Was het nu Pasen of Kerst?

Wallpaper Pasen 2014

ZIEHIER EEN PAASPLEISTER
GEHEEL OPGETROKKEN UIT
DE KITSCH VAN PASEN ZELF

april 20, 2014 at 9:08 am Een reactie plaatsen

Exit Gabriel

Gabriel Garcia Marquez

GABRIEL GARCIA MARQUEZ

6-3-1927 – 17-4-2014

GABRIEL

 

 

april 18, 2014 at 5:43 am Een reactie plaatsen

OP ZOEK NAAR DODE DICHTERS IN MAROKKAANS BLED

Aghmat Graf_Al-Mu'tamid

door Lucas Catherine

 

Antwerpen of Watermaal-Bosvoorde zijn voor mij vreemde, exotische plekken. Ik vermijd ze, vraag me niet waarom. In Rabat of Tetouan voel ik mij meer thuis dan daar. En ieder jaar in de lente verlaat ik mijn Brussels terras en vlieg naar ginder. Het is goedkoper vliegen naar Tanger dan sporen naar Amsterdam. En Marokko heeft iets in de Lente wanneer alles in bloei staat, zelfs de meest verlaten vlakte. Niet dat ik zo’n natuurfreak ben, maar het land doet mij dan denken aan mijn jeugd in het Pajottenland. Nu kom ik daar nog zelden: volgebouwd en als er nog hier en daar een akker ligt, groeit er vooral maïs. Sponsje terre, zegden wij in het Brussels en het Brabants: Spaanse tarwe. En daar hebben wij een afkeer van. De eerste maïs die hier arriveerde kwam via de Boerenbond. Die verkochten het als kieken eten, nu krijg je het ongewild in je salade. Ik eet geen kippenvoer. En daarbij het is Spaans en dat ligt hier in Brussel niet goed. We herinneren ons nog best hoe een beruchte Spanjaard hier woonde, op de hoek van de Naamse straat en de Karmelietenstraat en hoe hij hier huis hield in de zestiende eeuw: de hertog van Alva, weet je nog? Sponsje terre, ik kan het niet zien en weiger het te eten. Gelukkig zie je dat (nog) niet langs Marokkaanse wegen.
Aghmat 003Zelfs niet op een rit van Tetouan naar Marrakesj. Dat is 850 km. heen en daarna nog eens 850 km. terug. Vergelijk het met een rit van Brussel naar Hamburg, maar dan met een prachtig landschap. Nergens het geel van maïs, wel soms het geel van bananen. Bananen zijn het voedsel van de armen in de Arabische wereld en de Alwijze Commandant van de Gelovigen, koning Hassan II had dat begrepen want na nog maar eens een hongeropstand in de jaren 1960 introduceerde hij daarom de bananenkweek.

Ook zag ik velden met planten waarvan ik de naam was vergeten. Het bleek sjoefaan, haver, het voedsel voor de paarden en bij ons ook voor de studenten, maar dan figuurlijk. Weer een jeugdherinnering aan de velden rond Brussel. Haver. Waar groeit dat nog? En wij die speelden in de korenvelden en de havervelden! Oh gruwelijke maïsstruiken, verdwijn! of ik kom nooit nog naar het Pajottenland.

En daarom rij je naar Marrakesj, denkt u ? Wel nee. Trouwens we gingen niet echt naar Marrakesj, maar naar een gehucht dertig kilometer ten zuiden waar u nog nooit hebt van gehoord: Aghmat of Rhamat in het Berbers. Daarom had ik het over de weg naar Marrakesj, maar in die stad krijg je me niet meer binnen. Al wat er aan waardevols te zien is, heb ik al gezien. Voor de rest wordt de sfeer er verpest door Fransen en toeristen. Er zijn niet alleen twee Club Med’s, maar alle riyads in de medina zijn opgekocht door Fransen, met alle gevolgen van dien. In sommige delen van de oude stad moeten Marokkanen hun identiteitskaart tonen aan privé-bewaking om door te mogen. Sécurité d’abord. Die Fransen liggen dan naakt te zonnen op de daken van hun riyad, terwijl daken normaal het exclusieve terrein zijn van de vrouwen. Voor je er als man, die niet van de familie is, op mag moet je hen toestemming vragen. Wat weten die Franse cultuurbarbaren daarvan?

