JEF COECK 1942-2018

Het is mijn droeve plicht het overlijden te melden van vriend en collega Jef Coeck. Jef was een journalist in hart en nieren, een schrijver en taalvirtuoos. Zijn bijdragen aan het Salon van Sisyphus, de internetpublicatie die hij mee hielp oprichten, getuigen van zijn scherpe observatie en trefzekere verwoording.

Jef Coeck hoorde tot een generatie journalisten die de deuren en ramen opengooiden in de toenmalige verzuilde en gezagsgetrouwe Vlaamse media-omgeving: Frans (Sus) Verleyen, Johan Anthierens, Johan Struye, Walter De Bock, Paul Goossens, Piet Piryns, Herman De Coninck en vele anderen waren bij verschillende media voor kortere of langere tijd zijn collega’s. Zijn journalistieke zwerftocht voerde hem via de radio naar Knack, De Morgen en laatst De Tijd waar hij literaire recensies schreef. Hij was freelancer voor onder andere Vrij Nederland, Vara, Humo en IPS.

Hij begon zijn journalistieke carrière bij de radioredactie van de openbare omroep, toen nog BRT. Daar leerde ik Jef kennen als de Midden-Oostenspecialist en hij was mijn mentor bij mijn allereerste reportages in het gebied. Hij liet me gul gebruik maken van zijn vele contacten in Libanon waar hij een tijdlang correspondent was geweest. Daar had hij kennis gemaakt met het drama van de Palestijnen die in 1948 gevlucht waren voor de Zionistische terreur en in Libanon in miserabele omstandigheden in vluchtelingenkampen leefden. Die aandacht voor de andere kant van de Israëlisch-Palestijnse kwestie was nieuw in die jaren en ze werd hem bij de politieke zetbazen van de omroep niet in dank afgenomen. Het resulteerde in de innige vijandschap van onder meer toenmalig Antwerps socialistisch kopstuk Wim Geldolf.

Jef was er de man niet naar om onder politieke druk te beknibbelen op zijn oprechte overtuiging en zijn professionele journalistieke normen en hij ruilde in 1973 de vrij comfortabele positie van omroepjournalist voor het onzekere bestaan van de freelancer. Zijn tocht langs de in die tijd relatief nieuwe media (De Morgen, Knack) verliep niet altijd rimpelloos noch zonder conflicten. Maar voor Jef stonden journalistieke eerlijkheid en het zoeken naar waarheid boven carrièrezucht of zelfs bestaanszekerheid. Zijn belangstelling was ruim: van het Midden-Oosten tot Cuba, literatuur en muziek, maar ook de binnenlandse politiek en journalistiek bleef hij – ook na zijn pensioen – kritisch volgen. Hij zag met lede ogen hoe het Vlaams nationalisme van de bont gekleurde Volksunie vervelde tot de neoliberale en sociaal hardvochtige machtspartij van de Vlaamse nieuwe rijken. Zijn biografie van de veelzijdige en ruimdenkende nationalist Maurits Coppieters bleef helaas onafgewerkt maar krijgt hopelijk nog voltooiing op basis van het vele materiaal dat Jef klaar had voor de laatste hoofdstukken.

Het was geen geheim dat het de laatste jaren met de gezondheid van Jef de verkeerde kant op ging. Toch kwam zijn overlijden nog vroeger dan verwacht en gehoopt. Maar Jef had er vrede mee dat zijn einde was gekomen en hij verkoos een waardig en sereen afscheid boven een pijnlijk gerekte doodstrijd. We verliezen in Jef een gewaardeerde medewerker en criticus van het Salon, de blog waarin hij zijn journalistieke gedrevenheid kwijt kon en waarvoor hij andere getalenteerde medewerkers kon aantrekken. Ik zal bovendien zijn warme vriendschap missen, zijn soms wrange humor, zijn gevatte opmerkingen en zijn bon-mots. Hij laat zijn vrouw Miche, twee volwasssen dochters en een kleinzoon na. Het Salon deelt in hun rouw.

Johan Depoortere

9 april 2018

april 11, 2018 at 3:38 pm 4 reacties

CANNABIS IN DE WINKEL

Eeen cannabiswinkel in Los Angeles

Door Jacqueline Goossens

Staat per staat lijken de VS goed op weg om cannabis te legaliseren. Maar ondanks haar progressieve reputatie hinkt New York op dit vlak achterop. De bestraffing is wel ietwat versoepeld: voor het bezit of gebruik van marihuana riskeer je nu een boete in plaats van gevangenis. Maar als je meer dan 23 gram bij hebt of herhaaldelijk betrapt wordt kun je nog wel weken achter tralies belanden. Nochtans is het kruid goed ingeburgerd in New York. Het valt bezoekers op hoe vaak ze het ruiken tijdens hun wandelingen. Niemand maalt er om.

Toch houdt ook de huidige ‘progressieve’ burgemeester De Blasio vast aan de oude marihuana-wetten. Niet uit bekommernis voor de volksgezondheid maar omdat de politie insisteert dat die wetten nodig zijn als instrumenten voor de orderhandhaving. Ze geven het excuus om controles uit te voeren en te intimideren.  Dat doet de NYDP, zo blijkt uit een recent rapport, vooral in de armere wijken van de stad. Zwarten en latino’s lopen tien keer meer kans om voor marihuana-bezit of gebruik gearresteerd te worden dan blanken, hoewel blanken het kruid niet minder consumeren dan anders gekleurden.

Dit rapport bewoog de New Yorkse gemeenteraad er vorige donderdag toe om een wet goed te keuren die de NYPD opdraagt om elk kwartaal het aantal boetes en arrestaties voor marihuana, per wijk en per ras, te rapporteren.  Hopelijk zal dit de politie aanmanen om zich wat minder als een bezettingsleger te gedragen in de armere buurten.

Tijdens ons recent bezoek aan California zagen we een ander cannabis-beleid. Het kruid is er legaal, je mag zelf zes planten kweken en een voorraad voor eigen gebruik bezitten en zelfs connoisseurs vinden hun gading in de keurige cannabis-winkels, tenminste in de grotere steden. Stel je geen situatie voor zoals de coffee shops-wildgroei destijds in Nederland. Dit is een bovengrondse, gereglementeerde markt, gerund door goed georganiseerde bedrijven. Er zijn al heuse ketens ontstaan zoals Medmen wiens reclame je al op de luchthaven van Los Angeles toelacht en die handig dichtbij die luchthaven een filiaal heeft. Toen we dat bezochten werden we meteen bij de hand genomen door een winkelbediende die ons wegwijs maakte in het duizelingwekkende aanbod. Voor elke kwaal, voor elke stemming was er een cannabis-product voorhanden. Er was zelfs cannabis voor honden.

