PERVERSIE VAN PRIVACY IN DE BRUGSE POLITIE

De Brugse politie in actie

Een politie-actie in Zeebrugge, afgelopen maandag

(Foto: Hans Snijkers © 2014 Stadsomroep.com)

Door Tom Ronse

Politiegeweld heeft de laatste maand veel beroering gewekt hier in de VS. Politiemoorden in New York  (zie “Ik kan niet ademen”) en Ferguson leidden tot massale betogingen en rellen. Om de gemoederen te bedaren heeft de politie van New York beloofd om haar agenten uit te rusten met “bodycams”. Dat zijn minuscule camera’s, bevestigd op de borst of de pet van de agenten die hun acties filmen.

Dit is natuurlijk geen oplossing voor het structureel probleem dat de oorzaak is van de politiebrutaliteit. De polite treedt harder op omdat de toenemende verarming van een groot deel van de bevolking tot onrust leidt die met intimidatie moet in toom gehouden worden. Vaak komt daar nog een raciaal spanningselement bij (blanke agenten tegen zwarte burgers). Die situatie los je zomaar niet op met bodycams. Wat nodig is, is op de eerste plaats dat de politie ophoudt om zich in de armere wijken te gedragen als de IDF in Palestina; dat de politiekorpsen die in het laatste decennium met de hulp van het Pentagon gigantische arsenalen hebben opgebouwd, demilitarizeren.

Toch zijn die camera’s een grote stap vooruit. Aanklachten tegen agenten worden meestal afgewimpeld, zelfs als er getuigen zijn. Rechters vinden de versie van de politie bijna altijd geloofwaardiger dan die van hun slachtoffers of van omstaanders. Tenzij er foto’s of videobeelden zijn van wat er gebeurde. Als agenten weten dat wat ze doen gefilmd wordt en dat de politie die beelden publiek moet maken in het geval van een betwisting, zal hun optreden vermoedelijk toch iets beschaafder worden.

Zelfs de meest rechtse Republikein zou het niet wagen om een wet voor te stellen die de burgers zou verbieden om politie-optredens te filmen of te fotograferen. Dat acht je slechts voor mogelijk in extreme politiestaten zoals China en Egypte of Noord-Korea. En in Brugge.

Enkele dagen geleden zag ik deze videoclip van Focus/WTV. Het betreft een banaal incident op een terras in de Brugse Smedestraat. Een racist zoekt ruzie, de politie komt ter plaatse. Verder niets. Behalve een gebroken koffiekopje zijn er geen slachtoffers. Een onbenulligheid dus, ware het niet dat de agenten een jongeman die het gebeuren filmde met zijn smartphone het bevel gaven daarmee op te houden. Hij weigerde: “Ik zit hier op een openbare plaats en ik mag de politie in actie filmen”.

Niet volgens de Brugse politie. De agenten dienden klacht in tegen de filmer wegens “schending van hun privacy” en het Brugs politiekorps wil zich burgerlijke partij stellen. Volgens Focus/WTV riskeert de man bovendien “een fikse boete” wegens schending van het auteursrecht. Op welke manier de auteur van het filmje het auteursrecht schendt, legt de journaliste niet uit. Ze heeft ook niets te zeggen als Dirk Van Nuffel, de korpschef van de Brugse politie tegen haar zegt: “Het gaat niet enkel over het goed kunnen functioneren en het respecteren van twee individuele politiemensen maar van het politiewerk in het algemeen”. Een goede journaliste had op zijn minst gevraagd hoe het ‘goed kunnen functioneren’ van de politie in het gedrang komt als haar interventies gefilmd worden. Als de politie zich fatsoenlijk gedraagt, hoeft ze geen camera’s te vrezen.

Wat het incident in de Smedestraat betreft, kan men de politie zo te zien niets verwijten maar het gaat hier blijkbaar om een korps-politiek: de Brugse politie wil geen pottenkijkers. Om ‘goed te kunnen functioneren’ heeft ze schaduw van de anonimiteit nodig.  Nog deze week dreigde een andere Brugse politie-instantie, de politievakbond van ACV openbare diensten, met een rechtszaak wegens schending van de privacy tegen de Brugse stadswebsite Stadsomroep.com (ironisch toch, dat verzet van een groep die “openbare diensten” in zijn naam heeft tegen het openbaar maken van haar ‘diensten’).

Stadsomroep had een foto-verslag gepubliceerd van een politie-actie tegen ‘zwartwerkers’ maandag in Zeebrugge. De politievakbond eist de verwijdering van de foto’s waarop agenten herkenbaar zijn. Uit die foto’s en verklaringen van  ooggetuigen blijkt dat de politie buitensporig geweld gebruikte, schrijft Stadsomroep. “Een van de slachtoffers, die dan nog een toevallige voorbijganger was en helemaal geen door de actie geviseerde zwartwerker, kreeg door een agent de inhoud van een spuitbus pepperspray in zijn gezicht uitgesmeerd, terwijl hij reeds reeds geboeid op straat lag en door 4 agenten onder controle werd gehouden.”

politie brugge 2 CROPPED

Gelukkig is Stadsomroep niet gezwicht voor de politie-druk. De site wil ook niet de gezichten van de agenten met photoshop onherkenbaar maken want “onze fotoreeks toont aan dat enkele specifieke politieagenten hier te ver zijn gegaan. Niet ‘de’ Brugse politie. Door de gezichten van slechte elementen weg te stoppen met photoshop, wordt elk Brugs politieuniform voortaan verdacht en dat kan en mag ook niet de bedoeling zijn.”

Nog een andere politievakbond eist het recht op om, in naam van de privacy, smartphones in beslag te nemen als agenten gefilmd worden. We zijn benieuwd hoe het met het privacy-offensief van de Brugse politie zal aflopen. Wat zij nastreeft, is een geperverteerde vorm van het recht op privacy: het recht op geheimhouding voor hen die in onze maatschappij het exclusieve recht hebben om geweld te gebruiken. Het recht om in privacy voorbijgangers pepper spray in het gezicht te smeren.

 

augustus 30, 2014 at 8:04 am Een reactie plaatsen

GAZA EN DE NOBELPRIJS VOOR DE VREDE

10482852_10204376257146150_4484134095158914074_n

door Walter Zinzen

Over het conflict in Gaza worden, ook in de media , heel wat zekerheden gedebiteerd. Israël heeft het recht zich te verdedigen, is er zo één van. Hamas is een terroristische organisatie die ontwapend en vernietigd moet worden is een andere. Althans , dat vinden ze in Tel Aviv ,Washington en Brussel. Maar de vraag of een bezet volk het recht heeft zich te verzetten en welke middelen het daartoe mag gebruiken hoor je heel wat minder vaak. Zelf ben ik een overtuigd aanhanger van geweldloos verzet zoals Gandhi ons dat geleerd heeft. Maar de werkelijkheid is vaak weerbarstiger dan ons lief is. Dat ondervond ook Nelson Mandela , die in 1963 tot levenslang veroordeeld werd als terrorist. Dat hij dat was daaraan twijfelde geen bewindspersoon in Johannesburg ,Washington of Brussel. Hijzelf gaf het ook ruiterlijk toe. Toch was hij zijn verzet tegen de apartheid geweldloos begonnen. De toenmalige staat reageerde met terreur, maar zo werd het niet genoemd. Het regime had immers het recht zich te verdedigen. Daarop koos Mandela  voor de “gewapende strijd”. Exact dertig jaar na zijn veroordeling kreeg hij de Nobelprijs voor de vrede.‘Terrorisme’ blijkt dus een rekbaar begrip.

