraïne is dus verdeeld – historisch, cultureel en politiek – tussen Oost en West en niemand heeft er belang bij de twee tegen elkaar op te zetten behalve wie mikt op het uiteenvallen van het land en zelfs op burgeroorlog wat bij sommigen zeker de bedoeling is. Door aan te sturen op een breuk, zoals Westerse landen en hun voetvolk ter plaatse doen kunnen de EU en de Navo vroeg of laat hun brok binnenrijven, maar Rusland zal niet achterblijven en ook zijn deel opeisen. Het zou niet de eerste keer zijn dat men een land wetens en willens laat exploderen. Daarbij moet men niet vergeten dat de Europese keuze ook militair zal zijn: de Navo zal volgen en dan rijst de vraag: wat met de Russische basis Sebastopol op de Krim, die overwegend Russisch is en strategisch van belang voor de militaire aanwezigheid aan de Zwarte Zee. Het lijdt geen twijfel dat Moskou zich niet zal neerleggen bij de installatie van een Amerikaanse basis op die plek.

Hoe wordt het conflict in de media gebracht?

Jean-Marie Chauvier: Als een western! De goede Europagezinden tegen de slechte Ruslandgezinden. De berichtgeving is manicheïsch, vooringenomen en gaat voorbij aan de werkelijkheid in Oekraïne. Het grootste deel van de tijd zoeken journalisten mensen op die denken zoals zij, die zeggen wat hun Westelijke publiek wil horen en die Engels of andere Westerse talen spreken. En dan zijn er de leugens door weglating.

Er is eerst en vooral een grote afwezige: het Oekraïense volk, de arbeiders, de boeren die het slachtoffer zijn van de kapitalistische schoktherapie, de systematische ontmanteling van al hun sociale verworvenheden en van de verschillende maffiamachten.

Praviy sektor

De “Praviy Sektor” de extreem-rechtse en neonazistische franje. Hoe groot hun invloed is moet nog blijken.

 Vervolgens wordt het fenomeen dat men “nationalisme” noemt zwaar onderbelicht. In werkelijkheid gaat het om neofascisme en zelfs ronduit nazisme dat zich vooral maar niet uitsluitend situeert in de partij “Svoboda” (“Vrijheid”), haar leider Oleg Tjagnibog en de westelijke regio die samenvalt met het vroegere Poolse Oost-Galicië. Hoe vaak heb ik in de media de uitspraken van die partij en haar leider gezien, gehoord of gelezen als stemmen van “de oppositie” zonder verder precisering?

De media hebben het over die sympathieke jonge “vrijwilligers voor zelfverdediging” die uit Lviv (Lvov, Lemberg) komen waar het in feite gaat om extreem-rechtse commando’s uit hun bastion Galicië. Politici en journalisten dragen een zware verantwoordelijkheid als ze dit spel meespelen in het voordeel van xenofobe, anti-Russische, antisemitische en racistische tendensen die de collaboratie met de nazis en de Waffen SS verheerlijken waar Galicië (en niet de hele Oekraïne) zich aan hebben bezondigd.

euromaidan_2

De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry met oppositieleiders Klitsjko en Jatsenjuk

Tenslotte laten de media de talrijke netwerken onvermeld die gefinancierd door het Westen (Verenigde Staten, Duitsland, Europese Unie) aansturen op de destabilisatie van het land en evenmin komen de talrijke persoonlijke interventies van westerse politici in de schijnwerpers. Stel je even voor dat de neutrale zone in Brussel twee maanden lang wordt bezet door manifestanten die het ontslag eisen van de koning en de regering, die het Koninklijk paleis stormenderhand innemen en vanop de tribune hulde brengen aan Russische, Chinese of Iraanse ministers! Kan men zich dat voortellen in Parijs of in Washington? Dat is nochtans wat gebeurt in Kiev op de Maidan. (2)

Mc Cain Tagnib

De invloedrijke Republikeinse senator John McCain met Tjagnibog op het Maidanplein

Mijn verbazing groeit met de dag als ik de kloof vaststel tussen de “informatie” die onze media leveren en die uit Oekraïense en Russische media. Het neonazistische geweld, antisemitische agressie, overvallen op de regionale regeringsgebouwen: niets van dat alles in onze grote media. We horen slechts één standpunt: dat van de opposanten op de Maidan, de rest van Oekraïne bestaat niet!