Op elk product staat het gehalte THC en CBD. Het eerste is psycho-actief, het tweede kalmeert, ontspant de spieren en mildert pijn en misselijkheid. Je kunt het kopen in de vorm van gedroogde bloemen (marihuana), hars (hasj) maar ook koekjes, snoep, chocolade en frisdrank, olie, spray, druppels voor onder de tong en nog veel meer.

Die druppels hielpen voor een goede nachtrust zonder kater achteraf.  Ze bleken ook te werken tegen misselijkheid op kronkelende bergwegen.

Ik zag onlangs een standup comedian die het betreurde dat de legalisering van cannabis de subversieve romantiek van de drugcultuur kapot maakt. De magie verdwijnt, ze werd opgeslokt door de markt. Cannabis werd een product als een ander. Je kunt aandelen kopen in Medmen, het is wellicht een goede belegging.

Het is misschien jammer voor de romantiek maar een minder repressief beleid zoals in California lijkt me een stap vooruit.

 

maart 25, 2018 at 4:47 am 1 reactie

DE LEUGENS VAN HET “MEEST MORELE LEGER TER WERELD”

Het Israëlische leger gaat er prat op het “meest morele leger ter wereld” te zijn. Wat daarmee bedoeld wordt is niet duidelijk: een leger dat geweld schuwt, dat burgerslachtoffers probeert te vermijden, dat de waarheid hoog in het vaandel voert? De feiten vertellen een ander verhaal: bombardementen op woonwijken in Gaza waarbij de bewoners met strooibiljetten gewaarschuwd worden dat ze vijf minuten krijgen om aan dood en vernieling te ontsnappen, moord zonder vorm van protest op Palestijnse militanten, pesterijen en mishandeling aan de talrijke checkpoints , bulldozeren van huizen en olijfgaarden– de lijst is eindeloos. Ook dat van de “waarheid hoog in het vaandel” is een meer dan twijfelachtige claim zoals blijkt uit het onderstaande stuk van Jonathan Cook, de enige buitenlandse journalist die in Israëlisch-Arabisch gebied woont en er verslag uitbrengt.

Door Jonathan Cook

Jonathan Cook woont en werkt in Nazareth, een Israëlisch-Palestijnse stad.

Voor hen die nog steeds geloven dat Israël het meest morele leger ter wereld heeft was het een slechte paar weken. Enkele voorbeelden van recente gevallen waarbij het leger loog over incidenten waarvan Palestijnen het slachtoffer waren:

Een jongen die vreselijk werd gewond door soldaten werd opgepakt en met terreur gedwongen een valse verklaring af te leggen als zou hij zijn gewond in een fietsongeluk. Van een man die van dichtbij werd neergeschoten, daarna afgetuigd door een bende soldaten en voor dood achtergelaten werd beweerd dat hij stierf door het inademen van traangas. Soldaten gooiden een traangasgranaat naar een Palestijns koppel toen die zich met een baby in de armen in veiligheid probeerden te brengen na een militaire invasie van hun dorp.

In het begin van de jaren 2000, toen de sociale media nog in hun kinderschoenen stonden deden de Israëlis het gefilmde bewijs van beestachtig optraden van de soldaten meestal af als “fake.” “Pallywood,” zo werd het genoemd: een samentrekking van Palestijns en Hollywood. In werkelijkheid waren het niet de Palestijnen maar de Israëlische militairen die er behoefte aan hadden om de werkelijkheid in hun voordeel te verfraaien. Recent moesten Israëlische ambtenaren toegeven dat het leger een groep Palestijnse verslaggevers had opgesloten en afgetroefd als onderdeel van het officiële beleid om journalisten te beletten verslag uit te brengen over misbruiken door soldaten.

Mer Khamis diende in Jenin in het Israëlische leger, later probeerde hij via het theater Joden en Palestijnen bij elkaar te brengen. Hij werd – wellicht daarom – in 2011 in Jenin vermoord.

Israël heeft een lange traditie van geschiedenisvervalsing. De jonge Juliano Mer-Khamis, die later één van de populairste Israëlische acteurs werd, kreeg in de jaren 70 de opdracht met een zak wapens deel te nemen aan de militaire operaties in het vluchtelingenkamp van Jenin op de Westelijke Jordaanoever. Als Palestijnse vrouwen en kinderen omkwamen liet hij bij het lichaam een wapen achter. In één bepaald incident vuurden soldaten “spelenderwijs” van op de schouder een raket naar een ezel bereden door een 12-jarig meisje. Mer-Khanis kreeg de opdracht explosieven aan te brengen op de resten.

Dat was vóór de Palestijnen in de late jaren 80 voor de eerste keer massaal in opstand kwamen tegen de bezetting. De toenmalige minister van defensie Yitzhak Rabin – die later door Hollywood werd herschapen in een vredesapostel – riep de troepen op de Palestijnen “de botten te breken” om hun bevrijdingsstrijd een halt toe te roepen. Deze wanhopige en soms zelfvernietigende pogingen van de Israëlis om hun imago op te fleuren leidden hen er onlangs toe om de 15-jarige Mohammed Tamimi in een nachtelijke raid van zijn bed te lichten. Toen ze zijn dorp Nabi Saleh in december vorig jaar binnenvielen schoten soldaten Mohammed in het gezicht. Artsen konden zijn leven redden maar hij moet voortaan voort met een misvormd hoofd en zonder een deel van de schedel. Het tragische lot van Mohammed kwam in de media als nevenbedrijf bij een groter drama. Kort nadat hij was beschoten was op een video te zien hoe zijn nicht, de 16-jarige Ahed Tamimi een soldaat in het gezicht sloeg toen die haar huis binnenkwam. Ahed zit nu in afwachting van haar proces in de gevangenis maar ze was daarvóór al een ikoon van het Palestijnse verzet. Nu is ze ook het symbool geworden van de manier waarop Israël kinderen tot slachtoffers maakt. En dus zetten de Israëlis zich aan het werk om het verhaal een andere draai te geven en Ahed als terrorist en provocateur voor te stellen. Een regeringslid, minister Michael Oren, bleek zelfs een geheim comité te hebben opgezet in een poging om te bewijzen dat Ahed en haar familie in werkelijkheid geen Palestijnen zijn maar acteurs die betaald werden om “Israël er slecht te laten uitkomen.” De Pallywoodmythe op steroïden.

