Posts tagged ‘kolonialisme’

KONGOBOOT

De Charlesville in Matadi

De Charlesville in Matadi

 

door Lucas Catherine
Zij waren voor mij een mysterie. In het gehucht waar ik opgroeide kwamen kindjes niet met de ooievaar. Er circuleerden twee andere versies. Ze groeiden als kolen, niet overdrachtelijk, maar letterlijk. Zoals alle werkmensen die net buiten Brussel woonden hadden wij een tuin die diende als tweede inkomen. Aardappelen voor gans het jaar; boontjes en andere groenten die met weckpotten werden ‘gesteriliseerd’ voor consumptie tijdens de winter, en wortels en kolen die werden ingegraven. Als handboek gebruikte mijn vader de zadencatalogus van de Waalse firma Gonthier, toen wereldberoemd bij alle Belgische tuinders. En daarin stond een foto waar ik geweldig onder de indruk van was. Een witte kool en een rode kool en in de krop van de ene zat het hoofdje van een witte baby, in de andere van een negertje. Kinderen kwamen uit de kool. Erg geloofwaardig want 65 jaar geleden moest fotoshop nog worden uitgevonden. Toch twijfelde ik. Ik heb als peuter massa’s kolen gezien, bij ons en in de tuinen van de buren, maar nooit een kinderkopje.

En toen diste men mij het verhaal op dat kinderen kwamen met de Kongoboot en als een vrouw een misval had dan was zij met haar kindje van de loopplank gevallen. Erg voor dat kindje en voor de moeder in het ziekenhuis. Zo iets viel minder te controleren. Alhoewel, met een vader als spoorarbeider reden wij gratis met de trein en een van onze uitstappen was naar Antwerpen sporen en daar aan het Steen kijken naar de arriverende Kongoboten.

De Kongoboot voor het Steen inn Antwerpen

De Kongoboot voor het Steen in Antwerpen

Nooit een kindje aan land zien brengen. Maar sindsdien hou ik van Kongoboten en de verhalen er rond. In België werd maar voor het eerst een Kongoboot gebouwd in 1912, door Cockerill Hoboken. Daarvoor werden ze geïmporteerd uit Engeland. Zo ook de Albertville die in 1898 naar Kongo vertrok. Hij was net in april afgeleverd door de scheepswerven van Middlesborough (UK). Het schip was 107 meter lang en 13 meter breed en in juni vervoerde hij zestig prominente gasten die in Kinshasa de eerste spoorlijn van Kongo gingen inhuldigen. Een verhaal dat ik elders ga vertellen.

De reis duurde 21 dagen. En dat gaat wel vervelen. En wat doe je dan. Drinken! Soms doe ik wel eens research en zo ben ik op de aantekeningen van de barman gestoten. Er werd wat afgedronken. De barman van de boot heeft wat er aller-retour werd opgedronken mooi opgelijst:
4.000 flessen Saint-Emilion 1892.
1.200 flessen Château Roques 1897
een paar duizend ‘goedkope’ rode Bordeaux en Bourgogne.
2.500 flessen witte wijn (Moesel, Rijn, Sauternes)
3.000 flessen Champagne, van het huis F.Secondé, champagne fabrikant in Sillery. Nog altijd een bekend Champagne merk. Die had indertijd een expeditie van Stanley mee gesponsord en daar waren de Belgen hem nog altijd dankbaar voor.
Verder:
300 flessen Fine (Cognac)
200 flessen Oud-Hasseltse Jenever
enkele honderden flessen apertiefdranken en pousse-cafés.
1000 flessen oude Porto (cru 1847 en 1865)
en duizenden flessen bier, gaande van bock tot geuze-lambiek.