Wie zijn de voornaamste acteurs op het veld?

Jean-Marie Chauvier: De industriële en financiële oligarchie die van de privatiseringen heeft geprofiteerd is verdeeld tussen pro-Russische en pro-Westerse groepen. Viktor Janoekovitsj en zijn Partij van de Regio’s vertegenwoordigt de clans (en het grootste deel van de bevolking) in het Oosten en het Zuiden. De Partij van de Regio’s heeft in de herfst van 2013 zowel de parlements- als de presidentsverkiezingen gewonnen. Ze is stevig verworteld in het Westen en in Transcarpatië (ook subcarpatisch Oekraïne genoemd), een multi-etnische regio die zich verzet tegen het nationalisme. Maar de huidige crisis, de aarzelingen en de zwakheden van de president dreigen hem zeer duur te staan te komen en de partij te discrediteren. (3)

De huidige machthebbers zijn in grote mate verantwoordelijk voor de sociale crisis waar extreem-rechts van profiteert en die de bedrieglijke sirenenzangen van EU en Navo zo aantrekkelijk maakt. De huidige machtselite is machteloos en verdedigt in feite een deel van de oligarchie en niet “het vaderland” zoals ze beweert. Ze heeft de corruptie en de mafieuze praktijken bevorderd.

Tegenover hen staan drie politieke formaties die hun basis vooral in het Westen en het cenrtrum van Oekraïne hebben. Er is vooreerst Batkivschina (“Vaderland”) onder leiding van Arseni Jatsenjoek. Hij is de opvolger van Julia Timoshenko, die ziek is en tot voor kort de gevangenis verbleef.

tjagnibog

Oleg Tjagnibog, leider van de neofascistische Svoboda

Vervolgens is er de partij “Oedar” (democratisch en hervormingsgezind) van de voormalige bokser Vitali Klitsjko die de partij ook heeft opgericht. Hij is de lieveling van Angela Merkel en de EU. De kaders van de partij zijn opgeleid door de Konrad Adenauer Stiftung. De derde speler tenslotte is het neofascistische “Svoboda” (“Vrijheid”), geleid door Oleg Tjagnibog. Svoboda stamt in rechte lijn af van de “Organisatie van Oekraïense Nationalisten”, een fascistische partij naar het model van Mussolini’s zwarthemden, in Galicië opgericht in 1929 onder Pools regime. Als Hitler In 1933 aan de macht komt neemt de partij contact met hem op met het idee: “We bedienen ons van Duitsland om onze doelstellingen te bereiken.” De verhouding met de nazis is vaak stormachtig – Hitler wil immers niet weten van een onafhankelijk Oekraïne – maar beiden zijn het roerend eens in hun gemeenschappelijk doel: de communisten en de joden uitroeien en de Russen onderwerpen. 

2183514952.2

Vorige maand ontving Filip Dewinter een delegatie van Svoboda, de erfgenamen van Oekraïense nazis

De Oekraïense fascisten beklemtonen het “Europese” karakter van Oekraïne tegenover het “Aziatische” van Rusland. In 1939 komt Andriy Melnik aan het hoofd van de OON met de steun van Andiy Cheptytskyi, de Duitsgezinde metropoliet van de Grieks-katholieke (Uniatische) kerk en “geestelijke leider” van Galicië, dat in 1939 onder sovjetbewind kwam. In 1940 splitst de radikale Stepan Bandera zich af met de OON-b. Hij levert twee bataljons aan de Wehrmacht, Nachtigall en Roland, die op 22 juni 1941 deelnemen aan de Duitse agressie tegen de Sovjet-Unie. Onmiddellijk begint een vloedgolf van pogroms.