Mohammed Tamimi. Gevallen met de fiets?

Kort daarop kregen de gebeurtenissen nog een andere wending toen Mohammed samen met andere familieleden werd opgepakt, ook al is hij nog zwaar ziek. Hij werd in een cel gegooid waar hij werd ondervraagd zonder bijstand van een advocaat of familielid. Al spoedig kon Israël met een ondertekende bekentenis zwaaien waarin Mohammed verklaarde dat zijn verwondingen niet op het conto van Israël moeten worden geschreven, maar het gevolg zijn van een fietsongeluk. Yoav Mordechai, de hoogste chef in bezet gebied bazuinde het uit als een bewijs van een “Palestijnse cultuur van leugens en opruiïng.” Niet te verbazen dat de Israëlische media er als de kippen bij waren om te laten weten dat Mohammeds verwondingen “fake news” waren.

Ahed Tamimi in een Israëlische militaire rechtbank.

Nu Ahed geen excuus meer heeft voor haar mep in het gezicht van een Israëlische soldaat kan ze door de miliataire rechters achter slot en grendel worden gegooid. Vervelend alleen dat getuigen, telefoonopnames en ziekenhuisdocumenten met inbegrip van hersenscans allemaal aantonen dat Mohammed werd neergeschoten. Dat alles is gewoon een zoveelste aflevering van de Israëliwoodproducties die automatisch alle schuld bij de Palestijnen leggen. Honderden kinderen in de productielijn van de Israëlische gevangenisindustrie moeten elk jaar bekentenissen ondertekenen of strafvermindering pleiten om kortere gevangenisstraffen te krijgen van rechtbanken die in 100% van de gevallen veroordelingen uitspreken. Het is meer Kafka dan Hollywood.

Een ander hallucinant legersprookje werd een paar weken geleden door de waarheid achterhaald. Op bewakingscamera’s was te zien hoe de 35-jarige Yasin Saradih bij een invasie van Jericho van dichtbij werd beschoten en hoe hij vervolgens toen hij gewond op de grond lag onbarmhartig door de soldaten werd afgetroefd en tenslotte werd achtergelaten tot hij ter plaatse doodbloedde.

Yasin Saradih: doodgeslagen en achtergelaten.

Het verhaal is niet uniek. Amnesty International noteerde vorige maand in een rapport dat tientallen Palestijnen die in 2017 werden gedood het slachtoffer lijken te zijn van executies zonder proces.

Vóór de publicatie van de filmbeelden waarop te zien is hoe Saradih aan zijn einde kwam bracht het leger een aantal valse verklaringen naar buiten, onder andere dat hij gestorven was door traangas in te ademen, dat hij eerste hulp had gekregen en dat hij gewapend was met een mes. In de video is niets daarvan te zien. In de afgelopen twee jaar zijn tientallen Palestijnen, ook vrouwen en kinderen, in gelijkaardige omstandigheden doodgeschoten. Het leger verklaart daarbij onveranderlijk dat ze gedood werden omdat ze soldaten aanvielen met een mes – Israël noemt deze periode van onrust zelfs de “mes-intifada.” Gaan de soldaten op pad met een zak messen zoals Mer-Khamis een paar decennia geleden?

Een halve eeuw bezetting heeft niet enkel een generatie van Israëlische tiener-soldaten gecorrumpeerd die hun gang mogen gaan en meester mogen spelen over de Palestijnen. Ze heeft ook een industrie van leugens en zelfbedrog nodig gemaakt om ervoor te zorgen dat het geweten van de Israëlis geen moment wordt verstoord door de twijfel en de gedachte dat hun leger misschien toch niet zo moreel hoogstaand is.

Vertaling door Johan Depoortere

Dit artikel verscheen eerder in The National van 4 maart 2018 en in Counterpunch

maart 15, 2018 at 6:03 pm 3 reacties

BIJ DE DOOD VAN GODS HANDELSREIZIGER

Door Johan Depoortere

Wij verkopen het machtigste product ter wereld. Waarom zouden we we het niet even goed promoten als een stuk zeep?


De woorden zijn van Billy Graham, de beroemde Amerikaanse megapredikant die vorige maand op 99-jarige leeftijd is overleden. Billy Graham was de handelsreiziger van God en wellicht de meest succesvolle ooit, niet het minst gemeten aan de kapitalen die hij in de loop van meer dan een halve eeuw prediken heeft verzameld. De “Billy Graham Evangelical Association” – nu geleid door zijn zoon Franklin Graham – zit op een hoop geld van honderden miljoenen dollar, geschonken door donoren over heel de wereld.

Nog indrukwekkender wellicht is de stempel die Graham op de Amerikaanse politiek van de afgelopen decennia heeft gedrukt. Dat “Religieus Rechts” nu zoveel invloed heeft op het beleid is voor een groot deel aan hem te danken. Hij was de grondlegger voor de politieke rol van de “Evangelische Christenen” en dat mag op het eerste gezicht paradoxaal lijken: Graham predikte zieleheil door persoonlijke redding (“Salvation”) met behulp van Jezus natuurlijk, maar wars van politiek activisme en rebellie. Graham predikte gehoorzaamheid en respect voor het wereldlijke gezag en hij zocht – en vond meestal – de vriendschap van een hele reeeks presidenten – van Eisenhower tot Bush junior en Obama. Zijn zoon Franklin zet de traditie voort en prees de huidige president Donald Trump als “de standvastigste verdediger van het Christelijk geloof die ik ooit heb gekend.”

Franklin Graham op een verkiezingsmeeting van Donald Trump

Billy Graham citeerde graag uit de brief van de apostel Paulus aan de Romeinen:

Iedereen moet het gezag van de overheid erkennen, want er is geen gezag dat niet van God komt: ook het huidige gezag is door God ingesteld. Wie zich tegen dat gezag verzet verzet zich tegen een instelling van God en wie dat doet roept over zichzelf zijn veroordeling af.” (Romeinen 13)

De afkeer van Graham voor wie zich bijvoorbeeld tegen de oorlog in Vietnam verzette had dus zijn grond in de bijbel, al is het ver van zeker dat die passage niet is toegevoegd door Romeinse senatoren met heel andere dan religieuze belangen. Voor Graham was het voldoende om te buigen voor de heersende macht waar ook ter wereld, zelfs als die macht uitging van het goddeloze communisme.

