VAN A NAAR B OP CUBA

 Door de hervormingen van Raúl Castro kunnen de Cubanen sinds 2011 auto’s kopen en verkopen. Nieuwe, geïmporteerde Europese auto’s, komen nu mondjesmaat op de Cubaanse wegen maar zijn voor de meeste Cubanen onbetaalbaar. De Amerikaanse vintage cars uit de jaren vijftig blijven daardoor het straatbeeld beheersen. Cubanen zijn meesters in het improviseren en repareren is een nationale sport. Een Toyotamotor in een Belair 1956 – geen probleem. Ondanks de komst van Chinese redelijk moderne bussen blijft het openbaar vervoer in de meeste steden een nachtmerrie. De bussen –  „guagua” in het Cubaanse slang – zitten overvol en de meeste Cubanen verplaatsen zich van A naar B in „Camiones,” omgebouwde vrachtwagens. Maar ook paard en kar blijven populair en een fiets is een kostbaar bezit. Toeristen zijn dol op de fietstaxi, voor de Cubanen is het een alternatief voor de bus of de „camión.”
_DSC0135

Chevrolet Belair, met stip de populairste auto op Cuba

_DSC0078

Fietstransport

_DSC0402
_DSC0205

De fietstaxi: exotisch maar voor de taxifietser een loodzware karwei.

 

_DSC0490

De trotse bezitters van een Chinese fiets

_DSC0004

De “guagua” kost omgerekend een paar centen maar is een hele luxe in vergelijking met de “camión”

_DSC0425_DSC0422_DSC0413
_DSC0465

Repareren tot hij uit mekaar valt

_DSC0495
_DSC0475

Vervoer per paard op het platteland, maar ook in de stad

_DSC0551
_DSC0486

Trinidad

_DSC0481
Foto’s en tekst: Johan Depoortere

november 18, 2014 at 12:33 am Een reactie plaatsen

MARC COUCKE OVER MARC COUCKE

MC 1 (2)

door Marc Coucke

Ik heb vorige week ook vernomen dat mijn naamgenoot het bedrijf Omega Pharma, dat hij uit de grond heeft gestampt, verkocht heeft aan het Amerikaanse bedrijf Perrigo. Marc Coucke, die nog slechts voor ongeveer de helft eigenaar was, ontvangt bij de verkoop van zijn aandelen € 620 miljoen in cash en evenveel in aandelen Perrigo. De andere aandeelhouders (het private equity fonds Waterland, andere fondsen en een aantal kaderleden) worden uitsluitend in cash betaald.

De deal, die vorige week is aangekondigd, was voorspelbaar. Marc Coucke heeft de aandelen van Omega Pharma in 2012 van de beurs gehaald en die aandelen, die bij het grote publiek zaten, zijn voor een groot deel in handen gekomen van Waterland, een private equity speler. Op dat ogenblik is hij in de logica van de financiële markten gestapt en was er geen weg terug. Private Equity spelers worden aandeelhouder in groeibedrijven en stellen gedurende enkele jaren veel geld ter beschikking. Hun bedoeling is om na die enkele jaren intensieve begeleiding en beïnvloeding van het bedrijf eruit te stappen en hun aandelen met een mooie winst te kunnen verkopen. Zij hebben dus enkel de ‘aandeelhouderswaarde’ voor ogen. Die moet zo snel mogelijk stijgen. Om eruit te stappen worden gewoonlijk zakenbanken ingeschakeld.

Omega Pharma werd geadviseerd door Morgan Stanley. We zullen waarschijnlijk nooit te weten komen wie het initiatief tot de verkoop heeft genomen : de aandeelhouders van Omega Pharma zelf of de zakenbank. Zakenbanken zien opportuniteiten (geld) in fusies en benaderen dikwijls zelf grote bedrijven. Zij kennen de markten en weten wie in aanmerking kan komen om een ander bedrijf over te nemen. Zij kennen ook (en beïnvloeden dikwijls) de marktprijs. Zij kunnen steeds een mooi strategisch verhaal breien rond zulk een overname, maar heel hun aanpak wordt enkel gestuurd door de aandeelhouderswaarde. Het is niet verwonderlijk dat de press release er ook expliciet naar verwees : ‘We believe this strategic transaction will enhance shareholder value by further strengthening our industry-leading revenue and cash flow growth profile and by expanding market opportunities.’

Marc Coucke mag zichzelf nu wellicht ‘rijk’ noemen maar hij zit persoonlijk in een moeilijk parket en dat kan men al afleiden uit zijn uitspraken tijdens de persconferentie. Hij was jarenlang de motiverende leider en de inspirator van een succesvolle organisatie en nu moet hij voor het eerst in zijn leven een baas boven zich dulden. Dat zal wringen. Hij zal niet langer alle belangrijke(of minder belangrijke zoals sportsponsoring) beslissingen kunnen nemen. Hij hoopt wel er over tien jaar nog te staan maar dat is een illusie. Zodra hij voelt dat hij het niet meer voor het zeggen heeft en dat hij niet meer zijn oude zelf kan zijn zal zijn focus zich elders richten. Het weefsel van de organisatie die hij heeft opgebouwd zal ook verscheurd worden. De kaderleden, die dank zij hun bonus aandeelhouder geworden zijn, krijgen nu cash in handen en zullen zich niet meer op dezelfde manier voor het bedrijf inzetten als voorheen, zeker als ze aan nieuwe mensen moeten rapporteren die hun inzet en voorgeschiedenis niet waarderen.