1000509261001_2193542556001_BIO-Biography-Nelson-Mandela-Working-Towards-Freedom-SF-HD-768x432-16x9

Nelson Mandel, eerst terrorist later zowat heilig verklaard

Het valt trouwens op dat in het lijstje van Nobelprijswinnaars nog andere ‘terroristen’ terug te vinden zijn, vooral dan uit het Midden-Oosten. De oud-premier van Israël, Menachem Begin, bijvoorbeeld. In 1946 stond hij aan het hoofd van de zionistische militie Irgun. In de ogen van de Britten, die toen nog Palestina bezetten, was dat een terroristische organisatie. Begin gaf het bevel een bomaanslag te plegen tegen het King David-hotel in Jeruzalem. 91 mensen kwamen om, onder hen 17 Joden. 32 jaar later kreeg hij de Nobelprijs voor de vrede omdat hij een historisch vredesakkoord had gesloten met Egypte.

1004708-Menahem_Begin

Menachim Begin, laureaat van de Nobelprijs voor de vrede was ook verantwoordelijk voor het bloedbad in het Palestijnse dorp Deir Yassin waar zijn milities op 5 april 1948 meer dan 240 burgers afmaakten.

Laten we ook Yasser Arafat niet vergeten, de leider van de PLO, de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie. In de ogen van Tel Aviv, Washington en Brussel een onversneden terrorist , vanwege talrijke  vliegtuigkapingen. En vooral omdat hij mede verantwoordelijk was voor de moord op Israëlische atleten in 1972 op de Olympische Spelen in München en opdrachtgever van aanslagen op burgerdoelwitten in Israël. Toch kreeg hij in 1994 de Nobelprijs voor de vrede omdat hij met Israël de akkoorden van Oslo had gesloten.

arafat_nica11656439_355545c

Yasser Arafat,de “terrorist” met wie Israel de Oslo-akkoorden sloot.

De vraag rijst : zal ooit ook een leider van Hamas de nobele vredesprijs ontvangen? Zeker is dat allerminst  want “it takes two to tango”. Mandela kwam De Klerk tegen, Begin Sadat, Arafat Rabin . De Nobelprijs was voor hen allemaal en allemaal hadden ze bloed aan hun handen. Een Mandela bij Hamas of een nieuwe Rabin in Israël zijn evenwel in geen velden of wegen te bespeuren. Hoewel : was het niet Israël dat Hamas bij zijn oprichting in de jaren 70 ondersteunde om op die manier Arafat te verzwakken?

Hoe dan ook : nuance is geboden. Met Hamas valt wel degelijk te praten ondanks zijn antisemitische retoriek, zijn terroristische activiteiten  en veelvuldige schendingen van zowel mensenrechten als het internationale recht, betoogt Willem Staes in MO*. Hij citeert Khaled Meshaal, een Hamasleider die in ballingschap in Doha woont : “We vechten niet tegen de Joden omdat het Joden zijn. We vechten niet tegen andere rassen. We vechten tegen de bezetters. Ik ben klaar om samen te leven met de Joden, met de Christenen, met de Arabieren en de niet-Arabieren. Ik leef echter niet samen met bezetters”.

Zeiden onze eigen verzetsbewegingen tijdens beide Wereldoorlogen niet precies hetzelfde?

——–

http://www.mo.be/wereldblog/gaza-palestina-hamas-quo-vadis-deel-i

Dit artikel verscheen eerder in De Standaard

 

augustus 18, 2014 at 1:25 pm 2 reacties

DE VERGETEN HELDEN VAN DE GROTE OORLOG

Tyne  Cot

Tyne Cot Cemetery in Passendale, het grootste Britse oorlogskerkhof op het continent.

Gekroonde hoofden en verkozen leiders van Europa herdenken met veel klaroengeschal en daverende toespraken het begin van de Eerste Wereldoorlog. Terecht worden de doden herdacht en het was best ontroerend hoe nabestaanden brieven en dagboekfragmenten voorlazen van hen die in Flanders’ Fields, mijn geboortestreek, begraven liggen. Maar ik hoorde geen woord over die andere helden: de dienstweigeraars en de pacifisten die zich vergeefs hebben verzet tegen de waanzin en die daar soms met hun leven voor hebben betaald.

Ze waren de dissidenten van het ogenblik. Toen de oorlogshysterie zich van het land had meester gemaakt en jonge arbeiders zich met duizenden tegelijk gingen melden voor het leger probeerden ze – vergeefs zo zou blijken – de catastrofe af te wenden. Ze kwamen uit alle lagen van de bevolking, maar het waren vooral de socialisten die tot het uiterste probeerden hun kameraden in de rest van Europa te overtuigen niet aan de waanzin deel te nemen. De bekendste was de filosoof en mathematicus Bertrand Russell, kleinzoon van een eerste minister en thuis in de hoogste kringen maar vele anderen die niet konden rekenen op de bescherming verbonden aan een klinkende naam gingen tot het uiterste omdat ze ervan overtuigd waren dat de oorlog alleen maar verliezers zou achterlaten.

James-Keir-Hardie-007

James Keir Hardie

Aan de andere kant van het spectrum: James Keir Hardie, zoon van een Schotse mijnwerker die opgroeide in bittere armoede en zich zelf opwerkte tot parlementslid en leider van de socialisten. Keir Hardie bleef tot het laatste moment hopen dat de arbeiders en hun organisaties hun landen nooit zouden toelaten met elkaar in oorlog te gaan. Samen met zijn vriend Jaurès stelde hij op een congres van de Tweede Internationale in Kopenhagen voor om een algemene staking uit te roepen in elk land dat de oorlog zou verklaren. Toen een Amerikaanse journalist hem vroeg wat het grootste gevaar was voor de 20e eeuw antwoordde hij: militarisme. Tot zijn ontzetting moest Hardie vaststellen dat de kameraden massaal naar de recruteringsbureaus trokken.

Niemand leek bestand tegen de oorlogshysterie die zich van Europa had meester gemaakt. Russell schreef pamfletten en brieven en sprak arbeiders toe in rode gewesten als Schotland en Wales. Toen de leiders van de No-Conscription Fellowship, de grootste organisatie van gewetensbezwaarden, achter de tralies verdwenen nam hij de leiding over. Hij verdedigde gevangen gewetensbezwaarden en hielp hun families tot hij uiteindelijk zelf in de gevangenis terecht kwam. Hij was al lang een doorn in het oog van de militaire en de burgerlijke autoriteiten maar de aanleiding voor zijn arrestatie was een artikel waarin Russell voorspelde dat de Amerikaanse troepen die naar de oorlog in Europa werden gestuurd wellicht gebruikt zouden worden als stakingsbrekers, “een bezigheid waar het Amerikaanse leger in eigen land mee vertrouwd is.”