Kongoboot_2  Een vlugge schatting levert dan ook zes flessen per passagier per dag.
En zatte mensen vertellen flauwe moppen. Op die reis zat ook een verslaggever van wat toen de Vlaamse kwaliteitskrant was: Het Laatste Nieuws, Camille Verhé en toen ze de Kongo opvaarden waren de passagiers aan het drinken en aan het eten. De Kongolezen op de oever begroetten hen al dansend en Verhé schrijft dan: “Weet gij wat het verschil is tusschen die negertjes en ons? – ? – Die ventjes spelen buiten en wij…spelen binnen.” Waarschijnlijk na zijn zesde fles.
Wat ze te eten kregen weet ik niet. Wel wat ze later, in de jaren 1930 op de Leopoldville te eten kregen. Dankzij een menu uit ons familie-archief. Dit is de menukaart van 31 januari 1937. Ik geef voor wie niet thuis is in de geschriften van Antonin Carême of Auguste Escoffier de basisingrediënten:

Menukaaart van de Leopoldville in de jaren 30

Menukaaart van de Leopoldville in de jaren 30

L’Orange Persanne
Koude schijfjes sinaasappel overgoten met een saus op basis van ingekookte suiker, azijn en sinaassap met daarin de zeste van de sinaasappel, die daarna in kleine stripjes wordt gesneden.

Le Bisque de Langoustines Cleveland
Een klassieke bisque waarin de cognac vervangen wordt door Bourbon (al dan niet uit Cleveland)

Les Paupiettes de Sole Bosniaque
Tongrolletjes bereid met ui, wortel, champignons, truffels, witte wijn en een toets paprika.

La Croustade de Riz de Veau Pétrograd
Riz de Veau in bladerdeeg, bereid met een fond, witte wijn en op het einde met een klein glas vodka.

La Selle d’Agneau Windsor
Schaap gevuld met boter, peterselie en een droge Duxelles (gesnipperde champignons met ui en kruiden).

Le Chapon du Mans Orléandais
Een kapoen (of gewoon een Mechelse koekoek) klaar gemaakt met ui, wortel, look, tomaat, vinaigre d’Orléans, room en een bussel dragon.

La Chaumière Suisse
Zwitserse kaas gepresenteerd op een bed van stro.

Le Gateau Léopoldville
Een Matadi-taart (met zwarte chocolade en crème fraiche)

La coupe de Fruits

Le Moka

Als ik teveel gegeten heb dan droom ik niet van Welsh Rarebit zoals indertijd de stripfiguur van Winsor McCay maar van Matadi en Kongoboten.
Van Lucas Catherine verschijnt dit najaar bij uitgeverij EPO het boek: Kongo, Wit over Zwart (1608-1898).

March 3, 2016 at 2:49 pm Leave a comment

JIHAD KAN VELE KANTEN OP

 

Kolonisatievloot van Columbus

Kolonisatievloot van Columbus

door Jef Coeck

 

Nauwelijks een decennium geleden was er misschien een handvol niet-moslim Belgen die ooit het woord ‘jihad’ gehoord of gelezen hadden. En als dat toch het geval was, wisten ze niet of nauwelijks wat het betekende. Vandaag is het begrip Jihad niet weg te branden uit conversaties, geschriften, krantenkoppen, scheldpartijen, toespraken, woorden en daden. Maar de juiste betekenis ervan kennen we feitelijk nog altijd niet. Daarvoor zullen we dus een beroep moeten doen op de moslimspecialist van het Salon, c.q. de delver naar het vergeten verleden. Lucas Catherine, zelf atheïst, schreef er een boek over en nam een Belgisch-Palestijnse moslim-onderzoeker in de arm, Kareem El Hidjaazi, om de zaken van binnenuit te belichten.

Toch is Jihad zo oud als de straat en wereldwijd verspreid. Als we er tot voor kort niets van wisten, was dat onze eigen schuld. Willem Elsschot wist het al wel in zijn boek ‘Lijmen’ (1923) : ‘Van alle islamitische begrippen is “jihad” het meest geciteerde en meest bestudeerde, een zeer complex begrip dat een onuitputtelijk thema was voor talrijke studies.’ Elsschot was natuurlijk in meerdere opzichten een uitzonderlijk persoon.