De gewone werknemers zullen snel voelen dat er nieuwe bazen en nieuwe wetten zijn. Deze beschouwingen zijn van geen tel in dit overnamedossier. De overnameprijs stond centraal in alle discussies. Persoonlijk zal Marc Coucke zichzelf moeten heruitvinden. Hij zal zich niet langer kunnen voordoen aan zijn werknemers of het grote publiek als de populaire, vlotte en joviale jongen. Hij zal nu vooral gepercipieerd worden als de zakenman die ‘gecasht’ heeft. Ik hoop voor hem dat hij zijn ziel niet heeft moeten verkopen om te staan waar hij nu staat.

MC 2

november 15, 2014 at 10:05 am 1 reactie

DE MAN DIE HET GAS DEED BRANDEN

H 00

door Lucas Catherine


Telkens ik langs de Nieuwe Graanmarkt loop moet ik het oude Brusselse volksliedje neuriën – u kent het misschien via de versie van Urbanus: “Waale zaan de manne die de gaas doen branne, de klinken repareren en de maskes ambeteren”. Dat komt omdat op dit plein het standbeeld staat van Jan Baptist Van Helmont, de man die het gas uitvond.

H 1 statue1000vanhelmont01 Hij was, zoals op het voetstuk staat: “geboren te Brussel in 1579, overleden te Brussel in 1644. Scheikundige, physioloog, geneesheer en wijsgeer. Hij was een der grondleggers van de hedendaagse wetenschap”. En zeggen de encyclopedieën: de man die het woord en begrip gas uitvond. Daarvoor zou hij zich gesteund hebben op het Griekse woord ‘chaos’. Dat zal wel want hij las vlot Grieks, maar niet vergeten dat wij in Brussel ‘gaas’ zeggen en dat dit een homoniem is voor gaas, die heel fijne stof die wij ooit importeerden uit het Palestijnse Gaza. En nu is gas ook een heel fijne stof, net zoals gaas maar stof hier dan in een andere betekenis. Ik denk dus dat zijn moedertaal ook gespeeld heeft bij zijn keuze van dit woord.

H 2 ThermoHelmont

Van Helmont was een van de vele slachtoffers van de Leuvense inquisitie, die had in de zeventiende eeuw nog altijd haar slechte gewoontes niet afgeleerd. Hij had daar geneeskunde gestudeerd, maar verliet na graduatie (in 1599) de universiteit omwille van haar achterlijke standpunten en ging vijf jaar door Europa zwerven. Daarna ging hij publiceren en onderzoeken. Zijn werk is typisch voor een tijd waarin er nog geen onderscheid werd gemaakt tussen Chemie en Alchemie. Op zijn standbeeld ligt aan zijn voeten dan ook een alchemistenkruik.

Zijn boek De magnetica vulnerum curatione, dat ondermeer de genezende kracht van relikwieën probeerde te bewijzen werd op de index geplaatst en in 1634, een jaar nadat Galilei door de Paus werd veroordeeld, vloog ook hij de gevangenis in. Dankzij zijn rijke schoonvader en een borgtocht van 6.000 gulden kwam hij vrij, maar al de werken die hij schreef tussen 1599 en 1634 werden geconfisqueerd.
In de geschiedenis van de fysica staat Van Helmont bekend als uitvinder van de thermometer, of toch een verbetering ervan en zijn versie staat bekend als de Belgische Thermometer, die is in J-vorm met onderaan een opening, dat schrijft onder meer Dr. Fritz Burckhardt in Die Erfindung des Thermometers (1867).

Van Helmont zal verder bekend worden door zijn nogal drastische behandeling van gekken en krankzinnigen. Door ze plots met hoofd eerst in ijskoud water te gooien of ze met ijskoud water te overgieten. Frans Van Helmont, zijn zoon perfectioneerde de ‘therapie’. Ik citeer uit een medische encyclopedie die dateert uit 1778, onder het lemma ‘mania’: “Van Helmont heeft ons de nuttigheid van dit geneesmiddel doen kennen; een enkel toeval had hem zulks geleert; men vervoerde op een wagen een krankzinnig Handwerksman, die middel vindende zich van de ketenen te ontdoen, waar mede hij gekluistert was, in een diepe waterkolk sprong: Men trok er hem uit , denkende dat hij dood was, maar weinig tijds daar na gaf hij tekens van leven en gezondheid, en hij leefde nog een geruimen tijd naderhand, zonder door eenige krankzinnigheid overvallen te worden. Van Helmont, door dit voorbeeld aangemoedigt, beproefde, zedert, dat middel op verscheidenen krankzinnigen, en bijna altoos met een volmaakte uitslag ; behalven zegt hij, wanneer men voor het leven der Zieke beducht zijnde, hem niet lang genoeg onder water liet.” Mislukkingen werden dus toegeschreven aan een te korte ‘behandeling’. Verder leefde het idee dat deze methode de ideeën van de zieke deed veranderen.

H 3 van-helmont-1694ad-houdini-water-torture

Deze methode heeft de fameuze illusionist Houdini geïnspireerd tot een stunt om met het hoofd omlaag een recordtijd onder water te blijven. Maar er is meer, ook de waterfoltering die de Nazi’s tijdens WO II tegen Belgische verzetstrijders gebruikten en die later onder de naam waterboarding door de Amerikanen werd overgenomen in hun “strijd tegen het terrorisme, gaat terug op deze oorspronkelijk genezend bedoelde methode.