Om niet te spreken over de prijs van een pint die daar zelfs in de kleinste lokale bar 50% hoger ligt dan in Tetouan of Rabat. Taxis weigeren hun meter aan te zetten voor al wie eruit ziet als een Europeaan, en vragen d’office een toeristentarief. Gelukkig hebben ze in Marokko een nieuwe koning. En elke koning heeft in elke stad zijn grote hoofdlaan: boulevard Mohamed V, Boulevard Hassan II en nu begint in de noordelijke buitenwijk van Marrakesh Boulevard Mohammed VI, en die loopt net naast het centrum van Marrakesj naar alweer een toeristische attractie, de vallei van de Ourika. Maar die nieuwe koninklijke baan leidt ook naar Aghmat. Daar wilden mijn vriend Mohammed en ik naar toe. Mohammed is net als ik Brusselaar en historicus van Vergeten Zaken, alleen vergeet hij die op te schrijven.
Zo’n vergeten zaak is dat Aghmat eigenlijk de eerste hoofdstad van Marokko was. Toen de Almoraviden-dynastie (1056-1147) oprukte vanaf de oevers van de Senegal-rivier – De Almoraviden waren dus Berbers, zelfs Toearegs, want toen ze ook het grootste deel van het huidige Spanje en Portugal veroverden, lachten de lokale Andaloesiërs hen uit: de mannen droegen immers blauwe gezichtsluiers en hun vrouwen liepen ongesluierd. Raar volk vonden ze- toen dus, bouwden deze Almoraviden een eerste vesting in Aghmat. Later zullen ze vanuit Aghmat Marrakesj stichtten. Hun vesting wilden wij zien, want ze ligt er nog, weliswaar in ruïne maar toch. Ze staat in geen enkele reisgids.
Aghmat 007In die vesting werd trouwens de laatste koning van Sevilla gevangen gezet. Hij was de laatste sterke man van Andaloesië, want voor de Berbers kwamen regeerde hij van Silves (nu Portugal) tot Murcia (Oost-Spanje). Het was zijn eigen schuld: toen de christelijke noorderlingen in 1185 het Arabische Toledo veroverden riep die koning, Abul Qassim ibn Abbad deze Berbers ter hulp. Zijn raadgevers hadden hem nochtans gewaarschuwd: “je kan geen twee zwaarden in een schede steken”, vertaal maar als je kan geen twee machthebbers hebben over een gebied. Maar hij antwoordde: “Liever een kameeldrijver in Afrika dan een varkenshoeder in Castillië.”

En inderdaad de nieuwe vorst, Jusuf Ibn Tashfin versloeg de christenen in 1086 te Al Zallaqa (nu Sagrajas) maar verbande Ibn Abbad naar Aghmat. Nu heb ik het voor Ibn Abbad, of zoals hij zich later noemde al Mutamid, maar dan als dichter. Die nieuwe naam gaf hij zich nadat hij zijn vrouw al Itimad leerde kennen. Het is een woordspeling: zijn naam betekent, Hij die Betrouwt. Haar naam, De Betrouwbare. Hun kennismaking was erg poëtisch. Zij was geen prinses maar een wasvrouw. Van sociale promotie gesproken.

Al Mutamid had de gewoonte om samen met zijn vriend en vizier Ibn Ammar incognito op stap te gaan. Op een dag passeerden ze langs de rivier Guadalquivir, waar ook wasvrouwen aan het werk waren. Bij het zien van de rivier hief de koning dit vers aan: “De wind blaast ronde maliën in het water…” (Sana’a ‘r-rihoe min al mai zarad…)
Bedoeling was dat Ibn Ammar in het zelfde metrum en met het zelfde rijm zou antwoorden. Maar een van de wasvrouwen was hem voor en repliceerde: Ayyoe dir’in li qitdlin law zjamad! “Wat een maliënkolder geeft dit als het water bevriest.”
Het was Itimad al Rumaikiya en de vorst was zo onder de indruk, niet alleen van haar rijmkunst maar ook van haar schoonheid, dat hij haar tot vrouw vroeg met een gedicht.

Al Mutamid was letterlijk smoor op Itimad. Hij was zo zot van haar dat hij haar gekste verlangens inwilligde. Toen er op een dag sneeuw viel in Cordoba, wat niet zo vaak gebeurt, vroeg zij al Mutamid of hij haar niet mee kon nemen naar een land waar iedere winter sneeuw viel. Daarop liet hij de flank van Sierra Nevada beplanten met amandelbomen waarvan de witte bloesems bloeien op het einde van de winter, zodat zij ieder jaar een illusie van sneeuw zou krijgen.

De nieuwbakken koningin was haar proletarische achtergrond niet echt vergeten, die inspireerde haar voor haar nukken en fantasieën. Bij een uitstap zag Itimad hoe boerenmeisjes met melkkruiken op hun hoofd door de modderige straten stapten en daarbij de rokken optrokken en ze vond dit zo geweldig dat dit op een wel heel speciale manier werd overgedaan op de binnenkoer van het paleis. Die werd onder water gezet, of liever gevuld met rozenwater, kruiden, kaneel, suiker en parfum en daarin trappelden dan Itimad en haar hofdames alsof ze melkmeisjes waren.
Dat was voor hun ballingschap. In Aghmat moet Itimad verplicht terugkeren naar haar roots. Zij en haar dochter worden gedwongen in hun levensonderhoud te voorzien door thuis wol te spinnen. Itimad kon dit leven niet aan en stierf van ontbering.

Al Mutamid zelf stierf in 1096 ook in Aghmat. De Marokkaanse koning Hassan II bouwde voor hen in de jaren 1970 een mausoleum, net zoals hij dit deed voor vele Andaloesiërs die begraven liggen in Marokko. Hassan II was een van de meest autoritaire en gruwelijkste Arabische dictators van de 20ste eeuw, maar hij kende wel zijn geschiedenis. Van hem is de uitspraak: “Wij zijn een boom: onze wortels staan diep in de Sahara, Marokko is zijn stronk, maar zijn kruin en vruchten hangen in Al Andalus.”.