bandera betoging jongeren

Jongeren marcheren achter het portret van de nazicollaborateur Stepan Bandera

Volgens sommige peilingen neemt de invloed van Svoboda na de “oranje revolutie”van 2004 toe in Galicië en in heel het Westen van Oekraïne, ook in de grote steden waar de partij 20 tot 30% van de stemmen haalt. Over heel Oekraïne kan Svoboda op 10% van de stemmen rekenen. Svoboda heeft af te rekenen met splintergroepen die nog radikaler zijn.

images-9

Stepan Bandera kreeg een standbeeld in Lviv

Die drie partijen, Baktivshina, Oedar en Svoboda eisen sinds november het ontslag van de regering en van de president. Ze willen ook nieuwe verkiezingen. Svoboda gaat verder en pleegt een bedekte vorm van staatsgreep op lokaal niveau. Waar de partij haar terreurregime kan installeren verbiedt ze de Partij van de Regio’s (de regeringspartij) en de Oekraïense Communistische Partij.

De Oekraïense Communisten roepen sinds enkele weken op tot gezond verstand. Ze verzamelden 3 miljoen handtekeningen om een referendum te eisen over de vraag of Oekraïne een associatieverdrag met de EU of een douane-unie met Rusland moet krijgen. De partij legt de verantwoordelijkheid voor de crisis niet alleen bij de drie partijen van de oppositie maar ook bij de heersende macht die het land en het volk hebben overgeleverd aan de leiders van de pseudo-oppositie, aan extreem-rechtse groepen, aan neo-nazis, aan gewelddadige nationalistische organisaties en aan buitenlandse politici die de bevolking oproepen de “protesten te radicaliseren” en “te strijden tot het einde.” De Communistische Partij legt de nadruk op de sociale problemen. Van alle politieke partijen neemt ze de meest democratische positie in. Maar haar invloed is beperkt tot het Oosten en het Zuiden van Oekraïne.

Welk spel spelen de buitenlandse machten?

Jean-Marie Chauvier: Zbigniew Brzezinski, de beroemde en invloedrijke Amerikaanse geostrateeg van Poolse origine heeft al in de jaren 90 de strategie van de VS uitgetekend om Eurasië voor goed onder Amerikaanse hegemonie te brengen. Oekraïne neemt daarbij een sleutelpositie in. Voor Brzezinski zijn de “Balkans van de wereld” Eurazië en het Midden Oosten. De Amerikaanse strategie kende een eerste succes met de “oranje revolutie”van 2004. De VS richtten toen een netwerk op van stichtingen – zoals die van Soros en de Reagan-geïnspireerde National Endowment for Democracy (NED) – die duizenden mensen betalen om “de democratie te bevorderen.”

In 2013-2014 is de strategie veranderd. Nu heeft vooral Duitsland met Angela Merkel de vingers aan de knoppen, met hulp van Amerikaanse politici als John McCain. Zonder enige zin voor verantwoordelijkheid worden de massa’s op Maidan en elders opgezweept. Om gemakkelijk het doel te bereiken en Oekraïne in het euro-atlantische kamp te doen belanden maken ze gebruik van de meest anti-democratische elementen in de Oekraïense samenleving. Maar deze doelstelling is onbereikbaar zonder het uiteenspatten van Oekraïne in een Oostelijk en een Westelijk deel waarbij de Krim op vraag van de bevolking naar Rusland zou gaan. Het parlement van de Krim hjeeft verklaard: “Nooit zullen we onder een Banderistisch (fascistisch) regime leven.”

Voor Svoboda en de andere fascisten is het de revanche voor 1945. Maar ik geloof ondanks alles dat de overgrote meerderheid van de Oekraïense bevolking noch de burgeroorlog, noch het uiteenvallen van het land wenst. Maar ongetwijfeld moet de samenleving worden heropgebouwd.