Van Helmont zou ook een Rozenkruiser, dat zijn voorlopers van de Loge, zijn geweest. Daarom liggen er op zijn standbeeld aan de Graanmarkt ook rozenknoppen aan zijn voeten.
Dankzij zijn ‘alchemistisch’ getinte geschriften is hij nu vooral bekend bij aanhangers van alchemie en New Age. Je kan op hun internetsites zelfs bedovertrekken en flipflops kopen met zijn beeltenis op.

H 4 van_helmont_and_an_alchemi_flip_flops

november 9, 2014 at 1:28 pm Een reactie plaatsen

DE STADSDICHTER VAN DE REPUBLIEK BRUSSEL

LK 0 Jan-Baptiste Houwaert

door Lucas Catherine

Mijn vrouw die de 21ste eeuw een geweldige eeuw vindt, kijkt graag naar tv-series, genre Breaking Bad. Dankzij dvd’s kijkt ze de laatste dagen wel drie afleveringen per dag.
Ik, die heimwee heb naar de 19de eeuw ontcijfer liever standbeelden van toen. Ze bewegen niet en zijn moeilijker te begrijpen. Vrienden vertellen je wat je op tv moet zien. Standbeelden, vertellen vaak weinig uit zichzelf en vooral, je moet ze zelf zoeken. Iedereen loopt er voorbij, niemand die je zegt: oh, die moet je eens gaan zien. Alleen het toeval helpt.

Vroeger was er op het Houwaertplein in Sint-Joost-ten-Node een Grieks restaurant dat bekend stond om zijn kokalakia, gegrilde lamsribbetjes. Mijn kinderen wilden er iedere zondag gaan eten. Nu is dat een Turks café, waar ik nooit kom en er rechtover is een wasserette Houwaert en een Brasserie Houwaert. Ik heb altijd gedacht, Houwaert, die moet hier vroeger burgemeester zijn geweest, maar nooit ben ik naar het borstbeeld van de man dat op het plein prijkt gaan kijken. Tot nu 30 jaar later.
Een wat norse man met onder zijn baard een rolkraag die typisch was in de zestiende eeuw. En een Brusselse held uit de tijd van onze Geuzenrepubliek (1576-1585).

LK 2 PlaceHouwaert 003

Onder zijn borst prijkt een bronzen medaillon met daarop een rits symbolen en zijn lijfspreuk Houdt Middel Mate. Die dt bij houdt wijst erop dat het monument “recent” is, negentiende-eeuws, want zelf gebruikte hij altijd Hout Middel Mate, zonder dt. Toen mocht dat nog in Brussel, een van de redenen voor mij om deze zestiende eeuw als onze Gouden Eeuw te beschouwen. Door de ronde medaillon loopt een middellijn, die extremen scheidt: linksboven staat een adelaar, symbool van snelheid en linksonder een schildpad, het dier der traagheid. Bovenrechts prijkt een hoorn des overvloeds, en onder de lijn een bedelnap. Die nap wijst er ook op dat Houwaert sympatiseerde met de geuzenopstand. Verder zien we een lauwerkrans, hij was een gevierd dichter. Dan ook nog een spade. Tijdens de Brusselse Republiek hield hij toezicht op het verstevigen van de verdedigingsgordel rond de stad. En ook nog een passer, ideaal instrument om de Middel Mate van een cirkel te kennen maar misschien ook als vroeg symbool van de vrijdenkerij, want een vrijdenker was hij. Tijd om u zijn curriculum vitae te geven.

Jan Baptist Houwaert (1533-1599) werd geboren en is gestorven in Sint-Joost ten Node. Hij is de bekendste rederijker uit de zestiende eeuw. Niet dat de rederijkers zo royaal bedeeld zijn in de geschiedschrijving van onze literatuur, maar van hem is een best-seller bekend: Pegasides pleyn (Pegasiden = Muzen), ofte den lust-hof der maechden. Wellevenskunst voor vrouwen, meer dan 60 000 regels, in 16 ‘amoreuse, poëtelycke, stichtende boecken’, een aaneenschakeling van goede lessen, doormengd met fabels en verhalen uit de geschiedenis. In het laatste boek worden aan de man zijn plichten uiteengezet. De jonkvrouwen van Brussel schonken de dichter dan ook een lauwerkrans. Die prijkt nu dus op zijn standbeeld. Het gedicht is een voorloper van Het Houwelyck van Jacob Cats.
Houwaert bezat een uitgebreide bibliotheek en zijn residentie was opgeluisterd met tapijten en schilderijen van de bekendste meesters. Hij noemde haar “Cleyn Venegien”, Klein Venetië en het lag, naar eigen zeggen, in de “schoonste contreye die in Europa mocht sijn ghelegen”. Houwaert beschreef het eigendom in tal van lyrische gedichten. De invloed van de Renaissance komt duidelijk tot uiting wanneer de dichter de geometrische aanleg van zijn tuinen verheerlijkt:

“Sy sijn soo ordentelijck gheproportioneert
Al oftse Dedalus met den passer en hant
Selfs hadde ghebout en gheprotacteert
En of den winckelhaeck ghebruyct waer aen elcken cant”.
Waarschijnlijk verwijst de passer op zijn standbeeld ook naar dit vers van hem.
Cleyn Venegien lag aan de oever van de vijvers van Sint-Joost (waar nu de waterkrachtstraat en de Kleine Dalstraat zijn), langs een brugje over de Maalbeek. Dat brugje was in 1552 speciaal daar gebouwd op vraag van Keizer Karel omdat hij dan sneller de viswarande van Linthout (Schaarbeek) kon bereiken om er te gaan vissen.