Wij dus op zoek naar dat eerste ‘paleis’ in die ‘eerste hoofdstad’ van Marokko, nu een godvergeten gat dat Aghmat heet. Waar de straten geen naam hebben en de huizen geen nummer. En het is zo arm dat ze er ’s vrijdags markt houden. Normaal doen ze dat niet in Marokko, dat is de rustdag. Maar vrijdag was de enige dag dat ze in Aghmat kans maken dat er ook volk uit de buurdorpen komt, omdat er nergens anders markt is.

Dat zoeken was makkelijk. Het kasteel, of wat er van overblijft is een structuur in vooral leemsteen en dus vooral ingestort. Maar goed, voor een historicus zijn verhalen belangrijker dan monumenten. Voor mij toch. En zo ziet het eruit:

Aghmat 007

En dan het Mausoleum. Marokko zou Marokko niet zijn als niet het volgende gebeurde. We vonden het mausoleum maar konden er niet binnen. Op slot. En Mohammed op zoek naar de man met de sleutel. Die man had de sleutel niet meer. Alleen op zaterdag en zondag kwam nog iemand het gebouwtje open maken. Wij waren er op een maandag. Zo ziet het er dus van buiten uit.

Aghmat 001

En de graven zal u zeggen? Wel alle moslimgraven van Marokkaanse historische figuren zien er net het zelfde uit: een grote, lichtjes verhoogde mozaïeken rechthoek, met daarop een lange verhoogde lijn die het lichaam voorstelt. In Aghmat liggen zo drie graven: dat van koning Mutamid, zijn vrouw de dichteres Itimad en hun dochter. Op de muur aan het hoofdeinde van de graven staat het laatste gedicht van Mutamid gecalligrafeerd. Ik weet het zeker, want wat doet een historicus die in de problemen zit? Zoeken op internet. En hier is dus het binnenbeeld van dat mausoleum. (foto bovenaan.)

Lucas Catherine
Historicus van vergeten zaken.

De ‘bled’ is een woord van Arabische oorsprong dat via de Franse koloniën ook bij ons (Congo) is doorgedrongen. Het betekent zoveel als: verloren gat, ‘negorij’. (jc)

april 7, 2014 at 11:48 am Een reactie plaatsen

CARAÏBEN: PARADISE LOST

 Door Johan Depoortere

There are islands in the Caribbean just waiting for development – a beach, an hotel, an airstrip. You’d end a millionaire, old man!”

Graham Greene, The Comedians

Een bezoek aan Ile à Vache vóór de kust van Haiti is een reis in de tijd. Was het niet van de alomtegenwoordige mobieltjes en de zonnepalen je zou je in de jaren vijftig of nog veel vroeger wanen: geen elektriciteit, geen stromend water, geen auto’s, geen verharde wegen. Dit is één van de weinige plekken ter wereld waar vissersboten voortbewogen worden door alleen maar de wind en de zeilen. “Bâtiments” zo heten de gammele vaartuigen waarmee de vissers zich op zee begeven, balancerend op de rand om de boot met oversized zeil in evenwicht te houden.
Een Amerikaans-Canadees project voorziet de vissers van Ile à Vache van afgedankte zeilen van plezierjachten

De bâtiments worden ook gebruikt voor het vervoer van goederen en personen. “Bois Fouillés,” boomstamkano’s zoals die wellicht duizenden jaar geleden al werden gemaakt, dienen voor kortere afstanden en kleinere vrachten. Kinderen niet ouder dan een jaar of zeven varen ermee rond en proberen kleine klusjes te versieren of iets te verkopen aan de talrijke jachten die het eiland aandoen.

De markt in Madame Bernard
Let op het oortje!
Niet dat Ile à Vache geheel door de moderne tijd onaangeroerd zou zijn gebleven: er zijn twee internetcafés in het dorp Caille Coq (Kay Kok in het Creools) en in Madame Bernard, een paar uur stappen verderop is de markt bezaaid met parasols van Digicel, een telecomoperator met vestigingen in heel het Caraïbisch gebied. Willem, een slimme twintiger uit Caille Coq, verhuurt voor exorbitante prijzen USB-sticks met simkaart waarmee yachties en andere bezoekers tergend traag internet kunnen binnenhalen. Abjecte armoede is er op het eiland niet meteen zichtbaar en er wordt geen honger geleden. De zee is rijk aan vis en kreeften en wie het even kan heeft wel een varkentje en een paar kippen op het erf. Dat is heel wat anders dan de schrijnende ellende die ik bijna dertig jaar geleden in Port au Prince tegenkwam. Kinderen die op je toe kwamen gelopen: “Blanc, blanc, j’ai faim.” Na de aardbeving van 2010 is de toestand er daar en op veel andere plekken in Haïti beslist niet op verbeterd.
Baie de Feret

Maar voor Ile à Vache zitten andere tijden eraan te komen. De Baie de Feret, de mooiste van het eiland is een natte droom van de projectontwikkelaar: brede stranden, een rustige diepe baai beschermd tegen de golven van de Caraïbische Zee: de ideale plek voor een jachthaven met hotel en resorts. Het kon dan ook niet uitblijven en de plannen voor toeristische ontwikkeling van Ile à Vache liggen op de tekentafels: er komen een internationale luchthaven, 15 km verharde wegen, verschillende hotels en resorts, 2500 villa’s en een marina. Kortom, een miljardenproject waarvoor het armlastige Haïti een beroep moet doen op buitenlandse investeerders. Klein probleem: er wonen 7000 mensen op het eiland en hun huizen staan in de weg. Caille Coq,  het dorp aan de Baie de Feret past niet in de plannen. De huizen staan tot tegen het strand en zullen moeten verdwijnen.