Vertaling door Johan Depoortere

1 De Morgen van 22 februari laat de Leuvense historicus Idesbald Goddeeris aan het woord die eerder op Radio 1 volkomen terecht felle kritiek uitte op Verhofstadt en de rol van Europa in het conflict. Zie: http://www.demorgen.be/dm/nl/990/Buitenland/article/detail/1798728/2014/02/22/Historicus-KUL-Europa-gooit-nog-meer-olie-op-het-vuur-in-Oekraine.dhtml?utm_source=demorgen&utm_medium=email&utm_campaign=newsletter&utm_content=daily

2 Verhofstadt moest toen zijn speech op de Maidan nog afsteken

3 Het interview dateert van vóór de bloedige februaridagen en het politiegeweld dat tientallen betogers het leven kostte. jd

DE WARE BEDOELINGEN VAN DE OPPOSITIE

Dank zij Wikileaks weten we welke richting de politieke oppositie met het land uit wil.

Viktor Pynzenyk, voormalig minister van financiën en nu lid van de oppositiepartij “Oedar” van Vitali Klitschko was in een gesprek met de Amerikaanse ambassadeur bijzonder duidelijk over zijn politieke doelstellingen. De inhoud van het gesprek werd onthuld door Wikileaks.

Dit is wat “Oedar” (“Slag”) in petto heeft voor de Oekraïense bevolking:

  • Verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd met twee tot drie jaar
  • Afschaffing van het prepensioen
  • Beperking van het pensioen voor gepensioneerden die werken
  • Verdrievoudiging van de prijs van gas voor huishoudelijk gebruik
  • Verhoging van 40% van de elektriciteitsprijs
  • Afschaffing van het regeringsbesluit waarbij de vakbonden hun akkoord moeten geven voor elke verhoging van de gasprijs
  • Afschaffing van de wettelijke regeling die het gemeentelijke leveranciers verbiedt de energietoevoer af te sluiten of de consumenten boetes op te leggen voor wanbetaling
  • Privatisering van alle koolmijnen
  • Verhoging van de prijzen voor openbaar vervoer, afschaffing van alle voordelen
  • Afschaffing van kinderbijslagen, gratis maaltijden en schoolboeken (“de gezinnen moeten betalen” staat er letterlijk)
  • Afschaffing van de vrijstelling van BTW op geneesmiddelen
  • Verhoging van de taksen op benzine en 50% stijging van de autobelasting
  • Werkloosheidsvergoeding slechts na minimum zes maanden werken
  • Betaling van ziekteverlof pas vanaf drie dagen ziekte
  • Geen verhoging van het bestaansminimum (maar met mogelijke supplementen voor behoeftigen)

Kortom: de voorstellen van Klitsjko’s partij komen neer op het afschaffen van vrijwel alle sociale maatregelen en overheidssubsidies.

Eén opvallend punt: “Schaf het moratorium op landverkoop af”

Veelbetekenend in het licht van de oprukkende agrobusiness die haar oog heeft laten vallen op de rijke Oekraïense landbouwgronden.

Bron:

Diplomatiek telegram uit de Amerikaanse ambassade in Kiev van 24 februari 2010

http://www.cablegatesearch.net/cable.php?id=10KYIV278&amp&nbsp

February 24, 2014 at 8:34 pm 6 comments

ZAZA MAAKT DE BLITZ

ZAZA 1

door Jef Coeck

Een eeuw geleden hadden we ‘dada’, een internationale beweging in kunst en literatuur, ontstaan in Zürich, meer bepaald in Cabaret Voltaire. De dadaïsten zetten alle waarden en normen op de helling. Dat voldeed kennelijk aan een behoefte, want ook in New York, Berlijn, Keulen, Parijs en Hannover doken ze op. Zelfs in Nederland en in België. Bij ons onthouden we vooral Paul Van Ostaijen en beeldend kunstenaar Paul Joosstens.
Na de oorlog viel de beweging na korte tijd uiteen. Een deel ervan creëerde het surrealisme, een discipline (?) waarin België beroemd is geworden.

Heden ten dage hebben we het Zazaïsme, genoemd naar de huistekenaar van het weekblad Knack. Cartoonist Zaza heet eigenlijk Klaas Storme (47) en zijn werk verschijnt ook in De Standaard en NRC Handelsblad. Vroeger was Storme/Zaza leraar godsdienst. Dat is er niet meer aan te merken.
Evenmin heeft hij veel gemeen met dada, behalve de klankassociatie. En de 19de of vroeg 20ste eeuwse kostuums waarin hij zijn onderwerpen kleedt.
Toch meer (sur)realisme dan dadaïsme, lijkt me. Hoe het ook zij, zijn teksten met tekening zijn vooral geestig en niet zelden to the point.
Oordeel zelf maar.