LK 3Klein Venetiën_NEW
Houwaert ging in de Brusselse herberg Den Hoorn regelmatig luisteren naar protestantse preken en in 1568 richtte hij een verzoekschrift tot de landvoogdes, Margareta van Parma om reformatorische preken in Brussel toe te staan. Daarop werd hij aangehouden door inquisiteur Grouwels, bekend als Spellekens omdat hij de ogen van de gevangenen met spelden bewerkte, en opgesloten in de Treurenborch de inquisitiegevangenis met de slechtste reputatie, eigenlijk een annex van de Sint-Goedele kathedraal. Dankzij zijn relaties kwam hij na minder dan een jaar vrij.

Na de verdrijving van het katholieke regime engageerde hij zich volop in de Brusselse Republiek en werd in 1576 hoofd-opzichter van de fortificatiewerken aan de wallen. Bij de intocht van Willem van Oranje in 1578 leidde hij de feestelijkheden. De boot waarop Oranje zijn thuisstad Brussel binnenvoer was rijkelijk versierd en beschilderd. Er stonden boompjes op waaraan guirlandes en sinaasappels hingen. De prins zat aan tafel met leden van de Staten-Generaal terwijl muzikanten de maaltijd opluisterden. Er was een hele escorte boten van de verschillende Rederijkerskamers. De leiding van deze luisterrijke intrede was dus in handen van Jan Baptist. Als stadsdichter vaarde hij mee op de boot waarin Oranje zat en droeg daar het huldegedicht voor, Declaratie van die triumphante Incompst vanden Prince van Oraingnien, binnen die Princelijcke Stadt van Brussele, geschiet in t’iaer, Duysent, vijfhondert, achtentseuentich, den achthiensten Septembris :

“ Willekom die uyt liefde als een Prince valiant
Met wijsheydt die welvaert soeckt van ’t Vaderlandt..”

Willem zal hem in 1578 trouwens benoemen tot “Conseillier ende meester van der Rekeninghe ons Heeren des Coninxks van Braband”. Minister van Financiën van Brabant.
Rederijkers als Jan Baptist Houwaert waren zich terdege bewust van hun propagandarol voor de Brusselse Republiek. Zo schrijft hij in Die clachte, ende troost van Belgica. Vermellende in wat ellendich lijden, verdriet ende cativicheydt (captiviteit), dit Nederland gevallen is…(1582):
En hadde Quintus Cursius niet geschreven
Vanden grooten Alexander verheven,
Wat souden wij weten van zijn victorie?
Ulisses fame die waer verdonckert bleven
En hadde Homerus niet verhaelt zijn leven,
Wat eere sou Scipio den grooten Africaen
Achterghelaten hebben in t’werels Ciborie?
En wat souden wij weten vanden goeden Troyaen?
En hadde Titus Livius en Plutarchus ghedaen.
Houwaert pleegde een reeks dichtwerken ten voordele van de reformatie, maar hield zich afzijdig van het Calvinisme dat hij te intolerant vond.
Zo is er “Oratie der Ambassadeuren…” een vertaling van de speech van Marnix van Sint-Aldegonde op de Rijksdag van Worms. “Die clachte ende troost van Belgica…”, “Een Tragedie van der Oorloghen” en “Die Comedie van den Peys”.
Hij was een van de sterke figuren rond Olivier Vanden Tympel, de leider van de Brusselse Republiek. Wanneer die valt op 10 maart 1585, leidt hij de onderhandelingen over de capitulatie van Brussel aan de Hertog van Parma. Hij blijft in Brussel als waarschijnlijk de enige vrijdenker die de katholieke terreur die losbreekt na de val van de stad overleeft en zal op 19 maart 1599 in zijn Klein Venetiën overlijden. Jan Baptist Houwaert krijgt eind negentiende eeuw op het Brusselse stadhuis een beeld, kant Gulden Hoofdstraat. En in Sint-Joost ten Node heeft hij dus het plein dat naar hem is genoemd en waarop zijn standbeeld staat.

Place Houwaert

Place Houwaert

Lees meer over Houwaert, de opstand tegen het katholiek regime en de Geuzenrepubliek in het pas bij EPO verschenen boek: Brussel, van Renaissance tot Republiek. Zelfde auteur.

oktober 31, 2014 at 9:50 am 3 reacties

HEBBEN WE NU ALLES GEHAD OVER DE GROOTE OORLOG?

De Commune

De Commune

 

door Jef Coeck

 

Veel toch. Films, musicals, tv-series, herdenkingen, meters boeken van wisselende kwaliteit. En weten we nu alles over dit onderwerp? Nee, dus. Er verschijnen bv. nog altijd historische werken die klemtonen leggen waar andere schrijvers overheen keken.