Bertrand Russell, 1951

Bertrand Russell

Russell was niet de enige high class Briton die de kant van de arbeiders koos en tegen de oorlog ageerde. Charlotte Despard kwam eveneens uit een aanzienlijke familie. Ze was de zus van Sir John French, de opperbevelhebber van de Britse troepen op het vasteland. Broer en zus hielden zielsveel van elkaar maar tussen hun beider politieke en maatschappelijke opvattingen gaapte een kloof zo groot als de Grand Canyon. Hij zat gebeiteld in de Britse militaristische traditie. Zij woonde in de Londense krottenwijk Battersea tussen de arbeiders die ze op geregelde tijdstippen voor een ontspannend weekend meenam naar het aristocratische landgoed van hun ouders. Despard ageerde tegen de oorlog en voor de suffragettes en schuwde daarbij geen gewelddadige confrontaties met de bereden politie.

dbf4918fc7050c9e861f65f3a49bd7c3

Charlotte Despard

Vele tientallen Britten wier namen vergeten zijn verkozen de gevangenis en in sommige gevallen het vuurpeloton boven het slagveld. Terwijl hun leeftijdgenoten zingend en fluitend naar de slachtbank trokken trotseerden ze de hoon en de spot van de super-patriottische pers, het gejoel van vijandige tegenbetogers, de broodroof en de constante aandacht van de inlichtingendiensten. Ook Stephen Hobhouse was een telg uit een aristocratische familie. Hij weigerde de erfenis die een rijke grootgrondbezitter van hem had gemaakt en koos integendeel voor een sober leven als Quaker.

Na een vlammende speech van Keir Hardie op Trafalgar Square, twee dagen vóór Groot-Brittanië ten oorlog te trok, besloot Stephen Hobhouse dienst te weigeren. Samen met 11 anderen werd hij tot dwangarbeid veroordeeld. Hobhouse overleefde zijn gevangenschap, anderen hadden minder geluk en werden geboeid naar het front gevoerd waar ze met de doodstraf werden bedreigd als ze voort weigerden bevelen op te volgen. Slechts dank zij intense lobbying in Londen kon een groep van 50 dienstweigeraars van het executiepeloton worden gered toen ze bij de slag aan de Somme bleven weigeren hun wapens te gebruiken. De dienstweigeraars en de pacifisten hebben de tragedie van de Eerste Wereldoorlog niet kunnen verhinderen.

In de ogen van velen van hun tijdgenoten waren ze zo niet laf dan in het beste geval naïef. Maar wie waren naïef: zij die de waanzin probeerden te voorkomen door dienst te weigeren of de duizenden die juichend en zingend naar de slachtbank trokken om hun leven te laten in een oorlog om de verdeling van de koloniale buit onder de Europese mogendheden? Op de oorlogskerkhoven in Flanders’ Fields zoek je vergeefs naar hun graven. Er zijn geen monumenten voor de dienstweigeraars als Hobhouse of de anti-oorlogsactivisten als Keir Hardie of Charlotte Despard. Zij beseften dat ze aan de verliezende kant stonden, maar vonden het desondanks nodig door te gaan met het protest. Of zoals Russell jaren later schreef: “Ik wist dat het mijn plicht was te protesteren, hoe futiel het ook mocht lijken. Ik was het aan de menselijke natuur verplicht aan te tonen dat zij die niet door de knieën gingen rechtop bleven staan.”

Johan Depoortere

5 augustus 2004

Deze bijdrage verscheen eerder in De Standaard van 9 augustus 2014

Over het verzet tegen de oorlog in Groot-Brittanië: To End All Wars, A story of Loyalty and Rebellion 1914-1918 door Adam Hochschild.

In het Nederlands vertaald als Verzet en Eendracht uitgegeven bij J.M. Meulenhof

Zie ook: http://salonvansisyphus.wordpress.com/2011/06/12/oorlog-om-een-einde-te-maken-aan-de-oorlog/

augustus 11, 2014 at 8:10 am 2 reacties

OPKOMST EN ONDERGANG VAN HET AMERIKAANSE RIJK

 

Anyone who tells you that America is in decline or that our influence has waned, doesn’t know what they’re talking about.

Barack Obama State of the Union 2012

Na de implosie van de Sovjetunie bleven de Verenigde Staten van Amerika als enige supermacht op het wereldtoneel over. Een kwarteeuw later is dat beeld helemaal veranderd. Washington blijft  militair oppermachtig maar moet economisch en politiek nieuwe spelers laten voorgaan.  De rampzalige oorlog in Irak die definitef een einde moest maken aan het Vietnamsyndroom heeft het Amerikaanse prestige een stevige knauw toegebracht, nog gezwegen van de humanitaire catastrofe die er het gevolg van was. In Afghanistan waar Amerika al 13 jaar oorlog voert is het onvermogen van de grootste militaire mogendheid ter wereld gebleken. Straks moet Amerika met lede ogen toezien hoe ondanks reusachtige militaire uitgaven en duizenden doden de oude vijanden terugkeren. Recent blijkt de Amerikaanse onmacht in de conflicten in Oost-Europa (Oekraïne)  en het Midden-Oosten waar Washington er niet in slaagt zijn wil op te dringen of met succes te bemiddelen.  (1)

Fluiten in het donker, dat lijkt dus wel wat Obama doet met zijn uitspraak hierboven. Niets Amerikaanse neergang, zegt hij samen met een hele reeks pundits en beleidsmakers. Maar de discussie over The Great American Decline dateert niet van gisteren: het was al een thema in de presidentsverkiezingen die John F Kennedy aan de macht brachten. Kennedy won, onder andere door de Amerikanen bang te maken met de Missile Gap: Amerika was de bewapeningswedloop aan het verliezen beweerde Kennedy. Later bleek de Missile Gap inderdaad te bestaan, maar dan in het voordeel van Amerika.