Zo was Graham niet te beroerd om tijdens zijn bezoek aan Moskou in het Regantijdperk de Moskouse politie te prijzen toen die een vrouw had gearresteerd omdat ze een spandoek met een christelijke boodschap had proberen op te hangen. Hij verkoos de door God gewilde autoriteit boven de burgerlijke ongehoorzaamheid van een gelovige. “Regeringen doen het werk van God,” legde hij uit aan zijn toehoorders in Moskou.

Billy Graham met Ronald Reagan

Het product dat Graham aan de man en vrouw bracht was angst, schrijft zijn kritische biografe Cecil Bothwell: vrees voor een wrekende god, vrees voor bekoring, vrees voor communisten, socialisten en vakbonden, vrees voor katholieken en homo’s, vrees voor rassenstrijd en vooral angst voor de dood. Alles wees er volgens Graham op dat het einde der tijden nabij was. De zondige opstand van de mens tegen God leidde tot geweld in de steden, verkrachting en overvallen. De communistische dreiging kan een einde maken aan de vrijheid in de wereld en daarom steunde Graham de hysterische communistenjacht van senator Joe McCarthy. Rassenongelijkheid leidt tot uitbarstingen van haat en geweld vond Graham en daarom verzette hij zich (meestal maar niet altijd) tegen raciale scheiding van het publiek bij zijn massabijeenkomsten, maar weigerde hij tegelijk een duidelijk standpunt in te nemen over de grote kwestie van zijn tijd: de strijd voor gelijke burgerrechten.

Graham met Martin Luther King

Aanhangers van Graham vertellen vandaag graag over zijn beweerde vriendschap met dat andere ikoon van de jaren zestig: Martin Luther King, die ooit zou gezegd hebben dat hij “zonder Billy Graham en diens voorbeeld nooit zoveel had kunnen bereiken.” Maar de boodschap van King stond haaks op die van Graham die de acties van King veroordeelde: demonstraties, sit-ins en marsen zouden alleen tot meer geweld leiden, vond hij. Burgerlijke ongehoorzaamheid was voor Graham zoveel als een opstand tegen de door God gewilde orde. Ook al verzette Graham zich tegen de ergerlijkste  uitwassen van het Jim Crowsysteem in het Zuiden en ook al kreeg hij daarvoor kritiek van de in die jaren machtige Ku Klux Klan, over de rassensegregatie in het Zuiden van de Verenigde Staten sprak hij zich nooit duidelijk en prinicipieel uit: “in de bijbel staat niets over segregatie of desegragatie” zei hij ooit tegen een Zuiderse krant.

I have a dream

Vandaag eisen zowel links als rechts de erfenis op van Martin Luther King en de media verkopen een gesaniteerde versie van de radicale dominee. Ook Barack Obama tooide zich met de mantel van King, maar deed weinig of niets tegen de diep gewortelde achterstelling van zwart Amerika of tegen het racistische politiegeweld. De radicale boodschap van de nagenoeg heilig verklaarde King wordt zorgvuldig onder de mat geveegd. Geen wonder dus dat ook christelijk rechts vandaag zijn populariteit probeert te recupereren. De website “Christianity Today” doet het voorkomen alsof Graham en King dezelfde “droom” hadden voor een Amerika waar blank en zwart zonder onderscheid zouden samenleven. Maar in werkelijkheid stond het wereldbeeld van de megaprediker mijlenver af van dat van de legendarische zwarte dominee. King was méér dan een voorstander van rassengelijkheid. Hij was ervan overtuigd dat het economische systeem van uitbuiting en winsthonger de bron was van racisme, segregatie en apartheid. Daarom riep hij op tot protest en burgerlijke ongehoorzaamheid. Voor Graham waren wetten en gezag door God gegeven en daarom onaantastbaar.

Met Eisenhower

Met Kennedy

Met Nixon

King verzette zich tegen militarisme en oorlog en steunde de massale protestbeweging tegen de oorlog in Vietnam. Graham zegende de troepen die naar Vietnam werden gestuurd en probeerde in het gevlei te komen van de presidenten Johnson en Nixon. Hij spoorde Nixon aan om de dijken in het Noorden van Vietnam te bombarderen, wat tot de dood van een miljoen burgers had kunnen leiden. Bush senior vertelde hoe Graham hem een “messias” noemde die geroepen was om de wereld te bevrijden van Saddam Hoessein, de antichrtist. Billy Graham steunde alle oorlogen onder  alle presidenten van Eisenhower tot Bush junior. Al in 1950 blies Graham de oorlogshysterie aan. Toen Noord-Koreaanse troepen het Zuiden van het schiereiland binnenvielen riep hij in een telegram de toenmalige president Truman op om “de confrontatie aan te gaan met het communisme” en hij bekritiseerde Truman toen die de populaire generaal Douglas McArthur ontsloeg nadat die had opgeroepen tot een invasie van China.

Gods handelsreiziger had méér dan een “machtige boodschap” in zijn valies: hij was ook de gedroomde loopjongen van de wapenhandelaars.

Meer over Gods handelsreiziger:

https://edition.cnn.com/2018/02/22/us/billy-graham-mlk-civil-rights/index.html

https://www.christianitytoday.com/edstetzer/2018/january/celebrating-life-with-great-mission.html

https://consortiumnews.com/2018/02/21/billy-graham-an-old-soldier-fades-away/

maart 5, 2018 at 11:43 am 1 reactie

OPEN GRENZEN!

Tom Ronse

Niemand, ook niet ter linkerzijde, pleit voor open grenzen, lees ik herhaaldelijk in reacties op Bart De Wevers beruchte opiniestuk over migratie. “Misschien dat u hier of daar nog een overjaarse anarchist kan opduikelen maar dat is het dan ook”, aldus Louis Tobback in De Morgen. Noem me een overjaarse anarchist zo u wil maar hier volgt een dissonante noot in dat eenstemmig koor. Een pleidooi voor, onder meer,  open grenzen.

De Wever verwijt links hypocrisie maar hij is zelf hypocriet. Hij beroept zich op de ‘gouden regel’  -behandel je naaste zoals je zelf zou willen behandeld worden- maar voegt er snel aan toe: “Maar hoe nabij moet die naaste zijn?” Hij beweert “oprecht moreel mededogen” te voelen maar … ‘grenzen bakenen onze impliciete solidariteit af’. Mededogen dat stopt aan de grens is een pleidooi om mensen die vluchten voor oorlog en honger te laten verdrinken in de zee en op te sluiten in kampen en gevangenissen zoals nu al volop gebeurt. Het is helemaal geen mededogen. Barts vriendin heet Tina, kort voor “There is no alternative”.  Het verhaal: de harde Francken-politiek is de enige mogelijke, anders ontstaat er een aanzuigeffect dat ons zal overrompelen, dat chaos en sociale afbraak zal veroorzaken. Intussen helpt zijn partij de sociale afbraak organizeren. Uit mededogen met onze eigen landgenoten  ongetwijfeld.