Volgens de Belgische historicus die zijn leven lang in Canada doceerde Jacques R. Pauwels was WO I het product van de 19de eeuw. Ze wordt doorgaans beschouwd als de ‘lange’ eeuw. Ze eindigde niet enkel in 1919, maar is volgens deze theorie ook vroeg begonnen, nl. in 1789, met de Franse Revolutie. Daarop volgden met enige regelmaat andere politieke en militaire conflicten: de Franse en Belgische revoluties van 1830, de opstanden van 1848 in diverse Europese steden, de Frans-Pruisische oorlog in 1870 met aansluitend de Commune van Parijs, Dat waren stuk voor stuk ook sociale conflicten. Het kan dus niet anders of ook de Groote Oorlog 1914-1919 (Verdrag van Versailles), was een klassenstrijd. Daarom noemt de historicus dit conflict de Groote Klassenoorlog.
JP 2

De Eerste Wereldoorlog was dus zeker niet: een louter politiek en militair gebeuren, een tragisch ‘ongeval’ van de geschiedenis, een vorm van onbegrijpelijke ‘menselijke waanzin’. Dit was een oorlog binnen de oorlog, vol berekening en hebzucht. Het ging niet enkel om een strijd van Fransen tegen de Duitsers, maar ook van Fransen tegen Fransen, en Duitsers tegen Duitsers. Een bepaalde klasse van Fransen, Duitsers en Britten ging de confrontatie aan met een heel andere klasse van Fransen, Duitsers en Britten.

De Groote Oorlog was een verticale oorlog, tussen landen en bondgenootschappen. Maar het was in elk land ook een horizontale oorlog, tussen de bovenklasse en de onderklasse. Ons is geleerd dat het een gewapend conflict tussen naties was, verder niets. De waarheid is dat de Groote Oorlog gewild en uitgelokt was door een Europese elite die gevormd werd door een symbiose van de grootgrondbezittende adel en de haute bourgeoisie, die vooral bestond uit industriëlen en bankiers.

Oorlog als bevrijding

Het kapitalisme ontwikkelde zich steeds sneller. Een verschijningsvorm of op zijn minst een bijverschijnsel ervan was het imperialisme. De essentiële functie van het imperialisme was het door oorlog veroveren of direct controleren van gebieden waar belangrijke grondstoffen te vinden waren. Die gebieden moesten dienen als afzetmarkten en de inwoners ervan als goedkope arbeidskrachten. Daardoor werden aanzienlijk hogere winsten mogelijk. De kosten, verbonden aan de imperialistische oorlogen werden gedragen door de staat. Zo werkt het ook vandaag nog, in Irak, Afghanistan… De regel is: privatisering van de winsten, socialisering van de kosten. ‘Het kapitalisme draagt de oorlog in zich zoals de wolk het onweer in zich draagt’, verklaarde de Franse socialistische leider Jean Jaurès in 1895. Enkele jaren later werd hij vermoord door een Franse nationalist.
JP 4

De socialistische partijen, die steeds meer afgleden naar het reformisme (evolutie i.p.v. revolutie) en naar de sociaal-democratie, keuren zowat overal de oorlogskredieten goed. Ook de kerken bleken geen morele of andere bezwaren te hebben tegen een winstgevend oorlogje. Niet alleen de katholieke kerk maar ook de anglicaanse in Groot-Brittanië, de lutherse in Duitsland en de ortodoxe in Rusland – dachten dat zij uit een grote oorlog groot voordeel konden halen. Het spreekt vanzelf dat hun gelovigen die in zo’n oorlog sneuvelden, recht naar de hemel gingen. Waar is het verschil met het jihadisme van de huidige islamisten? Allemaal zeggen ze in hun eigen taal: Gott mit Uns (Hitler).

De Brits-Amerikaanse historicus Adam Hochschild verwoordt het aldus: ‘De komst van de oorlog werd algemeen aangevoeld als een bevrijding en een opluchting… Net als een onweer maakte het een einde aan de spanning van de verwachtingen en het bracht opnieuw frisse lucht… Na eindeloos wachten openden nu de gordijnen en kon een groot en opwindend historisch drama aanvangen, een drama waarin de toeschouwers tezelfdertijd acteurs zouden zijn.’ (Hochschild, To End all Wars: a Story of Loyalty and Rebellion 1914-1918, Boston/New York, 2011).
JP 5

In de Tweede Wereldoorlog ging het net zo. Alleen, met nog meer middelen, mensen en verliezen. Het was echter niet bij ‘de overgrote meerderheid van het volk’, zoals Hitler geloofde, dat de opluchting en vreugde groot waren. Dat was wel het geval bij de adel en de haute bourgeoisie en bij een deel van de kleine burgerij, waartoe Hitler zelf behoorde. De oorlog die uitgebroken was, was de door hen gewilde oorlog waarmee ze het democratiseringsproces wilden terugschroeven, het socialisme overwinnen en het risico op revolutie definitief elimineren.

En ook dit was tegelijk een verticale en horizontale oorlog: tussen landen en in elk land tussen klassen. De bovenklasse bestond uit de adel en de haute bourgeoisie, de onderklasse werd (wordt) gevormd door de kleinburgerlijke en de proletarische massa. De laatsten waren de ‘classes dangereuses’, de dreigende massa die opgestookt door de socialisten al sinds tientallen jaren onrustig waren en via het democratiseringsproces al te veel vooruitgang hadden geboekt. De elite beschouwde de verlossende oorlog als een strijd tegen democratie, revolutie, internationalisme en pacifisme.