Sinds het Kennedytijdperk zijn er bibliotheken over volgeschreven, maar nog komen de Amerikanen er niet uit: is en blijft Amerika een wereldmacht of zit de mot erin en moet Uncle Sam nederig buigen voor de nieuwe economische tijgers uit het Oosten en het Zuiden? De breuklijn in de publieke opinie – of althans onder de academische en intellectuele opiniemakers – volgt grofweg het tracé van de links-rechts tegenstelling, voor zover die termen in de Amerikaanse context toepasselijk zijn. Liberale opiniemakers – de believers – luiden de alarmklok, conservatieven, de non-believers, vinden dat het allemaal wel zo een vaart niet loopt. Met zijn uitspraak in de State of the Union twee jaar geleden plaatste president Barack Obama zich duidelijk in dat laatste kamp.

fareed

Fareed Zakaria

Links van de kloof die de Amerikaanse pundits verdeelt vind je bijvoorbeeld de publicist Fareed Zakaria, volgens het eerbiedwaardige maandblad Esquire, de invloedrijkste adviseur buitenlandse politiek van zijn generatie. Van Zakaria verscheen – niet toevallig in 2008, het jaar van de grote financiële crisis – The Post-American World dat op korte tijd een internationale bestseller werd. Het gaat in dat boek vooral over de rise of the rest, de opkomst van de anderen, waarmee landen als China, India en Brazilië worden bedoeld. Sinds de verschijning van het boek zijn de ontwikkelingen die erin worden beschreven alleen maar versneld en verdiept, zegt de omslagtekst bij de laatste editie. De centrale rol die Amerika in de wereld speelde is verder ingekrompen.

Wat we meemaken, zegt Zakaria, is de derde grote verschuiving in de wereldmacht in de laatste vijfhonderd jaar. Na de opkomst en ondergang van het Britse imperium en de opkomst van de Verenigde Staten als wereldmacht is het nu de beurt aan de VS om zich te beraden over een meer bescheiden rol in een wereld beheerst door de opkomende markten uit het Oosten en het Zuiden. Van politieke hegemon die zijn wil kon opleggen aan de wereld moet Washington vervellen tot een pragmatische bemiddelaar, macht delen en mee de globale agenda proberen te bepalen.

Het is een boodschap die bepaald niet in goede aarde valt bij de generatie denkers en adviseurs die meestal onder de noemer neocon worden gelabeld en die nu net een meer gespierde buitenlandse politiek van Amerika bepleiten. Een aantal neocons, of anti-declinists zoals ze ook worden genoemd, erkennen ten dele de economische oorzaken van de vermeende neergang van de Verenigde Staten: uit de hand lopende tekorten op de begroting en de handelsbalans, afnemende economische macht op het internationale toneel, zwakke positie in domeinen als research and development, onderwijs, investeringen en het produceren van ingenieurs en wetenschappers. Dat is bijvoorbeeld het geval bij Samuel Huntington – beroemd en berucht van de Clash of Civilizations. Maar – zo Huntington – die economische zwakheden zijn juist de aanleiding voor een vernieuwingsbeweging die begonnen is en die Amerika op termijn weer de plaats zal geven die haar toekomt.

Samuel P. Huntington - World Economic Forum Annual Meeting Davos 2008

Samuel Huntington (1927-2008)

Huntington’s optimistische boodschap verscheen onder andere in een bijdrage in Foreign Affairs in 1989 toen de rampzalige gevolgen van de Reagonomics duidelijk werden. Voodo-economics had Reagans vice-president en opvolger George H.W. Bush die politiek genoemd, die hij zelf mee had uitgevoerd. Voor Huntington is het duidelijk: de economische kwalen van het moment waren aan de foute politieke beslissingen van Reagan toe te schrijven, maar – zo luidde het – Reagan had in zijn tweede ambtsperiode al correcties aangebracht en zijn opvolgers zouden de economie weer op de goede weg helpen en het leiderschap van Amerika herstellen. Huntington erkent dat de voorspellingen over de neergang van Amerika hun nut hebben: net door hun alarmkreten zetten de pessimisten politieke mechanismen in werking die leiden tot vernieuwing en herstel. Het zelfvernieuwende vermogen van de Amerikaanse samenleving doet de rest

Van recentere datum is een essay van de bekende neocon Robert Kagan in het tijdschrift New Republic dat vaak een tribune biedt aan de rechtervleugel van de Democraten. Kagan buigt zich over de vraag of de Amerikaanse wereldorde zoals we die sinds de Tweede Wereldoorlog hebben gekend een zaak is van het verleden. En zie: het antwoord is neen. De opkomst en ondergang van een groot rijk is niet in een paar jaar of zelfs een paar decennia beklonken, schrijft Kagan. De Amerikaanse economie heeft al vaker periodes van neergang en depressies meegemaakt, maar is er telkens sterker en robuuster weer uitgekomen en dat zal nu niet anders zijn, is de redenering. Niet alleen economisch maar vooral ook militair blijven de VS op ongenaakbare hoogte.

200px-Robert_Kagan_Fot_Mariusz_Kubik_02

Robert Kagan

Kagan ziet evenwel een groot gevaar: het geroep over de American Decline zou wel eens een selffulfilling prophecy kunnen zijn. Met andere woorden: als de Amerikanen er collectief van overtuigd zijn dat het met hun land de verkeerde kant opgaat dan maken ze de neergang inderdaad onafwendbaar. En hier komt de neocon-aap uit de mouw: de vrees dat het geloof in de onafwendbare neergang voor de Amerikanen een prima excuus wordt om zich te onttrekken aan hun verantwoordelijkheid voor de rest van de wereld en zich te bevrijden van de morele en materiële last die op hen weegt sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog.

tavis-talks
Toenemende armoede onder de Amerikaanse middenklasse

De discussie tussen believers en non-believers speelt zich grotendeels af boven de hoofden van de meeste Amerikanen. Wat Bill met de pet bezig houdt is de decline in zijn eigen levensomstandigheden. De Harvard Business professor Michael Porter vergelijkt het succes en het mislukken van landen niet aan de hand van het BNP (Bruto Nationaal Product) maar van de SPI: de Social Progress Index, die gegevens in rekening brengt over bijvoorbeeld zelfmoord, toegang tot gezondheidszorg en onderwijs, attitudes ten aanzien van immigranten en minderheden, infrastructuur. Hoewel de Verenigde Staten kunnen bogen op het op één na hoogste per capita BNP scoren ze slechts 16e op de SPI. Voor gezondheid komen ze op de 70e plaats, op de 39e voor basisonderwijs. 33 landen doen beter op het vlak van toegang tot water en sanitair en 30 op het stuk van persoonlijke veiligheid. Maar de VS komen op de eerste plaats voor het aantal gedetineerden per hoofd van de bevolking, obesitas bij volwassenen en het geloof in engelen.

queue_21938a

In dat licht bekeken ziet de toekomst er voor de overgrote meerderheid van de bewoners in het rijkste land ter wereld niet bepaald rooskleurig uit. Het afgelopen decennium vloeide 95 % van de toegenomen welvaart naar de rijkste 1% van de bevolking. Niets wijst erop dat die trend in de nabije komst wordt omgebogen. De Amerikaanse democratie staat door de toenemende ongelijkheid onder druk. Chris Hedges, een voormalige topjournalist van de New York Times ziet het somber in: Onze zieltogende democratie wordt vervangen door een robuuste nationale-politiestaat. De elite trekt zich terug achter hekken en veiligheidscamera’s in wijken waar ze toegang hebben tot veiligheid, goederen en diensten die voor de meeste anderen onbetaalbaar zijn. Tientallen miljoenen zullen onder niets ontziende controle in armoede leven. Ziedaar de ware American Decline.