Links replikeert dat er een gulden tussenweg is tussen het cynisch standpunt van De Wever en het utopisch lijkende idee van ‘open grenzen’. Volgens links is er wel degelijk financiële ruimte om een meer sociaal beleid te voeren, om vluchtelingen een menswaardige opvang te geven. Het aanzuigeffect kunnen we bestrijden door  de economische  ontwikkeling te bevorderen in de landen waar de migranten uit wegvluchten, door informatiecampagnes om hen te overtuigen dat hen hier ook alleen maar ellende wacht en door een buitenlands beleid te voeren dat oorlog ontmoedigt in plaats van zoveel mogelijk wapens te proberen verkopen en bommenwerpers naar het Midden Oosten te sturen.

Maar links maakt het er zich al te gemakkelijk van af. Laat ons iets verder kijken dan onze neus lang is naar de trends die de evolutie van de wereld bepalen en dus ook de kontekst van het debat over migratie.

 

Perfect storm

Ten eerste: automatisering. Die dient om arbeidstijd uit te sparen. Het kan dan ook niet anders dan dat veel arbeidspotentieel overbodig wordt. De informatica-omwenteling  integreert en stoot uit. Alles wordt deel van de globale markt, wat we consumeren is het product van een global assembly line. Tegelijk is er een uitstotingsproces: de global assembly line wordt steeds automatischer, steeds efficienter. Miljoenen worden ‘nutteloos’ en hebben niet langer een pre-kapitalistische economie om op terug te vallen. Dit is nu al de realiteit in vele landen in de periferie waar de effectieve werkloosheid meer dan 50 % bedraagt. Wat niet wil zeggen dat die al werklozen niet werken. Als je tien uur per dag aan een kruispunt snoep en sigaretten staat te verkopen heb je ook een zware werkdag.

Ten tweede: een nieuwe, diepe recessie is hoogstens enkele jaren ver. De schuldenberg zal blijven groeien. In het Engels zeggen we: they kicked the can down the road. Ze schopten het blik wat verder de straat op en deden alsof het weg was. De schulden groeien omdat er, globaal genomen, niet genoeg winst wordt gemaakt. Winstpotentieel bepaalt in onze maatschappij wat geproduceerd wordt. De schuldengroei is nodig om de boel draaiend te houden, om de winstmarge te onderstutten. Daarom hebben de financiële autoriteiten op de great recession van 2008 –die zelf door schuldenlast in gang werd getrapt-  gereageerd door vele biljoenen dollars, euros, yens, RMBs, etc. in de banken en grote bedrijven te pompen en door de rentevoet tot bijna nul te duwen. Dat laatste was een cruciale factor in de huidige heropleving (de zwakste weliswaar sinds de tweede wereldoorlog)  want de lage rentekost maakt krediet bijna gratis. Niet voor iedereen natuurlijk.  Maar rijken konden makkelijk rijker worden door spotgoedkoop geleend geld in de beurs te investeren. De regel – lage rente voor de rijken maar hoge rente voor de armen- is logisch, aangezien lenen aan armen een groter risico inhoudt. Dat geldt zowel voor individuen als voor landen. Het is dus ook logisch dat de kloof tussen rijk en arm steeds groter wordt. En dat landen een harde concurrentiestrijd moeten voeren om kapitaal aan te trekken, door hun sociale lasten te verminderen en fiscale premies te geven.

Maar onvermijdelijk komt ook de lage rente van de rijken onder druk te staan.  De spanning tussen de groeiende schuldverplichtingen en de dalende winstverwachting maakt dan een nieuwe inzinking onvermijdelijk.  Omdat de schuldenlast van bedrijven en regeringen nu veel groter is dan in 2008 zal de recessie wellicht dieper zijn.  Hoe ver de kettingreactie van failissementen zal gaan valt moeilijk te voorspellen. Maar zeker is dat, op alle markten, de zwakste concurrenten de hardste klappen zullen krijgen.

Ten derde: klimaatrampen zullen toenemen. Er iets wezenlijks aan doen kost te veel, dat wil zeggen, het is niet winstgevend. Aangezien de economie op winst en concurrentie gebaseerd is, kunnen we niets meer verwachten dan holle verdragen, en windmolens, zonnepanelen en electrische auto’s als pleisters op een etterend been. We weten heel goed dat een drastische globale verandering in productie en consumptie nodig is om te voorkomen dat de levens van miljoenen door klimaatverstoring zullen ontwricht worden maar we kunnen enkel handenwringend toekijken terwijl het drama zich ontvouwt.

Ten vierde: oorlogen zullen niet verdwijnen, integendeel. De ontwrichting, veroorzaakt door economische krisis en klimaatrampen,  schept opportuniteiten voor kleine en grote imperialisten, voor kriminelen, voor war lords en grootmachten. Droogte en overstromingen doen conflicten ontstaan over schaarse middelen.  Massale werkloosheid zorgt voor een overvloedig aanbod van kanonnenvlees.

 

Neem die vier factoren samen en je hebt het recept voor een perfect storm. Een storm die ook in de rijkere landen tot sociale afbraak zal leiden (om de winstmarge te onderstutten, om kapitaalvlucht tegen te gaan) en in de armere landen miljoenen zal doen vluchten. De gelijktijdigheid van de stijgende verarming en de komst van steeds meer migranten zal door rechts worden aangegrepen om het eerste voor te stellen als het gevolg van het tweede. Door het tweede te bestrijden zal men niet alleen de indruk wekken dat men iets doet aan het eerste maar ook kiezers  paaien die voor hun ontevredenheid een zondebok zoeken. Links, zo mogen we hopen, zal dat cynische spel niet meespelen. Maar het zal ook duidelijk worden dat links inderdaad geen alternatief heeft. Linkse regeringen zullen net als rechtse de sociale uitgaven verlagen en hardere maatregelen nemen om migranten buiten houden. Misschien minder extreem, meer druppels plengend op de gloeiende plaat, maar het verschil zal vooral rethorisch zijn. Kijk naar de linkse Syriza-regering in Griekenland, die doet in wezen niets anders dan de rechtse regering die haar voorafging: de bevelen van de kapitaalbezitters uitvoeren.