Jihad is geen eenduidig begrip. Er bestaan veel vormen van. De strijd tegen het kwaad (de duivel) in jezelf. Dit wordt de Grote Jihad genoemd en door traditionele moslims omschreven als de belangrijkste vorm. Dan is er het streven naar het spirituele welzijn van de moslimgemeenschap, de strijd tegen corruptie en decadentie. Dit is Educatieve Jihad. Het verspreiden van de islam via woord en geschrift: de Predikende Jihad. De verspreiding kon, zoals in het begin van de islamgeschiedenis, ook met het zwaard: de Gewapende Jihad. De jongste tijd kennen we helaas ook de Terreurjihad, door kleine fanatieke groepen.

In dit boek gaat het maar over twee vormen, de Terreurjihad en de Gewapende Jihad. De laatstgenoemde is zwaar verankerd in de geschiedenis, met name de koloniale geschiedenis. Laten we beginnen bij de Europese kolonisatie. Want, zegt de schrijver zeer nadrukkelijk: ‘Je kan Jihad en Kolonialisme niet zonder elkaar begrijpen.’

Napoleon in Egypte

Napoleon in Egypte

De christelijke Gewapende Jihad – als we het begrip even mogen transplanteren – begon met Columbus in de Caraïben (1492). Deze ‘beschavingskolonisatie’ vond snel navolging door Europese grootmachten – en zelfs door het kleine België. De eerste stap in de directe confrontatie van het Europese kolonialisme met de Arabische wereld, was de verovering van Egypte door Napoleon (1798).Daarop volgde de eerste islamitische Gewapende Jihad sinds lang. Doelwitten van de Fransen waren vooral de soukhs en de islamitische universiteit Al Azhar. In 1801 werd het Franse leger definitief verslagen in Alexandrië. Chalas, jihad. Althans hier. De legers van Napoleon hadden natuurlijk een en ander meegenomen. Dat leidde in Europa tot Egyptomanie en mummiegekte. Over een retaliatie van de islamitische Jihad werd niet gepiekerd. Zo zelfverzekerd waren de Europeanen over hun eigen gelijk en dito overmacht. Daar kwamen de complotten bij.

Sykes en Picot

Sykes en Picot

1916. De Eerste Wereldoorlog was nog lang niet afgelopen, maar de Engelse en Franse ministers van Buitenlandse Zaken, de heren Sykes en Picot, hadden hun kolonisatieplannen klaar. Ze verdeelden in een geheim akkoord het Ottomaanse/Turkse rijk onder hun tweeën. Dat was zowat het hele Midden-Oosten en Noord-Afrika, plus de Balkan. De grootste hapklare brok was Syrië, Irak, Libanon, Palesstina en Jordanië, samen Sham genoemd. Dit moest onafwendbaar leiden tot nieuwe vormen van Jihad.

JD 4 Herzl op israelisch briefje van 100 pond

Intussen was het Zionisme, de beweging die met alle – ook gewapende – middelen streefde naar een exclusief joodse staat in het Midden-Oosten, almaar sterker geworden. In 1917, nog steeds in volle oorlog (maar door de Revolutie verlost van de Russische bondgenoot) kwam de nieuwe minister van BZ, Lord Balfour, nog wat olie op het vuur gooien. In zijn zogenaamde Balfour Declaration beloofde hij plechtig dat de Britten achter de idee van een joodse staat in Palestina stonden. Zo veroorzaakte hij de grootste gewapende Jihad ooit, de strijd tussen Israël en de Palestijnen, die later uiteen zou vallen in diverse vormen van Terreurjihad (Al Qaida, Shabaab, Al Nusra, Boko Haram, ISIS, Hamas, Hezbollah). In 1948 barstte de bom voorgoed, met de oprichting van de staat Israël op het grondgebied van de Palestijnen.

Multatulimuseum Amsterdam

Multatulimuseum Amsterdam

Intussen waren al in andere werelddelen moslims aan hun Gewapende c.q. Terreur-jihad begonnen. In Java en Sumatra bv. Lees Multatuli er op na. Nederland stuurde een militaire expeditie naar zijn kolonie in ‘den Oost’ onder het motto ‘Voorwaarts, mareechaussees, snijdt ze de koppen af.’ Kennelijk hebben de terreurjihadisten daar het vak geleerd.