Johan Depoortere

8 augustus 2014

(1) Zie over de veranderende wereldorde de uitstekende bijdrage van Jan Baljauw in deredactie.be

Een versie van dit artikel verscheen eerder ook in deredactie.be

augustus 8, 2014 at 1:07 pm 2 reacties

DE APOTHEKERSWEEGSCHAAL VAN ABICHT

Gaza

Palestijnen in Gaza verzamelen menselijke resten na de zoveelste Israëlische aanval op een school met vluchtelingen onder VN-toezicht.


De Midden-Oostenspecialist Ludo Abicht is de kampioen van het morele evenwicht (Zie De Morgen van 25 juli). Als we Israël veroordelen, aldus Abicht, dan moeten we even streng zijn voor Hamas. Zoals Israël burgerdoelwitten in Gaza bombardeert, zo treft immers ook Hamas met raketten burgerdoelwitten in Israël. Evenwicht in de verontwaardiging, dat is het wat Abicht preekt, de woede doseren op de apothekersweegschaal.

 

dyn003_original_320_480_pjpeg__e65bca304fe5f70e7bff0912e8c06e211

Ludo Abicht

Maar de weegschaal deugt niet. Nog afgezien van het gruwelijk ongelijke scorebord van doden en gewonden is er geen vergelijking mogelijk tussen aan de ene kant een met kernwapens en hoogtechnologisch wapentuig voorzien regulier leger, geruggesteund en gefinancierd door de enige supermacht ter wereld en aan de andere kant een guerrillalegertje zonder tanks, zonder vliegtuigen en zonder geavanceerde luchtafweer. Ludo Abicht is niet de enige die knoeit met de weegschaal en zand in de ogen strooit met het valse evenwicht. Ook Barack Obama – de president van de “Verandering” en de “Hope” – en vrijwel alle westerse leiders verschuilen zich achter de morele balans om na te laten de Israëlische agressie te veroordelen en stilzwijgend toe te kijken hoe in Gaza de burgerbevolking wordt gedecimeerd.

Moeten we verontwaardigd zijn over de raketten die Hamas richting Israël stuurt? Allicht. Moeten er Israëlische burgerslachtoffers vallen? Natuurlijk niet. Elke dode en elke gewonde in dit conflict is er één teveel. Maar laten we de verhoudingen in acht nemen. Of we dat leuk vinden of niet, Hamas is de wettige vertegenwoordiger van de Palestijnse bevolking in Gaza, via democratische verkiezingen aan de macht gekomen. Hamas is de verzetsbeweging die Israël mee in het leven heeft helpen roepen met de bedoeling de macht van de PLO te breken. Zoals elke verzetsbeweging kiezen Hamas en de andere Palestijnse organisaties hun middelen in de strijd tegen de bezetting en die middelen zijn niet altijd fraai. Maar in het verleden is herhaaldelijk gebleken dat onderhandelen met Hamas en het bereiken van een akkoord mogelijk is. De Israëlische regering wil van geen onderhandelen horen en kiest voor de militaire aanpak, overigens een heilloze weg zowel voor de Palestijnen als voor Israël zelf. Zie onder andere Daniel Barenboim in The Guardian van 24 juli 14.

Vanuit onze veilige en comfortabele Westerse luie of Academische stoel kunnen we de daden van het verzet betreuren of contra-productief of zelfs misdadig vinden. Maar wat doen wíj om een einde te maken aan bezetting en blokkade door onze bondgenoot Israël? Waar blijft óns protest tegen de uithongering van Gaza door Israël in “vredestijd”? Wat hebben we van Elio di Rupo gehoord behalve wat vroom gemummel over het “disproportioneel geweld” en de “legitieme veiligheidsnoden van Israël?” Waar is het protest als Israël keer op keer de bestanden met Hamas en het verzet schendt en Gaza binnendringt om vermeende Hamasleiders zonder vorm van proces te vermoorden? Wie springt in de bres om de “legitieme veiligheidsnoden” van de Palestijnen in Gaza en op de Westbank te verdedigen? Waar blijft de verontwaardiging van de grootste Vlaamse partij?

_76498402_023272199-1ed

Israel was tot 17 keer toe verwittigd dat in deze school vluchtelingen zaten onder bescherming van de VN. “Collateral damage?”

Resolutie 3013 van de Verenigde Naties (1973) stelt: “de strijd voor zelfbestemming van volkeren onder koloniale en vreemde overheersing en onder racistische regimes is legitiem en in overeenstemming met het internationale recht.” Hamas verzet zich tegen een situatie van bezetting en kolonialisme. Wie de verdrukker en onderdrukte onder dezelfde morele noemer plaatst kiest in feite voor de verdrukker. Zou Ludo Abicht het in zijn hoofd hebben gehaald om het ANC van Mandela met dezelfde morele maatstaf te beoordelen als de blanke minderheid die het Apartheidsregime in stand hield? Toch vindt hij dat Hamas op dezelfde manier moet worden beoordeeld als de regering van zionistische ultra’s als Netanyahu en Lieberman.

Israël, niet Hamas zit in het westers, ons kamp. Op Israël hebben we invloed, op Hamas veel minder. Daarom hebben wij het recht en de verdomde plicht om deze bondgenoot onder druk te zetten om een einde te maken aan het geweld. Maar daar houdt het niet bij op. De vrome vredeswensen van predikers als Abicht en de leiders van de Westerse wereld zijn waardeloos zolang we onze steun blijven geven aan een racistische en agressieve ideologie die in naam van de mythe van de “terugkeer” voor één bevolkingsgroep exclusieve rechten op grond en water opeist. “Vredesonderhandelingen” tussen kolonisten en gekoloniseerden zijn tot dusver niet méér gebleken dan een rookgordijn waarachter méér grond wordt gestolen, méér waterbronnen worden afgeleid, méér olijfgaarden en woningen worden gebulldozerd, méér apartheidswegen worden aangelegd en apartheidssteden worden gebouwd, méér veroordelingen van de internationale gemeenschap worden genegeerd.

israelische muur

Dank zij de Apartheidsmuur ging nog meer Palestijns gebied naar Israël

Ook de “tweestatenoplossing” is intussen niet méér dan een luchtkasteel gebleken. Voor een Palestijnse staat op wat rest van het historische Palestina is er domweg niet genoeg grondgebied over. De Oslo-akkoorden beloofden de Palestijnen de teruggave van de Westbank en Gaza: 22% van het land dat ze vóór 1947 bewoonden. Maar die belofte werd nooit nagekomen. Integendeel na Oslo verdubbelde het aantal zionistische kolonisten in de bezette gebieden. In 2000 deed toenmalig premier Ehud Barak een genereus voorstel: de Palestijnen zouden 80% van de Westbank en Gaza terugkrijgen: de bezette gebieden met aftrek van de kolonies die intussen een gordel van apartheidssteden hadden gevormd om Jeruzalem. Maar ook die belofte ging niet door. Door de bouw van de Apartheidsmuur onder Ariel Sharon ging nog een deel van het historische Palestina voor de bewoners ervan verloren. Sharon deed een nieuw “genereus voorstel,” te nemen of te laten. De Palestijnen konden dit keer een “staat” oprichten op “42% van de 80% van de 22% van 100% van hun historische thuisland. “ 1 Intussen zijn we twaalf jaar en vele honderden “nederzettingen” (Apartheidssteden op de Westbank) verder.