In Bart De Wevers opiniestuk krijg je de indruk dat die storm nu al woedt. In de filmversie stel ik me Bart voor, rechtstaande in reddingsboot “De Natiestaat”, met zijn roeispaan kloppend op de vingers van de drenkelingen die zich aan de bootrand vastklampen.  Links probeert hem in te tomen, bewerend dat er nog wel degelijk plaats is in de boot. Maar er zijn zoveel drenkelingen… de triage wordt steeds moeilijker. Geen van beiden vraagt zich af wat de storm veroorzaakt.

We zijn eraan gewend dat de economie, net als het klimaat, wordt voorgesteld als een kracht die ons van buitenaf overkomt. Die we wel kunnen proberen manipuleren maar waar we uiteindelijk aan onderworpen zijn. Dat bakent de politieke ruimte af, dat zet de parameters neer van het debat tussen links en rechts. We kunnen slechts doen wat de economie mogelijk maakt om te doen.  Als het slecht gaat, met de economie of het klimaat, kunnen we niets anders dan schuilen, wachten tot het overwaait en een traan plengen voor diegenen die geen schuilplaats vinden. We vergeten dat de economie door mensen wordt gemaakt en door mensen kan worden veranderd. Dat mensen kunnen beslissen om de economie te onderwerpen aan hun noden, in plaats van hun noden te onderwerpen aan de archaische spelregels van de economie. De sociaal-democratische opiumpijp fluistert dat we allebei tegelijk kunnen doen.

 

De fundamentele Tina

Dat is de kern van de zaak: de perceptie dat de huidige manier om aan de menselijke noden tegemoet te komen, de enige mogelijke is. Dat productie en consumptie wel moeten steunen op kopen en verkopen van arbeidstijd en van al de rest. Dat het hoofddoel van de maatschappij niets anders kan zijn dan kapitaal doen groeien, ongeacht de gevolgen voor het welzijn van de mensheid.  Want dat gedrag is ingebakken in de menselijke natuur, zoals  Adam Smith beweerde. Ook al is de door de markt georganiseerde economie nog maar enkele honderden jaren oud en ontstond ze slechts op één subcontinent, toch lijkt ze voor de eewigheid bestemd. Volgens Francis Fukoyama hebben we “het einde van de geschiedenis” bereikt.  Vanaf nu zijn enkel variaties op het vaste thema mogelijk.  Buiten dit kader is er niets, behalve  onefficiente  staatskapitalistische dictatuur. Dat is de ‘Tina’ waar rechts en links voor buigen. De gevolgen moeten we aanvaarden als  “het nieuwe normaal”, ook als een groot deel van de wereld erdoor dreigt te vergaan.

Een onbevooroordeelde buitenaardse bezoeker die onze wereld zou verkennen, zou ons gek verklaren. Hij zou het absurd vinden dat bij ons 81,2 procent van het globale inkomen naar de rijkste 20 procent van de bevolking gaat terwijl de armste 40 procent het met 3,8 procent moet stellen. En dat de rijkste één procent, wiens inkomen even groot is als dat van de armste 53 procent (3,5 miljard mensen), zij die meer bezitten dan wat ze in duizenden jaren zouden kunnen uitgeven, koortsachtig blijven streven naar meer bezit. En dat wij geloven dat die pathologische bezitsdrang noodzakelijk is om de maatschappij in stand te houden.

Hij zou niet begrijpen dat we onze ecologie kapot maken, dat we weten dat we het doen maar niet kunnen stoppen.

Hij zou onbeschrijfelijk veel pijn in onze wereld aantreffen en wat zijn hart zou breken is dat zoveel van die pijn vermijdbaar is.  Dat miljoenen omkomen door geneesbare ziekten, dat miljoenen van honger vergaan terwijl we gigantische hoeveelheden voedsel weggooien, dat miljarden in slums wonen terwijl wij, in plaats van hen huisvesting te geven, steeds meer wapens maken en hele steden verwoesten, dat bij ons de enen zich moeten kapot werken en de anderen gedwongen worden tot niets doen, dat onze economie met overproductie kampt terwijl de ongelenigde noden zo groot zijn…

En de enige uitleg die we hem zouden geven is alweer Tina, there is no alternative, iets anders kunnen we ons niet voorstellen.

 

Imagine

Een wereld zonder geld, zonder oorlogen, zonder criminaliteit, zonder honger, zonder grenzen, een wereld voor iedereen, dat tart de collectieve verbeelding. Alleen Tobbacks overjaarse anarchist gelooft dat het kan. En John Lennon, wiens anthem “Imagine” nog vaak gespeeld wordt. Maar misschien luistert men niet goed naar de tekst:

Imagine there’s no countries
It isn’t hard to do
Nothing to kill or die for
And no religion, too
Imagine all the people
Living life in peace…

Imagine no possessions
I wonder if you can
No need for greed or hunger
A brotherhood of man
Imagine all the people
Sharing all the world…

Is het echt onvoorstelbaar dat we samen, op lokaal en globaal vlak, zouden overleggen wat we maken en er voor zorgen dat niemand op aarde nog honger lijdt of verstoken blijft van ziektezorg, huisvesting en andere nodige voorzieningen, dat het natuurlijk milieu hersteld wordt, en dat we er een prioriteit van maken om produceren zo aangenaam mogelijk te maken?  Dat we dit kunnen zonder geld, zonder grenzen, zonder logge bureaucratie omdat mensen, bevrijd van de dwangbuis van geld verdienen en winst maken, een ongelooflijke creativiteit aan de dag zullen leggen? Dat vele miljoenen die nu hun bestaan als zinloos ervaren er heel veel zin in zullen krijgen?

Daar valt nog veel meer over te zeggen maar misschien heb je al hoofdschuddend geconcludeerd dat mijn visie radicaal, extremistisch  en utopisch is. Radicaal is ze zeker. Het woord komt, zoals Bart DW kan bevestigen, van het latijnse “radix”, wortel. Daar is het inderdaad waar het probleem zit, het volstaat niet om te proberen de rotte vruchten weg te snoeien. Extremistisch? Kijk om u heen: de extremisten zijn al aan de macht.  Utopisch? Is het niet eerder utopisch om te verwachten dat de huidige  maatschappijvorm zich eindeloos kan in stand houden, dat het zijn toenemende contradicties kan bllijven overleven?

Je mag me een dromer noemen, zong John Lennon.