En de derde?

Slechts in één land was de socialistische (communistische) revolutie gelukt, met vooruitzicht op democratie en pacifisme: Rusland, a.k. de Sovjet-Unie. Voor de relatief hoge graad van welvaart en democratie die West-Europa na 1945 bereikte, aldus Pauwels, moeten we dus vooral Lenin en Stalin dankbaar zijn, ook al wordt dit duo door westerse historici en media als on- en antidemocratisch afgeschilderd. Toch is het ook zo dat die hervormingen er niet zouden zijn gekomen als de arbeiders en andere proletariërs in West-Europa zelf niet via stakingen en demonstraties enorme druk op de elite hadden uitgeoefend en de elite op die manier tot grote toegevingen hadden gedwongen.

Ondanks de opdoffer waarmee de Tweede Wereldoorlog eindigde voor de elite, ontketende zij al een nieuwe klassenoorlog voor die van 1939-1945 goed en wel ten einde was: de Koude Oorlog. Net als de twee wereldoorlogen was ook deze Koude Oorlog naast een verticale oorlog tussen landen (en blokken van landen: Navo en Warschaupact) een horizontale oorlog tussen klassen. Voor de door Washington aangevoerde elite ging het in die oorlog zeker niet alleen om een overwinning op een land, maar eerder om een overwinning op een systeem, namelijk het socialistische systeem zoals dat in de Sovjet-Unie na 1917 was opgebouwd.
JP  3

Samenvattende conclusie van historicus Jacques Pauwels: ‘De vrede die in Versailles officieel verklaard werd, manifesteerde zich slechts als een wapenstilstand. Het was een wapenstilstand die gedoemd was om vroeg of laat af te lopen en opnieuw in krijgsverrichtingen en een officiële oorlog te hervallen. In 1939 was het zover en brak een nieuwe Groote Oorlog uit.
Geschiedkundigen zoals Arno Mayer hebben daarom gesproken van de ‘Dertigjarige Oorlog’ van de 20ste eeuw, gevoerd van 1914 tot 1945, met tussendoor een ‘wapenstilstand’, een ‘twintigjarig bestand’ van 1919 tot 1939.’

Een voor de hand liggende vraag,: wanneer de volgende oorlog? Van zodra de A-B-C-krachten zich aanzienlijk voelen verzwakken. ABC staat voor Adel/Bourgeoisie/Christendom. Het blijven dezelfde krachten, maar ze vertonen zich nu onder wat andere verschijningsvormen. 1 procent rijken, 49 procent die rijk willen worden, en 50 procent die het nooit zullen zijn – omdat ze verpletterd worden door het systeem. Want laten we ons geen illusies maken: na het einde van de Koude Oorlog is de horizontale (klassen-)oorlog gewoon doorgegaan. Als die onhoudbaar wordt, komt er ook een nieuwe verticale oorlog. De laatste? Een armaggeddon als uitsmijter?

Terror drones

Terror drones

*Jacques R. Pauwels, De Groote Klassenoorlog 1914-1918, EPO, Berchem, 2014

oktober 23, 2014 at 9:50 am 4 reacties

IT’S THE ECONOMY, STUPID

huiselijk geweld

door Kris Smet

Huiselijk geweld is niet alleen een fenomeen dat veel fysiek en psychisch leed veroorzaakt. Het kost ook handenvol geld. Dat blijkt – andermaal – uit een studie aan de universiteiten van Stanford en Oxford. Onderzoekers berekenden er de kosten van huiselijk geweld op wereldschaal. Het resultaat van hun studie is ronduit verbijsterend.
Waar oorlogen de samenleving jaarlijks 125 miljard euro kosten, bedragen die voor huiselijk geweld vijftig keer zoveel : 6.200.000.000.000 oftewel 6.200 miljard per jaar.
Van dit gigantisch bedrag gaat 5.000 miljard alleen naar de kosten van geweld tegen vrouwen en kinderen. Het gaat o.m. om de kosten van politie en justitie, medische kosten, kosten voor psychosociale hulp, opvang van slachtoffers en daders , kosten in de sfeer van sociale zekerheid ( ziekteverzuim, huursubsidie, bijstandsuitkeringen).
Andere hallucinante conclusie : er vallen negen keer meer slachtoffers bij geweld in huis dan bij militaire conflicten.
Nederlandse onderzoekers berekenden in 2010 dat de kosten voor werkgevers door verzuim als gevolg van huiselijk geweld, tussen 74 en 192 miljoen per jaar bedragen. Dergelijk onderzoek is in ons land nooit gedaan.
De Nederlandse Volkskrant besteedde een halve bladzijde en wel op de economiepagina’s aan de resultaten van Oxford en Stanford en formuleerde een aanklacht tegen de regering Rutte die o.m. bespaart op de jeugdzorg. In onze kranten was hier en daar een klein berichtje te lezen. Sommige kwaliteitskranten vonden dit wereldnieuws zelfs helemaal geen berichtje waard.
We worden dagelijks overspoeld met verhalen en gruwelijke beelden uit oorlogsgebieden , maar over geweld in het huis naast ons krijgen we niets te zien.
Moeten we wachten tot via internet een video verspreid wordt waarin je ziet hoe een vrouw uit je buurt geslagen, geschopt, gewurgd , het hoofd ingeslagen of neergeschoten wordt door haar partner?
Tijdens de eerste zes maanden van 2013 hadden we 77 dergelijke video’s kunnen zien, want tijdens die periode werden in België 77 vrouwen vermoord door hun partner of ex-partner. Dat cijfer is niet alleen een aanklacht tegen de daders, maar ook tegen een systeem dat faalt en niet voldoende bescherming, preventie en ondersteuning biedt .
Alle interesse gaat naar I.S., Oekraïne en andere oorlogen die duizenden slachtoffers maken. Veel geld en aandacht gaat naar de bescherming van burgers tegen terroristen, maar dat wereldwijd 260 miljoen kinderen thuis worden mishandeld, van wie naar schatting meer dan 50.000 in ons land ,daarover hoor je nauwelijks iets en daarvoor is geen budget voorzien. Het extra geld dat uitgetrokken wordt voor veiligheid gaat naar defensie en opsporing van jihadisten. Voorzien de verschillende regeringen meer geld voor jeugdzorg of preventie van huiselijk geweld en voor opvang van slachtoffers en daders? Horen of lezen we daar iets over bij de regeringsverklaringen? Buigt de synode van de Katholieke kerk over het gezin zich over de vraag of daders van incest en plegers van geweld tegen kinderen, partners en ouders de communie mogen ontvangen?
Over huiselijk geweld wordt gezwegen. We zijn bang voor hangjongeren, vluchtelingen, jihadisten, en slachtoffers van ebola.. Wat binnen de gezinnen gebeurt blijft taboe en is ‘privé’. Maar privé geweld is een publieke zaak, zeker als we kijken naar wat het de maatschappij kost.
In Australië staat huiselijk geweld eindelijk op de politieke agenda. Allerlei maatregelen worden genomen met als doel de ‘epidemie’ uit te roeien tegen 2030.
Waar blijven de plannen van Minister Van Deurzen van CD&V, de gezinspartij bij uitstek, om een grote campagne te starten: “Stop huiselijk geweld” ?