De dromers die geloven in een tweestatenoplossing brengen de vrede geen stap dichterbij, maar werken mee aan de verdere zionisering van het land. Het obstakel voor de vrede is niet de onwil van de Palestijnen om Israël te erkennen, noch de halsstarrigheid van de Zionistische hardliners in Israël, maar de ideologie van etnische suprematie die in Israël zoveel is als staatsgodsdienst. Het is een ideologie die vloekt met de humanistische Joodse tradities en met de normen van de beschaafde samenleving. “Een historische vergissing die” zoals een Palestijnse mensenrechtenadvocaat me ooit met grote stelligheid verklaarde, “op de vuilnisbelt van de geschiedenis zal terechtkomen,” net zoals de vergelijkbare ideologie van de blanke minderheid in zuidelijk Afrika.

Marwan Barghouti, a prominent leader of the Palestinian uprising, enters court

Een Midden Oosten waar Joden en Palestijnen in een bi-nationale staat samenleven: het lijkt verre toekomstmuziek, maar het is een idee dat veld wint zowel bij radicale Palestijnen als de gevangen populaire leider Marwan Barghouti als bij Joodse critici van het Zionisme in Israël en de Verenigde Staten (wijlen de historicus Tony Judt was één van hen). Hoe zo een bi-nationale staat eruit moet zien zal in de toekomst blijken2. Eén mogelijkheid is dat Israël de bezette gebieden annexeert waarna Palestijnen kunnen strijden voor gelijke rechten als die van de Joodse inwoners van het land. Het Belgisch model als het ware: met regionale en federale regeringsniveaus. Dat is niet voor morgen: de zionisten zijn als de dood voor de demografische tijdbom waardoor ze binnen eigen land een minderheid zouden worden, net als de blanke minderheid in Zuid-Afrika. Maar het alternatief is nog decennia van uitzichtloos geweld, van bezetting en apartheid. Het wachten is op een Israëlische De Klerk en een Palestijnse Mandela.

Johan Depoortere 24 juli 2014

1Jonathan Cook, “Disappearing Palestine” 2008

juli 31, 2014 at 2:31 pm 15 reacties

“IK KAN NIET ADEMEN!”

eric memorial 3

Tom Ronse

In vergelijking met wat in Gaza, Syrië en Oekrainië gebeurt, was het een klein drama. Maar het gebeurde in mijn eigen omgeving, op een plaats waar ik vaak passeer. En wat dichtbij plaatsgrijpt, grijpt nu eenmaal sterker aan. In essentie was het niet anders dan de slachting in Gaza, zij het op op veel kleinere schaal: een overweldigende macht vermoordde onschuldig leven.

Op vijf minuten wandelen van bij ons, aan de noordkust van Staten Island, New York, ligt een klein driehoekig parkje dat druk gebruikt wordt. Rond het park zijn er goedkope winkels en restaurantjes, een taxibedrijf, grote bushaltes, een galerijtje, schoonheidsalons, een pruikhandel, een boek-café. Aan de rand van het park staat een standbeeld voor gesneuvelden in de burgeroorlog. Er ligt een rots met een koperen plaat op die vertelt dat dit de plaats was waar de eerste Europeanen die hier in de vroege 17de eeuw toekwamen, vers water kwamen opslaan. Er is een fontein die zelden werkt. Daarrond staan banken waarvan de meeste bezet zijn door de vaste klanten van Tompkinsville Park. Mannen die er veel ouder uitzien dan ze zijn. Mannen die te vaak alcohol en te zelden zeep gebruiken. Mannen die door de vloer zijn gezakt. De laatste jaren hebben we hun aantal zien stijgen. (De werkloosheid mag dan wel dalen volgens de officiële cijfers maar de tewerkstellingsgraad –het deel van de bevolking dat effectief werkt- daalt sneller). Sommige omwonenden kloegen dat hun groeiende aanwezigheid de sfeer in het park verpeste. Toch was de sfeer er eerder gezapig dan bedreigend. Kinderen speelden in het park, kantoorbedienden aten er hun lunch. Natuurlijk brak er wel eens een ruzie uit tussen vaste klanten. Maar voor het tot klappen kon komen, was er een obstakel waar de kemphanen niet omheen konden: Eric Garner.

Eric was een grote, zwarte man van 43 die bijna 200 kg woog. Een van zijn bijnamen was “Gentle Giant”. Hij gebruikte zijn gewicht om konflikten in de kiem te smoren maar was zelf nooit gewelddadig. Een kennis die aan het park woont zei me dat Eric de vriendelijkste van alle vaste parkbezoekers was. Omdat hij Eric vaak de vrede in en rond het park zag beschermen, noemde hij hem ‘de burgemeester van Tompkinsville Park’.

Eric en zijn vrouw Esaw

Eric en zijn vrouw Esaw

Eric had nog een andere bijnaam: “the cigarette man”. Hij verkocht losse sigaretten, aan 50 cent per stuk. Dat is een van de vele spitsvondige manieren waarop mensen die uit het officiele arbeidscircuit zijn gestoten proberen te overleven. Ze kopen sigaretten buiten New York waar de taksen lager zijn en verkopen ze met een kleine winst in de stad (waar een pakje van twintig twaalf dollar kost). Dat is illegaal. Eric was al meer dan eens betrapt, gearresteerd, beboet en anderzijds lastig gevallen. Hij had een klacht neergelegd tegen de politie omdat die hem in het openbaar aan een vernederende ‘cavity search’ (lichaamsholte-onderzoek) zou onderworpen hebben.