Hotel Port Morgan op Ile à Vache
Er is al een hotel aan de baai: Hotel Port Morgan, gerund door Didier, een Fransman van middelbare leeftijd. Voor Didier komt er wellicht concurrentie bij, maar erg veel zorgen schijnt hij zich daarover niet te maken: “Er zijn zoveel projecten in Haïti,” zegt hij met een schouderophalen. Didier heeft te horen gekregen dat hij 60 kamers bij moet bouwen om zijn vergunning te houden. Maar je ziet het vóór je ogen gebeuren: Hij geeft er de brui aan en verkoopt zijn mooi gelegen hotel aan de projectontwikkelaars, iedereen happy.
Kay Kok
Behalve dan de vissers, de boeren en de haveloze bevolking van Caille Coq en de dorpen in de omgeving. Sommigen van hen zien de ontwikkelingen met hoop tegemoet. Enkelen zullen ongetwijfeld werk vinden als kok, schoonmaker, chauffeur, gids. Maar voor de meesten betekent de komst van een hotel en marina het verdwijnen van hun eeuwenoude levenswijze en een onzekere toekomst. Wellicht moeten ze verhuizen naar hogerop.

Een presidentieel besluit van mei 2012 verklaart het eiland tot “toeristische ontwikkelingszone” en bepaalt meteen dat alle gronden en eigendommen die de laatste vijf jaar het voorwerp zijn geweest van transacties of huur tussen particulieren worden onteigend. De staat eigent zich gewoon het eigendom van particulieren toe. Dat betekent voor de meeste inwoners van Caille Coq en Madame Bernard simpelweg dat ze van hun land en uit hun huis worden verdreven ten voordele van buitenlandse projectontwikkelaars en de clan rond president Martelly. Veel mensen hebben niet eens eigendomstitels voor het stukje grond waar ze in eenvoudige hutten soms generaties lang op wonen.

“Sweet Micky” in een vorig leven carnavalzanger, nu president van Haïti

De vissers van Ile à Vache verliezen hun toegang tot de stranden waar de bootjes nu aan land komen en droog vallen. In december en januari is betoogd tegen het project. Op weg naar de markt van het dorp Madame Bernard moeten we over barricades klimmen die de betogers hebben opgeworpen en er komen meer manifestaties zeggen de dorpsbewoners. Eén van hen verklaarde aan een reporter van Tout Haiti, een webpublicatie: “Als ze onze grond willen afpakken zullen ze ons eerst moeten doden.” Ook vandaag is de spanning in het dorp voelbaar: de “magistrat” (burgemeester) heeft verdere manifestaties verboden en een zestigtal militairen zijn sinds kort op het eiland gelegerd “Is er een probleem?” vragen we één van hen. “Non non, pas de pwoblem!”

Bewoners van Ile à Vache betogen tegen het megaproject voor toeristische ontwikkeling

Maar een probleem is er wel degelijk. De promotie van Ile à Vache en de beloften van “vooruitgang” hebben een bittere bijklank voor de inwoners van HaÍti, één van de armste landen ter wereld. Een “toeristische ontwikkelingszone” bestaat al in Labadie, in het Noorden van het eiland. Het is een gebied uitsluitend voor buitenlanders, de Haïtianen zelf hebben er geen toegang, ook als ze zich een verblijf in het luxeresort zouden kunnen veroorloven. Een stukje apartheid in het land dat zich de eerste zwarte republiek ter wereld mag noemen! (Zie: Labadie, un contraste choquant)  Zopas heeft het Haïtiaanse ministerie voor Toerisme een video verspreid om Ile à Vache te promoten als vakantiebestemming: het wordt – zo vrezen velen – een tweede Labadie. (http://www.caribjournal.com/2014/02/20/haiti-markets-ile-a-vache-in-new-video/)

Clinton met Sweet Micky, alias president Martelly

Het is duidelijk: Ile à Vache zoals we het gezien hebben is een wereld die gedoemd is om te verdwijnen. De investeerders achter het project zijn niet van de minsten. Eén van hen is volgens de dorpsbewoners Frank Virgintino, een beroepszeiler en eigenaar van de marina Boca Chica in het nabijgelegen Santo Domingo. Virgintino is een begrip in de wereld van de yachties. Hij publiceert de Free Cruising Guides voor zeilers met als specialiteit het Caraïbisch gebied van de ABC-eilanden over Jamaica tot Haïti en Cuba. Hij is ook eigenaar van 20 jachthavens in de VS. Ook de Spaanse crooner Julio Iglesias zou volgens niet te controleren geruchten tot de investeerders behoren evenals – hoe onwaarschijnlijk ook – de familie van de overleden Venezolaanse Caudillo Hugo Chavez.