Een andere Jihad speelde zich af van Zanzibar tot Kisangani. Vooral Tabora (Tanzania) valt te onthouden. Maar ook in Oost-Congo begon alreeds het leed. De kolonisatie, in dit geval de Belgische, kwam goed op gang. De moslimstaten in West-Afrika kregen er ook van langs. De prachtige woestijnstad Timboektoe werd verwoest, door terruerjihadisten. Want die gebruiken alle vormen van terreur, moord, verkrachting, beeldenstorm, foltering. En inderdaad, nergens in de Koran is er een aansporing daartoe te vinden – tenzij door verwrongen geesten die hun eigen religieuze ‘newspeak’ hanteren en lezen wat ze willen lezen.

Timboektoe

Djenné

Even een zijsprong naar de Islamic Supreme Council of America. Deze autoriteit zegt over de Gewapende Jihad, dat die met zowat alle middelen gevoerd kan worden: wettelijk, diplomatiek, economisch, politiek, militair. In dat laatste geval moeten wel de ‘Rules of Engagement’ in acht worden genomen. Onschuldige vrouwen, kinderen en invaliden moeten met rust worden gelaten. En elke vredelievende toenadering van de tegenpartij moet aanvaard worden. Niet iedereen kan dus zomaar zijn eigen Jihad gaan voeren. De Raad zegt zelf dat het concept ‘Jihad’ door heel wat politieke en religieuze groepen voor eigen baat is aangewend. Dat is een misbruik en dus in tegenspraak met de Islam. Aldus de Council.

Frantz Fanon

Frantz Fanon

Weer over naar het kolonialisme. Het zal niet verbazen dat kolonisering leidt tot radicalisering en tot racisme. Het is een helaas voor de hand liggende gang van zaken. Frantz Fanon (1925-1961), psychiater en activist, filosoof van de Derde Wereld, zei het aldus: ‘Kolonialisme is de buitenkant van het systeem, racisme de binnenkant.’ Het valt op dat Fanon van diverse zijden – moslim en niet-moslim – weer geciteerd wordt, nadat hij sinds zijn vroegtijdige dood vergeten leek.

————–
Kareem El Hidjaazi begint zijn gedeelte met een schuldbekentenis. En geen kleine.
‘Wij moslims zijn het gewoon om de schuld steeds bij het Westen en bij de joden te leggen en daardoor zijn we blind geworden voor onze eigen gebreken, die trouwens enorm zijn. De yankees en de zionisten hebben natuurlijk een criminele verantwoordelijkheid voor wat er in het Midden-Oosten gebeurt, maar het is eerst en vooral de fout van de moslims zelf. Als je ziet hoe ze naar het Westen opkijken, hoe ze tevreden zijn met hun onwetendheid, hoe sommigen onder hen de Jodenstaat steunen in hun strijd tegen hun Palestijnse broeders. Tja, hoe wil je dan dat we ooit uit onze vernederende situatie geraken?‘

De verwijten van deze moslim aan de moslimgemeenschap (de Oemma) worden steeds scherper. Citaat: ‘Over de hele wereld werden moslims besmet met de Westerse beschaving, sommigen zijn er zelfs op perverse wijze verslaafd aan geraakt door enkel de verdervende aspecten ervan over te nemen. Stiptheid, verantwoordelijkheid, organisatie, eerlijkheid in handel, discipline zijn waarden die in Europa zeer aanwezig zijn, maar toch weigeren de Arabieren om die in hun samenleving toe te passen, hoewel dit ook islamitische waarden zijn.’

De achterliggende mentaliteit is, volgens Kareem El Hadjaazi: iedereen is corrupt, laten we dus maar deelnemen aan ‘het systeem’. Enkel via corruptie heeft men kans op slagen, hoe meer hoe beter. Vele moslimlanden zijn zo doordrongen van corruptie dat het onmogelijk is geworden om als eerlijke burger carrière te maken.

De decadentie en de versnippering van de moslimgemeenschap zijn hoofdzakelijk het gevolg van de onverschilligheid van moslims tegenover hun godsdienst, zowel wat de beoefening, het bestuderen als het begrijpen ervan betreft. De Oemma kent vandaag een totaal gebrek aan cultuur. Dat ligt aan het westerse project van acculturatie, dat de moslims ervan overtuigd heeft dat ze zelf geen echte cultuur hebben.