Zie ook deze reportage van Tom Van de Weghe in de US

http://deredactie.be/permalink/2.35973?video=1.2111835

*Kris Smet, Liefde met alle geweld, Agressie tegen vrouwen in huiselijke kring, Manteau, 2014, 19,99 euro

oktober 17, 2014 at 10:10 am 2 reacties

“DE MINST GEHOLPEN, MEEST VERGETEN SLACHTOFFERS”

Juba Central Prison, januari 2011

Juba Central Prison, januari 2011

Fotograaf Robin Hammond bekroond voor zijn werk over geesteszieken in Afrikaanse landen in krisis

Interview door Tom Ronse

“Als fotograaf die zich toespitst op humanitaire onderwerpen, heb ik veel ellende gezien”, zegt Robin Hammond, “maar niets heeft me zo aangegrepen als de mensonterende behandeling van geesteszieken.  Zelfs de hulporganisaties laten hen in de steek”. Voor zijn project “Condemned” dat de behandeling en mishandeling van geesteszieken in Afrikaanse conflictgebieden documenteert, kreeg Hammond donderdag de Dr. Guislain Award, gesponsord door het Gentse Dr. Guislain Museum.

Het was niet toevallig dat de Guislain Award aan de vooravond van de wereld-dag van de geestelijke gezondheid werd uitgereikt. De prijs (50 000 dollar) beloont een organisatie of individu die een buitengewone bijdrage heeft geleverd aan de strijd tegen de stigmatisering van geesteszieken. Dat heeft Hammond zeker gedaan. De jonge Nieuw-Zeelander (geboren in 1975) heeft al heel wat prijzen in de wacht gesleept voor zijn werk dat vooral schendingen van de mensenrechten als onderwerp heeft. Zijn interesse in het lot van geesteszieken dateert van 2011 toen hij als fotograaf voor de Sunday Times in Zuid-Soedan was waar een referendum plaatsgreep over de onafhankelijkheid van het land.

Robin Hammond

Robin Hammond

Hammond: De internationale pers was er ruim vertegenwoordigd. We waren op zoek naar een eigen invalshoek toen we langs de kant van de weg een psychisch gestoord meisje zagen bedelen. Ik vroeg aan onze chauffeur –een locale journalist- welke behandeling geesteszieken kregen in Zuid-Soedan. “Ze worden opgesloten in de gevangenis”, antwoordde hij. We gingen naar Juba Central Prison en zagen daar inderdaad vele geesteszieke mannen en vrouwen opgesloten samen met de criminelen. Ze kregen geen enkele behandeling. Een jonge geesteszieke zat naakt in een kale cel, vastgeketend aan de vloer. Dat werd onze invalshoek: de prijs die Zuid-Soedan betaalde voor de jarenlange oorlog. De trauma’s, de vernietiging van infrastructuur en sociale diensten waarvan de meest kwetsbaren de grootste slachtoffers zijn. Het deed me afvragen hoe de situatie elders in Afrika was. In de daarop volgende jaren fotografeerde en interviewde ik geesteszieken in acht andere Afrikaanse landen. Vorig jaar moest ik stoppen. Het werd me te veel. Niet alleen omdat sommige gevallen van misbruiken verwaarlozing zo extreem waren maar ook omdat de omvang van het probleem me moedeloos maakte. Waar ik ook kwam zag ik hoe opsluiting de eerste en vaak de enige vorm van behandeling was voor mentaal gestoorde volwassenen en kinderen. Thuis werd ik s’nachts wakker, geplaagd door schuldgevoelens. Dan dacht ik bijvoorbeeld aan het ondervoede mentaal gestoord jongetje van 9 jaar dat ik tussen volwassen criminelen in een gevangenis in Port Harcourt had gezien en wenste ik dat ik met het kind in mijn armen naar buiten was gerend…het ergste is, dat kind zit er nog steeds”.