Wie ze ook zijn, feit is dat de investeerders de volle steun hebben van de Haïtiaanse president Michel Martelly, ook bekend als de zanger Sweet Micky en vriend en collega van Iglesias. (Beiden traden twee jaar geleden in de Dominicaanse Republiek nog samen op in een benefitconcert voor Haïti.) Martelly werd onlangs ontvangen op het Witte Huis en hij is goed bevriend met Bill Clinton die net als hijzelf af en toe zijn vakantiedagen op het eiland doorbrengt. Samen hebben ze een “investment board” opgericht om investeerders te adviseren. Clinton is na de aardbeving van 2010 door de VN aangesteld als speciale gezant voor Haïti. Feit is ook dat de “vooruitgang” op Ile à Vache ten goede zal komen aan de clan rond president Martelly en zijn premier Laurent Lamothe maar vooral aan de kapitaalkrachtige investeerders uit de Dominicaanse Republiek, de VS en Canada en niet aan de bewoners die in het beste geval eenvoudige klussen zullen mogen opknappen voor de gasten van de luxeverblijven. Martelly woonde tot 2007 in Florida waar hij eveneens betrokken was in dubieuze vastgoedtransacties – met faillissement als resultaat. Zie: http://www.mcclatchydc.com/2011/03/07/109908/haiti-presidential-candidate-martelly.html

Wat zich in Haïti afspeelt is niet uniek. De Caraïben zijn in sneltreinvaart aan het veranderen. Niets is zo confronterend als de lectuur van reis- en zeilgidsen van een paar decennia geleden. De plaatsen die erin beschreven worden zijn intussen onherkenbaar veranderd. De gidsen van Don Street, een andere zeilautoriteit voor de Caraïben, zijn sinds een paar decennia niet meer bijgewerkt. Rotsen en kustlijnen zijn onveranderd gebleven, maar ankerplaatsen zijn verdwenen en vervangen door jachthavens. Op andere plekken is het verboden te ankeren en moeten de ankerboeien van de plaatselijke overheid of van privémarina’s worden gebruikt.

Ongerepte plekjes en stille baaien worden zeldzaam. De Horseshoe Reef (Saint Vincent and The Grenadines) is één van de mooiste plekken in de Caraïben met azuurblauw tot turkoois water en zeeschildpadden overal. Maar de Horsehoe Reef is het slachtoffer van zijn populariteit. Je ankert er tussen een paar dozijn andere – meestal Amerikaanse – boten en als je op zoek gaat naar de schildpadden kom je in een soort publiek zwembad terecht. Los Roques, een eilandengroep vóór de kust van Venezuela is net als Ile à Vache één van de weinige nog ongerepte gebieden in het Caraïbisch bassin. Dank zij de kwalijke veiligheidsreputatie van Venezuela, waar overvallen op boten – soms met dodelijke afloop – schering en inslag zijn, blijven de Roques ver van de platgetreden paden. Vooral Amerikaanse schippers varen in een wijde boog om Venezuela en de eilanden heen. Maar vroeg of laat is ook dat gedoemd om te veranderen.

De Britse zeiler Roger Pratt, in januari vermoord in St Lucia

Criminaliteit is voor velen een andere reden om uit de Caraïben weg te blijven. Het fenomeen lijkt zich in golven te verplaatsen. Een tiental jaren geleden was Colombia te mijden, nu wordt het geroemd om zijn effectieve strijd tegen de misdaad waardoor het land weer bovenaan de lijst van de bestemmingen staat. Venezuela is andere koek. In september is een Nederlander bij een roofoverval gedood op het eiland Isla Margarita en onlangs werden twee oudere mannen op volle zee op weg van Trinidad naar Venezuela gewelddadig overvallen en ernstig gewond. Op Saint Lucia waren  sommige ankerplaatsen tien jaar geleden nog absoluut te mijden, nu heten ze perfect veilig te zijn maar een maand geleden werd een Britse zeiler vóór de ogen van zijn vrouw omgebracht in Vieux Fort in het Zuiden van Saint Lucia.

Een andere ontwikkeling is de neiging van de kleine en meestal doodarme eilanden om yachties als melkkoeien te behandelen. Jamaica overweegt de invoering van een cruising permit. Dat die nog niet van kracht is heeft naar verluidt enkel te maken met onenigheid tussen de autoriteiten over het tarief: 100 of 150 dollar. Op de Bahamas betaal je 300 dollar of je één uur blijft of drie maanden en aanleggen in de Turcs and Caicos kost je minimaal 100 dollar, ook al wil je alleen maar tanken. Waar je vroeger vrij kon ankeren moet je nu vaak betalen. Je kunt het de eilandbesturen niet kwalijk nemen; toerisme is nu eenmaal meestal hun enige bron van inkomsten, maar het maakt het vrije zeilersbestaan weer iets minder vrij. En als je wist dat die inkomsten ook de bevolking ten goede zou komen, komaan dan. Helaas is dat gezien de wijdverspreide corruptie hoogst onzeker. 