Spaanse Conquista

Spaanse Conquista

Dit is wel een radicale visie, maar nieuw is ze niet. Denk aan de conquista van Latijns-Amerika in de 16de eeuw. Ook toen en daar werd de plaatselijke cultuur door de Spaanse veroveraars geminacht, zelfs in die mate dat de dragers ervan gewoon werden uitgeroeid. Ondanks de volgehouden inspanningen van de moedige bisschop Bartolomé de las Casas, maar de heers- en hebzucht van de Spaanse vorsten haalden het. Op andere gekoloniseerde plaatsen in de wereld gebeurden soortgelijke misdaden. Herlees Multatuli, om hem nog maaar eens te noemen.

Het verdere betoog van Kareem tegen de acculturatie vertoont trekken van Machiavelli. Ook hij gaf in ‘Il Principe’ de toenmalige Italiaanse heersers ervan langs. Op een cynische wijze, die vaak niet cynisch bedoeld was. Een beschrijving van de toenmalige realiteit kon ook gelezen worden als ‘slechte raad die niet na te volgen is’. Maar je moet wel de dubbele bodems vatten. ‘Het doel heiligt de middelen’, de bekendste one-liner van Machiavelli, kan op meerdere wijzen gelezen worden. Verkeerd doel, slechte middelen, dubieuze heiliging. Er is een derde mogelijkheid: het doel heiligt niemandal, minst van al terreur. Dat is wat Maciavelli bedoelde. Maar hoewel Kareem zich uitspreekt tegen terreur, gaat en staat voor hem de ‘ware islam’ boven alles. Er zitten wat witte vlekken in zijn betoog.

Machiavelli

Machiavelli

In hun strijd voor zelfbeschikkingsrecht, zegt hij nog, vechten moslims tot op vandaag op drie fronten. Er zijn de terroristen, een kleine minderheid die wel de grootste aandacht krijgt. Van de tweede groep hoor je iets minder. Het zijn groeperingen die via een uitsluitend politieke weg aan de macht proberen te komen. Ze doen daarbij heel wat ‘religieuze concessies’: deelnemen aan democratie en vrije verkiezingen.(De Moslimbroeders). (Noot jc: De Moslimbroeders waren bij tijd en wijle meer gewelddadig dan hier wordt gesuggereerd.) Drie. De moslims die wereldwijd de ‘islamitische kennis’ (welke?) onderrichten en van generatie op generatie doorgeven. Ze worden door de media genegeerd, maar vormen in werkelijkheid de grootste bedreiging voor de neokoloniale grootmachten. Dat is een cultureel gegeven.

Het is wat ik zelf zou willen noemen: de Sluipende Jihad. Ongewapend, met would-be goede bedoelingen, elitair, vaak esoterisch, geheimzinnig, in elk geval ortodox islamitisch, wellicht fundamentalistisch (steunend op contradictorische teksten) en, naar ik vrees, niet overtuigend voor de vele andere vormen/sekten/afscheuringen van Mohammeds Islam.

Het laatste woord krijgt Lucas Catherine. Het valt op dat bij de zogenaamde Syriëstrijders weinig of geen Berbers zijn, en evenmin Turken, Hoewel die twee volken de Islam aanhangen. Bij hen overheerst nationalisme als oplossing voor frustraties. Voorlopig lijkt dat te lukken. De Belgische Turken stemmen massaal voor Erdogan en zijn partij. Bij de Berbers gebeurt iets dergelijks, ook zij plooien zich terug op hun nationalisme in plaats van op de islam.