Hoe het begon

Hoe het begon

Donderdagnamiddag 17 juli gingen een jonge zwarte en een Mexicaan op de vuist op het voetpad langs het park. Opnieuw was het Eric die tussenbeide kwam en de heethoofden scheidde. Intussen had iemand de politie gebeld. Toen die arriveerde, waren de gemoederen al bedaard. De vechters hadden de plaat gepoetst. Daarop besloot de politie om dan maar Eric te arresteren. Die protesteerde dat hij niets mispeuterd had. “Telkens als jij me ziet wil je mij pesten”, zei hij tegen een van de agenten, “Ik ben het beu. Dit stopt vandaag.” Hij wou zich niet laten boeien. Een flik die achter hem stond nam hem in een wurggreep. Met zijn vieren sleurden de agenten hem tegen de grond, duwden zijn hoofd tegen het plaveisel. “Ik kan niet ademen!” kreunde Eric. Hij zei het zes keer en dan werd hij stil. Ramsey Orta die erbij stond, filmde alles met zijn gsm. “Ze wurgden hem”, zei Orta, “er kwam schuim uit zijn mond.” Iemand anders filmde het vervolg. Zeven minuten lang stonden de agenten rond het roerloze lichaam zonder enige hulp te bieden. De agent die Eric gewurgd had, wuifde naar de camera. In het hospitaal kon men enkel constateren dat Eric dood was.

garner choked

De filmjes gingen ‘viraal’, zoals dat heet. Bill De Blasio, de nieuwe burgemeester van New York, had ze ook bekeken en beloofde een onderzoek. De beelden hadden hem “heel droevig” gemaakt zei hij, zo droevig dat hij zijn vacantie in Italie met een dag uitstelde. De Blasio won de verkiezingen met de belofte om de kloof tussen rijk en arm in New York te verkleinen en een einde te maken aan de misbruiken van de politie. Maar hij koos als politiechef William Bratton die de post al eerder had bekleed onder burgemeester Rudy Giuliani. Bratton was de architect van Giuliani’s “zero tolerance”-beleid dat de politie ongebreidelde autoriteit gaf om arrestaties te verrichten. eric memorial  poster

Zijn opvolger Kerry voegde daar “Stop-and-Frisk” aan toe. Die maatregel hield in dat dagelijks duizenden NewYorkers tegengehouden en gefouilleerd werden door de politie. Bijna al diegenen die geviseerd werden, waren jonge, niet-blanke mannen. Als ze bijvoorbeeld een joint op zak hadden, werden ze aangehouden. Daarvoor was zelfs geen joint nodig. Het vage ‘disorderly conduct’ volstond als excuus om naar willekeur te arresteren. Het leidde tot overbevolkte gevangenissen en in de armere buurten, waar de meeste Stop-and-Frisk-acties plaatsgrepen, het gevoel alsof de buurt zelf een gevangenis was.

‘Stop and Frisk’ wordt nu geleidelijk afgebouwd. Maar in de dood van Eric Garner zien velen een bevestiging dat er in essentie niets veranderd is in de NYPD. Sinds zijn dood hebben velen getuigd op Facebook en in andere ‘sociale media’ over recente incidenten van geweldpleging en vernedering door de politie. De wurggreep die Eric het leven kostte is een verboden maneuver voor agenten van de NYPD, precies omdat er al arrestanten door omkwamen. Toch waren er de laatste 5 jaar meer dan 1000 klachten tegen agenten die dat verbod zouden genegeerd hebben. Voorlopig kreeg geen enkele agent een ernstige straf.

eric-cropped

Op zaterdag, twee dagen na Erics dood, waren er meetings en protestbetogingen in Harlem en Staten Island. Met de laatste heb ik meegelopen en meegeroepen. Ze was stevig ingekaderd door locale politieke en religieuze leiders, met als master of ceremony de flamboyante linkse dominee Al Sharpton. Voor de kerk waar de betoging vertrok braken er felle discussies uit. Sommigen wilden spreken over de bredere context, over de massale opsluiting van jonge zwarte mannen, over racisme en ongelijke kansen, over Gaza… Anderen stelden dat het enkel over Eric mocht gaan. Een van hen trok een poster van de muur waarop stond: “From Gaza to Staten Island, killing innocent people is a crime”. Dat gebeurde toen de betoging langs de plaats van de moord passeerde, waar bloemen lagen en kaarsen brandden en teksten hingen en wat losse sigaretten waren uitgestrooid ter nagedachtenis van de cigarette man. Maar later, aan het politiegebouw waar de betoging eindigde, werd er eensgezind gescandeerd: “I can’t breathe!”

Dat ging over Eric. Het waren zijn laatste woorden. Maar het ging ook over meer. Een bord dat tussen de kaarsen lag op de plaats van de moord drukte het goed uit: “ NYPD: “I CAN’T BREATHE”/ STOP THE WAR ON THE POOR / The NYPD never choked a banker”.

i can't breathe

“Ik kan niet ademen”. Het trof me hoe toepasselijk die slogan vandaag is in heel de wereld. Is het niet dat wat de bevolking van Gaza de Israelische staat toeschreeuwt? Ik kan niet ademen. Is dat niet wat meer en meer mensen voelen in een maatschappij die geen ander antwoord lijkt te hebben op haar groeiende spanningen dan meer repressie en controle, meer politie, meer raketten, meer drones, meer camera’s, meer gas-boetes, meer arrestaties? Ik kan niet ademen!

eric memorial 2

http://www.youtube.com/watch?feature=player_embedded&v=pvATEjsf41g

juli 29, 2014 at 6:05 am 5 reacties

Gaza : oorlog met de O van Oslo

Ben Goerion verklaart Israël onafhankelijk. Boven hem de foto van Theodor Herzl, uitvinder van het Zionisme.

Ben Goerion verklaart Israël onafhankelijk. Boven hem de foto van Theodor Herzl, uitvinder van het Zionisme.

 

door Lucas Catherine
Dit is de derde Gaza-oorlog.

Wie terug wil gaan in de tijd om die oorlog te duiden, dat is toch wat journalisten in onze media doen of zouden moeten doen, moet terug naar 1948 toen in Palestina door Oost-Europese joden de koloniale staat Israël werd opgericht. Want de meeste vluchtelingen in Gaza werden toen verdreven uit stadjes en dorpen die nu in Israël liggen. Uit Ramla, Beersheba, Ashkelan (dat nu Ashkelon heet), Isdud (herbevolkt door joden in 1957 en herdoopt tot Ashdod) of Najd (herbevolkt in 1951 en herdoopt tot Sderot). Zij waren de autochtone bevolking. Sommige van die steden worden nu vanuit Gaza beschoten door zonen van vluchtelingen, door de autochtonen dus die door de kolonisten werden verdreven. Zij beschieten de geboortegrond van hun vader uit wraak omdat zij er niet mogen naar terugkeren, terwijl nieuwe joodse immigranten, zeg maar kolonisten, er zich wel mogen vestigen. Hun manier om hun Palestijns ‘recht op verdediging’ waar te maken.

Maar zover mag je niet terug in de tijd. Volgens de heersende consensus in het establishment en in de media mag je hoogstens terug gaan tot 1967, toen de joodse koloniale staat de rest van Palestina heeft bezet. En toen er, na het Palestijns verzet uit de jaren 1920 en 1930 nog maar eens een Palestijns Verzet ontstond, overkoepelt door de PLO (Palestine Liberation Organisation). OK, ik wil gelezen worden en hou mij aan die regels. Meer zelfs, ik ga zelfs ‘maar’ terug tot 1993 en dé oplossing van de Palestijnse kwestie die toen in Oslo uit de mouw van de grootmogendheden werd geschud: twee staten en een Palestijnse Autoriteit die de Palestijnse staat zogezegd zou waarmaken.