Dat alles gezegd zijnde: de Caraïben blijven een fantastisch gebied, één van de mooiste plekken ter wereld, met een gastvrije en levenslustige bevolking, betoverende natuur, prachtige stranden en een heerlijk klimaat. Er blijven hopelijk in de toekomst nog genoeg plekken waar de internationale toeristische industrie met haar fikken afblijft. En voor de bewoners kun je alleen maar hopen dat kleinschalige projecten met respect voor hun levenswijze en voor het milieu een betere toekomst kunnen brengen.

april 4, 2014 at 2:53 am Een reactie plaatsen

IN DEN AAZER ES ET WOETER NAT

KinderWOI_NEW

door Lucas Catherine

Er is recent nogal wat geschreven over WOI. Ik heb er zelf aan mee gedaan door de rol van de Kongolezen uit de vergetelheid te halen. En eigenlijk zou ik ook graag een boek schrijven over de rol van de kinderen toen. Maar ik vrees dat als ik daar nu pas aan begin en nog al mijn research moet doen, de hype over die Groote Oorlog al lang over zal zijn. Daarom deze zeer korte bijdrage, gewoon geput uit het Brusselse collectieve geheugen, Brusselse kinderrijmpjes over de Keizer en zijn Oorlog aan de IJzer. Met vertaling rechts voor de niet Brabanders onder u.

En de Kazer daan es zot                      En de Keizer die is zot
En de Kazer moe kapot !                     En de Keizer moet kapot!
Moier doet het deuke toe,                   Moeder doet het deurke toe
Want de Dosje zaan al doe.                 Want de Duitsers zijn al daar.

Dosje ratten, dosje loëze                      Duitse ratten, Duitse luizen
Moete rap van hie veroëze                  moeten snel van hier verhuizen
Wette wel en wette wat                        weet je wel en weet je wat
In den Aazer es et woeter nat.            In de IJzer is het water nat.

Dosje, Dosje, Dosje,                              Duitsers, Duitsers, Duitsers
Zeiven op ’n knosje,                              Zeven op een stokske
Zeiven op ’n spelle                                 Zeven op een speldje
Al de Dosje goen noe d’ helle.             Alle Duitsers gaan naar d’helle

Gloria, victoria                                       Gloria, victoria
De Kazer eit de cholera                        De Keizer heeft de cholera
Hem es zue ziek, hem es zue ziek      Hij is zo ziek, hij is zo ziek
De voëlen deugeniet.                            De vuilen deugeniet

‘k em e koesjke loete moeke                 ‘k Heb een koetsje laten maken
En de Kazer zat er in.                             En de Keizer zat er in;
Me zaan zes miljoen soldoete,              met zijn zes miljoen soldaten
Moe a ree den Aazer in.                         Maar het reed de IJzer in.
Albeir, Albeir,                                          Albert, Albert,
A schiet de lesten Dosj oemveir.          Hij schiet de laatste Duitser omver

Bruegel schilderde in 1560 tijdens de Spaanse repressie kinderspelen. Kinderen blijven altijd spelen, wat er ook gebeurt en in Brussel zongen ze honderd jaar geleden bij het spelen over de oorlog. Elders in België ook natuurlijk, maar die rijmpjes ken ik niet.

 

maart 28, 2014 at 11:38 am 2 reacties

DOOD VAN EEN GETUIGE: REGINE BEER

Beer

In Antwerpen is Regine Beer (93) overleden. Ontelbare keren is ze in scholen gaan spreken over haar ervaringen in het concentratiekamp van Auschwitz. Op haar arm kreeg ze er het nummer 5148 getatoeëerd. Het boek van Paul De Keulenaer brengt het verhaal van de familie Beer in de jaren voor de oorlog en van hun gruwelijke lot in de nazikampen.

Mijn leven als KZA 5148 beschrijft ook hoe Regine Beer moeizaam maar toch zelfzeker deze periode van vervolging en totale ontmenselijking tracht te verwerken en na de oorlog een nieuw leven opbouwt, hoe zij evolueert van een levenslustige adolescent tot een karaktervolle vrouw, een bewustere volwassene en een alerte bejaarde dame. Getuigen was haar leven geworden. Dat is niet wat de nazi’s met haar hadden nagestreefd.

De socialistische senator en minister Willy Calewaert (1916-1993) was haar een steun en toeverlaat. Zij heeft haar boek aan hem opgedragen. Hij schreef ook het Woord Vooraf, we drukken het hierbij af als een teken van hulde. Regine Beer was de moeder van onze gewaardeerde VRT-collega Stefan Blommaert, momenteel correspondent van de omroep in China. (jc)

 

 

door Willy Calewaert

 

Woord vooraf

Na de grenzeloze misère die ze meegemaakt hebben, wordt dan nog aan kampoverlevenden, vele jaren later, gevraagd getuigenis af te leggen. Want er komt een dag dat alle getuigen zullen verdwenen zijn. Dan zullen de leugens groeien als onkruid. Want nu al wordt door sommige vervalsers het bestaan zelf van uitroeiingskampen ontkend, zijn er politieke bewegingen die een herleving van het fascisme wensen.