En bij wijze van slot nog een goede raad van Catherine: ‘Europa moet zich dringend mentaal dekoloniseren. Want zoals uit dit boek blijkt: de kolonisatie was niet louter economisch en politiek maar ook cultureel en maatschappelijk , en op alle vier deze vlakken heeft ze diepe wonden geslagen waarvan sommige nu nog voort etteren. Het huidige racisme is onlosmakelijk verbonden met de kolonisatie en neemt toe zolang de multinationale kolonisatie voortwoekert. Wat wij nu radicalisering noemen, is eigenlijk een ziektebeeld van de trauma’s die de kolonisatie en haar bijwerking het racisme, nog altijd veroorzaken.’
————

JD cover*Lucas Catherine & Kareem El Hidjaazi, Jihad en kolonialisme, EPO, Berchem, 2015
Sommige onderdelen van Chaterine’s boek zijn doorheen de tijd al verschenen op het Salon van Sisyphus. Met dit boek, plus de toevoeging van het gedeelte ‘Kareem’, vallen de puzzelstukjes in elkaar.

https://salonvansisyphus.wordpress.com/2014/10/01/vecht-isisdaish-tegen-sykes-picot/

https://salonvansisyphus.wordpress.com/2015/11/19/het-is-oorlog/

https://salonvansisyphus.wordpress.com/2015/07/18/tabora-stad-met-de-drie-namen/
—————
PS ‘Hidjaz’ is een gebied in het westen van Saoudi-Arabië, rond de belangrijke stad Djeddah. Niet ver uit de buurt liggen ook de heilige steden Mekka en Medina.


En dit is dan een stukje van het échte Timboektoe

February 15, 2016 at 11:26 am 5 comments

LAND ZONDER STAAT

 
ACHTER DE SCHERMEN VAN DE CONGOLESE GESCHIEDENIS
 
 
 Het nieuwe boek van Guy Poppe over vijftig jaar Congolese onafhankelijkheid, is uit. Het is al zijn tweede boek over dat land in krap een jaar tijd. Poppe deed jarenlang verslaggeving en reportages over onder meer Afrika voor de VRT-Radio. Hij is nu reporter-in-ruste. (jc)
 
 

 

In ‘Land zonder Staat’ geeft Poppe naast een academisch overzicht van Congo’s geschiedenis als onafhankelijk land ook een kijk achter de schermen. Hij verschaft de lezer inzicht in politieke machtsspelletjes en economische plundering, met schuldigen in Afrika en in België.

Na zijn persoonlijke ‘Congodagboek’ tijdens de Congolese oorlog heeft dit boek een meer wetenschappelijke insteek, al maakt Poppe uitgebreid gebruik van zijn jarenlange ervaring als radiojournalist in Congo.

Citaten

Het eerste deel van zijn boek is een academisch verslag van vijftig jaar Congolese geschiedenis als een onafhankelijk land. Het verschil met andere geschiedenisboeken vind je in de occasionele toevoegingen uit eigen interviews of uit eigen ervaring op het terrein. Zo kan hij Mobutu citeren als die afgeeft in een interview op de (democratisch geïnspireerde) partij van Tshisekedi (UDPS) die volgens hem alleen maar ‘lawaai maakt in België’. Hij wil zelfs de naam van de partij niet uitspreken, voegt Poppe er veelbetekenend aan toe (p.77).

Een ander voorbeeld is de uitspraak van Gaston Eyskens waarin hij toegeeft dat België nalatig was in de periode voor de Congolese onafhankelijkheid, aangezien eind de jaren 1950 in Congo in plaats van een staatshoofd nog altijd een “gouverneur met een pluim op zijn hoed de lakens uitdeelde” (p.33).

Poppe maakt zijn goed onderbouwde verhaal levendiger met citaten van Congolese, Belgische en internationale en schrijvers zoals Kabuta Ngo Semzara, Jef Geeraerts en V.S. Naipaul bij verschillende hoofdstukken. Dat maakt het voor een groot publiek leesbaar. Alleen jammer dat hij soms nogal ouderwetse uitdrukkingen gebruikt, zoals ‘de augiasstal reinigen’ (p.48) of ‘hun huik naar de wind hangen’ (p.106).