 

But I’m not the only one
I hope someday you’ll join us
And the world will live as one

februari 15, 2018 at 10:22 pm 6 reacties

WAT JE ZEGT BEN JE ZELF

Door Johan Depoortere

De voormalige “Groene” politicus Luckas Vander Taelen is ongelukkig over de manier waarop Joel de Ceulaer in De Morgen van zaterdag 27 januari verslag doet van het debat in de Afspraak, vorige donderdag. Daarin ging Vander Taelen de voorzitter van de Franstalige Liga voor de Mensenrechten, Alexis De Swaef verbaal te lijf. Voor De Ceulaer was dat het zoveelste bewijs dat Vander Taelen “wat migratie betreft de consensus op rechts vertolkt.”

Luckas Vander Taelen, voormalig parlementslid voor Groen en vurige verdediger van de Zionistische apartheidsstaat

Die uitdrukking schoot VDT danig in het verkeerde keelgat. Het is een kwalijke gewoonte van links vindt hij: “ Je zegt of schrijft iets wat tegen een ander standpunt ingaat en je krijgt naar het hoofd geslingerd dat je bij de N-VA hoort.” Nu dat laatste heb ik in het verhaal van De Ceulaer niet gelezen. Vandertaelen bokst dus tegen een stropop. Maar nog merkwaardiger is dat ex-Groene Luckas het argument van “guilt by association” een paar paragrafen verder zelf gebruikt tegen De Ceulaer die zich “op de lijn” zou zetten “van de Brusselse PS of Ecolo, die jarenlang elk geweld hebben gerelativeerd waarbij jongeren van allochtome afkomst betrokken waren.”

Daarmee zit Vander Taelen op zijn overbekende stokpaard. Het is een eeuwenoud en universeel verwijt: links is “soft on crime.” De aanleiding van het “debat” (voor zover in de Afspraak van een echt debat sprake was) vormde het incident op de autowegparking van Groot Bijgaarden waarbij vluchtelingen slaags waren geraakt met de politie. Dat De Swaef de officiële versie in twijfel durfde te trekken levert hem het predikaat van “volleerde jezuïet” op. Ook in zijn repliek gaat Vandertaelen niet nader op de feiten in, wel volgt de loze bewering dat de “getuigenissen van buurtbewoners in Groot-Bijgaarden over agressieve migranten in hun tuinen door de Ceulaer zal (sic) worden afgedaan als racistisch.” Hoe Vandertaelen in het hoofd van De Ceulaer kan kijken is net mysterie van de dag.

Alexis De Swaef, voorzitter van de Franstalige Liga voor de Mensenrechten

Vandertaelen verweet de mensenrechtenadvocaat De Swaef ook dat hij geen “alternatief” immigratiebeleid uit de mouw kon schudden. Maar van een advocaat verwacht je dat hij slachtoffers van alle soorten onrecht verdedigt, niet dat hij een beleidsplan uit zijn hoed zou toveren. Dat is tot nader order het werk van politici (of ex-politici als Vander Taelen) wat niet betekent dat De Swaef – en met hem de mensen die de migranten onderdak verschaffen – geen idee zou hebben over een ander migratiebeleid. Luckas Vander Taelen had bijvoorbeeld kunnen luisteren naar de toespraak van De Swaef op de fameuze betoging die de politierazzia tegen de migranten verhinderde. Daarin stelde hij onder andere voor om de Dublinregeling te hervormen. Dat migranten bij ons vaak geen asiel willen aanvragen heeft ermee te maken dat ze niet naar Italië willen worden teruggestuurd. De Dublinregeling legt overigens een onvevenredige last op de schouders van landen als Griekenland en Italië en ook dat verklaart voor een deel de vluchtelingenproblematiek in de rest van Europa.

Paul Collier, migratiespecialist

Maar op het struk van migratiepolitiek komt de rechterzijde niet verder dan het tot op de draad verslaten TINA- principe: There is no Alternative. Dat is onzin. Kijk naar de talloze rapporten en artikels van experts zoals Leo Lucassen (De Standaard van 27 januari) of Paul Collier in een interview met Knack (29-11-17) en vele anderen. Die zijn het zelden met elkaar eens maar toch klinkt bij deze experts bijna steeds het advies: crëeer toekomstmogelijkheden voor jongeren in de landen van herkomst, organiseer legale en veilige immigratie van beperkte aantallen mensen uit bepaalde landen, en ja versterk de buitengrenzen. Maar dat we op de manier waarop we nu bezig zijn onmogelijk de toestroom van migranten kunnen tegenhouden die armoede en vervolging ontvluchten, daarvan is zelfs Herman De Croo – geen icoon van links – overtuigd. Het tragische is dat een vluchteling op de autoweg moest sterven om ten overvloede het failliet te bewijzen van een beleid dat niets beters weet te verzinnen dan repressie.

Dit artikel verscheen eerder in een licht gewijzigde vorm in de digitale uitgave van De Morgen (31 januari)

februari 1, 2018 at 7:56 pm 1 reactie

BRUSSEL IS CALAIS NIET

Vluchtelingen – ook “transmigranten” genoemd – in het Maximiliaanpark, Brussel

Vluchtelingen in huis opvangen: het is op het eerste gezicht niet vanzelfsprekend. Yoon Daix, één van de initiatiefnemers van het “Burgerplatform voor overnachtingen” vertelde tegen Al Jazeera hoe hij de eerste keer alle keukenmessen verstopte vóór hij zijn Afghaanse gasten ontving. Sindsdien neemt Yoon soms tot acht of méér vluchtelingen op zodat de hele oppervlakte van zijn Brussels appartement is ingenomen door slaapzakken en luchtmatrassen.

Yoon Daix, één van de vrijwilligers die elke avond onderdak en vervoer organiseren voor de vluchtelingen in het Maximiliaanpark.

Zelf hadden we eerst ook wat koudwatervrees. De beloning echter: het leed van de wereld krijgt een gezicht. Vluchtelingen zijn niet langer een categorie, maar jonge mensen met een voor- en achternaam, met een familie en een geschiedenis. Met verhalen die de haren ten berge doen rijzen. Met meer dan 30000 (volgens de organisatie) zijn we nu, gewone burgers die doen wat je van de overheid zou mogen verwachten: verhinderen dat in een rijk land als het onze mensen in de kou op straat moeten slapen, of het nu gaat om “illegalen”of niet. Zelf kan ik bij deze vluchtelingencrisis niet nalaten aan mijn eigen familiegeschiedenis te denken: mijn grootouders zijn met mijn moeder en haar acht broers en zussen ruim vier jaar lang in de Eerste Wereldoorlog grootmoedig opgevangen in het Zuidfranse stadje Graulhet.