Wat gebeurde er echter?
De PLO had toen – merkwaardig voor een politieke en militaire verzetsbeweging uit die jaren – een heel democratische structuur. De enige democratie in het Midden-Oosten, met een regering gecontroleerd door een parlement waarin meer dan 10 verschillende partijen zetelden, maar ook nog eens het hele middenveld. Met daarin de geneesheren-, de ingenieursverenigingen, de studenten, de artiesten, de vakbonden, de vrouwenorganisaties, noem maar op. Die PLO vertegenwoordigde alle Palestijnen: die op de Westbank en in Gaza, maar ook de vluchtelingen in Jordanië, Libanon, de Golf…, en niet te vergeten de Palestijnen in Israël.

Oslo heeft die democratische structuur opgedoekt en vervangen door de Palestijnse Autoriteit, die – en dit was een voorwaarde die Israël oplegde – enkel nog de Palestijnen op de bezette Jordaanoever en in Gaza mocht vertegenwoordigen. Of beter, er een erg beperkt zelfbestuur mocht over uitoefenen dat neerkwam op zichzelf bewaken onder Israëlische bezetting terwijl Israël zelf ongehinderd kon verder koloniseren. De ‘president’ Mahmoed Abbas kreeg zelfs een leger, ‘veiligheidstroepen’ opgeleid, gecontroleerd en gefinancierd door de VS. Troepen die samenwerken met het Israëlische leger en de Israëlische geheime dienst Shin Beth. Wat de Palestijnse academicus en voormalig lid van het Israëlisch Parlement, Azmi Bishara de uitspraak ontlokte: ‘Vroeger zouden we dat collaborateurs hebben genoemd, nu moeten wij ze onze vertegenwoordigers noemen. ‘Die Palestijnse Autoriteit werd voor haar voortbestaan compleet financieel afhankelijk gemaakt van de VS en van Europa. Israël daarnaast ontrok zich volledig aan zijn verplichtingen als bezettingsmacht (volgens internationaal recht en de Conventies van Genève) dat het infrastructuur van bezet gebied moest onderhouden: wegen, scholen, ziekenhuizen etc… Die factuur betaalde en betaalt niet de bezetter, maar de Europese Unie.

Op de Westelijke Jordaanoever ontvangt een op vier Palestijnen zijn wedde van de PA. In de stad waar die Autoriteit zetelt, Ramallah is een grote economische luchtbel ontstaan met een middenklasse die een derde intifadah niet direct ziet zitten. Teveel te verliezen. Max Blumenthal beschrijft het zo: “De neoliberale donor-economie fungeert daarbij als een laboratorium, waar geëxperimenteerd wordt met het onderkoelen van het Palestijns Verzet.” En dat lukt aardig met Abbas & C°. De PA is ondertussen gedegenereerd tot een Arabisch regime als een ander: corrupt, autoritair, zonder respect voor zijn burgers.

Wie voorlopig niet wil buigen, of toch niet te diep is Hamas. En daar gaat deze oorlog om. Bedoeling is niet om Hamas uit te schakelen, maar te verzwakken. De organisatie heeft al twee maal ingebonden na de vorige Gaza-oorlogen. Nu moet het echt buigen, maar niet verdwijnen. Het spook van Isis en andere jihadisten waart door het hoofd van de Israëlische bezetter. Neen, als het even kan moet Hamas een ‘islamitische versie’ van Mahmoed Abbas & C° worden en de openluchtgevangenis daar onder controle houden. En daarvoor zijn alle middelen goed, ook buitenproportionele terreurbombardementen. Hoe meer buiten proportie en hoe meer doden, des te sneller zal het doel bereikt worden, redeneert Israël.

 

Naïm Khader, eerste Palestijnse ambassadeur in de EU. Vermoord.

Naïm Khader, eerste Palestijnse ambassadeur in de EU. Vermoord.

Die verloedering van het officiële ‘verzet’ onder de Palestijnse Autoriteit is ook in de diplomatie te merken. Als je de manier van werken, de inzet en de ideeën van de eerste Palestijnse ambassadeur in België, Naim Khader (vermoord in Brussel in 1981) vergelijkt met die van de huidige ambassadeur, Laila Shahid ( dochter uit een van de grootste families van Palestijnse notabelen) kan je dezelfde verloedering vaststellen. Mevrouw wil zelfs niet meer samenwerken met het Palestina-komitee, en met Palestijnen die ‘geen eerbied hebben voor hun ambassadeur maar vervelende vragen stellen.’ Ze frekwenteert liever “M’as-tu vu-salons” en soft-zionisten als Simone Susskind, waar ze bij de laatste verkiezingen, tegen alle diplomatieke regels in opriep om voor te stemmen.

Oslo heeft ook binnen de Europese Unie er voor gezorgd dat de houding steeds meer in de richting van haast onvoorwaardelijke steun aan Israël evolueert. Het Palestijns verzet tegen de kolonisatie krijgt geen aandacht.
Op 13 juni 1980 kreeg Israël nog een flinke veeg uit de pan in de Verklaring van Venetië door het toenmalig Europa van Negen: ”De Negen memoreren dat Israël aan zijn sedert het conflict van 1967 territoriale bezetting een einde dient te maken. Zij zijn er vast van overtuigd dat de Israëlische nederzettingen een ernstige belemmering vormen voor het bereiken van vrede in het Midden-Oosten. De Negen zijn van mening dat deze nederzettingen en de verandering van bevolkingssamenstelling in strijd zijn met het internationale recht.”
Nu, in 2014 wordt de Israëlische visie principieel goedgekeurd. Of zoals Israel Today het op 24 juli 2014 formuleerde: “Israël was aangenaam verrast…Het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken prees in zijn verklaring ‘de oproep van de Europese Unie tot ontwapening van de terreurorganisaties in de Gazastrook en de demilitarisering van Gaza. Deze EU-verklaringen zijn volledig in lijn met de visie die Israël leidt in de strijd tegen het terrorisme’.”

Of Hamas door de knieën zal gaan weten we nog niet. Maar de Palestijnen?
Niet als je Hanien Zuabi (de eerste Palestijnse vrouw in de Knesset, namens de Palestijns-nationale Balad-partij) bezig hoort:
“Wat wij moeten zien te bewerkstellingen is dat het Israëlisch-Palestijnse conflict niet langer bezien wordt vanuit de invalshoek van de bezetting van 1967. Impliciet begrijpen alle Palestijnen dat het Israël en de Palestijnen draait om een conflict met een racistisch koloniaal project, dat op noties van etnische zuiverheid gestoeld is… We moeten met onze eis tot ‘volwaardig burgerschap’ in Israël de morele en politieke legitimiteit van het zionistische project ondermijnen en het tot zijn werkelijke status van een racistische, koloniale onderneming degraderen.”

Dus misschien toch nog voor betere duiding en begrip terugkeren tot 1948, lang voor Oslo?

 

juli 25, 2014 at 1:35 pm 1 reactie

Oudere berichten


Categorieën

  • Blogroll

  • Feeds


    Volg

    Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

    Doe mee met 652 andere volgers