Luisteren we dus naar de getekenden. Naar diegenen die, als bij mirakel, uit de kampen zijn weergekeerd. Zij moeten ons zeggen wat die uitkijkposten, die prikkeldraad, die barakken, die galgen, die executiepalen, betekenden. Zij moeten trachten ons het sadistische sarcasme uit te leggen van de leuze op de poort van Auschwitz: ‘Arbeit macht frei’.
Zij moeten ons in de mogelijkheid stellen toestanden te begrijpen die ons begripsvermogen overschrijden. Zij moeten trachten het onbegrijpelijke tot onze geesten te doen doordringen. Zij – en alleen zij – kunnen ons de betekenis doen inzien van de treinsporen, die tot het kamp doorlopen en eindigen tussen de bunkers, waarin de massamoorden plaatsgrepen.
Wie ooit in de voormiddag het kamp van Buchenwald bezocht en later op de dag het Goethe-huis in Weimar, beseft hoe moeilijk het is die gespletenheid te begrijpen. Daarom – en wij beseffen hoe schrijnend elke herinnering aan die tijd moet zijn – vragen we de getuigen ons toch te zeggen wat er gebeurd is. Want feiten die elk begrip tarten door hun sadistische en onmenselijke karakter moeten waarheidsgetrouw worden weergegeven. Elke vorm van haat moet hier vermeden worden.

Maar wel dient achterhaald hoe en waarom mensen, in een politiek regime dat daartoe aanzet, kunnen vervallen in de diepste, meest afschuwelijke onmenselijkheid. De dames en heren die zelfmoord pleegden of te Nürnberg verschenen, waren – zo dunkt mij – noch staatslieden, noch leden van een regering, noch politieke verantwoordelijken, maar werkelijk leden van een gangsterbende. Het aantal slachtoffers is trouwens met dat van geen enkele andere bende te vergelijken.
Waarom gingen Joden zich aangeven?
Waarom droegen ze een ster?
Waarom vertrokken ze naar de Mechelse kazerne?
Waarom hadden ze geld bij zich en kleren?
Want, naast degenen die, in functie van de Endlösung, brutaal in vrachtwagens werden geladen, als misdadigers opgepakt, vertrokken er velen uit eigen beweging naar de Mechelse kazerne.
Het antwoord op die vragen is: omdat er werd gelogen, bedrogen, valse voorwendsels ingeroepen. Maar ook omdat men ‘gehoorzamen moet’, de wetten (welke vorm of inhoud ze ook hebben) moeten nageleefd worden. En wie braaf is, kan niks overkomen. Zo was de atmosfeer bijzonder dubbelzinnig, was elke mededeling hypocriet, werkte de vrees verlammend, moesten we ruzie maken met onze beste vrienden, om ze te overtuigen zich in veiligheid te stellen.

Regine Beer werd slachtoffer van schijnheiligheid en van verkeerde raad. Zij onderging het lot en kwam, gebroken, maar behouden terug. Dat zijn de hoofdlijnen van haar verhaal.
Maar de Regine Beer van 3 september 1943, die ‘s nachts met geweld werd aangehouden en weggevoerd en deze die in mei 1945 in de armen van haar moeder viel, was niet meer dezelfde. Zij had leren leven met de dood.
Zij had immers meegemaakt wat u nu lezen gaat en zij heeft nog altijd de levenskracht en de moed om datgene te doen, wat velen haar vroegen: getuigenis afleggen.

Regine Beer, Mijn leven als KZ 5148, opgetekend door Paul De Keulenaer, Epo, Berchem, 2006-2008 (tweede en uitgebreide versie)

Beer 2

 

maart 25, 2014 at 11:56 am Een reactie plaatsen

OEKRAINIE: WAAR IS DE MASSA?

Janoekovitsj brandt klein

Tom Ronse

Wat me in de beelden uit Oekrainië de laatste tijd opvalt is de afwezigheid van de massa’s. Je ziet nog soms wel menigten, demonstraties van enkele honderden maar zelden meer dan dat. Dat was anders in de eerste weken van de Maidan-beweging: toen leek het wel of heel Kiev op straat kwam. Er was duidelijk massale ontevredenheid. Waarover? De weigering van president Yanoekovitsj om het verdrag met de EU te tekenen? Het leek over zoveel meer te gaan. Stijgende armoede, sociale ongelijkheid, corruptie…

De massa’s zijn naar huis gegaan. Misschien in de gedachte dat ze gewonnen hadden. Het is waar dat ze iets bekomen hebben. De gehate oproerpolitie is ontbonden. De corrupte president is op de vlucht gejaagd. In zijn plaats kreeg Oekrainië een nieuwe regering. Het is de meest rechtse van heel Europa. Ze maakt zich klaar om met een draconische bezuinigingspolitiek een verarming van de werkende bevolking op te leggen. Is dat de ‘overwinning’ waarvoor 104 demonstranten in Kiev hun leven hebben gegeven?

Waar is de tijd dat er in de EU werd gedreigd met een boycot van Oostenrijk, toen een xenofobe extreem-rechtse partij daar in de regering stapte? Haider was een misdienaar in vergelijking met de “sociaal-nationalisten” van Svoboda die nu belangrijke ministerposten bekleden in Kiev. Nog hatelijker is de ultra-rechtse “Pravy Sektor”, wiens knokploegen de voorhoede waren op Maidan en intussen een officieuze arm zijn geworden van het  ordehandhavingsapparaat. Om propaganda-redenen worden de racistische, chauvinistische ingredienten van de regeringscoalitie in Kiev in de westerse mainstream media geminimaliseerd. En eveneens om propaganda-redenen worden ze in de Russische media uitvergroot.