Mijn grootouders met negen van hun tien kinderen in 1914, kort na hun aankomst in Graulhet.

Meer dan drieduizend mensen zijn er zondagavond in geslaagd een aangekondigde politieactie tegen de vluchtelingen in het Maximiliaanpark te verhinderen door een menselijke ketting te vormen en het park met een cordon af te sluiten. Het succes van de actie verbaasde zelfs de organisatoren, het “Burgerplatform voor overnachtingen” dat er al maandenlang in slaagt de gestrande vluchtelingen elke avond een warm bed en een maaltijd te bezorgen. Het onverhoopte resultaat van de actie op zondag was te danken aan de medewerking van mensen binnen het politie-apparaat of zelfs de regering en de mobilisatie via sociale media. De berichten op Facebook over het geplande politieoptreden doken minder dan 48 uur op voorhand op. Het volstond om duizenden mensen uit verschillende delen van het land te motiveren om naar Brussel te reizen en deel te nemen aan het verzet.

Zondag 21 januari: een massa van 3000 mensen verhindert met een menselijke ketting de  politierazzia in het Maximiliaanpark

Het Burgerplatform wil met zijn actie in de eerste plaats een schrijnende humanitaire nood lenigen onder het motto dat een beschaafd land mensen niet in de kou op straat laat slapen, of het nu om “illegalen” gaat of niet. Maar de betoging van zondagavond had duidelijk ook een politiek karakter: verzet tegen de migratiepolitiek van deze regering, vooral belichaamd door de NVA-boegbeelden Jan Jambon en Theo Francken. De mantra van dat tweetal is dat “Brussel geen tweede Calais” mag worden. Doordacht beleid wordt hier vervangen door een gemakkelijke slogan die de burger angst moet aanjagen en die harder politieoptreden moet verantwoorden. Theo Francken gaat nog een stap verder en kondigt in onheilspellende bewoordingen een “mogelijke veldslag” aan op de autowegparkings waar transmigranten in vrachtwagens proberen te klimmen om op die manier het Verenigd Koninkrijk te bereiken.

Maar Brussel is geen tweede Calais en het ziet er ook niet naar uit dat het dat in de naaste toekomst zal worden. In het Maximiliaanpark verzamelen zich elke avond zowat 500 mensen – lang niet de 15000 die in Calais een onhoudbare toestand creëerden. En laat het nu net de gewone burgers zijn uit Brussel, Vlaanderen en Wallonië die door hun opvang voorkomen dat de situatie uit de hand loopt. De bewering van minister Jambon, dat de recente beslissing van de regering om Soedanezen voorlopig niet naar hun land terug te sturen voor een “exponentiële toename” van hun aantal heeft gezorgd, steunt nergens op. De spook-Soedanezen lijken als twee druppels water op de spookmoslims die de minister na de aanslagen in Brussel op straat meende te zien dansen.

Staatssecretaris voor migratie Theo Francken herhaalt tot vervelens toe de meme dat hij “de puinhoop” opruimt die door zijn “linkse voorgangers” is achtergelaten. Maggy De Block en Melchior Wathelet als linkse rakkers – het is eens een heel nieuw inzicht. Erger is dat de puinhopen zich net onder het beleid van Francken hebben opgestapeld. Laten we wel wezen: Francken is niet de enige verantwoordelijke daarvoor. Het Belgische en Europese migratiebeleid deugt aan geen kanten met een mislukt spreidingsplan, de schandelijke Turkijedeal, concentratiekampen in Griekenland en doden op zee: een blijvende smet op het Europa dat zich zo graag op de borst klopt over onze “waarden en normen” – onze “superieure samenleving” om het met Gwendolyn Rutten te zeggen. En bijna elke dag opnieuw blijkt de medeplichtigheid van Europa met de slavenhandelaars en folteraars in Lybië, het land dat dank zij onder andere Belgische en Franse bommen nu in de greep zit van krijgsheren en criminelen.

Moeten de grenzen dan open? Geenszins, integendeel: geen enkel land kan zich een ongecontroleerde instroom veroorloven. Dat zou overigens ook de landen van herkomst een slechte dienst bewijzen. Het zijn immers de sterkste en meest ondernemende jongeren – en vaak ook die met de nodige financiële middelen – die hun toekomst in Europa zoeken maar daarmee ook de kansen onbenut laten om hun eigen land vooruit te helpen. De internationaal gerenommeerde migragtiespecialist Paul Collier pleit daarom voor gecontroleerde migratie waardoor bijvoorbeeld Afrikaanse jongeren in Europa tijdelijk ervaring kunnen opdoen en die ervaring na hun terugkeer ten goede laten komen van hun eigen land. Collier wijst (in een interview met Knack) op het voorbeeld van Soedan: er werken méér Soedanese dokters in Londen dan in heel Soedan. Nadat een arm land als Soedan hun opleiding heeft bekostigd worden ze met het vooruitzicht van hoge salarissen naar Engeland gelokt, een regelrechte schande vindt Collier. Zijn besluit: “Wij zouden geschoolde mensen naar Afrika moeten sturen en meer jonge Afrikanen moeten opleiden, op voorwaarde dat ze na hun studie terugkeren.” Uit eigen ervaring weet ik dat de meeste vluchtelingen zich onwaarschijnlijke illusies maken over wat hen in Europa – of het Verenigd Koninkrijk – te wachten staaat. Informatiecampagnes in de landen van herkomst zouden de kandidaat-migranten minstens moeten voorbereiden op de harde realiteit. Misschien het bescheiden begin van een realistischer en humaner nieuwe Europese migratiepolitiek met op termijn legale migratiekanalen.

Paul Collier

Dat we de migratiestroom door wetten en patrouilleboten zullen tegenhouden is een illusie. Zelfs Herman De Croo – geen linkse jongen – is daarvan overtuigd geraakt. Maar door legale, gecontroleerde immigratie in veilige omstandigheden onmogelijk te maken krijgen we wat we nu meemaken: slavenhandel en folteraars in Lybië, duizenden doden op de Middellandse Zee en massa’s jongeren die met de illusie van de hoop op een beter leven door de straten van Europa dolen.

Johan Depoortere

Een kortere versie van dit artikel verscheen eerder in De Morgen

januari 25, 2018 at 12:04 pm 1 reactie

Oudere berichten


Categorieën

Enter your email address to follow this blog and receive notifications of new posts by email.

Doe mee met 1.433 andere volgers