ZAZA 2
ZAZA 3
ZAZA 4
Zaza 5
ZAZA 7
ZAZA 8
Zaza 9
ZAZA 10
ZAZA 11
ZAZA 12
ZAZA 13
Zaza 14
ZAZA 15
ZAZA 17

January 1, 2014 at 12:00 pm 2 comments

MIJN AMERIKA

Amerika is van iedereen, maar duizenden Vlamingen en Nederlanders hebben een speciale band met het land: omdat ze er werken en wonen/gewoond hebben, omdat ze weg zijn van de Amerikaanse Way of Life – het optimisme, de zelfredzaamheid, de openheid van de Amerikanen, omdat ze dol zijn op de Amerikaanse film en om nog honderden redenen méér. Een aantal van hen beschrijven hun band met Amerika in een reeks opstellen, gebundeld onder de titel hierboven en samengesteld door Jo Detavernier. Het zijn niet de minsten: oude vertrouwden zoals mijn vriend Tom Ronse en ex-collega bij de openbare omroep Bert De Vroey, de onvermijdbare Rik Torfs, filmmaker Jan Verheyen en homo universalis, ex- premier, ex-minister van Buitenlandse Zaken en veelschrijver Mark Eyskens. De opsomming is niet volledig en dan zijn er nog een reeks min of meer bekende Nederlanders: correspondente Helène Schilders, “Amerika-experts” Hans Veldeman en Frans Verhagen – ook hier is de lijst niet volledig.

Het moest, aldus de inleider, “een uitgesproken positieve bundel” worden “waarin het beste van de Verenigde Staten aan bod komt.” De lezer weze dus gewaarschuwd: wie een kritische kijk op de wereldmacht verwacht moet een ander boek kopen. De keuze is in dit verkiezingsjaar overweldigend. Dat wil niet zeggen dat in “Mijn Amerika” elke kritische noot ontbreekt. Zo beschrijft Rik Vanwalleghem op onderhoudende manier hoe hij “zijn Amerika” heeft zien veranderen van zijn El Dorado – in alles de tegenpool van zijn Westvlaamse geslotenheid en bescheidenheid – tot een land waar sinds 9/11 de paranoia om elke hoek loert. Ook Tom Ronse besluit het verhaal van zijn haat-liefdeverhouding met het land en New York met de vaststelling dat de veiligheidsmanie ertoe heeft geleid dat de NYPD – de New Yorkse politie – zich in de “minder begoede wijken, waar de armoede weer toeneemt, (..) als een bezettingsleger gedraagt.” De historicus Walter Prevenier tenslotte wijst op de hypocrisie van de talloze kerken die grossieren in “ideologische hardship (sic) en religieus puritanisme” en het “fake puritanisme van vele Amerikaanse politici en bijbelfanatici.”

hagee

Pastor John Hagee Warns America About Obama Re-election

In “Mijn Amerika” vind je geen nieuwe inzichten, geen analyse van de politieke en economische realiteit van vandaag. Niet dat er uit deze verzameling opstellen niets over Amerika – en de auteurs – te leren zou zijn. De bijdrage van Bert De Vroey over het – niet bestaande – hoofddoekendebat en over hoe Amerika met taaldiversiteit omgaat zou verplichte lectuur moeten zijn voor de nationalisten onder ons – ik denk aan de Gravensteengroep. Johan Van Overtveldt, de voormalige hoofdredacteur van Knack, wordt her en der in onze media opgevoerd als objectieve economische expert. Hier komt hij uit de kast als een onversneden aanhanger van Milton Friedman en diens marktfundamentalisme dat als economische doctrine omarmd werd door de Pinochetdictatuur in Chili en later zoveel onheil zou aanrichten in miljoenen Amerikaanse gezinnen.