Dan publiceerde u uw boek “Condemned”. Is het project nu afgelopen?

Hammond: Er komt een tweede luik waarin ik de inspanningen zal belichten van de zeldzame dapperen die de geesteszieken helpen in die landen. Ze krijgen veel tegenkanting. Mentale gezondheidszorg is het eerste budget waarin gesnoeid wordt, voor zover er een is.  Ook de NGO’s laten hen in de steek. Zo heeft Dokters Zonder Grenzen een heel nodig project in noord-Congo stopgezet. En Médécins du Monde draait de geldkraan dicht voor een zeer goed lopende psychiatrische kliniek in Liberia. De patienten zijn er doodsbang dat ze hun behandeling zullen verliezen. Meer hulp is broodnodig. In de krisislanden krijgt slechts 2 % van de geesteszieken een behandeling. De hulpverleners hebben aan alles tekort: medicijnen, benzine om patienten te bereiken…

Een imam in Smalie 'behandelt' geesteszieken door hen met een megafoon Koranverzen in  de oren te brullen. 'Op zijn minst geeft hij hen aandacht, zegt Hammond.

Een imam in Somalie ‘behandelt’ geesteszieken door hen met een megafoon Koranverzen in de oren te brullen. ‘Op zijn minst geeft hij hen aandacht’, zegt Hammond.

Over medicijnen gesproken: de Guislain Award wordt gefinancieerd door Janssen R&D, een afdeling van de farmaceutische reus Johnson & Johnson. Maar is de farmaceutische sector niet medeschuldig aan de situatie? Zou het niet helpen als ze medicijnen gratis of aan kostprijs ter beschikking zou stellen?

Hammond: Dat zou inderdaad een enorm verschil maken. En ze zou er geen markt door verliezen want die markt is er gewoon niet. Er is natuurlijk niet alleen tekort aan pillen, ook aan training en expertise. Maar ik ben vaak genoeg in instellingen geweest waar zelfs de meest elementaire medicatie ontbrak. Deze prijs is mooi voor mij, ik kan er mijn werk door verderzetten.Maar het ontslaat de farmaceutische firma’s niet van hun verantwoordelijkheid.

Hoe gaat het met uw eigen geestelijke gezondheid? Geen last van post-traumatische stress?

Hammond: Ik ben soms droef maar ik denk niet dat ik klinisch depressief ben. Het helpt dat ik een ander leven heb en een vriendin die met heel andere dingen bezig is. Die droefheid voel ik minder ter plaatse dan wanneer ik thuis mijn foto’s afwerk. Tijdens het maken van de foto’s ben ik zo geconcentreerd bezig met de lichtinval, de technische aspecten, het zoeken naar het beste beeld. De emotionele impact komt later. Het is niet alleen droefheid, ook moedeloosheid. Toen ik jonger en naief was, dacht ik dat als ik een onrecht kon tonen, het ook zou verdwijnen. Helaas, zo gaat het niet. Maar je kunt maar blijven proberen. Een deel van mij vindt het verschrikkelijk en wil er mee stoppen. Maar een ander deel van me voedt zich aan de emoties waarmee dit werk gepaard gaat. De woede, de empathie. Ik heb het gevoel met iets belangrijk bezig te zijn. Dat drijft me, dat geeft me energie. Ik wil een getuige zijn. Ik vind het een verantwoordelijkheid maar ook een privilege.

Opgesloten en vergeten wegens geestesziek

Opgesloten en vergeten wegens geestesziek

Een Gentse prijs…uitgereikt in New York

Het was gisteren de derde keer dat de Dr. Guislain Award, gesponsord door het Gentse museum en Janssen R&D,  werd uitgereikt.  Maar waarom greep de ceremonie plaats in New York? “Van bij het begin werd de Guislain Award opgevat als een internationale prijs”, zegt Patrick Allegaert, artistiek directeur van het museum. “De jury is internationaal samengesteld en ook de inzendingen van kandidaten is wereldwijd”. Om de internationale weerklank te verhogen, werd ervoor gekozen om de uitreiking van de prijs telkens in een andere wereldstad te laten doorgaan. Vorig jaar was dat Mumbai. Het Guislain museum maakte toen van de gelegenheid gebruik om er tentoonstellingen te organiseren in samenwerking met locale instellingen zoals het Indian Institute for Contemporary Art. Dit patroon werd dit jaar gevolgd met een tentoonstelling in samenwerking met het American Folk Art Museum die het werk toont van de befaamde geesteszieke kunstenaar Willem van Genk. (TR)

 

(Een kortere versie van dit artikel verscheen vorige vrijdag in De Morgen)

 

oktober 15, 2014 at 3:16 am Een reactie plaatsen

Oudere berichten


Categorieën

  • Blogroll

  • Feeds


    Volg

    Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

    Doe mee met 682 andere volgers