In tegenstelling tot wat in Moskou beweerd wordt, heeft Oekrainië geen fascistische regering. De dominante partijen zijn wat men “neo-liberaal” noemt. Wat betekent dat ze de politieke, economische en sociale recepten van het IMF en de EU willen uitvoeren. Oekrainie is bankroet. Een neo-liberaal beleid houdt dus in dat Oekranië op zijn Grieks moet bezuinigen, alleen nog veel drastischer want Oekranië is er veel slechter aan toe dan Griekenland. Het houdt in de grenzen wijd openen voor Europese producten. Het zal wellicht ook een devaluatie inhouden die Oekrainische producten goedkoper zou maken in het buitenland. Het product ‘arbeidskracht’ inbegrepen. Die goedkope arbeid zou dan buitenlands kapitaal lokken dat de economie zou opkrikken. Intussen zou het Westen Oekrainië net genoeg geld geven om de zaak draaiend te houden.

Laat me een voorspelling wagen. Als dit beleid van sociale afbraak een nieuwe golf van sociale ontevredenheid op gang brengt –wat wellicht eerder vroeger dan later zal gebeuren, de Oekrainiers verliezen snel hun illusies in hun leiders, blijkens hun geschiedenis sinds de onafhankelijkheid- dan zal extreem-rechts uit de regering stappen. Het zal dit doen om het protest te leiden, om het te gebruiken voor zijn eigen doeleinden, om het in te kapselen in een populistisch nationalisme.

Het is een relatief recent fenomeen in Europa: populistische bewegingen, zoals de Forconi in Italië, die zich voeden aan de onrust over de toenemende armoede en sociale ongelijkheid, thema’s die normaal in linkse kaarten zouden moeten spelen. Ze zijn niet allemaal klassiek rechts maar wat ze allen gemeen hebben is hun xenofoob nationalisme. In oost-Oekrainië is extreem-rechts marginaal gebleven maar dat komt omdat de “Kommunistische” partij er dezelfde populistische rol speelt als Svoboda en Pravy Sektor in west-Oekrainië, sociale eisen combinerend met nationalisme, in dit geval Russisch nationalisme.

Dat is het grootste gevaar voor Oekrainië: dat het verzet tegen de verarming en de honger die de globale crisis voor haar in petto heeft, zal gevangen blijven in populistisch nationalisme.  Maar voorlopig is het sociaal conflict op de achtergrond geduwd door het inter-imperialistisch conflict.

Pro-Russische militie in oost-Oekrainie

Zowel Rusland als Europa willen Oekrainië in hun invloedssfeer. Ik denk dat we de mogelijkheid van een oorlog over Oekrainië kunnen uitsluiten. De kosten-batenanalyse laat het niet toe, voor geen van beide partijen. Dus wordt de strijd met andere middelen gevoerd. Dreigementen. Propaganda. Democratie (verkiezingen en referendums).

Het Westerse kamp won in Kiev maar Moskou zal de Krim wellicht niet meer prijsgeven. Een referendum moet de annexatie legitimiseren. Het Westen schreeuwt moord en brand, beschuldigt Rusland en de Krim-separatisten ervan het internationaal recht te verkrachten. Want een landsdeel mag zich niet zomaar afscheuren, daar moet het hele land over beslissen. Behalve als de afscheuring strookt met de Westerse geopolitieke belangen, zoals in Kosovo of Zuid-Soedan, dan mag het wel. Het internationaal recht is als de bijbel, je kunt citeren wat wel en negeren wat niet in je kraam past. In feite steunde het Westen de afscheiding van Kosovo op een minder soliede grond dan Rusland de afscheiding van de Krim, want historisch was Kosovo een deel van Servië en de Krim een deel van Rusland.

Over de afloop van het referendum in de Krim hoeven we niet wakker te liggen; de uitslag staat wellicht nu al vast. Wat nog onzeker is, is het lot van oost-Oekrainië, waar Russisch de dominante voertaal is. Als hij kon, zou Putin er wellicht een massabeweging op gang brengen voor aansluiting bij “moeder Rusland”. Maar zo te zien kan hij het niet. De massa’s komen niet op straat in het oosten van het land. Niet voor Rusland, niet voor Oekrainië. Ze blijven thuis, wellicht in het besef dat geen van beide opties hun leven zal verbeteren.

Putin kan natuurlijk oost-Oekrainië militair bezetten, onder het voorwendsel dat Russen er onderdrukt worden. Niemand kan hem dat beletten maar de kosten zouden de baten ver overtreffen. Putin is niet dom genoeg om het te doen.

Het meest waarschijnlijke scenario lijkt me dan ook dat, na een afkoelingsperiode, Rusland de machtswisseling in Kiev en het Westen de annexatie van de Krim de facto zullen accepteren. De plooien zullen min of meer worden glad gestreken, want de Russische en Europese economieën hebben elkaar nodig. Tot de volgende sociale schokgolf de schroeven weer losdraait…

maart 13, 2014 at 2:53 am 4 reacties

Oudere berichten


Categorieën

  • Blogroll

  • Feeds


    Volg

    Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

    Doe mee met 540 andere volgers