Betrokkenheid

Je voelt als lezer naast de wetenschappelijke interesse een oprechte betrokkenheid bij Poppe als hij terugblikt op Congo’s leiders die hun land hebben uitverkocht en zich niet bekommeren om het welzijn van de Congolezen. Al trekken die leiders volgens hem maar de lijn van de koloniale periode door, toen België enkel geïnteresseerd was in Congo’s grondstoffen, toch zijn zij er verantwoordelijk voor dat het land vandaag geen staat is die kan zorgen voor zijn bevolking.

Ook de huidige president Kabila heeft nog niets voor de gewone Congolees gedaan, stelt hij. Hij duidt verder het regime in Rwanda aan als medeschuldige voor het niet vervullen van het enorme potentieel van Congo.

Achtergrond

In het tweede deel van zijn boek geeft Poppe achtergrond bij de geschiedenis door bondige samenvattingen te geven van enkele hoofdthema’s, waarbij hij zijn persoonlijke ervaring op het terrein uitspeelt. Hij doet dat soms uitstekend, soms fragmentarisch.

Zijn biografieën over bepaalde hoofdrolspelers in de Congolese geschiedenis zijn interessant, maar het blijft een beperkte selectie. Een uitschieter is het ontluisterende portret van Tshisekedi als ‘loser’, dat veel inzicht biedt in een vaak onderbelichte persoonlijkheid.

Enkele hoofdstukken zitten er nogal los tussen als tussendoortjes. Bij zijn beknopte overzicht van de passage van Belgische para’s, Che Guevara en enkele huurlingen in Congo (‘Rebellen en huurlingen’, p.99) ontbreekt een uitgebreide context en de twee anekdotes over het dagelijkse leven in Kinshasa zijn te korte schetsen zonder veel meerwaarde.

Poppe doet aan minder geslaagde onderzoeksjournalistiek met zijn interview van Albert De Coninck over diens samenwerking met Patrice Lumumba, Congo’s eerste premier. Het gesprek met de man die ten tijde van de Congolese onafhankelijkheid binnen de Communistische Partij van België belast was met internationale betrekkingen, kan relevant zijn maar opnieuw door een gebrek aan context is het voor de minder geïnformeerde lezer moeilijk hier de essentie uit te halen. Hij wijst er bovendien zelf op dat het niet zeker is of De Coninck wel de volledige waarheid spreekt.

Schandalen

Poppe is op zijn best als hij wantoestanden aanklaagt, zowel in België als in Congo. Zijn hoofdstuk over de evolutie van de Belgisch-Congolese relaties is uitstekend gedocumenteerd en rijk aan inside-information over politieke en economische onwil en onkunde. Al trapt hij hier en daar nogal ongenuanceerd na. Bij zijn opinie over het bestuur van het departement Ontwikkelingssamenwerking tot 1990 heeft hij het over ‘een snelle opeenvolging van onbenullen en buitenstaanders’ (p. 153), een populistisch klinkende uitspraak.
Zijn verslag van de Lumumba-commissie in België is rijk en helder, met een vernietigend, maar beter geformuleerd oordeel over het optreden van de commissie: ‘een gemiste historische kans’, want enkel excuses trekken deze zaak niet recht.

Bij de economische plundering door de Congolese leiders als Mobutu maar ook door Belgische internationale bedrijven en internationale misdaadgroepen, gaat Poppe tot op het bot. Zo gaat hij in op de honger van Congolese politici naar dure auto’s en wijst hij zelfs op de diefstal door de Congolese overheid van meer dan duizend fietsen en motoren, door de Wereldbank geschonken aan het onderwijs. Zulke op het eerste gezicht eerder kleinschalige schandalen tegenover de gewone Congolezen halen meestal de geschiedenisboeken niet. Maar gezien hun impact op het dagelijkse leven in Congo, krijgen ze hier de aandacht die ze verdienen.

© CongoForum – Andy Furniere http://www.congoforum.be/ndl/nieuwsdetail.asp?subitem=3&newsid=167607&Actualiteit=selected

*Guy Poppe, De boom waarnaar ze stenen gooien, Meulenhoff/Manteau, 24,95,

*Guy Poppe, Land zonder Staat, Borgerhof & Lamberigts, 24,95,

May 22, 2010 at 1:05 pm Leave a comment


Categories

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Join 1,699 other followers