In welhaast lyrische bewoordingen analyseert Jo Detavernier de Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring, inderdaad een revolutionaire en visionaire tekst. Maar hoewel Detavernier terloops vermeldt dat het “all men are created equal” alleen gold voor mensen met een blanke huid, gaat hij voor de rest volkomen voorbij aan het feit dat de geestelijke vader van die begeesterende tekst een slavenhouder was die op zijn minst vier kinderen verwekte bij één van zijn slavinnen en die als president een embargo afkondigde tegen Haïti, het eerste land waar slaven zichzelf hadden bevrijd. rough_finalLife Liberty and the pursuit of Happiness: het moet voor  duizenden land- en tijdgenoten van Jefferson – zwarten en halfvrije (indentured) blanken – als een bittere grap hebben geklonken. Het argument dat in de 18e eeuw slavernij onomstreden was snijdt geen hout. Het volstaat bijvoorbeeld “Rough Crossings” van Simon Shama te lezen om te beseffen hoe hevig het debat over slavernij ten tijde van de Amerikaanse Revolutie woedde. Jefferson stond – in de praktijk zo niet ideologisch – aan de verkeerde kant.

Over slavernij en etnische zuivering – de twee erfzonden van Amerika – in dit boek overigens nauwelijks een woord. Mark Eyskens schrijft: “slavernij brak de Amerikanen zuur op, want toen president Lincoln besloot die te verbieden, brak een secessieoorlog uit tussen Noord en Zuid die een paar honderdduizenden mensen het leven kostte maar uiteindelijk leidde tot een versterkt en meer humanistisch land, dat geleidelijk aan de rassendiscriminatie zou wegwerken.” Dat is om meer dan één reden historische onzin.

Lincoln had een dubbelzinnige houding ten opzichte van de slavernij en schafte die met de Emancipation Declaration pas af in 1863, twee jaar ná het begin van de burgeroorlog. Hij deed dat niet zozeer uit morele dan wel politiek-strategische overwegingen.

civil war

“Een paar honderdduizenden” doden waren er  in werkelijkheid volgens recente tellingen ten minste 750000 (op een bevolking van 31 miljoen), méér dan in de twee wereldoorlogen en Vietnam samen.

Voorts heeft het nog méér dan honderd jaar gekost om de “rassendiscriminatie geleidelijk” weg te werken en ook vandaag is het werk niet af ook al heeft een man van Afrikaanse afkomst het Witte Huis veroverd. De Senaat bijvoorbeeld is nog steeds een exclusief blank bolwerk.

Ook over de toenemende armoede in het land van de hoop word je na de lectuur van  “Mijn Amerika” nauwelijks wijzer. In een kromme zin – niet de enige – wijst  Mark Eyskens erop dat een “structurele aanpak van dit probleem in de Verenigde Staten weinig politiek succes heeft.”  Dat moet het understatement van de eeuw zijn. In de voorbije verkiezingscampagne sprak geen van beide kandidaten het woord “armoede” nog maar uit en de vertegenwoordiger van de zakenbelangen, Mitt Romney, zei zelfs uitdrukkelijk dat de “armen hem niet interesseren.” Het was interessant geweest te lezen hoe integendeel de politiek van Reagan over  Bush I en II  tot Clinton en  Obama de armoede in het land heeft georganiseerd: oorlog tegen de armen – niet tegen de armoede.

Een boek met bijdragen van een paar dozijn auteurs kan niet anders dan ongelijk van kwaliteit zijn. Ook stilistisch is het een grabbelton. Wat doe je met een stuk dat begint met: “Als documentairemaker was het de fictie die ….” Dan heb ik een onbedwingbare aandrang om de rest van het verhaal maar aan de vergetelheid prijs te geven. Het leven is te kort om slecht geschreven stukken te lezen. Maar meestal lezen de bijdragen in “Mijn Amerika” lekker weg. Ideaal als tussendoortje bij de tsunami aan Amerikaboeken die deze herfst op ons af is gekomen.

Johan Depoortere

Mijn Amerika

Jo Detavernier (red.)

208 blz

2012 Pelckmans Kalmthout

December 1, 2012 at 11:43 am Leave a comment

Older Posts


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,628 other followers